Kip katsu curry

Deze kip katsu curry is tot stand gekomen na mijn citytrip naar Londen, afgelopen September. In Londen bezocht in ‘HipChips‘, een zaak waar je enkel chips kan eten en daar allerlei lekkere zoete en hartige dips bij krijgt. Voor de chipslovers onder ons, waaronder ik, een zaak naar ons hart. Een van de dips die ik uitzocht was de katsu curry dip en dat was mijn absolute favoriet. Ik had er nog nooit van gehoord en ging dus googlen. Zo vond ik uit dat katsu curry uit Japan komt en het veelal met kipschnitzels gegeten wordt. Je krijgt dan dus kip katsu curry. Na een avondje googlen naar recepten, want er zijn uiteraard ook hier weer honderden varianten van te vinden, heb ik uiteindelijk mijn eigen kip katsu recept bedacht. En lekker dat ie was! Het bracht me even weer terug in Londen. Je kunt natuurlijk kant en klare schnitzels gebruiken maar ik vond het ook leuk om eens zelf schnitzels te maken. Is niet eens zo moeilijk, dat bleek! Lekker met plakrijst en een frisse salade.

Bereidingstijd: ~30min        Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

Voor de saus:

  • 1 witte ui
  • 2 tenen knoflook
  • 2 cm verse gember
  • 1 el currypoeder
  • 1 tl kurkuma
  • 0,4 tl chilipoeder
  • 1 steranijs
  • 1 el tomatenpuree
  • 500 ml water
  • 1 blokje kippenbouillon
  • 2 el honing
  • 1 el rijstwijnazijn
  • 1 el sojasaus
  • 2 el olie
  • 2 el sesamzaadjes (zwart en/of wit)

Voor de kip:

  • 2 kipschnitzels OF
  • 2 kipfilets
  • 1-2 eieren
  • 50 gram bloem
  • 150 gram pankokruimels of paneermeel

Stappenplan:

Indien je kant en klare kipschnitzels gekocht hebt, kun je deze stappen overslaan en gelijk aan de saus beginnen.

Leg de kipfilets tussen 2 vellen bakpapier of iets dergelijks en sla ze plat, tot ongeveer 2 cm dikte. Gebruik hiervoor een vleeshamer of bijvoorbeeld de deegroller.

Bestrooi de kipfilets met wat peper en zout.

Zet 3 bakjes klaar, 1 met bloem, 1 met het losgeklopt ei en 1 met de panko.

Haal de kip eerst door de bloem, dan door het ei en dan door de panko. Haal de filets daarna nog een keer door het ei en de panko. Dan worden ze extra knapperig. Herhaal dit voor beide filets. Zet apart tot later.

Nu gaan we de saus maken. Snipper de ui, knoflook en gember, je kunt het ook raspen.

Verhit de olie in een pan en fruit hierin de ui, knoflook en gember. Voeg ook de currypoeder, kurkuma, steranijs en chilipoeder toe en bak een minuutje mee.

Voeg de tomatenpuree toe en bak ook deze een minuutje mee.

Doe het bouillonblokje en 500 ml water erbij en breng het geheel aan de kook.

Laat zo’n 6 minuten sudderen. Voeg dan de rijstwijnazijn, honing en sojasaus toe.

Laat nog zo’n 3 minuten doorsudderen.

Doe de saus in een blender of keukenmachine en maal fijn. Doe terug in de pan om warm te houden, maar zet het vuur laag of uit.

Verhit een scheut olie in een vleespan. Bak hierin de schnitzels om en om totdat beide kanten goudbruin zijn en de kip gaar is, zo’n 6 minuten.

Snij de kipschnitzels in repen en serveer met de saus. Bestrooi de saus met de sesamzaadjes.

Serveer de kip katsu curry met pandanrijst en een frisse salade.

Smakelijk!

 

Honing taco kip wraps met zoetzure ui

Je kunt er natuurlijk altijd voor kiezen om via gebaande paden te koken en gewoon ‘pakjes en zakjes’ aan te houden. Ik probeer dat zelf zo min mogelijk te doen, uit pakjes en zakjes koken. Toch wil ik het mezelf ook soms makkelijk maken en dat doe ik vooral vaak ik de TexMex keuken. Ik ben niet voor niets ambassadeur geworden van deze keuken. De kant en klare kruiden van Santa Maria zijn namelijk erg goed en lekker makkelijk voor doordeweekse dagen. Maar zelfs met een pakje of zakje kun je nog variëren. Zo maakte ik eerder al bijvoorbeeld deze uienringen, deze loaded potatoes en deze ranchkip van kant en klare pakjes, door de ingrediënten op een andere manier te verwerken dan ze origineel bedoeld zijn. Ook met deze honing taco kip wraps gebruik ik het kant en klare zakje niet 100% zoals voorgeschreven wordt. Ik voegde honing en knoflook toe aan de saus, waardoor de kip zoeter van smaak werd en een lekker gekarameliseerd laagje kreeg. Kip wraps staan hier thuis best wel vaak op het menu. Toch probeer ik er mee te variëren waardoor ze altijd weer iets anders smaken. Deze kip wraps vond ik persoonlijk erg goed gelukt! Door toevoeging van de avocadocreme, verse koriander en zoetzure ui werd het geheel lekker fris en smaakvol. Ik heb wel 3 wraps op! Ok het waren wel miniwraps, maar toch is dat best veel voor mij. Zegt genoeg toch?

Bereidingstijd: ~30min        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:
  • ~350 gram kippendij
  • 1 zakje chicken taco kruiden
  • 3 el honing
  • 2 tenen knoflook
  • 3 el olie en/of boter
  • 1 pakje kleine wraps
  • 1 avocado/sour cream
  • 5 mini komkommers
  • 10 kleine tomaatjes
  • handvol verse koriander (optioneel)
  • 1 rode ui
  • 125 ml water
  • 50 ml azijn
  • 50 gram suiker
  • peper en zout

Stappenplan:

Pel de ui en snij in hele fijne ringetjes. Dit doe je het beste met een mandoline maar met de hand kan ook.

Doe 50ml water, 50ml azijn en 50 gram suiker in een steelpannetje en breng aan de kook. Voeg ook wat peper en zout toe.

Zodra het kookt, draai je het vuur uit en voeg je de uienringen toe. Roer door elkaar zodat alle uien onder water staan en laat afkoelen.

Snij ook de tomaatjes en komkommers zoals gewenst.

Prak de avocado met een lepel sour cream en breng op smaak met peper en zout. Zet apart tot later.

Snij de kip in grove stukken.

Verhit een koekenpan met een scheutje olie. Bak hierin de kip rondom bruin. Hij hoeft nog niet helemaal door en door gaar te zijn. Haal hem uit de pan en laat zoveel mogelijk vet in de pan.

Snipper de knoflook of knijp uit met een pers. Doe de knoflook met de tacokruiden en honing bij het overgebleven vet. Indien nodig kun je wat extra olie of boter toevoegen. Laat een minuutje doorgaren in de pan, voeg dan een flinke scheut water toe van ongeveer 75ml en doe de kip terug in de pan. Laat de kip in de saus enkele minuutjes sudderen, totdat de kip lichtjes gaat karameliseren in de pan.

Verwarm intussen de wraps zoals aangegeven op de verpakking.

Maak de honing taco kip wraps door de wraps te vullen met de avocadocreme, kip, gesneden groentes, zoetzure ui en maak het geheel af met wat koriander.

Smakelijk!

Chili-room pasta met garnalen

Ook ik heb niet altijd behoefte om lang in de keuken te staan en een culinair hoogstandje op tafel te zetten. Dat hoeft echter niet te betekenen dat je heel ongezond moet eten of niet lekker kan eten. Met deze pasta met garnalen laat ik zien dat je binnen 30 minuten een voedzame maaltijd op tafel hebt staan, die ook nog eens om te smullen is. Met pasta kun je zo enorm veel variëren. Je kunt uiteraard de standaard pasta bolognese of carbonara maken, met vlees of pasta met garnalen. Maar pasta loont zich juist ook heel goed om eens out of the box te denken en juist wat nieuws te proberen. Nee, dat moet je een echte Italiaan waarschijnlijk niet voorschotelen, tenzij je zijn moeder met de deegroller achter je aan wilt hebben. Maar de hedendaagse keuken doet steeds meer aan fusion cooking, oftewel het mixen van meerdere keukens. Je kunt fusion cooking heel erg obvious doen, door echt twee keukens te kiezen en daar een mix van te verzinnen. Maar ook deze pasta met garnalen loont zich prima als fusion gerecht, want het is echt een mix van keukens. Ik gebruikte de biologische soja pasta van Risenta. Deze pasta is glutenvrij, rijk aan eiwitten en laag in koolhydraten. Perfect dus voor menig dieet. Ook hoeft deze pasta maar 3-5 minuten te koken, ideaal als je het mij vraagt. Bovendien is de smaak hartstikke prima, ik geloof dat Pim niet eens door heeft gehad dat hij geen echte pasta-pasta aan het eten was. Ik serveerde er komkommer linten bij, voor de frisheid. Je bent vrij om dat ook te doen, of er een hele salade naast te serveren, of helemaal niets.

Bereidingstijd: ~30 min        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 150-200 gram pasta naar keuze
  • 150-200 gram rauwe, gepelde garnalen (diepvries)
  • 1 potje creme fraiche
  • 2 el sweet chili saus
  • 1 zoete puntpaprika
  • 1 rode ui
  • 3 bosui
  • 3 el pijnboompitjes
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 el italiaanse kruiden
  • peper en zout
  • olie

Stappenplan:

Laat de garnalen, indien nodig, ontdooien.

Pel de knoflook en hak of pers fijn. Meng met 2 el olie en voeg bij de garnalen. Meng de garnalen door elkaar zodat overal wat van de knoflookolie zit.

Kook de pasta zoals aangegeven op de verpakking.

Snipper de ui en snij ook de paprika in kleine blokjes.

Verwarm een koekenpan en rooster hierin de pijnboompitjes goudbruin. Giet op een bordje en zet apart voor later.

Doe de garnalen in de knoflookolie in de warme koekenpan en bak hierin de garnalen in enkele minuten gaar. Zet apart voor later, probeer zoveel mogelijk van de olie in de pan te laten.

Bak de ui en paprika in dezelfde pan aan, ongeveer 3-5 minuten.

Voeg de creme fraiche, sweet chili en italiaanse kruiden toe en roer alles door elkaar. Breng op smaak met peper en zout.

Snij intussen ook de bosui in fijne ringetjes.

Giet de pasta af en verdeel over de borden.

Verdeel de saus over de pasta, als ook de garnalen.

Bestrooi met bosui en pijnboompitten.

Smakelijk!

Pompoenstamppot met camembert

Het is weer het einde van de maand wat betekent dat het weer tijd is voor de maandelijkse foodblogswap. Deze pompoenstamppot met camembert is geïnspireerd door een gerecht van de blog ‘Gewoon lekker gewoon’. Op deze blog neemt Gerry je al sinds 2010 mee in haar kookavonturen. Er staan tal van gerechten op, dus het was weer lastig kiezen. Ik heb dan al gauw keuzestress (as usual), zeker als de receptenindex zo mooi geordend is. Want heb ik zin in vis? Vegetarisch? Rijst? Soep? Er staat ook tal bakrecepten op, wilde ik voor iets zoets gaan deze maand? Toen viel mijn oog op de pompoen-paprika schotel. Ja natuurlijk! Het is weer herfst dus de pompoenen kunnen weer massaal ingeslagen worden! En dat kleurtje, dat vind ik zo fijn. Het originele recept gebruikt een blauwe kaas, daar ben ik persoonlijk minder fan van. Ik verving deze dus door de camembert, en ik voegde ook onder andere de walnoten toe. Manman wat was dat weer smullen. Okee, eerlijk is eerlijk, Pim had liever wat meer vlees gewild. Ik had persoonlijk nog wat meer kookvocht toegevoegd om hem wat smeuïger te maken. Maar dat is het leuke aan recepten, het zijn guidelines en geen harde waarheden. Ben je dus een echte vleeseter, voeg dan extra spekjes toe, of serveer er een lekkere braadworst bij. Liever vega, laat dan de spekjes lekker weg. Het extra kookvocht zou ik wel toevoegen, dat heb ik ook zo in het recept opgenomen. Hier zie je welke recepten ik eerder al voor de foodblogswap maakte.

Bereidingstijd: ~ 45 min Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • 1/2 kg kruimige aardappelen
  • 1/2 pompoen
  • 3/4e rode paprika
  • 125 gram creme fraiche
  • 1 ui
  • 1 teen knoflook
  • 125 gram spekjes
  • 1 camembert
  • 2 el walnoten
  • 2 bosui
  • 1 el honing
  • 1 bouillonblokje
  • peper & zout
  • nootmuskaat

Stappenplan:

Schil de aardappelen en snij in grove blokjes.

Snij de boven- en onderkant van de pompoen. Snij hem dan door midden en haal de pitten en draden uit het middelste gedeelte.

Snij de pompoen in blokjes.

Doe de aardappelen in een pan met ruim water en het bouillonblokje. Breng aan de kook en laat zo’n 20 minuten koken (afhankelijk van de grootte van je blokjes). Voeg de laatste 10 minuten de blokjes pompoen toe.

Maak intussen de paprika, ui en knoflook schoon en snij in blokjes. Verwarm ook de oven voor op 200°C.

Bak in een koekenpan de spekjes krokant. Laat uitlekken op keukenpapier, probeer zoveel mogelijk bakvet in de pan te houden.

Bak in het overgebleven vet de paprika, ui en knoflook aan.

Giet de aardappelen en pompoen af, maar hou een beetje kookvocht achter.

Stamp met de creme fraiche door elkaar. Dit mag grof gestampt. Voeg eventueel nog wat van het kookvocht toe om het geheel wat smeuïger te maken.

Roer de paprika mix en uitgebakken spekjes erdoorheen en breng op smaak met nootmuskaat, peper en eventueel zout (niet teveel; de camembert is ook al zout).

Lepel de pompoenstamppot in een ovenschaal.

Snij de camembert in plakken en leg deze op de stamppot. Bak zo’n 10 minuten in de oven.

Snij intussen ringetjes van de bosui en hak de walnoten grof.

Haal de ovenschaal uit de oven en schenk de honing er overheen.

Bestrooi de pompoenstamppot met de bosui en walnoten.

Smakelijk!

Mac and cheese met broccoli & bacon

De regenachtigste dagen van het jaar zitten er weer aan te komen. En zo’n druilerig weer vraagt om comfortfood. En deze mac and cheese is echt het perfecte comfortfood. Smeuïge kaassaus, crispy bacon en ook nog eens vitamientjes in de vorm van broccoli. Ook geschikt voor kinderen die geen groentes willen eten, want de broccoli wordt zo door de saus opgenomen dat je hem amper ziet en proeft. Je kunt het dus goed wegcijferen als italiaanse kruiden, als je echt lastige kids hebt. Uiteraard is deze mac and cheese vrij machtig (what else), dus je hebt geen grote porties nodig. Serveer het eventueel met een frisse salade als tegenhanger. Ik voegde zelf een blok cheddar en een blok gruyère toe, maar je kunt ook andere kazen gebruiken als je dat lekker vindt. Je kunt hem natuurlijk vegetarisch maken door de bacon weg te laten. Je kunt de bacon bijvoorbeeld vervangen door wat walnoten, zodat je wel hetzelfde cruncheffect behoudt. Maar nee, dit is niet echt paleo, vegan of welk dieet dan ook-proof, maar wel ontzettend lekker. Zeg nou zelf, wie kan er zo’n schaal vol goodness weerstaan?

Bereidingstijd: ~30 min (+ 10 min. oventijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 200 gram bacon of ontbijtspek
  • 350 gram pasta naar keuze
  • 100 gram boter
  • 90 gram bloem
  • 900 ml melk
  • 1 blok cheddar, geraspt (~180 gram)
  • 1 blok gruyère kaas, geraspt (~180 gram)
  • 1 grote broccoli, in kleine roosjes gesneden
  • verse peterselie
  • 2 blaadjes laurier
  • 3 el paneermeel
  • peper & zout

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200ºC.

Kook de pasta in een ruime pan water met wat zout. Bak intussen ook de bacon knapperig en snij in grove stukken.

Voeg de laatste 4 minuten de broccoli erbij in de pan. Giet het geheel af.

Smelt de boter in een steelpan.

Voeg de bloem toe en roer tot een mooie roux. Laat dit enkele minuten al roerende garen.

Doe de melk beetje bij beetje bij de roux en roer met de garde steeds door. Voeg ook de laurier toe.

Herhaal totdat alle melk op is en laat enkele minuten doorkoken.

Voeg beetje bij beetje de geraspte cheddar en gruyère toe. Hou een goed handvol apart voor later.

Breng het geheel op smaak met peper en eventueel zout (let op dat de kazen ook al zout bevatten, proef dus goed).

Voeg de paste en de broccoli bij de kaasmix en roer door elkaar.

Doe het geheel in een ovenschaal of verdeel over kleine schaaltjes.

Verdeel de bacon over de schaal.

Strooi de overgebleven kaas bovenop, als ook het paneermeel.

Bak dit nog 10 tot 15 minuten af in de oven totdat de bovenkant mooi goudbruin is.

Bestrooi de mac and cheese met verse peterselie.

Smakelijk!

 

Shakshuka

Shakshuka (spreek uit: sjaksjoeka) is van origine een ontbijtgerecht uit de midden-oosterse keuken. Maar schrik niet, ook als brunch, lunch, diner of zelfs nachtelijke snack doet ie het goed. Maar net waar je zin in hebt uiteraard. Ik zie shakshuka steeds meer voorbij komen op social media zoals instagram. Het werd dus mooi eens tijd dat ik er zelf eens eentje ging maken. Als basis nam ik het recept uit TLV, het nieuwste kookboek van Jigal Krant, dat boordevol met heerlijke recepten uit Tel Aviv staat. Ik zou natuurlijk geen foodie zijn als ik er niet even mijn eigen draai aan moest geven. Al is het alleen maar omdat ik simpelweg enkele kruiden niet in huis had. Ik voegde ook extra kastanjechampignons toe, want die vinden wij lekker en dan heb je net wat extra groentes nog. Ook voegde in een klein beetje salami toe, vooral omdat Pim graag wat vlees eet. Eigenlijk het enige wat echt nog overeind is gebleven van het originele recept, is de methode met de eieren. De grootste irritatie voor kookboekenauteur Jigal Krant is dat eieren vaak compleet gestolt worden geserveerd bij een shakshuka. Lekkerder is natuurlijk als het eigeel nog rauw is, zodat hij lekker als extra saus kan dienen. Dit is natuurlijk niet voor iedereen weggelegd (tot voor kort moest ik ook niks hebben van rauwe eieren) dus ik bied je beide opties aan in het recept. Heerlijk met turks brood, of libanese wraps bijvoorbeeld. Wij aten het zelf als avondeten, maar zoals al gezegd kan dit elk moment van de dag. Niet moeilijk om te maken, en gewoon weer eens wat anders! Ik hou ervan. Gebruik 4-8 eieren, afhankelijk van of je dit als ontbijt of lunch en voor 2 of 4 personen maakt. De worst is optioneel, wil je het een healthier maaltje maken, kun je de worst beter weglaten.

Bereidingstijd: ~ 40 min     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2-4 personen:

  • 1 bakje kastanjechampignons
  • 2 kleine salamiworstjes (bifi worstjes, optioneel)
  • 5 tomaten
  • 2 uien
  • 1 puntpaprika’s
  • 3 tenen knoflook
  • 4-8 eieren
  • 2 tl harissa
  • 2 laurierblaadjes
  • 1/2 tl komijnpoeder
  • 1/2 tl korianderpoeder
  • 1 tl ras el hanout
  • 1 tl sumac kruiden
  • verse munt en/of peterselie
  • olie
  • peper en zout
  • brood

Stappenplan:

Snij de puntpaprika en ui in fijne blokjes. Haal het vochtige middenstuk uit de tomaat en snij de rest ook in fijne blokjes.

Pers of rasp de knoflook.

Was en snij de champignons en snij ook de salami in fijne stukjes.

Verhit een scheutje olie in een hapjespan.

Bak de salami kort aan totdat hij licht knapperig wordt.

Voeg dan de ui, paprika en champignons toe en fruit dit nog enkele minuten mee.

Voeg de knoflook toe en bak ook deze kort mee, ongeveer 1 minuutje, evenals de ras el hanout, komijn, koriander en harissa.

Daarna voeg je de tomaten en laurierblaadjes toe en breng het geheel aan de kook.

Laat op laag vuur in ongeveer 15 minuten pruttelen tot een ingedikte saus. Breng de saus op smaak met peper en zout.

Verwarm intussen de oven op 180°C.

Scheid telkens elk ei in eiwit en eigeel.

Verdeel de eiwitten grof over de saus en meng lichtjes met een lepel.

Zet dit geheel nog zo’n 5 minuten in de oven zodat het eiwit stolt. Indien je geen ovenvaste pan hebt gebruikt, doe dan het geheel in een ovenschaal.

Leg dan het eigeel erbovenop en bestrooi met sumak en de verse kruiden. Let op, hou je niet van rauw eigeel, voeg hem dan al toe voordat je pan in de oven gaat. Zoals je ziet heb ik beiden gedaan.

Serveer met brood.

Smakelijk!

Paneer kebab: Indiase vega spiesjes

YES, wat was ik blij toen ik de foodybox zomer opende en daar paneer in aantrof. Paneer is typische Indiase kaas die je tot voor kort alleen in de toko kon krijgen. En nu heeft apetina dus hun eigen paneer op de markt gebracht die je dus in de gewone supermarkt kan kopen. Ik stond dus te popelen om ermee aan de slag te gaan. Eerder al maakte ik deze paneer butter masala curry, wat echt mijn favoriete curry ever is. Nu wilde ik het over een non-curry boeg gooien, gezien het zonnetje zich flink laat zien deze zomer. Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar bij ons staat de barbecue vrijwel wekelijks aan. Om eens te variëren met de standaard worstjes en burgers besloot ik dus om paneer kebab te maken. Paneer kebab zijn Indiase spiesjes van de barbecue, wat dus een mengsel van paneer en groentjes is. De spiesjes worden gemarineerd met yoghurt en kruiden, waardoor ze licht spicy worden.

Uiteraard schoot ik zelf uit met de chilipoeder toen ik dit gerecht thuis maakte. Onze spiesjes waren dus op het randje van te pittig. Don’t worry, ik heb dit recept aangepast en er zit dus minder chili in. Als je dit gaat maken is het handig om de yoghurtmarinade tussendoor te proeven. Zo pittig als de marinade is, zo worden de spiesjes ook ongeveer. Ben je nou net als ik uitgeschoten met de chili? Dan is deze muntchutney erg lekker erbij. Ook als je niet bent uitgeschoten trouwens. En om de maaltijd compleet te maken, maakte ik voor het eerst zelf chapati’s, Indiaas brood.

Omdat er ook een oranje paprika in de foodybox zat, besloot ik deze ook aan de spies te rijgen. En omdat ik eens iets anders van de barbecue wilde dan de standaard groentjes die we altijd eten, zoals paprika, champignons en courgette, besloot ik om er eens bloemkool aan te spiesen. Bloemkool doet het heel goed met een yoghurtmarinade op de barbecue. Het wordt niet snotgaar en behoudt dus zijn crispy bite. Voor menig Nederlander wellicht een beetje spannend, want die zijn wellicht de overgekookte pap van hun moeder gewend. Maar rauwe bloemkool is echt heerlijk, dus half-rauwe (zo noem ik het maar even voor het gemak, gezien hij dus niet snotgaar is) bloemkool doet het ook goed. Maar je bent natuurlijk vrij om zelf te kiezen welke groentes je lekker vindt aan je spies. Over het algemeen zijn paprika’s en ui sowieso wel te vinden in een paneer kebab, maar met andere ingrediënten kun je variëren.

Bereidingstijd: ~ 20 min (+30m marinadetijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 spiesjes:

  • 1 pakje apetina paneer
  • halve bloemkool
  • 1 rode en 1 oranje paprika
  • 1 grote witte ui
  • 1 bakje griekse yoghurt of kwark
  • 2 cm verse gember
  • 0,5 tl chilipoeder
  • 1 tl korianderzaadpoeder
  • 0,5 tl kurkuma
  • 1 tl garam masala
  • 0,5 tl komijnpoeder
  • 1 tl kasuri methi (gedroogde fenegriekbladen, laat ze weg als je dit niet in huis hebt)
  • 2 el limoensap
  • peper en zout

Stappenplan:

Snij de paneer in grote blokjes (ik sneed er 10 uit het pak).

Snij ook de paprika’s en ui in grove stukken.

Snij de roosjes van de bloemkool af, zorg dat je redelijk grote hele roosjes overhoudt, ongeveer net zo groot als de blokjes paneer.

Meng de yoghurt met de specerijen, gember (geraspt) en het limoensap en breng op smaak met peper en zout.

Doe de groentes en paneer bij de yoghurt en meng door elkaar zodat de groentes helemaal bedekt zijn.

Laat dit een half uurtje intrekken.

Rijg de groentes en paneer aan spiesjes.

Verhit de barbecue of een grilpan en gril de spiesjes hierin in zo’n 10 minuten mooi goudbruin.

Smakelijk!

Aziatische kip salade

Deze Aziatische kip salade is geïnspireerd op een gerecht wat ik voorbij zag komen bij Masterchef Australia. Het is echt mijn favoriete kookshow en er is momenteel weer een nieuw seizoen bezig. In een van de afleveringen werd een kip salade gemaakt tijdens een teamchallenge. Die kip salade scoorde enorm goed scoorde enorm goed bij de jury en ook bij mij liep het water uit de mond bij het zien van het bord. Uiteraard had ik me ten tijde van de aflevering niet bedacht dat ik ook zoiets wilde maken en heb ik dus geen notities gemaakt van hoe het gemaakt werd, maar ik kon me enigszins herinneren wat erin zat en vond het misschien juist wel leuker om er zelf een draai aan te geven. De aflevering terugzoeken was me teveel werk, ik ben dan liever creatief. Zo kwam deze kip salade dus tot stand.

Heel eerlijk, ik vond hem zelf fantastisch lekker en heb zelfs de leftovers de volgende dag als lunch gegeten. Pim vond hem iets minder, maar dat kwam voornamelijk omdat zijn visie op ‘salade’ veldsla met komkommer is en dit daar dus echt heel erg van afweek. Kool is niet perse aan hem besteed, dus een salade die grotendeels uit kool bestond was al gedoemd om niet succesvol te zijn bij Pim. Maar dat mocht de pret niet drukken, ieder zijn smaak. Zoals ik al zei, ik vond hem zelf echt fantastisch en het is zoals je ziet ook nog eens een kleurenexplosie op je bord. En superhealthy natuurlijk! Je kunt uiteraard nog iets van noodles ofzoiets toevoegen om toch wat koolhydraten in je gerecht te hebben, ik vond dat zelf niet nodig en had hier genoeg mee.

Ik had dan wel weer verwacht dat je de kokosmelk veel beter zou proeven in de kip. Je proeft het wel hoor, maar het is heel erg subtiel. Dat kan wellicht aan mij liggen, of aan de manier waarop ik dit bereid heb. Maar ook dat zorgde niet voor een minder smaakvol gerecht. Wat mij betreft absoluut een winner en heel erg tof om op tafel te zetten tijdens een healthy etentje met vrienden. Lekker knapperig en gezond, daar hou ik van.

Bereidingstijd: ~ 25 minuten     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 350 gram kippendijfilets
  • 1 blikje kokosmelk
  • 2 cm verse gember
  • 1 stokje citroengras
  • 1/2 rode kool
  • 1/2 witte kool (1 rode of 1 witte mag ook)
  • 1 wortel
  • 2 bosui
  • verse koriander
  • verse munt
  • 2 handjes pinda’s
  • 2 handjes gebakken uitjes
  • 1 rode ui of sjalot
  • 2 el appelazijn
  • optioneel: rode peper

Voor de dressing:

  • 2 el vissaus
  • 2 el rijstazijn
  • sap van 1 limoen
  • 2 el honing (of palmsuiker)
  • 1 teen knoflook
  • 1 cm verse gember

Stappenplan:

Kneus de citroengras door met de achterkant van je mes erop de slaan. Snij in 3 stukken.

Snij de verse gember in schijfjes.

Doe de kokosmelk met de citroengras, gember en de kip in een steelpan en breng tegen de kook aan.

Pocheer de kip in zo’n 10 minuten gaar en draai daarna het vuur uit. Let op: pocheren doe je niet in kokend vocht, maar heet vocht.

Snij intussen de kool fijn. Snij ook de wortel en bosui fijn. Het makkelijkste is om hiervoor een mandoline te gebruiken als je die hebt, maar met de hand kan ook.

Snij de munt in fijne reepjes en pluk de koriander.

Maak intussen de dressing door de knoflook en gember te raspen of fijn te snijden. Meng dit met de vissaus, rijstazijn, honing en limoensap. Eventueel kun je nog wat extra peper toevoegen.

Hak de pinda’s grof.

Pull de kip door met je handen of met vorken uit elkaar te trekken tot grove stukken.

Snij optioneel nog een rode peper in ragfijne ringetjes.

Meng alle groentes door elkaar, en verdeel over borden. Schenk er de saus over.

Verdeel de kip over de borden en bestrooi met gebakken ui en pinda’s.

Smakelijk!

 

 

Knoflookgarnalen uit de oven

Ik deelde onlangs al deze patatas bravas, die ik maakte als onderdeel van een tapasdiner. Als onderdeel van datzelfde diner maakte ik ook deze knoflookgarnalen uit de oven. Wanneer er in een restaurant ergens knoflookgarnalen op het menu staan, zal Pim of ik ze steevast bestellen. Heerlijk met een beetje brood om lekker te dippen. Ik denk dat Pim zelfs zo een hele schaal in z’n uppie op kan. Maar ik geef hem geen ongelijk hoor. Want knoflookgarnalen zijn echt heerlijk. Maar toch had ik ze nog niet eerder zelf gemaakt. Op een warme zaterdagavond kwam daar dus verandering in. Ik had door het warme weer al weken niet echt uitgebreid gekookt en het begon weer even te kriebelen. Maar omdat mijn hersenen even met het hitteplan rekening houden kon ik even niet extreem creatief gaan. Dus dan maar even minder origineel, maar zeker niet minder lekker! Ik koos ervoor om een ietsje pittigere variant van knoflookgarnalen te maken, door toevoeging van wat extra spices. Ik merk dat ik steeds vaker pittiger eet. Maar don’t worry, de heetheid van deze garnalen is echt heel erg goed te doen hoor! Je hebt geen liters wijn of sangria nodig om het af te blussen, hoewel ik geen nee zou zeggen tegen een liter sangria uiteraard. Het toffe van deze knoflookgarnalen? Je hebt er amper werk aan! Marinade maken, paar uurtjes marineren, en afbakken in de oven. Klaar is kees, een kind kan de was doen. Heel erg goed voor te bereiden dus ook, zodat je alleen het afbakken nog ter plekke moet doen. Daarom dus ook een goede toevoeging aan een dinner party, als voorgerecht of als onderdeel van een tapasmenu.

Bereidingstijd: ~ 15 min (+2u marinadetijd + 15min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 250 gram grote, rauwe garnalen (mag uit de diepvries, gepeld)
  • 1 el worcestershiresaus
  • 3 el sweet chili saus
  • 2 tl sriracha (eventueel te vervangen door 2 tl chilipoeder)
  • 4 tenen knoflook
  • 30 gram roomboter
  • 1 tl paprikapoeder
  • 4 el olijfolie
  • 1 el gedroogde oregano
  • verse peterselie

Stappenplan:

Ontdooi de garnalen, indien je diepvriesgarnalen gebruikt.

Hak de knoflook fijn, of pers uit in een knoflookpers.

Doe de knoflook met de sriracha, boter, olie, chilisaus, worcestershiresaus, oregano en paprikapoeder in een steelpannetje. Breng het geheel aan de kook en draai het pitje laag. Laat de marinade enkele minuten doorpruttelen en roer af en toe door. Zet daarna het vuur uit en laat flink afkoelen totdat je er met je vinger in kunt en jezelf niet verbrandt.

Doe de garnalen in een ovenbestendige schaal.

Schenk er de marinade overheen. Bedek de schaal met folie en zet in de koelkast om te marineren, zo’n 2-3u.

Verwarm de oven voor op 200°C.

Haal de ovenschaal met garnalen uit de koeling en gooi de folie weg.

Bak de knoflookgarnalen in de oven voor ongeveer 14 minuten.

Hak intussen de peterselie grof.

Haal de knoflookgarnalen (voorzichtig) uit de oven en bestrooi met de verse peterselie.

Eventueel kun je nog wat citroensap erover druppelen. Lekker met brood erbij om mee te dippen.

Smakelijk!

Speltpizza met proscuitto, perzik en balsamicocreme

Dat je met pizza zo veel meer kan dan alleen besmeren met tomatensaus en kaas, weet inmiddels wel iedereen hoop ik. Zo besmeer ik mijn pizza wel eens graag met een kazige topping in plaats van tomatensaus. Zo kwam ook deze pizza tot stand. Door Tante Fanny (wie kent haar niet?) werd ik uitgedaagd om een lekkere pizza te bedenken. Tante Fanny maakt allerlei verse degen, zoals ook het speltpizzadeeg wat ik hier gebruikt hebt. Uiteraard kun je ook het ‘gewone’ pizzadeeg van Tante Fanny gebruiken.

Gezien het weer eventjes niet meezat wilde ik toch weer even de zomer terugbrengen in huis, dus ik wilde een zomerse pizza bedenken. Hoe anders dan door fruit toe te voegen aan je pizza? En nee, geen ananas, die discussie wilde ik niet aangaan (en is natuurlijk verre van origineel). Normaliter staat de zomer in het teken van rood fruit, maar het gele steenfruit is ook weer in het seizoen! En die vind ik bij een hoofdgerecht misschien nog wel beter passen dan rood fruit. Ik koos zelf voor perzik, maar nectarines kunnen net zo goed. Wist je dat behalve de schil, geen verschil is tussen perziken en nectarines? Achteraf had ik misschien beter voor nectarines kunnen kiezen. Helaas bleken de perziken die ik hier gebruikte nog net niet helemaal rijp te zijn (stomme supermarktproducten), waardoor ze EN superslecht te ontpitten waren EN ook nog eens stukken minder smaakvol als je het mij vraagt. Jammer debammer, dan maar snel weer een keer maken, maar dan wel met superzoetsappige perziken, want ik weet dat ze te koop zijn!

Met de rucola en proscuitto heb ik enigszins zuinig aan gedaan, omdat dat voor de foto beter was. Dan kun je in elk geval alle ingrediënten nog fatsoenlijk terug herkennen op de foto. Nadat de foto genomen was heb ik nog wat extra proscuitto en rucola op de pizza gedaan, want dat maakte het geheel nog net wat smaakvoller. Je zou eventueel de proscuitto kunnen meebakken in de oven, ik vind het zelf lekkerder om hem pas naderhand erop te doen, maar dat is een kwestie van smaak.

Natuurlijk kun je behalve met het deeg of de perzik ook varieren met andere toppings. Je zou de proscuitto kunnen vervangen door seranoham of parmaham, maar net wat je lekker vindt. Hou je niet van rucola, dan kun je ook eventueel vervangen door bijvoorbeeld basilicum of een ander soort salade. Ik hield het simpel, ‘less is more’ is niet voor niets het motto van vele sterrenchefs. Natuurlijk kun je ook extra dingen toevoegen, zoals een rood uitje of nog een extra kaassoort (of vervang de mozzarella door burrata, YUM!). Want pizza kent geen grenzen, dat blijkt maar weer!

Bereidingstijd: ~10min (+15min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 1 pizza:

  • 1 pak speltpizzadeeg van Tante Fanny (vers koelvak)
  • 1 bakje ricotta
  • 1 bol (buffel)mozzarella
  • 1 pakje proscuitto
  • 2 tot 3 perziken of nectarines
  • 1 zakje rucola sla
  • balsamico creme (Bertolli)
  • peper en zout

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200ºC.

Haal het pizzadeeg uit de verpakking en rol hem uit.

Maak eventueel versieringen van de rand. Ik heb zelf het pizzadeeg ietsje naar binnen ‘gerold’ om en om, zoals je hieronder op de foto ziet. Je kunt natuurlijk ook een ronde pizza maken of kleinere vierkante pizzaatjes, net wat je leuk vindt.

Smeer de ricotta uit over het deeg.

Snij de mozzarella in kleine stukjes en verdeel over de ricotta.

Breng flink op smaak met peper en wat zout. Eventueel kun je ook nog wat extra oregano erop smeren.

Ontpit de perziken of nectarines en snij in wedges.

Verdeel de wedges over de pizza.

Bak de pizza in de oven voor ongeveer 15 minuutjes, of totdat het deeg mooi goudbruin is.

Verdeel de proscuitto over de pizza, als ook de rucola.

Schenk de balsamicocreme op de pizza.

Serveer de overgebleven rucola en balsamicocreme er los bij, want wellicht zijn er gasten die meer willen.

Smakelijk!

Quinoa salade met pompoen, mango, falafel en harissa-yoghurt

Yes, na een maandje niet mee te hebben gedaan in verband met vakantie was het eindelijk weer tijd voor een nieuwe foodblogswap. Ik vind dat zo leuk, andere blogs afstruinen en eigenlijk altijd eindigen met keuzestress. Voor wie niet weet wat de foodblogswap inhoudt: ik krijg een ander blog toegewezen waar ik een recept van uitzoek. De bedoeling is dat ik het recept nakook maar wel een eigen draai aan geef. Uiteraard doet een ander blog exact hetzelfde met een recept van mij. Ik maakte dus deze keer deze quinoa salade voor de swap.

Ik mocht deze keer iets uitzoeken van de blog ‘De menukaart van Maart‘. Jippie, dat vind ik zo leuk! Ik heb Maartje onlangs in levende lijve ontmoet en wat is dat toch een leuke meid zeg! Toch was het ook wel een uitdaging. Maartje is veel bezig met sport en gezonde voeding, iets waar ik wel naar streef maar wat nog steeds soms heel lastig is. Bovendien is Maartje vegetarisch en zelfs grotendeels veganistisch. Zou er wel iets tussen zitten wat ik ook Pim kan voorschotelen? Ondanks dat wij zelf namelijk flexitariërs zijn (dat wil zeggen: we eten zeker een dag per week geen vlees), eet Pim toch echt nog steeds wel het allerliefste een lekker stuk vlees.

Maar goed, stiekem is dat natuurlijk ook wel wat kortzichtig, want er is zoveel lekkers te eten waar geen vlees in zit. Dus NATUURLIJK stond er iets lekkers op de blog van Maartje. Genoeg zelfs! Dus ik had nog eventjes keuzestress ook (what else?). Ik koos uiteindelijk voor haar couscoussalade met pompoen en mango. Deze keuze had meerdere redenen. Allereerst was het weer perfect voor een lekkere frisse salade, en een quinoa salade met mango schreeuwt om gegeten worden in het zonnetje. Bovendien was ik erg benieuwd naar de pompoen in de salade. Ik associeer pompoen met herfst, maar eigenlijk slaat dat nergens op. Een flespompoen groeit namelijk alleen in warme oorden en worden ze dus eigenlijk altijd geimporteerd en zijn ze dus vrijwel jaarrond verkrijgbaar. Prima, laat maar eens zien hoe lekker en fris een zomerse salade met pompoen kan zijn.

Om mijn eigen draai te geven paste ik enkele dingen aan. Wel maar kleine aanpassingen, want ik wilde wel bij het originele recept blijven. Ik verving de couscous door quinoa, omdat we dat iets liever eten (vooral Pim). De tomaatjes liet ik weg omdat ik dat eigenlijk net wat veel vond. Ik serveerde er wel een harissa-yoghurt bij, waardoor het geheel net wat smeuïger is. Hoe dan ook, wat een topper van een gerecht. Dit is echt een blijvertje, zowel Pim als ik hebben er echt van genoten. Oke, van Pim mag ik volgende keer weer vlees erin doen in plaats van falafel, maar dat is een keuze natuurlijk. Voel je vrij om de falafel te vervangen door gehaktballetjes of stukjes gekruide kip. Maar een ding is duidelijk, pompoen is ook in Juni superlekker in een zomerse salade met mango!

Bereidingstijd: ~ 30 min     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 100 gram quinoa
  • 1 bakje falafel
  • halve flespompoen
  • 1 rode (punt)paprika
  • 1 rode ui
  • halve mango
  • 1 klein zakje gemengde rucola sla
  • 1 zakje gemengde geroosterde pittenmix (zonnebloempitten, pompoenpitten, pijnboompitten etc.)
  • 150 gram griekse yoghurt
  • 1 tl harissa
  • 1/2 tl chilipoeder
  • olie
  • peper en zout
  • citroensap
  • optioneel: verse peterselie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200ºC.

Ontdoe de pompoen van zijn schil en eventueel draderige binnenkant met pitten en snij in blokjes.

Bestrooi de blokjes met de chilipoeder, peper, zout en wat olie en hussel door elkaar.

Verdeel de blokjes over een bakplaat en bak zo’n 20-30 min. af in de oven (of airfryer).

Kook intussen de quinoa zoals aangegeven op de verpakking.

Haal de zaadlijsten uit de paprika en snij in grove stukken.

Schep de pompoenblokjes om en doe de paprika erbij voor de resterende baktijd.

Snij de ui in ringen en schil de mango. Snij de mango in plakken.

Meng intussen de griekse yoghurt met de harissa en wat peper en zout. Eventueel kun je wat verse peterselie toevoegen aan de yoghurt.

Verhit een koekenpan met wat olie en bak hierin de falafel zoals aangegeven op de verpakking.

Verdeel de sla over de borden.

Verdeel de quinoa, falafel en alle groentes over de borden en besprenkel met de pittenmix.

Schenk een klein beetje olie en citroensap over de salade en eventueel nog wat extra peper en/of zout.

Serveer de quinoa salade met de harissa-yoghurt.

Smakelijk!

Indonesische Rendang

Ok, de kudos van dit recept gaan niet naar mij, maar naar De Vrouw met de Baard. Dit is niet daadwerkelijk een vrouw met een baard, maar een koppel die samen superlekker eten maken. Ze runnen een klein, enorm sfeervol restaurantje in Amsterdam waar ik voor het eerst deze rendang proefde. Wauw wat was ie lekker! Gelukkig heeft dit duo ook een kookboek, genaamd ‘Soulfood’ waar hun recept voor deze rendang ook in te vinden is. En laat ik dat kookboek toevallig ook in huis hebben.

Toen ik dus onlangs een Indische rijsttafel wilde maken voor mijn familie was dit een uitgelezen kans om eens deze rendang te proberen. Ik heb hem hier en daar ietsiepietsie aangepast, waar dat net iets makkelijker was voor mij. Maar dat is vrijwel verwaarloosbaar, dus de kudos gaan nog steeds naar hen. Wat ik je in elk geval kan vertellen is dat deze rendang echt massive lekker is, en mijn hele familie heeft genoten. Ik serveerde het bij deze sticky tempeh, deze sajoer boontjes, en deze kipsate. Ook serveerde ik er nog wat rijst bij en zoetzure komkommer, daarvan komt het recept later nog online. Je kunt natuurlijk zelf gerechten toevoegen of weglaten van jou rijsttafel. Of als je geen uitgebreide rijsttafel wilt maken, dan kun je ook deze rendang met de sajoerboontjes en wat rijst alleen serveren. Ook erg lekker. Wat is jou favoriete rijsttafel gerecht?

Er zijn uiteraard meerdere manieren om rendang te maken. Ik zie ook vaker recepten voorbij komen waarbij de rendang veel natter is als deze. Er wordt dan vaak nog wat fond toegevoegd. Die heb ik zelf nog niet geprobeerd en om heel eerlijk te zijn kan ik me niet voorstellen dat ie nog lekkerder is dan deze. Deze oogt wellicht droog op de foto, maar make no mistake. Door de lange garing is het vlees echt zo sappig, omnomnom!

Bereidingstijd: ~ 20 min (+4u marinadetijd + 210minuten oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4-5 personen:

  • 1 kg runderstoofvlees (ik gebruikte sukadelappen)
  • 2 grote witte uien
  • 3 el gemalen korianderzaad
  • 3 el sambal oelek
  • 10 el gemalen kokosrasp
  • 2 tl koenjit/kurkuma
  • 2 tl laos
  • 2 scheuten plantaardige olie
  • 4 stengels sereh (limoengras)
  • 1 liter pak kokosmelk
  • 2 el bruine basterdsuiker
  • zout

Stappenplan:

Snij het vlees in blokjes en de ui in halve ringen.

Meng het vlees met 2 el korianderzaad, 2 el sambal, de koenjit en de laos en doe er ook een scheutje olie bij. Meng dit goed door elkaar.

Dek af en laat dit vlees zo’n 4 uur marineren in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 180°C.

Verhit een grote stoofpan of een gietijzeren pan en bak hierin de gemalen kokos goudbruin. Zet apart voor later.

Voeg de resterende olie toe aan dezelfde pan en bak hierin het vlees-ui mengsel op halfhoog vuur aan.

Kneus intussen ook de sereh stengels met de achterkant van je mes (gewoon erop slaan), snij de stengels in 3 stukken en voeg ook deze toe aan het vlees.

Meng de gebruinde kokos en de kokosmelk erbij, totdat het vlees net onder staat. Dit kan dus minder dan een liter zijn.

Zet de pan in het midden van de oven en bak zo’n 45min af.

Roer de pan goed door en bak nogmaals 45 min af in de oven.

Zet de temperatuur van de oven op 160°C en laat het vlees nogmaals 3 x 40 minuten in de oven staan.

Roer telkens tussendoor goed door.

Indien het vlees te droog wordt, kun je nog wat extra kokosmelk toevoegen. Ik had zelf uiteindelijk de hele liter gebruikt.

Zodra het vlees lekker mals is, haal je de pan uit de oven.

Voeg dan de overgebleven korianderzaad, bruine basterdsuiker, sambal en zout naar smaak toe.

Smakelijk!

Tortillawraps met krab en mais-aïoli

Zoals je al eerder kon zien ben ik sinds kort ambassadeur van de Tex Mex keuken. Door Santa Maria word ik regelmatig uitgedaagd om nieuwe gerechten in een thema te verzinnen. Het eerste thema ‘Vega’ leverde al deze kikkererwten nacho’s en deze puntzak friet – TexMex style op. Voor de tweede themabox ‘vis’ maakte ik eerder deze tortizzaatjes, een pizzaatje gemaakt van tortillabodem. Als tweede gerecht voor het thema Vis wilde ik eens iets nieuws proberen. Ik ben niet opgegroeid met krab eten dus ik was al best wel wat ouder toen ik voor het eerst in mijn leven krabvlees at. Dat was in Brazilie, waar het heel normaal is om krab als avondmaal te nuttigen. Het uitslurpen van de pootjes vond ik erg gek, maar lekker was het wel. Toch eet ik sindsdien niet heel vaak krab. Wel eens krabsalade op brood ofzo, maar echt bij het avondeten eigenlijk niet. Nu is echt verse krab ook iets lastiger te verkrijgen natuurlijk, maar gelukkig bestaat er ook krabvlees uit blik. Ik daagde mezelf deze keer dus uit om daar eens iets lekkers en zomers mee te verzinnen. En ik moet eerlijk bekennen dat ik dat best goed gelukt vind. Dit gerecht is lekker fris en zomers en daarom prima op een warme dag. En het leuke, het staat zo op tafel. Heel even heb ik nog getwijfeld of ik de aioli of krab nog op smaak zou brengen met een van de kruidenmixen van Santa Maria, maar ik was bang dat je dan het krabvlees niet meer zo goed zou proeven. Ik heb dus enkel de tortilla’s van de visbox gebruikt, maar daar heb ik wel dit ontzettend smaakvolle gerechtje mee gemaakt.

Bereidingstijd: ~ 20 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 wraps:

  • 4 tortilla’s (e.g. Santa Maria)
  • 1 blikje krabvlees
  • 2 tomaten
  • 1 rode ui
  • 1 avocado
  • 1 blikje mais van 150 gram
  • 4 el mayonaise
  • 3 tenen knoflook
  • 1 el citroensap
  • peper en zout
  • verse koriander

Stappenplan:

Laat de mais uitlekken. Verhit een kleine koekenpan en bak hierin de mais in 3 minuten goudbruin. Voeg de knoflook (uitgeperst of fijngesneden uiteraard) erbij en zet het vuur gelijk uit. Zo gaart de knoflook ietsje door maar zal hij niet verbranden.

Snipper de ui. Snij ook de avocado in blokjes.

Haal het binnenste, sappige gedeelte uit de tomaat en snij de rest ook in blokjes. Voeg bij de avocado en ui. Voeg ook wat blaadjes koriander erbij en roer door elkaar. Breng op smaak met peper en zout.

Doe de mais in een keukenmachine of blender en maal de mais ongeveer 2 minuten tot een prutje. Voeg de mayonaise, citroensap en peper en zout (naar smaak) toe en maal nog even kort door totdat je een grof papje hebt.

Laat de krab uitlekken.

Verhit een grillpan en gril hierin de tortillawraps kort totdat je aan beide kanten lichte grilstrepen ziet.

Smeer op elke tortilla een lepel mais-aïoli. Strooi er wat van de tomaat-avocado salsa overheen en verdeel de krab erover.

Bestrooi met extra koriander.

Smakelijk!

 

Harissa-vis met lauwwarme parelcouscous salade

Zo af en toe heb je zin in iets gezonds en fris. Zo ook toen ik onlangs een kookdate had met drie vriendinnen. Gezien we samen een driegangendiner gingen koken en het voorgerecht al vrij stevig was, zochten we een fris en licht maaltje als hoofdgerecht. We bladerden wat door onze kookboeken ter inspiratie en kwamen zo uit bij ‘Fast, fresh, simple’ van Donna Hay. Daarin staat het gerecht dat ons inspireerde om deze variant op tafel te zetten. We zouden geen foodies zijn als we niet onze eigen draai eraan wilden geven, dus uiteindelijk lijkt dit gerecht in de verste verte niet meer op zijn inspiratiebron. Nou, ik kan je vertellen dat de pan met de parelcouscous salade zo goed als op was. Wat vonden we dit allemaal heerlijk. Precies zoals we bedoeld hadden, fris en licht. Dat liet ons plek genoeg over om nog een taart naar binnen te werken later op de avond.

Ik gebruik zelf eigenlijk zelden venkel, terwijl ik het zo ontzettend lekker vind. Het is een smaak die je moet liggen, je bent natuurlijk vrij om hem te vervangen door iets anders als je niet van venkel houdt. De harissa geeft het gerecht net een tikkeltje pit, heel lichtjes maar. Uiteraard afhankelijk van hoeveel harissa je op je vis hebt gesmeerd. Hoe dan ook, deze parelcouscous salade is fris en lekker zomers.

Bereidingstijd: ~ 35 min     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 4 stukken witvis (bijvoorbeeld kabeljauwhaas)
  • 200 gram parelcouscous
  • 1 venkel
  • 50 gram pijnboompitten
  • 100 gram babyspinazie
  • 250 gram romaatjes
  • 1 bouillonblokje
  • 1 citroen
  • 4 tl harissa
  • peper en zout
  • olie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 180°C.

Dep de vis droog en bestrooi met peper en zout aan beide kanten. Besmeer 1 kant met de harissa, ongeveer 1 tl per vis. Zet apart tot later.

Verhit een koekenpan en bak hierin de pijnboompitten goudbruin. Zet apart tot later.

Bereid de parelcouscous zoals aangegeven op de verpakking, maar breng het water op smaak met het bouillonblokje.

Doe de romaatjes op een bakplaat of ovenschaal en bestrooi met wat olie en peper en zout. Pof in de oven voor ongeveer 10 minuten.

Maak de venkel schoon (gooi het groen niet weg) en snij in flinterdunne stukjes, bijvoorbeeld met behulp van een mandoline of dunschiller. Zet apart tot later.

Zodra de couscous gaar is, voeg de venkel en babyspinazie toe en roer kort door. Breng op smaak met peper en zout en een scheut olie. Roer ook de pijnboompitjes door de salade.

Verhit intussen een koekenpan met een scheutje olie. Bak de vis op de harissakant op hoog vuur zo’n 2 minuten. Draai het vuur lager en bak nog 2 minuten door. Draai de vis op en bak nog zo’n 2 minuten. De exacte tijden zijn heel erg afhankelijk van de grootte en dikte van je vis.

Snij de citroen in partjes.

Serveer de vis met de lauwwarme couscous salade en de gepofte tomaatjes.

Serveer de citroenpartjes erbij voor extra smaak. Bestrooi met het overgebleven venkelgroen.

Smakelijk!

Geroosterde groentes met pesto-yoghurt

Soms heb ik zo flink veel behoefte aan een lekker bord vol groentes, heb jij dat ook wel eens? Bij ons betekent dat vaak 1 uit 2 dingen; of we eten een salade, of we eten geroosterde groentes. Nu is het natuurlijk een sport om beide gerechten af en toe even te ‘pimpen’ zodat je wel telkens weer iets anders eet. Deze keer pimpte ik onze geroosterde groentes met een pesto-yoghurt en omdat we toch wel graag een beetje vlees eten af en toe, voegde ik runderchipolata’s toe. Man man man wat was dit genieten!

Je kunt natuurlijk zelf variëren hiermee wat je wilt, door andere groentes toe te voegen of weg te laten. Wil je graag koolhydraten eten, kun je ook wat aardappelpartjes erbij roosteren, maar wat ciabatta brood doet het ook wel goed. Wij aten zelf geen koolhydraten erbij, of ja, zoete aardappel is wel een koolhydraat, maar dan een langzame (en dus gezonde) koolhydraat. Je kunt voor de yoghurt elke yoghurt (zonder smaakje uiteraard) pakken die je lekker vindt. Ik had toevallig nog ‘gewone’ halfvolle yoghurt in huis dus die maakte ik op bij dit gerecht. En het allerleukste? Je hebt er amper werk aan. Groentes snijden, worstjes bakken en yoghurt en pesto door elkaar roeren, that’s it. Je kunt het jezelf nog makkelijker maken zelfs. Eventueel kun je de chipolata’s in de oven mee roosteren, echter krijgen ze dan niet dat mooie geblakerde effect aan de buitenkant. Ook kun je uiteraard al voorgesneden groentes kopen, dan hoef je ook niet meer te snijden.

Bereidingstijd: ~15 min (+30min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • 1 schaaltje runderchipolata
  • 2 zoete aardappels
  • 2 rode uien
  • 2 maiskolven
  • 2 zoete puntpaprika
  • 1 bakje kastanjechampignons
  • 1 schaaltje kleine trostomaatjes
  • 3 el groene pesto
  • 200 gram yoghurt
  • 2 teentjes knoflook
  • handjevol verse peterselie
  • olie
  • peper en zout

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Was de zoete aardappel en snij in partjes/wedges.

Leg op een bakplaat en besprenkel lichtjes met olie.

Zet alvast ongeveer 10 minuten in de oven.

Snij intussen de paprika, ui, mais en champignons in grove stukken en besprenkel ook dit lichtjes met olie.

Voeg de groentes bij de zoete aardappel op de bakplaat en bak het geheel nog zo’n 20 minuten in de oven.

Maak intussen de pestoyoghurt door de yoghurt te mengen met de knoflook en de pesto.

Hak de peterselie grof.

Verwarm een pan met een scheutje olie en bak de chipolata’s gaar.

Meng de groentes met de chipolata’s. Bestrooi het geheel met peper en zout.

Sprenkel de peterselie eroverheen en serveer met de pesto-yoghurt.

Smakelijk!

Groente omelet met cottage cheese & paddenstoelen

Onlangs ontving ik van Kroon op het werk weer een foodybox. Deze keer zat hij weer bomvol met heerlijke producten. Er zat onder andere de cottage cheese van de Albert Heijn in, die bomvol eiwit zit en laag in vet en koolhydraten is. Ook zaten er twee, voor mij, hele bijzondere producten in: Eikhaas en Koraalzwam. Ik had er nog nooit van gehoord als ik eerlijk ben. De twee paddenstoelensoorten komen af van Fungi fungi en zijn o.a. verkrijgbaar bij de Hanos en op diverse markten (o.a. Noordermarkt Amsterdam). Pim en ik houden ontzettend veel van paddenstoelen dus we stonden te popelen om hier iets mee te maken. Ik ging googlen en kwam er al snel achter dat de eikhaas, ook wel maitake genoemd, in Japan veel gegeten wordt omdat het ons immuunsysteem zou verbeteren en dus helpt bij allerlei ziektes zoals diabetes en kanker. Je kunt het op veel manieren bereiden maar in Japan wordt de eikhaas blijkbaar veel gefrituurd. Dat wilde ik dus ook wel eens proberen, want paddenstoelen frituren had ik eerder bij Masterchef gezien, maar nog nooit zelf gedaan of geproefd. Uiteraard kun je hier allerlei paddenstoelen voor gebruiken, mocht je niet aan eikhaas of koraalzwam kunnen komen.

Ik had allerlei wilde plannen wat ik wilde maken met deze paddenstoelen, maar uiteindelijk is het een simpele, doch zeer smaakvolle omelet geworden. Voornamelijk omdat ik een drukke week had en dus weinig tijd om uitgebreid in de keuken te staan. Maar daar ben ik natuurlijk niet alleen in, we hebben allemaal een druk leven en dus niet altijd zin of tijd om lang in de keuken te staan. Daarom dus nu even een makkelijk gerechtje op de blog.

Ohja, ik durf het haast niet te vertellen maar als er iets is wat ik niet zo goed kan in de keuken is het een ei/omelet bakken. Ik weet niet wat dat is maar ik ben er nooit tevreden over. De groente omelet op deze foto vind ik zelf te licht van kleur. Hij had wel ietsje een goudbruiner kleurtje mogen hebben. Ook scheurde hij een klein beetje bij het dichtvouwen (oops!). Gelukkig mocht dat de smaakpret verder niet drukken, want het was hartstikke lekker. De eikhaas vond ik bijzonder lekker, de smaak is niet sterk of overheersend en wat mij zou hij prima thuispassen tussen de supermarktpaddenstoelen. De koraalzwam vond ik persoonlijk een minder groot success. Een enigszins bittere smaak, wat natuurlijk ook aan de manier van bereiden kan liggen. De cottage cheese die in de box zat is helemaal perfect. Ik hou sowieso van cottage cheese en als er dan een variant is waar meer eiwit in zit, helemaal top.

Maar toch, ondanks de bittere koraalzwam, heb ik genoten van deze maaltijd. Het vulde echt wel goed wat mij betreft en is echt een eiwitbommetje. Het zal dus in menig dieet goed thuishoren. De cottage cheese in de groente omelet maakt het lekker fris en is vele malen beter dan gewone kaas. Ook lekker als lunch natuurlijk! Ohja, en als je echt graag vlees wilt eten, dan kun je natuurlijk altijd nog wat uitgebakken spekjes toevoegen.

Bereidingstijd: ~ 20 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 4-6 eieren
  • 1 paprika (kleur naar keuze)
  • 3 bosui
  • 1 bakje groene aspergetoppen
  • 1 bakje cottage cheese
  • 1 bakje paddenstoelen naar keuze
  • peper en zout
  • olie

Stappenplan:

Besprenkel de aspergetoppen lichtjes wat olie.

Verhit een grilpan en gril hierin de aspergetoppen gaar op middelhoog vuur voor ongeveer 10 minuten. Optioneel kun je wat citroensap over de asperges doen. Breng ze op smaak met peper en zout.

Verhit een laagje olie in een klein steelpannetje en ‘frituur’ hierin de paddenstoelen licht krokant. Laat uitlekken op keukenpapier.

Snij de paprika en bosui in kleine stukjes.

Verhit een scheutje olie in een koekenpan en bak hierin de paprika en bosui enkele minuten.

Doe de eieren in een kom en kluts ze met een vork.

Giet het ei bij de paprika en bosui. Je kunt één grote omelet maken voor 2 personen, of 2 koekenpannen gebruiken, of ze één voor één bakken, wat je zelf wilt.

Bak de omelet gaar op middelmatig vuur. Hij hoeft maar net gestold te zijn. Als je dat lekkerder vindt, kun je hem nog proberen om te draaien. Ik ben geen ster in omeletjes bakken dus ik heb hem maar aan één kant gebakken.

Leg de groente omelet op een bord en bedek met een laagje cottage cheese.

Verdeel de aspergetoppen en paddenstoelen erover en breng op smaak met peper en zout.

Smakelijk!

Puntzak met frietjes – TexMex style

Ok, dit recept is er niet een voor elke dag. Maar het is wel een feestje op je bord en dus leuk om te maken in het weekend, zeker als je kids te eten hebt. Hoe leuk is het om een eetbaar frietzakje op je bord te hebben liggen? Ik maakte een TexMex friet variant op de friet speciaal, met een gezonde touch door frietjes van zoete aardappel te serveren met tempehchipjes, op smaak gebracht met fajita-kruiden van Santa Maria, die ik als ambassadeur ontving. Tempeh is gemaakt van gefermenteerde sojabonen. Laat dit je niet afschrikken. Dat fermenteren resulteert dus juist in een grote gezondheidsbom. Tempeh zit vol eiwitten, maar bevat ook nog een schatkist vol met vitamientjes. Een beetje googlen zal je snel op allerlei andere voordelen van tempeh wijzen, niet voor niets dus DE vleesvervangers onder de vega(n)s onder ons. En het is nog lekker en veelzijdig ook! Door de tempeh, zoals ik dat hier doe, dun te snijden en met een klein beetje olie in de oven te bakken ontstaan er een soort tempeh-chips: knapperige stukjes tempeh. Wie houdt er nu niet van knapperig eten?

Wie de voordelen van avocado (met mate) inmiddels nog niet kent, heeft denk ik onlangs onder een steen geleefd. Dus de toevoeging van de guacamole maakt ook nog eens een extra gezondheidsvoordeel. Het enige wat enigszins een vreemde eend in de bijt is, is de queso. Maar het stond al zo lang op mijn lijstje om zelf queso te maken (kaassaus) en ik vond het hier juist wel een leuke vervanging voor de mayo die je normaal bij een frietje speciaal eet. Wil je dus echt helemaal gezond gaan, dan kun je de queso beter weglaten. Want behalve dat, is dit allemaal hartstikke killerbody-proof. Geef je niks om killerbody-proof eten, dan kun je uiteraard ook de tempehchips vervangen door vlees of vis wat je wel lekker vindt, pulled pork bijvoorbeeld. Pulled chicken of gewoon gekruide kipreepjes doen het vast ook goed hierbij! Maar ik zit nog steeds in de ‘vega-texmex’ challenge, dus ik ging voor vega texmex friet deze keer.

Let wel op, ik heb voor dit recept veel de oven gebruikt. Ik heb thuis namelijk een grote oven en bovendien maakte ik dit recept niet voor 4, maar voor 2 personen en dus een kleinere portie. Heb je een kleine oven of geen oven, dan kun je de tempehchips ook in de pan bakken en de zoete aardappelfrietjes ook in de frituurpan bakken. Wel minder gezond op die manier.

Bereidingstijd: ~60 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 3-4 personen:

  • 4 volkoren tortillawraps
  • 300 gram tempeh
  • 3-4 grote zoete aardappels
  • 1 zakje fajita kruiden
  • 1 zakje guacamole kruiden
  • 2 tomaten
  • 1 rode ui
  • 2 avocado’s
  • 30 gram boter
  • 40 gram bloem
  • 300 ml melk
  • 125 gram cheddar kaas (geraspt)
  • 100 gram belegen kaas (geraspt)
  • 1 el maizena
  • 6 el plantaardige olie
  • peper en zout

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 220°C.

Eerst maken we de puntzakjes, want die kun je prima koud serveren.

Om de ‘puntzak’ te maken vouw je een groot stuk aluminiumfolie in een punt. Vouw de tortillawrap eromheen zodat je de vorm van een puntzak krijgt.

Meng de fajita-kruiden met 6 el olie en smeer de tortillas lichtjes in met de helft van de olie.

Leg de puntzak, met de ‘naad’ naar beneden, op een bakplaat of ovenschaal. Laat de aluminiumpunt erin zitten zodat de puntzak zijn vorm behoudt in de oven. Herhaal dit met alle tortilla’s.

Bak de puntzakjes in ongeveer 10 minuten krokant. Keer halverwege. Laat ze afkoelen buiten de oven zodat ze nog iets verder krokant worden.

Was de zoete aardappel, of schil hem (wat je lekkerder vindt, met of zonder schil kan allebei). Snij in dunne frietjes.

Meng de frietjes met 2 el olie en 1 el maizena en hussel door elkaar.

Verspreid ze over een bakplaat en bak in de oven voor ongeveer 30-40min. totdat ze goudbruin zijn. Keer halverwege om.

Snij de tempeh in hele runne repen van 1-3mm en leg ze ook op een bakplaat.

Smeer de tempehreepjes in met de rest van de fajita-olie. Bak deze in 20 minuten knapperig in de oven. Keer halverwege om.

Mocht je een te kleine oven hebben kun je de tempeh ook in de pan bakken. Gebruik dan ietsje meer olie.

Prak de avocado en doe de guacamolekruiden erbij.

Snipper de rode ui en doe ongeveer 1/3e ervan bij de guacamole.

Snij de tomaat in blokjes en voeg dit bij de overgebleven 2/3e van de rode ui. Doe er eventueel wat verse kruiden bij (bieslook/peterselie/koriander/..) en breng op smaak met peper en zout.

Nu gaan we de queso maken. Smelt de boter in een pan maar laat hem niet bruin worden.

Voeg de bloem toe en roer enkele minuten op middelmatig vuur zodat de bloem gaart.

Voeg nu beetje bij beetje de melk toe en roer telkens goed tussendoor zodat ze melk opgenomen wordt door de roux.

Voeg dan de kaas beetje bij beetje bij het melkmengsel en blijf roeren, totdat de kaas gesmolten is. Breng de queso op smaak met peper en zout.

Mocht de queso nou te dik zijn, dan kun je nog extra melk toevoegen.

Leg de puntzakjes schuin op je bord, vul ze met de texmex friet van zoete aardappel en tempeh. Doe er een lepel guacamole en queso op en bestrooi met de tomaat-ui salsa.

Serveer eventueel nog met een salade ernaast.

Smakelijk!

Gobi manchurian (Indiase bloemkool)

Enkele maanden geleden moest ik (he, wat vervelend) voor werk 3 weken naar India. Bangalore om precies te zijn. Nu was ik in 2011 al eens in India gaan reizen en dat vond ik werkelijk fantastisch, dus ik stond te springen om dat vliegtuig in te stappen. Natuurlijk ook om mijn lieve collega’s in India te zien, maar ook om weer een nieuw stukje cultuur te proeven. Want dat de cultuur anders is in Bangalore ten opzichte van waar ik in 2011 was, dat wist ik wel. Maar het was meer dan de cultuur. De architectuur is anders, de mensen zijn anders, het eten is anders. Natuurlijk ben ik zelf ook veranderd dus dat zal daar ook wel bij helpen. Hoe dan ook, ik vond het fantastisch om tijdens de lunchpauze met mijn Indiase collega’s mee te gaan naar hun lokale eettent waar een gemiddelde Nederlander niet graag dood gevonden zou willen worden. Maar ik vind dat juist heerlijk, lekker doen wat de locals ook doen. Zo gingen we in het weekend dus ook met de locals (mijn collega’s) op stap. We belanden in een kroegje, dat eigenlijk heel erg westers aanvoelde qua interieur en sfeer. Je kon dus toch heel even het getoeter van de auto’s en de mierenzwerm aan mensen vergeten als je daar binnen zat. Toch was dat de plek waar ik deze gobi manchurian voor het eerst at en wow, wat was dat lekker zeg! Heerlijk knapperige groentes met een smaakvol en pittig sausje.

Gobi manchurian kan eigenlijk op meerdere manieren geserveerd worden. Als snack, zo aten wij het dus, net zoals je in Nederland bitterballen bij je biertje drinkt. Maar je kunt het ook bij je avondmaaltijd serveren, als bijgerecht maar ook als hoofdgerecht met wat rijst of brood erbij. Ook kun je de bloemkool vervangen door bijvoorbeeld kip of mini-maiskolfjes, alles kan. Gobi is Indiaas voor bloemkool, manchurian is de naam van de saus. Dus die kun je natuurlijk prima op een ander product doen.

Ok, gobi manchurian is niet authentiek Indiaas eten. Het is eigenlijk een fusion dish van de Chinese en Indiase keuken. En dat vind ik juist NOG leuker. Waar ik altijd dacht dat vooral westerse landen aan fusion cooking deed, want wij missen toch soms een echt authentieke keuken (Nederland, Belgie, Duitsland etc), blijkt dus ook dat een land wat al zo een immens authentieke keuken heeft, toch ook aal fusion cooking doet. Ik vind het leuk.

Toen ik onlangs door Riksja Travel gevraagd werd om een vlog te maken waarin ik een werelds gerecht kook, hoefde ik niet lang na te denken natuurlijk. Dit gerecht stond al die maanden al op mijn ‘to-cook-lijstje’ (heb jij ook zo’n lijstje?) en dit was dus wat mij betreft de uitgelezen kans om het eens te maken. Het filmpje maken vond ik superleuk om te doen, hoewel het natuurlijk wel altijd raar blijft om jezelf op camera te zien (hallo, onderkin!) en jezelf te horen praten (hallo, zachte g!). Maar ik ben er stiekem toch wel een beetje trots op, mijn eerste vlog. Hopelijk vinden jullie het ook leuk! De vlog vind je hier op youtube.

Ohja, even nog wat praktische informatie. Ik frituurde de bloemkool twee keer. Net als bij frietjes bakken wordt het dan allemaal net iets knapperiger dan wanneer je het 1x langer frituurt. Natuurlijk ben je vrij om hier van af te wijken en wel 1x te frituren. Voor de mensen die niet zo van pittig houden, die kunnen natuurlijk de hoeveelheid chilipoeder en sriracha verminderen.

Bereidingstijd: ~25 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 3-4 personen:

  • 1 bloemkool
  • 80 gram patentbloem
  • 6 el maizena
  • 2 tl chilipoeder
  • 3 tenen knoflook
  • 2 cm verse gember
  • 1 groene paprika
  • 1 ui
  • 3 el sojasaus
  • 2 el appelazijn
  • 3 el sriracha
  • 3 el ketchup
  • 1 el suiker
  • olie om te frituren (e.g. zonnebloemolie)
  • peper en zout
  • koriander (ter garnering)
  • bosui (ter garnering)

Stappenplan:

Snij de bloemkool in kleine roosjes. Hoe kleiner je ze maakt, hoe knapperiger ze worden (want meer oppervlak om te frituren). Maak ze ook weer niet TE klein want dan krijg je een prutje denk ik.

Kook de bloemkool zo’n 5 minuten in water met een snuf zout. Zodra je makkelijk met een vork door de bloemkool prikt zijn ze gaar. Giet ze dan af en laat ze nog even uitstomen.

Meng intussen de bloem met maizena en de helft van het chilipoeder. Breng op smaak met peper en zout. Doe beetje bij beetje wat water bij de mix zodat je een beslag krijgt. Maak het beslag niet te dun, een beetje zoals een pannenkoekenbeslag.

Verhit de olie om te frituren (ongeveer 175°C). Ik deed zelf een laagje van 3 cm olie in een wok en frituurde de bloemkool in meerdere batches.

Doe de uitgedampte bloemkool in het beslag en meng door elkaar zodat elk stukje bloemkool wat beslag heeft.

Doe de bloemkool voorzichtig in de hete olie. Afhankelijk van de grootte van je pan moet je dit dus in delen doen.

Frituur de bloemkool zo’n 2 minuten totdat ze nog net niet bruin beginnen te worden.

Haal uit de olie en laat uitlekken op keukenpapier. Laat de olie op het vuur staan want we gaan de bloemkool zo nog een keer frituren. Wil je liever maar 1x frituren? Doe ze dan de eerste keer iets langer erin zodat ze mooi goudbruin zijn.

Snipper intussen de knoflook, gember, ui en paprika.

Verhit een scheut olie in een pan en bak hierin de knoflook, gember, ui en paprika.

Voeg de rest van de chilipoeder toe (optioneel) en bak kort mee.

Voeg dan de sojasaus, appelazijn, ketchup en sriracha toe, als ook de suiker.

Roer door elkaar en leng iets aan met water, ongeveer 3 el.

Breng de saus op smaak met peper en zout.

Proef de saus nu, is hij te pittig? Voeg dan nog wat ketchup en soja toe. Vind je hem te slap? Dan kun je nog wat sriracha toevoegen. Dit is echt smaakafhankelijk natuurlijk en mijn hoeveelheden zijn dan ook richtlijnen.

Frituur nu de bloemkool nogmaals tot goudbruin. Voeg daarna bij de saus en roer door elkaar zodat er overal wat saus zit. Je zult wellicht denken dat het te weinig saus is maar het moet niet net als pastasaus zijn. Echt maar een dun laagje overal.

Snij de bosui in dunne schijfjes.

Bestrooi de gobi manchurian met de bosui en koriander.

Smakelijk!

Spinazie risotto met zalm

Als er een gerecht is dat wij regelmatig eten thuis, dan is het risotto. Natuurlijk hebben we onze favoriete variant, met champignons en port salut. Maar zo af en toe moet er natuurlijk eens gevarieerd worden. We maakten deze keer een visrisotto, met een heerlijk perfect gebakken stukje zalm. Ik gebruikte voor de risotto ook visbouillon, zodat de risotto beter aansluit bij de vis qua smaak ook. Omdat er in risotto natuurlijk eigenlijk wel een beetje kaas hoort, en we nog een stukje port salut kaas in de koelkast hadden liggen, ging die er dus ook in. Ik dacht dat het raar zou worden, vis met kaas. Maar dat was het absoluut niet. De kaas maakt de risotto lekker smeuïg. En eigenlijk als je je bedenkt, doen we ook altijd roomkaas bij gerookte zalm. Dus zo gek was dat nog niet. Je bent natuurlijk vrij om de kaas weg te laten of te vervangen door een andere kaas, zoals parmezaan, wat ook veel in risotto’s gebruikt wordt. Hoe dan ook, dit was lekker en zo klaar, dus hop, maken die hap! Schrik niet af van risotto, men zegt altijd dat dit zo lastig is om te maken. Ik ben het daar niet mee eens! Wellicht maak ik mijn risotto niet zoals de echte foodcritics hem graag zouden hebben, maar hij is verrukkelijk en daar draait het uiteindelijk toch om? Deze risotto met zalm is een perfect gerecht voor zowel doordeweekse dagen, als ook met dinertjes.

Bereidingstijd: ~30min    Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 400 gram spinazie
  • 8 zongedroogde tomaten
  • 1 ui
  • 1 teen knoflook
  • ∼ 80 gram port salut kaas
  • 100-150 gram risottorijst (afhankelijk van hoeveel je eet uiteraard)
  • 2 stukken zalmfilet
  • 2 visbouillonblokjes
  • 3 el olie
  • peper en zout
  • 2 tl viskruiden

Stappenplan:

Snipper de ui en de knoflook.

Maak 1 liter bouillon met de bouillonblokjes.

Verhit een koekenpan met een klein scheutje olie en slink hierin de spinazie. Doe de spinazie in een kom en zet apart tot later.

Voeg opnieuw een scheutje olie toe aan de pan en fruit hierin de ui en knoflook.

Voeg de risotto toe aan de pan en beweeg met de pan zodat alle rijstkorrels een laagje olie krijgen. Doe dit door met de pan te bewegen en niet met een spatel in de rijst te roeren.

Optioneel kun je nu een flinke scheut wijn toevoegen. Ik heb dit niet gedaan omdat ik geen wijn open had staan. Doe je het wel, wacht dan met de volgende stap totdat de wijn verdampt is.

Voeg, beetje bij beetje, de bouillon toe aan de risottorijst. Voeg telkens zoveel toe dat de rijst net onder het vocht staat. Voeg pas weer de volgende scheut toe als het vocht helemaal is opgenomen/verdampt en de rijst dus weer om nieuw vocht ‘schreeuwt’. Herhaal dit totdat de risotto gaar is. Dit duurt ongeveer 20 minuten. Je hebt wellicht niet alle bouillon nodig hiervoor. De rijst is gaar als hij zacht van buiten is, maar nog net een bite heeft van binnen.

Snij de zongedroogde tomaat en port salut in kleinere blokjes.

Dep intussen ook de zalm goed droog met keukenpapier en strooi er viskruiden op.

Verhit een pan met een scheutje olie en bak hierin de zalm zo’n 3-4 minuten aan elke kant op middelmatig vuur, totdat hij net gaar is en dus boterzacht is.

Zodra de risotto gaar is, voeg je de spinazie, zongedroogde tomaat en kaas toe en roer je dit door elkaar. Breng op smaak met peper (en eventueel zout, maar vergeet niet dat bouillon en port salut ook al zout bevatten).

Verdeel de risotto over de borden en leg de zalm er bovenop.

Optioneel kun je nog wat citroensap over de risotto en zalm doen om hem extra fris te maken.

Smakelijk!

Kip stroganoff

Het koken van kip stroganoff staat al letterlijk sinds dag 1 dat ik een blog heb op mijn to-cook-lijstje. Heb jij ook zo’n lijstje? Mijn lijstje wordt maar langer en langer en zo af en toe lukt het me eindelijk eens om een gerecht van de lijst te maken. Natuurlijk sloeg ik me voor mijn hoofd bij het proeven van deze kip stroganoff, want waarom heb ik dat niet eerder gemaakt? Een heerlijk mals kippetje, met lekkere groentes in een superrijke saus. Ik weet niet zeker of het aan de wodka ligt die door de saus gaat, maar voor mij had de saus zelfs een beetje een zoetige ondertoon die ik totaal niet had verwacht. En misschien wel nog leuker, het staat in een mum van tijd op tafel en is dus prima geschikt voor een doordeweekse avond. Behalve als je zwanger bent wellicht, of kleine kindjes hebt. Natuurlijk kun je de wodka ook weglaten, maar of je het dan nog wel kip stroganoff mag noemen?

Stroganoff wordt meestal gecombineerd met rundvlees. Ik hou zelf niet zo erg van rundvlees dus ging ik voor kip. Stroganoff is namelijk puur de benaming voor de saus. Dus je mag hem lekker serveren met wat je zelf wil. Er gaan zoveel varianten van de saus de rondte, dat volgens mij niemand meer echt weet wat de oorsprong van het recept is en wat er dus echt in hoort en wat niet. Of dit in de buurt komt van originele stroganoff of niet, hij is wel verdomde lekker. En daar gaat het natuurlijk uiteindelijk om!

Bereidingstijd: ~30 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • ±300 gram kipdijfilet
  • 1 potje tomatenpuree
  • 100 ml creme fraiche
  • 1 ui
  • 2 tenen knoflook
  • 1 rode paprika
  • 1 bakje kastanjechampignons
  • 75 ml wodka
  • 1/2 bouillonblokje kip of groenten
  • 1 tl (gerookt) paprikapoeder
  • 4 el verse peterselie
  • 150-200 gram (Tilda Basmati & wild rice) rijst
  • peper & zout
  • olie

Stappenplan:

Snij de kip in stukjes.

Kook de rijst gaar zoals aangegeven op de verpakking.

Snij de ui, knoflook, paprika & champignons in blokjes en/of reepjes.

Verhit een scheutje olie in een koekenpan en bak hierin de kip rondom bruin.

Haal de kip uit de pan.

Voeg eventueel nog wat olie toe aan de pan (indien nodig) en doe de groentes in de pan.

Bak de groentes op hoog vuur gaar in zo’n 3-4minuten.

Voeg de tomatenpuree, paprikapoeder en wodka toe en bak dit 3 minuten mee. Roer af en toe.

Voeg het bouillonblokje en de creme fraiche toe en roer door elkaar.

Voeg de kip terug toe.

Laat de saus nog zo’n 5 minuten pruttelen.

Snipper intussen de peterselie.

Doe de helft op het allerlaatst bij de saus en roer door elkaar.

Serveer de stroganoff saus met de rijst en bestrooi met de rest van de peterselie.

Smakelijk!

 

 

Nacho-style kikkererwten

Als kersverse ambassadeur van de TexMex keuken kreeg ik enkele producten van Santa Maria thuisgestuurd evenals een thema om mee te werken. Dit thema was ‘Vega Tex Mex’, gelijk een redelijk pittige opdracht natuurlijk gezien ik geen vegetariër ben. Natuurlijk eten we thuis wel vaker vegetarisch, maar vallen dan toch ook wel gauw terug op onze favorieten, zoals deze risotto. Toch kreeg ik gelijk superveel inspiratie en dus ook gelijk zin om aan de slag te gaan.

Het eerste gerecht is deze nachoschotel van kikkererwten. Ik verving de nachochips en het gehakt door kikkererwten. Ja, ik serveerde er toch een klein beetje nachochips bij voor de lekker, maar natuurlijk niet zoveel als je normaal bij een nachoschotel eet. Je kunt ook zelf tortillachips erbij maken door wraps te kruiden en in de oven krokant te bakken. Uiteraard kun je ook zelf gehakt toevoegen, of zelfs vegetarisch gehakt, zoals dat in veel nachoschotels geserveerd wordt. Maar als je het mij vraagt is dat compleet overbodig door de toevoeging van de kikkererwten. Kikkererwten zitten boordevol vezels en proteïnen en zijn dus een prima vervanging voor vlees.

De toppings die ik erbij deed, guacamole en zure room, kun je natuurlijk weglaten of vervangen als je dat lekkerder vindt. Je kunt natuurlijk ook een tomatensalsa erbij serveren of een nacho-kaassaus. Ik vond persoonlijk deze combinatie van ingrediënten echt perfect. Zelfs vriendlief vond dit een geslaagd gerecht, terwijl hij normaliter niet zo veel van kikkererwten en avocado moet hebben. Dus als dat niet de graadmeter is van de lekkerheid van dit gerecht, dan weet ik het ook niet meer.

Bereidingstijd: ~15min (+40m oventijd)    Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 2 blikken kikkererwten a 410 gram
  • 1 blikje mais a 150 gram
  • 1 zakje Santa Maria Chili con carne seasoning mix
  • 1 rode ui
  • 3 bosui
  • 2 zoete puntpaprika
  • 200 gram cherrytomaatjes
  • 100 gram geraspte kaas
  • 4 el verse koriander
  • 1 el olie
  • 2 rijpe avocado’s
  • 1 zakje Santa Maria guacamole dipmix
  • 1 bakje zure room

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Spoel de kikkererwten af onder de kraan en laat uitlekken.

Snij de tomaatjes door midden en de paprika in reepjes.

Snipper de rode ui.

Doe de kikkererwten met de tomaten in een kom en bestrooi met de chili con carne seasoning mix en de olie.

Verspreid de kikkererwten en tomaten op een bakplaat en bak af in de oven voor ongeveer 40 minuten.

Voeg na 15 minuten de paprika en rode ui toe op de bakplaat en hussel de kikkererwten door elkaar.

Maak intussen de guacamole door de avocado’s te prakken en te mixen met de guacamole seasoning mix. Voeg de resterende ui toe en roer door elkaar.

Snij intussen de bosui in reepjes en laat de mais uitlekken.

Snij ook de koriander grof.

Voeg de laatste 5 minuten de mais, bosui, koriander en kaas toe aan de kikkererwtenmix zodat de kaas lekker kan smelten over het geheel.

Haal de kikkererwtenmix uit de oven en verdeel over borden.

Serveer met de guacamole en zure room.

Smakelijk!

 

Kipstokjes met tzatziki en salade

Simpel maar doeltreffend. Zo zou ik dit receptje omschrijven. Ik maakte deze kipstokjes met tzatziki voor mezelf toen Pim in India zat. Je kunt het makkelijk voor 1 persoon maken. De resterende kip kun je dan een dag later weer in een ander gerecht verwerken. Je kunt zelf kiezen of je het lekker gezond en koolhydraatarm houdt, of dat je er toch een wrap of brood bij serveert. Ik at het zelf zonder brood en dat was voor mij een prima avondmaaltijd. Lekker, simpel en licht. En vooral, snel klaar. Perfect voor een simpele doordeweekse dag dus! Marineer dan liefst wel de kip al de avond van tevoren, dan trekken de smaken er nog beter in. Ik hou sowieso echt van homemade tzatziki, dat kan ik elke week wel eten. Zo lekker fris! Uiteraard kun je deze kipstokjes ook lekker op de barbecue gooien! Nu nog lekker weer…

Bereidingstijd: ~ 35min (+30min marinadetijd)      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • ∼350 gram kipdijfilet
  • 4 el olie (+ wat extra)
  • 4 teentjes knoflook
  • 1 el oregano (+ wat extra)
  • 1 tl gerookte paprikapoeder (als je dat niet hebt, dan is gewoon paprikapoeder ook goed)
  • 1 tl venkelzaadpoeder
  • peper en zout
  • 300 gr griekse yoghurt
  • 3 el verse dille
  • 2 komkommers
  • 2 tomaten
  • 75 gram feta
  • 1 rode ui
  • optioneel: olijven
  • optioneel: verse munt

Stappenplan:

Snij de kip in stukken of repen.

Meng de olie met 2 tenen knoflook, oregano, paprikapoeder en venkelzaad en ook wat peper en zout.

Verdeel dit over de kip en laat de kip minstens 30min marineren (maar liefst een hele nacht).

Was de komkommer en rasp fijn. Bestrooi met een snufje zout en laat 5 minuten staan in een zeef.

Pers de komkommer uit zodat het meeste vocht weg is.

Voeg de komkommer samen met de griekse yoghurt, dille, 2 tenen knoflook en peper en zout en meng tot een tzatzikisaus. Optioneel kun je nog munt toevoegen aan de tzatziki.

Verhit een grillpan op middelhoog vuur.

Rijg de kip op stokjes.

Grill de kip in 5-10 minuten gaar (afhankelijk van hoe hoog je vuur staat). Draai de stokjes af en toe om.

Snij intussen de rest van de komkommer, tomaat & ui in stukken en meng door elkaar.

Breek of snij de feta in stukken en meng door de groenten. Voeg ook de olijven toe als je dat lekker vind. (ik hou niet zo van olijven dus ik had ze niet toegevoegd)

Maak de salade aan met wat olie, oregano en peper en zout.

Serveer de kipstokjes met de tzatziki en de salade. Optioneel kun je nog wraps of ander brood erbij serveren.

Smakelijk!

Kip-chorizo burgers met avonaise

Pim en ik houden heel erg van burgers. We maken ze dan ook regelmatig als avondeten, meestal met een salade erbij en soms met aardappeltjes. Natuurlijk gaan we vaak voor dezelfde toppings, omdat we die simpelweg het allerlekkerst vinden. Maar af en toe willen we eens variëren. Zo kwam deze burger tot stand. Een heerlijk mengsel van kip & chorizo met verse bosui zorgt voor een sappige, smeuïge burger met een vleugje pit van de chorizo. Dat kun je ook wel zien aan de foto, want hij lekte een beetje sappen wat natuurlijk niet erg is. Wil je dat niet, laat dan de burgers een minuutje rusten op keukenpapier voordat je ze op het broodje legt. Ik gebruikte de chorizo van Monsieur Saucisson die ik onlangs kocht toen ik in de Markthal Rotterdam was voor de perslunch van Norman Musa. Je kunt natuurlijk ook gewone supermarktchorizo gebruiken. Qua kip gebruikte ik kipdijfilets, die zijn veel malser dan gewone kipfilet. Je zou ook al kant en klaar gehakt kunnen gebruiken als je dat fijner vindt. Hmm, wat waren ze lekker. Zeker voor herhaling vatbaar. Natuurlijk ook goed te bereiden op de barbecue zodra de eerste echte zonnestralen zich weer laten zien.

Bereidingstijd: ~20 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 burgers:

  • 200 gram kipdijfilets
  • 100 gram chorizo
  • 2 bosui
  • 1 avocado
  • 3 el olie
  • 75 gram feta + een beetje extra
  • peper en zout
  • 2 ciabatta broodjes
  • 1 rode ui

Extra benodigdheden:

  • keukenmachine
  • grillpan

Stappenplan:

Bak de ciabatta broodjes af zoals aangegeven op de verpakking. (niet nodig als je vers afgebakken broodjes hebt natuurlijk!)

Snij de chorizo in grove stukken. Doe hetzelfde met de kip en bosui.

Maal de chorizo met de kip en bosui in de keukenmachine tot een soort gehakt. Eventueel kun je dit in delen doen als je maar een kleine keukenmachine hebt. Breng het gehakt op smaak met peper en zout.

Verdeel het gehakt in 2 gelijke delen en maak van elk deel een burger.

Verhit een grillpan op middelhoog vuur.

Wrijf de burgers lichtjes in met wat olie. Bak de burgers in ongeveer 8-10 minuten gaar. Keer halverwege.

Mix intussen de avocado met 2 el olie, 2 el water en de 75 gram feta in de keukenmachine.

Breng op smaak met peper (en eventueel extra zout, maar feta is ook al zoutig). Optioneel kun je nog 1 el limoensap toevoegen.

Snij de rode ui in fijne ringen.

Snij de ciabatta broodjes open. Smeer een gulle laag avonaise erop en bestrooi eventueel nog met wat extra feta.

Beleg met de kip-chorizo burgers en ringen rode ui en doe de deksel van het broodje erop.

Gebruik de eventueel resterende avonaise als dipsaus voor eventueel aardappeltjes of brood dat je erbij serveert. Of leng het verder aan met water en gebruik het als salade-dressing.

Smakelijk!

Crispy beef salade

Ik ben geen beef-eter. Ik hou niet van rood vlees, dat doet me teveel denken aan het dier wat ik dan eet. Net als wanneer een vis met kop en staart op je bord ligt aan te staren. Ik eet graag vlees maar het moet niet herkenbaar zijn als dier. Deze beef echter, kun je me (figuurlijk of course!) voor wakker maken! Ik at deze beef voor het eerst toen ik onlangs in India was voor werk. We gingen uiteten met collega’s en als onderdeel van het voorgerecht (shared dinner style) stond er een schaal met crispy beef op tafel. Men, wat was dat ontzettend lekker! Zo veel smaak aan het vlees en zo lekker crispy (voor wie het nog niet weet, ik hou van alles wat crispy is). Maar oh men wat was dat hot hot hot. Ik moest echt een half uur bijkomen na het eten van een paar happen van deze beef. Maar het vervelende was, omdat hij zo ontzettend lekker was kon ik het niet laten om toch nog een tweede portie op te scheppen. Reden genoeg dus om een keer zelf de keuken in te duiken, en hem dan natuurlijk iets verdraagbaarder pittig te maken. Ik hou best wel van een klein pitje aan mijn eten, dat er net zo’n fijne tinteling op je tong ontstaat. En al zeg ik het zelf, dat is heel erg goed gelukt met deze crispy beef salade. Hij zit echt net onder het maximum spice dat ik kan handelen, heeeeeeeeerlijk! Natuurlijk kun je zelf bepalen of jij hem pittiger of minder pittig zou willen door meer of minder sriracha in de saus te doen, en de rode peper wellicht weg te laten. Je kunt natuurlijk ook variëren met de bijgerechten. Ik at het bij een salade met komkommer, wortel, little gem en tapiocanoodles. Maar je kunt hier ingrediënten vervangen of weglaten wat je zelf lekker vindt. Je kunt natuurlijk de groenten ook vervangen door wokgroenten en er dan een wokmaaltijd van maken in plaats van een salade. Wat je zelf lekker vindt. Maar die beef, die zou ik zeker zo laten, want die is echt nom!

Bereidingstijd: ~25 min        Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 300-400 gram biefstuk (entrecote is het meest geschikte stuk)
  • 3 el maizena
  • zonnebloemolie om te frituren
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 cm verse gember
  • 4 el sojasaus
  • 4 el rijstwijnazijn
  • 3 el sriracha
  • 2 tl sesamolie
  • 2 el honing
  • 1 el sesamzaadjes
  • 2 bosui
  • 1 komkommer
  • 1 wortel
  • 2 little gem sla
  • 75 gram noodles naar keuze
  • 1 rode peper

Stappenplan:

Snij de biefstuk in dunne reepjes, zo dun mogelijk.

Verdeel 2 el maizena over de bief en wrijf het in het vlees zodat er overal wat zit. Zet even apart.

Verhit een pan met de olie. Je hebt een laagje van ongeveer 2 cm olie nodig. Ik deed dit zelf in een wok.

Snij ondertussen de komkommer in mooie dunne slierten, evenals de wortel.

Kook de noodles gaar en snij de little gem in stukken.

Snij ook de rode peper en bosui in dunne ringetjes.

Rasp de gember en de knoflook.

Voeg nog een laatste eetlepel maizena bij de bief en tos nogmaals door elkaar.

Frituur de bief in de olie, doe dit beetje bij beetje zodat de pan niet te overvol is. Ik deed het in 4 ‘batches’.

De bief heeft ongeveer 1-1,5minuut nodig om crispy te worden, afhankelijk ook van de dikte van je slierten natuurlijk.

Laat de bief uitlekken op keukenpapier.

Doe in een andere pan de gember, knoflook, sojasaus, rijstazijn, honing, sesamolie & sriracha en roer door elkaar.

Breng aan de kook en laat kort doorkoken zodat het ietsje indikt, ongeveer 1minuut.

Doe de bief bij de saus en roer om zodat elk stukje bief met saus bedrenkt is.

Serveer de groentes & noodles met de bief en bestrooi met sesamzaadjes, bosui & rode peper. De resterende saus gebruik je als dressing voor de noodles & sla.

Smakelijk!

Kip-groentetajine

Al enkele jaren staat er bij mij een tajine in de kast. Het is zo’n goedkoop dingetje van de Xenos, maar dat maakt niks uit natuurlijk. Eten gemaakt in een tajine is namelijk echt ontzettend lekker. En ik schaam me bijna om te zeggen dat ik dat ding in al die jaren pas 1 of 2x gebruikt heb. Gelukkig kwam daar de foodblogswap van deze maand om de hoek kijken. Ik kreeg namelijk de blog van Elianne toegewezen. Op ‘De wereld op je bord‘ neemt Elianne je mee op een trip around the world. Vanuit elke hoek van de wereld heeft ze wel een gerechtje op haar blog staan, je kunt per land zoeken op recepten. Zo heeft ze bijvoorbeeld Bengaalse dorade, Iraanse juwelenrijst & Caribische curry op haar blog staan. Wat was het lastig kiezen zeg, stuk voor stuk wil ik ze graag proberen! Toch was mijn keuze snel gemaakt toen ik eenmaal door de ‘Marokkaanse’ categorie bladerde, want mijn gedachten schoten gelijk naar die tajine die in de kast stond te verstoffen. Ze heeft meerdere tajine gerechten op de blog staan, maar ik koos haar vegetarische tajine als basis, want die vond ik het lekkerst eruit zien. Hier en daar heb ik wel aanpassingen gemaakt om het eigen te maken, maar ook omdat dit beter bij de smaak van Pim en mij past. Zo liet ik bijvoorbeeld de olijven eruit en voegde ik juist kip toe. Ik serveerde de kip-groentetajine zelf met Turks brood wat natuurlijk stiekem gek is bij een Marokkaans gerecht. Maar mijn supermarkt verkoopt geen Marokkaans brood en ik had even niet de tijd om het zelf te maken. Je kunt er natuurlijk ook couscous bij serveren. Stiekem zou ik zelf liever voor couscous gaan, maar daar houdt Pim niet zo van dus werd het brood erbij. Hoe dan ook, een erg geslaagd gerecht, ook Pim vond het heerlijk. Bedankt Elianne voor dit recept.

Bereidingstijd: ~30 min (+30min suddertijd)      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • ~350 gram kipdijfilet
  • 2 rode ui
  • 1 zoete aardappel
  • 1 winterpeen
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 tomaat
  • 1 paprika
  • 1 el tomatenpuree
  • 1 blokje groentebouillon
  • 1 tl kurkuma
  • 1 tl gemberpoeder
  • 1 tl komijn
  • 2 tl paprika
  • 1 el ras el hanout
  • olie
  • 200 ml water
  • 3 el amandelschaafsel
  • 3 el verse peterselie

Extra benodigdheden:

  • Tajine
  • vlamverdeler (optioneel: wel fijn indien je op gas kookt)

Stappenplan:

Meng de ras el hanout met 2 el olie en wrijf de kipdijfilets hiermee in. Je kunt de kip in grote stukken laten of in kleine stukjes snijden. Ik koos er zelf voor om hem heel te laten zodat het vlees beter mals blijft. Heb je kleinere stukjes, heb je sneller kans op uitdroging.

Schil de zoete aardappel & wortel(of was de schil zorgvuldig als je hem erom laat). Pel ook de uien.

Snij de aardappel, wortel, paprika & rode ui in grove stukken.

Verhit de tajine (indien je hem hebt, gebruik een vlamverdeler) en bak de kip kort aan zodat de buitenkanten dichtgeschroeid zijn. Haal de kip eruit en leg apart.

Doe een scheut olie in de tajine en bak de groentes zo’n 4minuten.

Pers intussen de knoflook uit en bak die de laatste minuut mee, als ook de rest van de specerijen en tomatenpuree.

Doe de kip bij de groentes in de tajine en voeg het bouillonblokje en 200ml water toe.

Snij de tomaat in schijfjes en leg die ook bovenop de rest.

Doe de deksel op de tajine en laat zo’n 20-30 min sudderen op laag vuur, of totdat de groentes gaar zijn. Check af en toe of het geheel niet aankoekt aan de bodem, zeker als je geen vlamverdeler gebruikt. Voeg wat extra water toe indien het vocht op is.

Verwarm een koekenpan en rooster het amandelschaafsel tot mooi lichtbruin.

Hak de peterselie fijn.

Serveer de kip-groentetajine met het amandelschaafsel en verse peterselie.

Lekker met couscous of (marokkaans) brood.

Smakelijk!

Galette met spekjes & paddenstoelen

Vorige week deelde ik al het recept voor deze garnalenbisque, die ik samen met vriendin Manon maakte als onderdeel van een Frans 3-gangen diner voor onze partners. Als hoofdgerecht maakten we deze galette met spekjes & paddenstoelen. Het maken van een galette stond al heel lang op mijn todo-lijstje, maar het kwam er maar niet van. Hoewel ik eigenlijk een zoete galette op de planning had staan, besloten we toch om er een hartige variant van te maken. Het rustieke karakter van een homemade galette vind ik prachtig op tafel staan. Het simpele maar smaakvolle kruimeldeeg is makkelijk door iedereen te maken en heeft wel wat weg van een snel bladerdeeg. De galette kan denk ik het beste uitgelegd worden als een kruising tussen een pizza & quiche, de hartige variant althans. Je kunt natuurlijk zelf met andere ingrediënten naar smaak werken. Als je googled op ‘galette’ vind je zo de prachtigste varianten met bijvoorbeeld tomaten, vijgen of perziken. Deze galette is uitgezocht naar smaak van onze partners, met lekker vlezige smaken. En hij viel in de smaak!

Bereidingstijd: ~35 min (+30min koeltijd + 25min oventijd)      Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor ∼4 personen:

  • 600 gram gemengde paddenstoelen naar keuze (iets meer of minder mag ook, afhankelijk van wat jou supermarkt verkoopt)
  • 2 rode uien
  • 3 bosui
  • 2 tenen knoflook
  • 250 gram gerookte spekreepjes
  • 1 el tijm
  • 250 gram ricotta
  • 100 gram geraspte oude kaas
  • olie
  • peper en zout
  • 200 gram patentbloem
  • 150 gram roomboter
  • 1 eidooier (maat L)
  • 50 ml ijskoud water
  • optioneel: rucola ter garnering

Stappenplan:

Meng voor het deeg de bloem met de boter. Doe dit met je handen en wrijf de bloem door de boter totdat je een kruimelig geheel hebt. Klop de dooier los en voeg het ijskoude water eraan toe. Voeg dit bij het boter-bloemmengsel en kneed tot een deegbal. Indien je deeg te nat is, voeg extra bloem toe. Issie te droog, voeg dan wat extra water toe.

Dek het deeg af met folie en leg dit in de koelkast voor tenminste 30 minuten, maar beter is 60 minuten.

Wrijf de paddenstoelen schoon en snij ze in grove stukken. Snipper de rode ui, bosui en knoflook.

Verhit een pan en bak hierin de spekjes krokant. Laat uitlekken op keukenpapier.

Verhit een scheutje olie in dezelfde pan en bak hierin de ui, bosui, knoflook en paddenstoelen goudbruin, ongeveer 10 minuten. Indien er veel vocht vrij komt kun je dit weggieten of in laten koken. Breng de groentes op smaak met peper en zout.

Meng de ricotta met de oude kaas en breng op smaak met peper.

Verwarm de oven voor op 200°C.

Als het deeg genoeg gerust heeft (en weer enigszins stevig geworden is), rol je het uit op een schoon aanrecht dat je met bloem bestoven hebt.

Rol het deeg uit tot een mooie plak van 3-5mm dikte en ongeveer 30-40cm doorsnee.

Beleg een bakplaat met bakpapier. Rol de deeglap voorzichtig om je deegroller heen en rol hem vervolgens weer uit op de bakplaat.

Smeer het ricottamengsel in het midden uit, laat enkele centimeters van de rand over.

Doe de paddenstoelenmix en spekjes er ook op en sla de randen van het deeg eroverheen. Indien je deeglap te groot is kun je de randjes verder afscheuren. Wil je hem liever minder rustiek, dan kun je de randen natuurlijk ook netjes met een mes snijden.

Bak de galette in de oven voor 25-30minuten, of totdat het deeg gaar en goudbruin is.

Leg een handje rucola op de galette en snij in stukken.

Smakelijk!

Paneer butter masala

Ongeveer 2 maanden geleden zat ik voor werk 3 weken in India, Bangalore om precies te zijn. Doordeweeks werd er hard gewerkt maar in het weekend was er natuurlijk tijd om iets leuks te doen. Wat doe je dan als foodie zijnde? Juist, een kookworkshop volgen. Via google vond ik een vrouw die al 15 jaar kookworkshops geeft in Bangalore en meldde me aan voor de workshop Noord-Indiase curries en broden. Ik kwam aan bij een vrouwtje thuis en in een piepklein keukentje gaf zij haar workshops aan kleine groepjes mensen. We leerden 3 verschillende broden te maken, waaronder dit naanbrood. We leerden ook 3 curries te maken, waaronder deze paneer butter masala. En blij dat ik was! Paneer butter masala is namelijk echt mijn lievelingscurry uit India! En nu kan ik hem zelf maken! En dat naanbrood is ook echt goddelijk lekker. Ik heb dus inmiddels al 2x deze gerechten gekookt sinds ik terug ben en de 3e keer staat alweer gepland. Zo ontzettend lekker.

Paneer is een Indiase kaas. De meeste toko’s zullen hem wel verkopen, maar je kunt hem ook vrij makkelijk zelf maken. Dit heb ik echter zelf ook nog niet gedaan, maar als je googled kom je snel tot het recept. Ook zie je in dit recept het gebruik van kashmiri chili en kasuri methi. Kashmiri chili is een hele milde chilipoeder, welke meer zoet is dan pittig als je het mij vraagt. Hij is goed te vervangen door paprikapoeder ook, maar mocht je toch naar de toko gaan voor paneer, zou ik zeker een bakje hiervan meenemen. Kasuri methi zijn gedroogde fenegriekbladen. Ik ben al heel lang fan van fenegriek en fenegriekkaas ligt dan ook regelmatig in onze koelkast. Echter, kende ik enkel de fenegriekzaden en had ik nog niet eerder gehoord dat ook de bladeren gebruikt worden. Ze zijn licht bitter en lekker kruidig en dus een fijne toevoeging van elke curry. Voeg het wel pas op het allerlaatste toe om de beste smaak te behouden. Heb je geen kasuri methi, dan kun je het beter weglaten dan proberen te vervangen denk ik. Je kunt de curry natuurlijk ook serveren met rijst in plaats van naan, of kant en klaar naan. Toch zal ik zelf altijd de voorkeur geven aan homemade naanbrood, want dat is zooooo lekker. Maak je nou verder nog meer (bij)gerechten, dan is deze curry wel voldoende voor 4 of meer personen. Is dit echt je hoofdgerecht, dan zou ik uitgaan van 2-3 personen.

Wil je nou geen vegetarische curry voorschotelen, dan kun je hem ook met kip maken in plaats van paneer. Je krijgt dan butter chicken curry. Dit gaat echter net iets anders. De kip marineer je in griekse yoghurt met chilipoeder, garam masala, gember, knoflook en limoensap voordat je hem bakt. De kip gril je vervolgens in een pan en voeg je toe aan de saus net voordat je ook de room toevoegt. Verder is het recept dus helemaal hetzelfde. Dit is de iets lichtere curry die je op de foto ziet, maar ik heb deze verder niet uitgewerkt op de blog. Niet getreurd, ik krijg zeer snel nog een recept toegestuurd van een overheerlijke chicken curry die hier ook op lijkt. Deze curry maakte een Indiase collega voor me toen hij in Nederland op bezoek was. Deze zal ik dan uitwerken en ook op de blog zetten.

Terug naar deze curry, want waar ik misschien nog wel het meest trots op ben is dat ik onlangs mijn Indiase manager en nog 4 andere Indiase collega’s thuis uitnodigde, toen zij tijdelijk in Nederland waren. Eerst wilde ik risotto maken, omdat ik daar goed in ben en dit voor hen natuurlijk geen alledaagse kost is. Maar ze drongen er zo op aan dat ik curry maakte dat ik toch een poging ging wagen om aan hun verwachtingen te voldoen. En jawel hoor, blown away waren ze. Helemaal perplex dat iemand die net 2x in India is geweest en 1x een workshop heeft gedaan, nog beter curry kan maken dan zijzelf. Okee, fair enough, ze zijn allemaal getrouwd en hoeven dus thuis nooit zelf te koken. Maar dan nog, dat vond ik wel echt een bijzonder compliment!

Bereidingstijd: ~40 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • 250 gram paneer (te koop bij de meeste toko’s)
  • 2 grote uien of 3 kleine
  • 140 gram tomatenpuree
  • 2 tl suiker
  • 3 el boter
  • 1 el olie
  • 2 cm verse gember
  • 3 tenen knoflook
  • 3 el ongezouten cashewnoten
  • 1,5 tl kashmiri chili poeder of paprikapoeder (kashmiri chili is zoet en is te koop bij de toko, maar prima vervangbaar door paprika)
  • 1 el kasuri methi (gedroogd fenegriekblad, te koop bij de toko of online)
  • 3 el kookroom of creme fraiche
  • zout
  • optioneel: verse koriander

Extra benodigdheden:

  • keukenmachine

Stappenplan:

Pel de ui, snij grof en maal daarna fijn in de keukenmachine.

Pers of rasp de knoflook en gember samen en meng door elkaar. Snij de paneer in blokjes.

Hak de cashewnoten grof en doe in een keukenmachine. Bedek met een laagje water, totdat de cashews net niet helemaal onder staan. Meng met de keukenmachine tot een pasta.

Verhit de olie en boter in een koekenpan.

Voeg de ui met een snufje zout toe. Zout bij de ui zorgt ervoor dat de uien sneller gaar en bruin worden. Bak de uien op middelmatig vuur totdat ze lichtbruin worden, dit kan best even duren, zeker 10-20minuten.

Voeg het gember-knoflookmengsel toe en bak ook dit voor 2 minuten mee.

Voeg de kashmiri chili of paprikapoeder toe en bak 1 minuut mee.

Nu ga je de tomatenpuree en suiker toevoegen en dit doorkoken totdat de olie weer opnieuw vrij komt. Dit duurt zo’n 5 minuten.

Voeg de cashewnoot-pasta toe en ook 250 ml water. Roer door elkaar en kook kort door totdat de saus ietsje dikker geworden is, ongeveer 2 minuten.

Voeg de kasuri methi en blokjes paneer toe en roer door elkaar.

Draai het vuur laag of uit en voeg nu de room toe. Naar smaak kun je meer of minder room gebruiken.

Garneer met verse koriander en serveer met rijst of naanbrood.

Smakelijk!

Snelle spinaziefalafel met kruidenyoghurt

Ik hou erg van falafel. Ik eet het niet vaak want Pim is er niet zo’n fan van. Als Pim dus een keer niet thuis eten is dat voor mij de perfecte kans om zulke gerechten te maken die hij niet graag eet (althans, hij denkt dat hij het niet graag eet). Falafel is er in vele maten en soorten. Je kunt ze frituren of bakken in de pan en je kunt er ook voor kiezen om de falafel te serveren met hummus of een tahinsaus. Ik vind falafel met een smaakje het allerlekkerst, daarom koos ik ervoor mijn falafel op smaak te brengen met spinazie. Daardoor kreeg ik ook nog eens een berg extra vitamientjes binnen. Idealiter maak je ze van gedroogde kikkererwten, die je een nachtje in water laat weken. Gezien dit bij mij een last-minute beslissing was had ik daar geen tijd voor en nam ik dus blikerwten. Het gevolg hiervan is dat de falafel iets ‘pappiger’ en minder stevig zijn. Maar alsnog prima te eten en hartstikke lekker! Maar heb je wel tijd, dan zou ik zeker voor gedroogde kikkererwten gaan. En ook nog eens gezond! Want in kikkerertwen zitten bomvol vezels, proteïnen en mineralen.

Bereidingstijd: ~15 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor ∼12 stuks (2 personen):

  • 1 blik kikkererwten (uitlekgewicht 265 gr)
  • 100 gram spinazie
  • 1 teen knoflook
  • 1 ui
  • komijn
  • korianderzaad
  • chilipoeder
  • 1 ei
  • 1 el bloem
  • olie
  • peper en zout
  • klein potje griekse yoghurt
  • 1 extra teen knoflook
  • verse kruiden, bijvoorbeeld peterselie en/of bieslook
  • Extra’s: wrap/pita’s, verse groentes zoals komkommer, tomaat, ui

Extra benodigd:

  • keukenmachine of blender

Stappenplan:

Spoel de kikkererwten af en laat goed uitlekken.

Pel de ui en knoflook en snij in grove stukken.

Doe de kikkererwten met de spinazie, ui, knoflook en de kruiden in de keukenmachine en maal fijn.

Meng het ei en de bloem erdoor en breng op smaak met peper en zout.

Verhit een koekenpan met een flinke scheut olie.

Neem een eetlepel van het falafelmengsel en leg dit voorzichtig in de olie. Je kunt de falafelballetjes ook nog licht ‘shapen’ met je handen zodat ze mooier rond worden, maar ik vind het rustieke juist wel leuk.

Bak de spinaziefalafel ongeveer 1-2minuten of tot goudbruin en draai ze dan voorzichtig om. Bak ze net zo lang aan de andere kant.

Maak intussen de kruidenyoghurt door de griekse yoghurt te mengen met een teentje knoflook (uitgeperst natuurlijk), de verse kruiden (fijngehakt), peper en zout. Eventueel kun je er een scheutje water bij doen zodat hij wat dunner wordt.

Serveer de spinaziefalafel met een pita of wrap, frisse groentes en de kruidenyoghurt.

Smakelijk!

 

Quinoa met garnalen & heks’nboter

Heel af en toe hebben wij restjes-dag. Ik denk dat elk huishouden dit wel kent. Zonde om restjes weg te gooien maar af en toe weet je uiteindelijk niet wat je er nog mee moet doen. Soms gooi ik restjes daarom alsnog weg, maar ik probeer ze zoveel mogelijk opnieuw te gebruiken. Bij dit gerecht gebruikte ik leftover spinazie, tomaatjes en de hek’snboter had ik ook al in huis. De heks’nboter kreeg ik onlangs thuis gestuurd via de kerstfoodybox van ‘Kroon op het werk’. Nu kun je deze heks’nboter gewoon bij de borrel serveren, of ik had hem kunnen gebruiken bij het gourmetten. Maar ik wilde de uitdaging aangaan om hem te gebruiken in een ‘normaal’ avondeten-recept. Dat is dus deze geworden. Ik kan je vertellen, het was absoluut verrukkelijk! De heks’nboter geeft heel veel smaak aan dit gerecht. Ik gebruikte stiekem het hele potje voor ons tweetjes, dus echt heel gezond was dit uiteindelijk niet. Je kunt natuurlijk zelf bepalen of je dit ook doet of dat je minder gebruikt. Daarentegen is quinoa natuurlijk wel een van de betere keuzes in de categorie ‘koolhydraten’, en zijn de rest van de ingrediënten sowieso gezond. Hoe dan ook, deze quinoa met garnalen was erg lekker.

Bereidingstijd: ~20 min        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 150 gram grote garnalen
  • 150 gram quinoa
  • 150 gram verse spinazie
  • 200 gram romaatjes of kleine trostomaatjes
  • 1 potje heks’nboter
  • 1 tl chilipoeder
  • 1 tl paprikapoeder
  • 1 teen knoflook
  • peper & zout
  • optioneel: koriander of peterselie ter garnering

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Verwarm een koekenpan en smelt daarin 1 el van de heks’nboter, laat de boter niet bruin worden of aanbakken.

Doe deze boter bij de garnalen, samen met een extra teentje knoflook (uitgeperst), de chilipoeder en paprikapoeder en laat kort marineren.

Kook de quinoa zoals aangegeven op de verpakking.

Doe de tomaatjes in een ovenschaal en schep er enkele theelepels van de heks’nboter op, bestrooi met peper en zout en zet in de oven voor ongeveer 10-15min, totdat ze mooi gepoft zijn.

Verwarm de koekenpan opnieuw en bak hierin de garnalen gaar een goudbruin in ongeveer 2min.

Doe de garnalen in een kommetje en zet even apart.

Smelt nog een klontje heks’nkaas in de pan en bak hierin de spinazie kort totdat hij geslonken is.

Meng de quinoa met de spinazie.

Haal de tomaten uit de oven en doe de quinoa met garnalen erbij (zie mijn foto).

Verdeel de rest van de heks’nboter in klontjes eroverheen (of zoveel je wilt) en zet nog 1 minuut terug in de oven totdat de boter gesmolten is.

Bestrooi optioneel met peterselie of koriander.

Smakelijk!

Boerenkoolstamppot 2.0 met Aziatische gehaktballetjes

Dit gerecht ziet eruit als gewone boerenkoolstamppot met gehaktballen en wat jus, niet? Niets is wat het lijkt. Dit is mijn boerenkool met een twist. In plaats van gewone aardappel gebruikte ik zoete aardappel. Dat zie je niet omdat ik niet ging voor de oranje zoete aardappel, maar de geelgekleurde (niet perse express, de supermarkt had alleen maar de gele variant op voorraad). Zoete aardappels zijn namelijk in allerlei vormen, maten en kleuren verkrijgbaar en zijn dus niet alleen oranje.

Daarnaast maakte ik Aziatische gehaktballetjes, door het gehakt te kruiden met Aziatische smaken zoals gember en sojasaus en ook de saus bestaat uit deze Aziatische flavours. Ik vind zulke fusion keukens heerlijk, omdat het je smaakpapillen verrast en zelfs af en toe voor de gek houdt. Ik gebruikte zelf rundergehakt voor de gehaktballetjes, maar je kunt ook kippengehakt gebruiken als je nog een tikkeltje gezonder wilt gaan.

Bereidingstijd: ~30 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 personen:

Stamppot:

  • ∼1/1,2kg zoete aardappels
  • 500 gram boerenkool
  • 1 bouillonblokje rund of kip
  • 3 bosuien

Gehaktballetjes:

  • 500 gram runder- of kipgehakt
  • 2 cm verse gember
  • 2 teentjes knoflook
  • 3 bosuien
  • 3 el sojasaus
  • 2 el paneermeel
  • peper en zout
  • olie

Saus:

  • 2 cm verse gember
  • 2 teentjes knoflook
  • 3 el sojasaus
  • 3 el sriracha saus
  • 0,5 el sesamolie
  • 2 el gembersiroop
  • 2 el lichtbruine basterdsuiker
  • 1 el rijstwijn azijn
  • 1 el limoensap

Stappenplan:

Schil de zoete aardappels en snij in stukken van ongeveer 3 bij 3 cm.

Zet een pan met water op het vuur en doe het bouillonblokje erbij. Voeg de aardappels toe en breng aan de kook. Kook de aardappels in ongeveer 20min gaar.

Rasp de knoflook en gember voor de gehaktballen en meng met het gehakt. Snij 3 bosui in hele fijne ringetjes en meng ook dit door het gehakt met de sojasaus, paneermeel en peper en zout.

Meng het gehakt goed door elkaar en rol er balletjes van ongeveer 3cm dikte van.

Verhit een koekenpan met ongeveer 1-2 el olie en bak hierin de gehaktballen rondom goudbruin. Draai het vuur lager als het te hard gaat en laat nog enkele minuten doorbakken om de ballen ook van binnen te garen. Schep de gehaktballen uit de pan en zet even apart, de resterende olie en vleesrestjes kun je in de pan laten.

Voeg intussen de boerenkool bij de zoete aardappels en laat dit de laatste 5-10min meekoken.

Voeg de ingrediënten van de saus bij elkaar en doe dit in de hete pan waar je de gehaktballen in gebakken hebt. Breng de saus aan de kook en laat enkele minuten inkoken zodat hij iets dikker en stroperiger wordt.

Voeg de gehaktballen weer toe bij de saus en schep door elkaar zodat alle gehaktballen saus rondom hebben.

Draai het vuur laag of uit zodat de saus niet verder indikt. Snij intussen de resterende bosui in ringetjes.

Giet het vocht van de aardappels af, maar vang ongeveer 1 kopje kookvocht op.

Stamp de aardappels met de boerenkool samen tot een stamppot en breng op smaak met flink wat peper. Naar smaak kun je nog extra zout toevoegen. Voeg wat van het opgevangen kookvocht toe om hem wat smeuïger te maken.

Serveer de stamppot met de gehaktballetjes en schep de resterende saus nog extra over de gehaktballen. Bestrooi met wat gesneden bosui.

Smakelijk!

 

“Saffraanrisotto” met kabeljauw & gegrilde groenten

Je zult je wellicht afvragen waarom de saffraanrisotto in de titel van deze blogpost tussen haakjes staat? Dat zal ik je vertellen. Dit is geen echte risotto, maar een gezondere variant ervan. De risottorijst heb ik vervangen door bloemkool, zodat het gerecht koolhydraatarm is. Want zoals mijn trouwe lezer inmiddels weet, probeer ik sinds enkele maandjes gezonder door het leven te gaan. Okee, uiteindelijk heb ik er alsnog wel een klein beetje echte risottorijst doorheen gedaan omdat Pim een ontzettend pruillipje trok toen ik vertelde dat we ‘neprisotto’ aten. Maar dat was in verhouding bijna te verwaarlozen, die hoeveelheid risotto. Mocht je dus niet geheel koolhydraatarm willen eten, voeg dan gerust risottorijst toe zoveel je zelf wilt. De stappen blijven in principe gelijk.

Het idee van deze risotto komt van Anja’s foodblog. Ik kreeg haar blog toegewezen voor de foodblogswap van deze maand en mocht dus iets uitkiezen om na te koken en mijn eigen draai aan te geven. Anja’s foodblog staat vol met lekkere recepten, waaronder ook enkele airfryer recepten voor de liefhebber. Maar toen mijn oog op dit gerecht viel wist ik meteen dat hem dit ging worden. Onlangs kreeg ik namelijk een lading saffraan uit eigen tuin van vriendinnetje Sophie, een uitgelezen kans om die eens te gebruiken dus. Dankjewel, lieve Sophie!

Ik vond het ontzettend bijzonder om van Anja’s blog te koken. Ik kwam erachter dat we beiden de ziekte van Crohn hebben. Voor mij betekent het hebben van deze ziekte tot nu toe nog niks extreems. Ik ben gezegend met het feit dat mijn ziekte al sinds de ontdekking zo’n 9 jaar geleden rustig is en dat ik ook qua voeding maar enkele kleine dingen heb waar ik op moet letten. Verder heb ik enkel last van erge vermoeidheid en af en toe buikkrampen, maar daar blijft het tot nu toe gelukkig zo’n beetje bij. Helaas zijn er genoeg mensen waarbij deze ziekte iets anders verloopt en die erg op voeding moeten letten of een ziekenhuis-in-ziekenhuis-uit leven leiden. Zo ook Anja, is op haar blog te lezen. Wat stoer dat ze na een lang ziekteperiode deze hobby heeft kunnen oppakken en toch weer van eten en koken kan genieten. Een voorbeeld voor mij, hoewel ik natuurlijk het allerliefste hoop dat mijn ziekte nog vele jaren rustig blijft.

Bereidingstijd: ~30 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 1 bloemkool
  • 1 ui
  • 1 teen knoflook
  • 1 buisje saffraan
  • 1 liter hete kippenbouillon
  • 0,5 glas droge witte wijn
  • 1 el olie
  • 100 gram risottorijst (optioneel)
  • 1 el roomboter (optioneel)
  • 1 courgette
  • 1 puntpaprika
  • 2 kabeljauwfilets
  • 1 el bloem
  • viskruiden
  • peper en zout

Extra benodigdheden:

  • grillpan (optioneel)

Stappenplan:

Haal het groen van de bloemkool en snij de roosjes eraf.

Rasp de stam van de bloemkool fijn en zet apart.

Pel en snipper de ui en knoflook.

Doe de saffraan in een kommetje en giet er een beetje heet water op.

Verhit de olie in een koekenpan en fruit de ui en knoflook op midden-laag vuur in 5minuten glazig.

Voeg de geraspte bloemkoolstam toe. Wil je nog echte risotto gebruiken, voeg deze dan ook nu toe en bak deze 1 minuut mee.

Voeg de wijn toe en laat deze inkoken tot het vocht verdampt is.

Voeg dan de saffraan met het vocht toe en een flinke lepel bouillon.

Blijf af en toe schudden met de pan maar probeer zo weinig mogelijk met een lepel te roeren in de pan.

Zodra al het vocht is opgenomen, voeg je een lepel nieuwe bouillon toe. Doe de resterende bloemkoolroosjes in de hete kippenbouillon.

Herhaal dit totdat de risotto gaar is. Als je echte risotto gebruikt, duurt dit ongeveer 20minuten. Gebruik je enkel bloemkool, dan duurt het iets korter. Proeven, proeven, proeven.

Voeg bij de laatste lepels vocht ook de bloemkoolroosjes toe uit de bouillon en prak deze lichtjes met een vork zodat het wat uit elkaar valt (en dus meer op risotto lijkt). Breng op smaak met peper en eventueel zout.

Verhit intussen ook een grillpan. Heb je geen grilpan, gril dan de groentes in de oven.

Maak de courgette en paprika schoon en snij in lange repen. Optioneel kun je ze lichtjes insmeren met olie, ik doe dat zelf eigenlijk nooit.

Gril dit in 3min per kant of totdat je mooie grilstrepen krijgt.

Dep de kabeljauwfilets droog met keukenpapier.

Besprenkel met viskruiden en wrijf er dan de bloem overheen.

Verhit olie of boter in een pan en bak hierin de vis bruin in ongeveer 3min per kant.

Serveer de saffraanrisotto van bloemkool met de gegrilde groentes en gebakken vis.

Smakelijk!

Gevulde tomatensoep

Dit recept voor gevulde tomatensoep is perfect om allerlei restjes op te maken. Zoals ik het onderstaand beschreef is precies hoe ik het gedaan heb, maar dit bestond dus uit allerlei restjes die ik nog in huis had (zoals de snoeppaprika’s, garnalen en koriander). Deze soep zal dus volgende keer dat ik hem maak weer compleet anders zijn. Je kunt er echt vanalles in doen; restjes wortel, bleekselderij, restjes kip en ga zo maar verder. Voor mij waren dit allemaal restjes die ik overhad nadat ik een dozijn Indiase collega’s bij me thuis had uitgenodigd om samen curry te maken. Vandaar o.a. ook de koriander, maar je kunt natuurlijk ook peterselie of bieslook in de soep doen. Ook at ik er daarom paratha’s bij (Indiaas brood), maar uiteraard kun je ook soepcroutons maken van oud brood voor erbij te eten, in plaats van nieuw brood te kopen. Je kan ook vermicelli of pasta in de soep doen als koolhydraat. Omdat er lekker veel groentes inzitten die niet meegepureerd zijn, heb je bij elke hap toch echt wat te kauwen. Daardoor is deze tomatensoep perfect als maaltijdsoep. Als je alles helemaal fijnmaalt heb je niets te kauwen waardoor je sneller op de avond weer trek zal krijgen. Wil je echt koolhydraatarm eten, laat dan het brood weg en vul hem nog meer met groentes en garnalen.

Bereidingstijd: ~40 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor ±4 personen:

  • 8-10 tomaten
  • 4 uien
  • 2 tenen knoflook
  • 1 blikje tomatenpuree
  • 1 el oregano
  • 1 blokje runder- of kippenbouillon
  • 1 grote paprika of 4 kleine snoeppaprika’s
  • 4 bosui
  • 5 grote garnalen per persoon
  • bosje verse koriander
  • peper en zout
  • olie
  • optioneel: scheutje room

Stappenplan:

Snij de helft van de uien grof. Snij ook de tomaten in grove stukken en doe hetzelfde met de knoflook.

Verhit een klein beetje olie in een ketel en fruit de ui en knoflook in 5 min op midden-laag vuur.

Voeg de tomatenpuree toe en bak dit nog ongeveer 5min mee. Blijf wel goed roeren zodat het niet aankoekt aan de bodem.

Voeg de gesneden tomaten toe en bak ook deze ongeveer 2min mee.

Voeg zo’n 500ml water toe en het bouillonblokje en breng dit aan de kook. Voeg ook de oregano toe.

Laat dit geheel zo’n 10-15min koken.

Snij intussen de rest van de ui in dunne halve ringen. Snij de paprika in stukken en de bosui in ringetjes.

Pureer de soep met een staafmixer zodat alle tomaten fijngepureerd zijn.

Voeg nu de rest van de ui en de paprika toe en laat deze zo’n 5-10min meekoken.

Proef intussen de soep en breng verder op smaak met peper en eventueel zout.

Voeg de laatste 5min de garnalen toe en laat ook deze nog enkele minuten meegaren.

Voeg vlak voor serveren de bosui toe. Verdeel over de borden/kommetjes en bestrooi met verse koriander.

Eventueel kun je nog een scheutje room in de tomatensoep doen zodat hij romiger wordt.

Serveer met wat lekker brood of wraps.

Smakelijk!

Gezonde cottage pie

Dit gerecht voor gezonde cottage pie laat je hersenen en smaakpapillen even overuren draaien. Want waar je het gevoel hebt dat je naar aardappel kijkt, proef je juist iets heel anders. Pastinaak is namelijk een herfstgroente die ontzettend zoet van smaak is. Je denkt dus dat je aardappel eet, toch proef je juist iets zoets, daardoor denk je weer dat je ongezond eet. Maar eigenlijk is dat zoete juist een groente en is dit dus juist gezonder dan zijn aardappelvariant. Volg je het nog? De eerste happen waren voor mij en Pim in elk geval een heuse ‘mindfuck’, maar stiekem was de aparte zoete smaak ook wel juist erg lekker en verrassend.

Zoals jullie inmiddels wellicht weten probeer ik te minderen met koolhydraten. Dat betekent dus veelal of kleinere hoeveelheden eten van aardappels of pasta, of juist zoeken naar vervangers. Zo kun je bijvoorbeeld spaghetti vervangen door courgetti, rijst door bloemkoolrijst en aardappel door zoete aardappel. Ik verving deze keer de aardappel door pastinaak, omdat deze groente nu in het seizoen is en ik echt een ontzettende fan ben van pastinaak (Pim ook trouwens!). En het werkt tot nu toe (naast ook 2x per week sporten natuurlijk). Ik ben inmiddels 4.7kg kwijt in de pak em beet 2,5 maand dat ik hier echt mee bezig ben. Ik ben zo ontzettend trots op mezelf, dit is voor het eerst dat ik het gevoel heb dat het me ook echt gaat lukken. Ik heb echt maar kleine aanpassingen gemaakt en krijg echt goed resultaat. Nog steeds geen crashdieten dus, maar simpelweg kleinere hoeveelheden en iets gezondere keuzes. Daarmee bedoel ik 2 crackers als ontbijt/lunch in plaats van 3 of 4, aangevuld met bijvoorbeeld komkommer. Fruit als tussendoortje, of een schaaltje yoghurt. Qua avondeten net iets meer groentes en minder koolhydraten dus. Maar ik eet nog steeds 1x per week frietjes en snoep af en toe nog steeds wat en ook drink ik heus wel af en toe een biertje of wijntje. Daardoor gaat het minder snel dan het gemiddelde crashdieet, maar daardoor heb ik echt niet het idee dat ik op een streng dieet zit. Dit zie ik mezelf dus wel volhouden. Wisten jullie al dat ik sinds ik bezig ben eigenlijk vrijwel geen pasta of rijst meer gegeten heb? In pasta en rijst zit namelijk relatief de meeste koolhydraten. En ik maar altijd denken dat rijst het gezondste van allemaal was. Natuurlijk moet af en toe rijst of pasta gewoon kunnen, maar ik vind oprecht courgetti of bloemkoolrijst ook heel lekker.

Ohja, als je dan deze cottage pie gaat maken, neem dan een iets kleinere ovenschaal dan dat ik gebruikte. Het paste allemaal maar net in deze ovenschaal, ik moest goed verspreiden om overal een gelijk laagje te krijgen, dus mooier is om het in een iets kleinere schaal te doen en dan iets dikkere laagjes te hebben. Maar ik vond deze ovenschaal zo mooi dus ik wilde hem zo graag gebruiken. Uiteraard is de smaak er verder totaal niet minder om, maar het schept en eet net wat handiger als het iets dikker is.

Bereidingstijd: ~45 min (+10min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • 500 gram rundergehakt
  • 1 witte ui
  • 2 tenen knoflook
  • 1 winterpeen
  • 4 el worchestershire saus
  • 1 potje tomatenpuree
  • 1 tl tijm
  • 2 blaadjes laurier
  • 1 tl kruidnagelpoeder (optioneel)
  • 1 bakje kastanjechampignons
  • 800 gram pastinaak
  • 200ml melk
  • 1 blokje runderbouillon
  • 2 el olie
  • peper en zout
  • 3 el strooikaas (optioneel)

Stappenplan:

Snipper de ui en de knoflook en snij de winterpeen in blokjes.

Verhit 1 el olie in een koekenpan en bak hierin de ui, knoflook en winterpeen aan.

Doe het gehakt erbij en bak dit rul.

Voeg de tomatenpuree, kruidnagel en worchestershire toe en roer 1min door.

Voeg 150ml water en het bouillonblokje toe, als ook de tijm en laurier.

Breng aan de kook en laat dit zo’n 20-30min sudderen (zonder deksel), totdat het gros van het vocht verdampt is.

Breng op smaak met peper.

Schil intussen de pastinaak en snij de bovenkant eraf. Snij in stukken van zo’n 3 bij 2 cm. Het binnenste van de pastinaak kun je het beste wegsnijden hierbij, want dit is niet zo lekker.

Doe de pastinaak in een pan met de melk en voeg verder water toe totdat de pastinaak net onderstaat. Voeg ook zout toe aan de pastinaak en breng aan de kook. Laat ongeveer 15-20min koken, of totdat pastinaak boterzacht is.

Verwarm intussen de oven voor op grillstand of 220°C.

Maak de champignons schoon en snij in schijfjes. Verhit een koekenpan en doe de rest van de olie erbij.

Zodra de olie gloeiend heet is bak je de champignons op hoog vuur ongeveer 2min.

Giet het vocht van de pastinaak af maar houdt het wel apart voor later. Stamp de pastinaak of gebruik een pureeknijper om er puree van te maken. Voeg zoveel van het kookvocht terug toe totdat je een smeuïge puree hebt, bij mij was dit 4 sauslepels vocht. Breng de puree verder op smaak met peper en eventueel extra zout.

Haal het laurierblaadje uit het gehaktmengsel en verdeel het gehakt over de bodem van een ovenschaal. Verdeel dan de champignons over de schaal.

Bedek met een laag pastinaakpuree, verdeel dit met een vork zodat er overal ongeveer evenveel puree zit. Je kunt met de vork mooie strepen trekken in de bovenkant.

Optioneel kun je wat strooikaas bovenop strooien. Ik deed er zelf ongeveer 3 el strooikaas op.

Zet de cottage pie ongeveer 10min in de oven, of totdat de bovenkant goudbruin is.

Smakelijk!

 

 

Herfstige gnocchi met geroosterde pompoen & chorizo

Vandaag even een heel simpel gnocchi gerechtje dat iedereen kan maken en ook nog eens zo klaar is. Perfect voor een doordeweekse avond dus. Maar voor degenen die in het weekend liever tijd nemen om bij te komen is dit natuurlijk ook perfect. Okee, qua vetten is het niet perse het allergezondste gerecht, door toevoeging van de chorizo en pesto. Slecht is het ook niet, want gnocchi is gemaakt van aardappel en daar zit relatief weer heel weinig koolhydraten in. En bovendien is het een echt herfstig gerecht, door gebruik van pompoen en kastanjechampignons. Oh, wat hou ik toch van de herfst. Naast alle prachtige kleuren die je om je heen in de bomen ziet brengt de herfst ook nog eens verrukkelijke seizoensproducten, zoals paddenstoelen, pompoen en pastinaak. I love it.

Bereidingstijd: ~25 min        Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 1 pak gnocchi of zelfgemaakte gnocchi
  • halve pompoen (ik koos voor de oranje hokkaido). Maak van de andere helft pompoensoep bijvoorbeeld.
  • 1 bakje kastanjechampignons
  • 125 gram chorizo
  • 2 tenen knoflook
  • 2 el pesto (liefst verse of zelfgemaakt)
  • olie
  • peper en zout
  • 2 el parmezaanse kaas

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 180°C.

Snij de pompoen in kleine blokjes. De schil kun je er gewoon om laten, haal wel het binnenste eruit met een lepel.

Doe de blokjes in een ovenschaal en besprenkel lichtjes met olie, peper en zout. Doe er de teentjes knoflook bij en rooster dit in de oven voor zo’n 20minuten, totdat de pompoen mooi zacht geroosterd is.

Snij de chorizo in hele dunne plakjes. Bak de chorizo in een koekenpan (zonder olie) in ongeveer 2min per kant krokant.

Laat de chorizo uitlekken op keukenpapier, maar bewaar het vrijgekomen chorizovet zoveel mogelijk.

Haal de helft van het vet uit de pan en bewaar in een kommetje.

Maak de kastanjechampignons schoon en snij in plakken.

Verhit het chorizovet in de pan opnieuw, indien teveel afgekoeld, en bak hierin de champignons op hoog vuur bruin (ongeveer 5min).

Breng een pan met water en zout aan de kook en kook de gnocchi zoals aangegeven op de verpakking, totdat de gnocchi bovendrijft.

Haal intussen de knoflook uit de oven en hak deze in stukjes. Doe bij de champignons.

Zodra de gnocchi klaar zijn doe je ze bij de champignons in de pan. Voeg het resterende chorizovet toe en ook de pesto.

Roer goed door elkaar en breng op smaak met wat peper en eventueel extra zout.

Roer ook de pompoen erdoor.

Verdeel over de borden, verdeel ook de chorizo over de borden en bestrooi met de parmezaanse kaas.

Optioneel kun je nog wat extra verse kruiden toevoegen zoals verse bieslook, maar als je dit niet in huis hebt laat het dan achterwege.

Smakelijk!

 

 

 

Aziatische zalm met gestoomde groenten

Dat groenten gezond zijn, dat weet inmiddels iedereen wel. Maar wist je ook dat stomen een veel gezondere manier van groenten bereiden is dan koken? Als je groenten stoomt behoudt het zijn vitamines veel beter. Bijkomend voordeel is ook dat de smaak veel beter wordt behouden. Reden genoeg dus om een keer een gerecht met gestoomde groenten te bedenken. De foodblogswap van deze maand leende zich daar perfect voor.

Deze maand mocht ik koken van de blog ‘Flying Foodie’ van Maris. Eerder al deelde ik enkele van haar gerechten in deze blogpost, en toen was ik al aan het watertanden bij haar foto’s. Ik was dus echt heel erg blij toen ik hoorde dat ik haar blog toegewezen had gekregen. Nu staat haar blog vol met allerlei recepten, variërend van gezond tot ongezond en van zoet tot hartig. Ik koos toch voor een gezond en vooral koolhydraatarm gerecht, want zoals mijn trouwe lezer inmiddels weet probeer ik gezonder te leven (-3,5 kg inmiddels!!!). Mijn oog viel al snel op de aziatische zalm, die Maris serveerde met courgettenoodles. Ik had toevallig even geen zin in courgette, en besloot dus in plaats daarvan groentes te stomen voor erbij. Voor degenen die niet koolhydraatarm eten, die kunnen er rijst of woknoodles bij serveren. Ik liet deze weg, waardoor het een absoluut verantwoorde maaltijd is. En nog lekker ook! Serveer en een frisse salade bij of als je echt grote honger hebt, kun je eventueel nog peultjes of sugar snaps meestomen.

Voor degenen die even vergeten zijn wat de foodblogswap is; er is een facebookgroep speciaal voor foodbloggers. Elke maand kun je je opgeven voor de ‘foodblogswap’ van die maand. Dit houdt in dat alle deelnemers een ander deelnemend blog toegewezen krijgt. De bedoeling is dat je een recept uitzoekt om na te maken, maar daar hoor je dan wel je eigen draai aan te geven. Goed voor de inspiratie, maar ook om voor elkaar een beetje reclame te maken natuurlijk, want er zijn zoveel leuke foodblogs in Nederland!

Bereidingstijd: ~10 min (+18min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 2 stukken verse zalm
  • 2 el sojasaus
  • 1 el rijstazijn
  • 1 tl sesamolie
  • 1 el vers geraspte gember of gembersiroop
  • 2-3 teentjes knoflook
  • 1 el sriracha (optioneel)
  • 1 broccoli (of bimi)
  • 3 bosui
  • 125 gram taugé
  • 1 el sesamzaadjes
  • peper en zout

Extra benodigdheden:

  • stoommandje (of vergiet)
  • aluminiumfolie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 175°C.

Meng in een kom de sojasaus, rijstazijn, sesamolie, gember, knoflook (geperst) en sriracha en meng door elkaar.

Dep de stukken zalm droog.

Scheur 2 stukken aluminiumfolie af en leg op elk stuk een zalmmoot.

Vouw de zijkanten van de aluminiumfolie naar binnen zodat je een soort kommetje krijgt.

Verdeel het sojamengsel over de 2 zalmmoten.

Vouw de zalmpakketjes goed dicht.

Stoom de zalmpakketjes in de oven voor ongeveer 18min.

Snij in tussen de broccoli in roosjes en doe de tauge in een kom met koud water.

Doe een laagje water in een wokpan (of ketel) en zet het stoommandje erin. Let hierbij op dat de onderkant van het stoommandje (of vergiet) het water net niet raakt.

Verdeel de broccoliroosjes over het stoommandje en bestrooi met wat peper en zout.

Draai het vuur aan zodat het water gaat koken en stoom de broccoli in 5-10min gaar (afhankelijk van de grootte van je roosjes). Doe de laatste minuut de taugé er ook bij stomen.

Snij intussen de bosui in fijne ringen.

Serveer de gestoomde groentes met de zalm, en besprenkel met de verse bosui.

Schenk de saus dat nog in de zalmpakketjes zit over de zalm en groentes en bestrooi met sesamzaadjes.

Lekker met een frisse (komkommer)salade.

Smakelijk!

Gegrilde bloemkool met kikkererwten en kruidige yoghurt

Als foodie vind ik het heerlijk om instagram af te struinen, op zoek naar inspiratie. Zo kwam ik een hele tijd geleden de inspiratie van deze gegrilde bloemkool tegen op Instagram. Helaas weet ik niet meer wie mijn inspiratiebron was, maar ik weet nog heel goed dat ik meteen weg was toen ik de titel van het gerecht hoorde. Al die maanden is dit gerecht in mijn achterhoofd blijven spoken en nu eindelijk heb ik zelf eens een poging gedaan. Omdat ik dus niet meer wist van wie het originele gerecht was en dus ook niet meer even kon opzoeken hoe die persoon dit gerecht had gemaakt, heb ik er dus echt helemaal mijn eigen draai aan gegeven. Ik wist nog dat in het originele recept gebruik werd gemaakt van bloemkool, kikkererwten, yoghurt en chapati, maar daar houdt het dan wel een beetje op. Maar dat is helemaal niet erg, want ik heb er een heerlijk en gezond gerecht van weten te fabriceren, al zeg ik het zelf. En dat terwijl ik kikkererwten normaliter niet eens zo lekker vindt. Maar door ze te roosteren worden ze krokant en is de structuur dus heel anders dan wanneer je ze gewoon kookt. En doordat kikkererwten bomvol vezels, proteïnen en mineralen zitten is het een goede aanvulling op een gezond dieet.

Ik serveerde er zelf kant en klaar naanbrood bij, dat je gewoon in de supermarkt vindt. Je kunt natuurlijk ook zelf chapati’s maken van volkoren meel of speltmeel, dan wordt het geheel net iets gezonder nog. Volkoren wraps zou ook kunnen. Ik serveerde maar 1 mini-naan per persoon, meer voor de lekker, maar meer kan natuurlijk gewoon. Wil je helemaal koolhydraatarm, laat dan het brood helemaal weg. Ook dan is het gerecht nog steeds goed vullend en overheerlijk.

Ben je nou een echte vleeseter, dan zou je eventueel bijvoorbeeld runderchipolata in stukjes kunnen meegrillen, of kip in dezelfde marinade als de bloemkool bakken.

Bereidingstijd: ~20 min (+30-40min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 1 bloemkool
  • 300 ml griekse yoghurt
  • 250 gram sperziebonen
  • 1 blik kikkererwten (±300 gram)
  • 1 el sambal of verse rode peper
  • 1 tl kurkumapoeder
  • 1 tl venkelzaadpoeder
  • 1 tl paprikapoeder
  • 1 tl knoflookpoeder
  • 1 tl gemberpoeder of 2 cm verse gember
  • 1 el citroensap
  • 1 el olie
  • peper en zout
  • optioneel: chapati of naanbrood

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Snij de bloemkool in roosjes.

Laat de kikkererwten uitlekken.

Meng de griekse yoghurt met de sambal, de helft van de paprika- en knoflookpoeder en het venkelzaad, gember en kurkuma. Breng op smaak met peper en zout. Gebruik je verse peper, snij deze dan in ringetjes en strooi later over de bloemkool voordat hij de oven in gaat in plaats van door de saus heen.

Doe de bloemkoolroosjes in een ovenschaal en doe er ongeveer 1/3e van het yoghurtmengsel bij.

Meng de yoghurt goed door de bloemkool, zodat er overal een dun laagje zit.

Doe de kikkererwten in een andere ovenschaal en doe de olie en de rest van de knoflookpoeder en paprikapoeder erbij. Breng op smaak met zout en meng goed door elkaar.

Zet de kikkererwten en de bloemkool in de oven en rooster ze voor zo’n 30-40min, totdat de kikkererwten mooi bruin en krokant zijn en de bloemkool fijn geroosterd.

Hussel elke 10 minuten de kikkererwten door elkaar zodat ze aan alle kanten goed roosteren.

Snij intussen de topjes van de boontjes en was ze.

Doe in een pan met wat zout en water en breng aan de kook. Kook de boontjes in 5-8min gaar. Giet af en breng op smaak met peper en zout.

Verwarm de chapati of naanbrood zoals aangegeven op de verpakking.

Doe ongeveer 100ml water bij de yoghurtsaus en meng goed door elkaar zodat hij wat dunner wordt.

Doe de yoghurtdressing op de bodem van een mooie schaal. Verspreid de gegrilde bloemkool, boontjes en kikkererwten erover.

Strooi er optioneel wat peterselie, bieslook of koriander over en serveer met de chapati of naanbrood.

Smakelijk!

Moussaka stapeltjes

Onlangs logeerde ik bij vriendin Manon want we gingen op stap in Eindhoven en zoals jullie weten woon ik daar sinds een tijdje niet meer. Manon heeft een moestuintje en had me al vaker vertelt dat ze daar ontiegelijk veel groentes van kreeg. Gezien het weer de laatste weken had ik verwacht dat het moestuintje er inmiddels wel somber bij zou liggen. Niets was minder waar. De komkommerplant, aubergineplant en basilicum stonden er nog in hun volle glorie bij. En ik mocht er wat verse aubergines en komkommers van meenemen toen ik de volgende dag weer huiswaarts ging. Ook wist ik gelijk wat ik ervan wilde maken, want het volgende gerecht stond al enige tijd op mijn todo-lijst.

Iedereen heeft vast wel eens van moussaka gehoord. Het traditioneel Griekse gerecht wordt veelvuldig geserveerd in Griekse restaurants. Ook dit gerecht is zo’n typisch gerecht waarvan elk gezin zijn eigen recept heeft. Ik heb dus vooral niet geprobeerd de echte moussaka te maken, want ik heb geen Griekse oma of verre tante die mij haar recept kon geven. Ik heb veel recepten van anderen gelezen, en vervolgens mijn eigen draai aan gegeven. Je kunt moussaka op veel manieren maken. Met aardappelschijfjes of met puree. Met lamsgehakt of half-om-half gehakt. Met bechamelsaus of zonder en zelfs de groentes worden wel eens aangepast, hoewel moussaka wat mij betreft toch echt met aubergine gemaakt hoort te worden.

Om enigszins de calorieën te drukken liet ik de bechamelsaus achterwege en koos ik voor mager rundergehakt. Om toch de smeuïgheid te behouden maakte ik wel een heerlijke aardappelpuree en gebruikte ik 30+ strooikaas. Wist je al dat de hoeveelheid koolhydraten in aardappelen relatief laag is, veel beter dan rijst of pasta? Ook ging ik niet voor de traditionele ovenschotel, maar maakte ik stapeltjes. Ziet er toch gezellig uit, of niet? Natuurlijk ben je zelf vrij om wel een ovenschotel te maken in plaats van stapeltjes. En natuurlijk ben je vrij om alsnog bechamel toe te voegen. Hoe je dit maakt kun je in dit recept vinden.

De aubergines van Manon uit eigen tuin zijn niet zo groot als je ze in de winkel krijgt. Dat geeft helemaal niks want ze zitten wel bomvol smaak! Maar omdat zo’n klein stapeltje wellicht toch net aan de kleine kant is serveerde ik dus 2 zulke kleine moussaka stapeltjes per persoon. Uiteraard, als je ‘gewoon’ de supermarkt-aubergine gebruikt, dan zou 1 stapeltje wel voldoende moeten zijn. Zeker als je er een heerlijke salade bij serveert. Voor de extra grote eters kun je natuurlijk altijd een extra stapeltje maken, of de stapeltjes iets hoger maken.

Bereidingstijd: ~40 min (+10min oventijd)      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 250 gram rundergehakt
  • 1 potje tomatenpuree
  • 1 pak passata (gezeefde tomaten; 500 gram)
  • 2 tenen knoflook
  • 2 kleine of 1 grote witte ui
  • 2 blaadjes laurier
  • 1 tl kaneel
  • 0,5 tl nootmuskaat
  • 1tl oregano
  • 2 aubergines
  • 250 gram kruimige aardappelen
  • 25 gram boter
  • 75-100 ml melk
  • 7 eetlepels strooikaas 30+
  • olie
  • peper en zout

Stappenplan:

Schil de aardappels, was ze en snij in gelijke stukken.

Doe ze in een pan met water en een snuf zout en breng ze aan de kook. Kook de aardappels in 15-20min gaar.

Snipper de ui en de knoflook.

Verhit wat olie in een koekenpan en fruit de ui en knoflook in enkele minuten glazig op een laag vuurtje.

Voeg het kaneelpoeder, nootmuskaat, oregano en tomatenpuree toe en fruit dit ook kort mee.

Voeg het gehakt toe en bak dit rul. Breng op smaak met peper en zout.

Doe de passata en laurierblaadjes bij het gehakt en roer door elkaar.

Breng de passata aan de kook en laat zo’n 20 minuten sudderen zonder deksel op de pan. De passata moet goed opgenomen worden door het gehakt zodat het niet meer heel vochtig is.

Verhit intussen ook de oven voor op 190°C.

Was de aubergines en snij in de lengte in plakken van ongeveer 1cm dikte. Wrijf ze lichtjes in met olie.

Verhit een grilpan en gril de plakken aubergine aan elke kant ongeveer 4-5minuten, totdat er mooie grilstrepen staan en de aubergine gaar is.

Laat uitlekken op wat keukenpapier.

Zodra de aardappelen gaar zijn giet je ze af.

Doe de boter en melk erbij en ook ongeveer 3 eetlepels strooikaas. Stamp goed door elkaar tot een mooie puree. Breng goed op smaak met peper en zout.

Neem een ovenschaal en wrijf de bodem lichtjes in met olie.

Leg 2 plakken aubergine op de bodem. Schep er een lepel puree bovenop en spreid voorzichtig egaal uit.

Schep er een lepel gehakt bovenop en spreid ook dit goed uit.

Leg weer een plak aubergine erop en daarna weer de puree en gehakt.

Eindig met een laatste plakje aubergine bovenop en top af met de rest van de strooikaas.

Bak dit in ongeveer 10 minuten af in de oven, of totdat de kaas goudbruin gebakken is.

Serveer met een heerlijk frisse (komkommer)salade.

Smakelijk!

Loempia’s uit de oven

Okee, die overheerlijke krokante loempia’s met pittige saus van bij de Vietnamese kraam op het marktplein is niet overtroffen met deze oven-variant. Of de grote gefrituurde joekel van de snackbar of afhaalchinees. Hij overtreft hun echter wel in gezond zijn. En dat is ook belangrijk, voor mij althans. Soms moet je concessies doen, want het leven kan nou eenmaal niet altijd een feestje zijn.

Zoals jullie wellicht eerder al gelezen hadden ben ik sinds bijna 2 maanden een poging aan het doen om mijn leefstijl aan te passen naar een gezonder patroon. Geen fitgirl taferelen, maar gewoon normaal doen met af en toe nog steeds wat lekkers. Ik gaf al eerder aan dat ik nu 2x per week sport. Dat gaat me best wel goed af, al zeg ik het zelf. Ik doe het niet met plezier, dat dan weer niet. Maar heel erg vind ik het ook weer niet. Dat komt vooral ook door het feit dat de plek waar ik nu sport een prettige plek is, waar ik me geen zorgen hoef te maken om vreemde blikken. Daarbij is het sporten op afspraak, wat natuurlijk die extra stok achter de deur is.

Ook mijn eetpatroon probeer ik aan te passen. Minder koolhydraten (ik ben helaas wel echt een koolhydraatliefhebber) en simpelweg gezondere keuzes, magerder beleg, meer fruit, af en toe een yoghurtje, uiteraard ook veel groentes en iets minder vaak vette worst of schnitzels. Ook dat gaat wat mij betreft goed, ik ben inmiddels zo’n 2kg kwijt. Dat gaat wekelijks met ups en downs, want de ene week is er flink wat vanaf, en een week later weer een halve kilo bij. Maar dat geeft helemaal niet. Zolang er over het algemeen een dalende lijn in zit, ben ik dik tevreden. Je zou misschien denken, 2kg in 2 maanden is niet zo veel. Maar voor mij is dit juist perfect, ik wil niet crashdieten, want dat heeft in het verleden geen goede resultaten gegeven. In plaats daarvan wil ik juist op een heel normale manier gezonder leven. Dat het dan stukken langzamer gaat vind ik helemaal niet erg, nu doe ik tenminste iets waarvan ik het gevoel heb dat ik het vol kan houden. Zoals ik al eerder vertelde, mijn doel is niet om een slanke den te worden, maar om gezonder te leven. En dat gezonder leven, dat doe ik. En ik pluk er al de vruchten van. Want wie mij goed kent weet dat ik soms worstel met vermoeidheidsklachten. Nou zal dat helaas nooit helemaal overgaan maar het kan wel minder. Toen ik 2 maanden geleden aan dit avontuur begon zat ik echt op mijn dieptepunt qua vermoeidheid. Een van de redenen dat ik dit avontuur gestart ben. En inmiddels merk ik dat ik minder vaak vermoeidheidsklachten heb, en dat zal hopelijk alleen nog maar beter worden.

Nu terug naar dit recept. Deze loempia mag door als gezonde avondmaaltijd omdat er een minimale hoeveelheid slechte koolhydraten en vetten in zit, door het gebruik van kip en groentes, maar ook doordat hij in de oven is afgebakken. Alleen de sojasaus en filodeeg zijn wat slechter, maar doordat je daar zo weinig van gebruikt is dit dus een prima skinny maaltijd, en nog lekker ook. Heerlijk met een frisse salade.

Bereidingstijd: ~20 min (+20min oventijd)      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4-5 stuks:

  • 1 pak bamigroenten
  • 2 eieren
  • 350 gram kipdijfilets
  • 1 teen knoflook
  • 1 witte ui
  • 2-3 el ketjap manis (en eventueel extra voor serveren)
  • 1 pak filodeeg (diepvries)
  • 1 bouillonblokje
  • olie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Haal de filodeegvellen uit de diepvries om te ontdooien.

Breng een pan met water aan de kook en doe het bouillonblokje erbij.

Draai het vuur laag en doe de kip erbij. Laat dit zo’n 10-15min pocheren totdat de kip gaar is.

Kluts het eitje. Verhit een pan met wat olie en bak een omelet van de eieren. Leg apart voor later.

Hak de knoflook en ui fijn.

Verhit wat nieuwe olie in de pan en fruit de knoflook en ui aan.

Doe de bamigroenten erbij en bak ook deze kort mee. De rode peper die erbij zit kun je naar smaak toevoegen.

Doe de ketjap erbij en roer door elkaar. Zet het vuur laag.

Snij de kip in stukjes of haal met 2 vorken uit elkaar (als pulled chicken).

Snij de omelet in kleine stukjes of reepjes.

Doe de stukjes kip en omelet bij de groenten en roer door elkaar. Breng op smaak met peper en zout.

Haal de bladeren filodeeg uit de verpakking en haal er voorzichtig een vel van af.

Leg dit op een bakplaat met bakpapier of op een plank of bord en smeer er een dun laagje olie over.

Leg er nog een vel filodeeg op.

Schep dan zo’n 2 grote lepels vulling in het midden.

Vouw de uiteindes naar binnen zodat je een pakketje krijgt.

Smeer de buitenkant nog een keer in met een dun laagje olie.

Herhaal dit om meer loempia’s te maken. Mocht je er maar 4 maken, kun je eventueel de 2 overgebleven filodeegbladen om 2 loempia’s heen doen als extraatje. Dan heb je 2 loempia’s met 2 vellen en 2 met 3 vellen.

Leg de loempia’s allemaal op een met bakpapier beklede bakplaat en bak ze ongeveer 15-20min in de oven of totdat ze mooi goudbruin zijn. Stiekem had ik ze ietsiepietsie te vroeg eruit gehaald (op 15min), volgende keer zou ik ze langer in de oven laten zodat ze van buiten nog net iets meer crispy zijn.

Serveer de loempia’s met een frisse salade en eventueel nog wat extra ketjap als dipsaus.

Smakelijk!

Zoete aardappel met hete kip ketjap

Het einde van de maand nadert, dus het is weer tijd voor een nieuwe foodblogswap. Deze maand had ik de eer om een eigen draai te geven aan een gerecht van de blog ‘Duizend en 1 dag‘. Martine is dit blog een aantal jaren geleden begonnen als bezigheid toen ze in-between jobs zat en inmiddels is de blog alweer 7 jaar verder en staat de blog dus vol met allerlei recepten en reisverslagen. Simpele, alledaagse recepten, uitgebreide recepten, lunchrecepten, zoete recepten, borrelhapjes en barbecuerecepten, je vind het er allemaal. Het was dus moeilijk om een recept uit te zoeken voor deze swap. Ik zocht naar een recept met relatief magere ingrediënten of waar ik makkelijk een gezondere draai aan kon geven, maar wat toch nog compleet nieuw is voor me. Toen viel mijn oog al snel op dit broodje hete kip ketjap. Heerlijke sticky kip heb ik vaker gegeten in Aziatische plekken, maar eigenlijk nog nooit echt zelf gemaakt. En deze zag er verrukkelijk uit!

Omdat ik zoals jullie wellicht weten wil minderen in de koolhydraten verving ik het broodje door een gepofte zoete aardappel. Zoete aardappel is een groente. Oke, ook zoete aardappel bevat koolhydraten, maar dit zijn juist goede koolhydraten waar je lang vol van zit en niet zo’n suikerpiek krijgt zoals met andere koolhydraten als pasta. Door toevoeging van de bosui krijgt het geheel een lekkere crunch en de sesamzaadjes geven het een extra Aziatische touch. De kip ketjap heb ik op iets andere manier bereid als Martine doet, omdat ik droge kip echt wilde voorkomen, de ingrediënten voor de kip ketjap zijn verder wel exact hetzelfde. Hou je echt van pittig, voeg dan nog meer sambal toe. Ik vond dit zelf net een hele prettige ‘kick’ hebben, absoluut merkbaar maar niet zo extreem dat je na elke hap naar drinken verlangt.

Mocht je nou grote eters hebben, dan kun je eventueel nog een salade erbij serveren, of de hoeveelheden iets aanpassen. Maar voor mij was dit qua hoeveelheid perfect als avondmaaltijd. Ik ben fan en weet zeker dat ik een nieuw gerecht aan mijn ‘easy-peasy-everyday’-repertoire heb toegevoegd.

Bereidingstijd: ~45 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 4 zoete aardappels
  • 700-750 gram kipdijfilets zonder bot
  • 65 ml ketjap manis
  • 150 ml water
  • 2 el honing
  • 4 flinke tenen knoflook
  • 3 tl geraspte gember
  • 4 tl sambal (of verse rode pepers)
  • 1 tl vijfkruidenpoeder (5-spice)
  • olie
  • bosui
  • 1 el witte sesamzaadjes

Extra benodigdheden:

  • aluminiumfolie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Was de zoete aardappels goed en prik er met een vork gaatjes in rondom.

Wrijf ze lichtjes in met olie en verpak ze losjes in aluminiumfolie. Doe dit per aardappel apart, niet allemaal bij elkaar.

Doe de zoete aardappelpakketjes ongeveer 45-60min in de oven om te poffen. Hoelang ze precies moeten is afhankelijk van hoe groot ze zijn, je kunt na 45min een pakketje openen om te kijken. Kun je er heel soepel met een vork in prikken, dan is hij goed. Zet anders nog enkele minuten terug in de oven.

Snij de kip in grove stukken en wrijf de vijfkruidenpoeder erdoor zodat overal een beetje zit.

Meng de ketjap met de honing en het water in een kom, indien je sambal gebruikt doe je deze ook erbij. Gebruik je verse rode peper, dan voeg je die later toe. De hoeveelheid sambal die ik hier gebruik liet precies een kleine tinteling op de tong achter. Hou je nou helemaal niet van pittig, doe dan iets minder erin. Hou je juist erg van pittig, dan kun je natuurlijk een lepeltje meer toevoegen.

Voeg de ketjapmix bij de kip en laat de kip zo’n 10-15min marineren.

Rasp of hak intussen de gember en knoflook fijn. Indien je verse peper gebruikt, hak deze dan nu ook fijn.

Verhit een pan met een klein scheutje olie.

Bak de gember met de knoflook kort. Indien je verse peper gebruikt, bak deze dan mee.

Lepel de kip uit de marinade en bak deze ook kort mee zodat de buitenkant dichtschroeit, ongeveer 2-3min.

Giet dan de marinade erbij in de pan, breng tot net aan de kook en draai het vuur laag.

Dek de pan af en laat dit geheel zo’n 10min sudderen.

Haal de deksel van de pan en lepel de kip eruit. Laat zoveel mogelijk saus in de pan zitten.

Zet het vuur weer hoog zodat de saus kan inkoken.

Blijf hierbij voortdurend roeren, de saus zal langzaam indikken. Laat inkoken tot de gewenste dikte; een mooie glanzende sticky saus op de kip. Je kunt controleren of hij goed is door een lepel over de bodem van de pan te halen. De saus wordt hierbij aan de kant geduwd. Loopt de saus weer direct terug, dan is hij nog niet goed. Blijft de getrokken streep zichtbaar en loopt de saus maar langzaam weer terug, dan is hij goed. Voeg dan de kip weer erbij en meng goed met de saus.

Snij de bosui in ringen.

Eventueel kun je de sesamzaadjes roosteren in een droge koekenpan, dit hoeft niet perse maar geeft iets meer smaak.

Snij de zoete aardappels half in, leg er een flinke lepel van de kip met saus overheen.

Bestrooi de kip ketjap met de bosui en sesamzaadjes.

Smakelijk!

 

 

Gado Gado met bloemkoolrijst

Gado Gado (spreek uit: ‘Kaddo Kaddo’) is een typisch Indonesisch gerecht en ik heb er dan ook absoluut van gesmuld toen ik 2 jaar geleden op reis was in Indonesië. Ik hou sowieso heel erg van pindasaus. Gek eigenlijk, toen ik jonger was moest ik er niets van weten en tegenwoordig kun je me dat wekelijks serveren. Nu is Pim helaas minder pindasaus-fan. Hij eet het wel, maar niet met het meeste plezier dus zo vaak maak ik het thuis niet. Toen Pim dus in het buitenland zat voor zijn werk was het voor mij een uitgelezen kans om dit gerecht een keer op tafel te toveren. Zo klaar en ook nog eens laag in calorieën.

Net als veel ‘typische gerechten’, wordt ook gado gado in elk dorpje en gezin anders gemaakt. Het principe blijft echter gelijk. Het is eigenlijk een soort salade met kort gekookte groentes en een pindasaus/dressing. Welke groentes je hiervoor gebruikt, dat kun je helemaal zelf weten. Net wat je lekker vindt of wat je nog in de koelkast hebt liggen. Hieronder heb ik beschreven hoe ik het gedaan heb maar feel free om hier van af te wijken. Het is bijvoorbeeld ook lekker met spitskool of paksoi en je kunt er zelfs gekookte aardappeltjes bij serveren. Mocht je nou toch graag iets van vlees of vleesvervangers willen eten in plaats van full vegetarian, dan kun je eventueel wat kip of tofu erbij serveren. Ik vond dat niet nodig want er zit ook al een eitje bij, en bovendien krijg je de gado gado in Indonesië ook niet met vlees. Uiteraard kun je ook gewone rijst erbij serveren in plaats van de bloemkoolrijst. Stiekem vind ik bloemkoolrijst lekkerder, en het is nog eens gezonder ook. Ook kun je er eventueel wat kroepoek bij serveren. Dat deed ik niet om het gerecht gezond te houden. Omdat je de pindasaus met water maakt in plaats van melk of kokosmelk is het gezonder en zijn de gebakken uitjes eigenlijk echt het enige ongezonde eraan. Wil je de pindasaus nou NOG gezonder maken, maak hem dan helemaal zelf van ongezouten en ongebrande pinda’s in plaats van kant en klare pindakaas.

Bereidingstijd: ~15 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 1 kleine bloemkool
  • 100-150 gram sperziebonen
  • 1 wortel
  • 1 kleine broccoli
  • 1 klein bakje tauge
  • 4 stengels bosui
  • 1 rode peper (optioneel)
  • 2 eieren
  • 3 el pindakaas
  • 300 ml water
  • 2 tl sambal
  • 3 el ketjap manis
  • gebakken uitjes

Stappenplan:

Zet een pan met water op en breng aan de kook.

Snij de kontjes van de sperziebonen en snij de broccoli in kleine roosjes.

Blancheer de sperziebonen en broccoli voor ongeveer 3min in kokend water.

Doe ook de eieren erbij en kook deze ongeveer 8-10min (of minder lang als je van zachtgekookt houdt).

Haal de broccoli en sperziebonen uit het kokend water en giet er koud water over (dit stopt het kookproces).

Zet intussen ook een pan met het water, de pindakaas, sambal en ketjap op en breng onder af en toe roeren langzaam aan de kook.

Na een tijdje zal de gado gado saus ietsje indikken, maar hij moet niet net zo dik zijn als ‘normale’ satésaus. Is hij nog te dun, voeg dan meer pindakaas toe. Is hij te dik, voeg dan wat extra water toe.

Rasp de bloemkool grof zodat je ‘bloemkoolrijst’ krijgt.

Snij ook de wortel in dunne reepjes, en de rode peper en bosui in kleine stukjes.

Doe alle groentes mooi verdelen over de borden, met op elk bord ook een ei. Eventueel kun je wat peper en zout over het geheel strooien.

Schenk de gado gado saus erover of ernaast en besprenkel met gebakken uitjes.

Smakelijk!

 

Slawraps met kip

Zoals je vorige maand hebt kunnen lezen wil ik gezonder leven. Daar hoort een gezonder eetpatroon en ook sportiever leefpatroon bij. Sinds ongeveer een maand ben ik met beide patronen aan de slag gegaan. Dat gaat de goede kant op. Ik sport nu 2x per week. Dat vind ik helaas nog steeds niet leuk, maar tot nu toe hou ik dat goed vol omdat het sporten op afspraak is en op een fijne plek met alleen maar vrouwen met hetzelfde doel. Ook qua eetpatroon ben ik redelijk goed op weg. Ik ben er nog lang niet, want van de ene op de andere dag stoppen met snoepen is echt niet te doen natuurlijk. Ook had ik toevallig al allemaal etentjes staan voor de afgelopen weken. Snoepen gaat echt al wel beter en ook met de etentjes heb ik relatief gezondere keuzes gemaakt dan voorheen. Maar het kan nog beter, daarom ben ik deze week ook begonnen met een voedingscursus.

Toch heb ik ondanks alle etentjes ook nog de tijd gevonden om thuis nog wat te experimenteren met gezonde gerechtjes. Waar ik graag naartoe wil werken is minder koolhydraten eten bij het avondeten. Dit kan bijvoorbeeld door pasta te vervangen door courgetti en rijst door bloemkoolrijst, maar dus ook door tortilla’s te vervangen door slablaadjes of een omelet. Dat deed ik dus in dit recept voor slawraps met kip. Ik ging voor een lekker licht gerechtje en koos daarom voor de slablaadjes als wraps. Ik had verwacht de tortillawrap echt ontzettend te missen, maar dat viel me alles mee. Door het gebruik van de 20+ kaas en de lekkere kruiden had ik niet het idee dat ik perse heel gezond bezig was, en doordat de slablaadjes veel lichter zijn dan tortilla’s heb ik uiteindelijk zelfs 3 ‘wraps’ gegeten. Dat lijkt optisch gezien veel meer waardoor ik dus ook absoluut verzadigd was daarna. Maar schijn bedriegt, want uiteindelijk at ik aan ingrediënten nagenoeg hetzelfde als wanneer ik 2 gevulde tortillawraps zou eten, alleen nu dus zonder de koolhydraten. De eierwraps staan ook nog op mijn todo-lijstje, dus die zul je binnenkort vast wel voorbij zien komen.

Deze slawraps met kip kun je natuurlijk vullen met vanalles wat je maar wilt. Je kunt andere groentes toevoegen, of bijvoorbeeld ‘pulled chicken’ maken of vis gebruiken om eens te variëren. Gehakt gebruiken kan natuurlijk ook, hoewel dat dan weer net een tikkeltje minder gezond is. Maar als je mager gehakt gebruikt, dan is dat nog steeds heel prima.

Bereidingstijd: ~15 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 300-400 gram kipfilet of kipdijfilet
  • 1 bol ijsberg- of bladsla
  • 2 (punt)paprika’s
  • 1 grote of 2 kleine rode uien
  • 50 gram geraspte kaas (20+)
  • 1 tl paprikapoeder
  • 1 tl komijnpoeder
  • 1 tl uienpoeder
  • 0,5 tl chilipoeder
  • 0,5 tl bruine basterdsuiker
  • 2 avocado’s
  • 1 tl sambal
  • peper en zout
  • plantaardige olie

Stappenplan:

Meng de suiker en kruiden door elkaar in een kom. Snij de kipfilet in blokjes en doe bij het kruidenmengsel. Meng door elkaar zodat er overal wat van de kruiden zit. Zet even apart voor zometeen.

Snij de ui en paprika in reepjes.

Haal het vlees uit de avocado en prak met een vork. Breng op smaak met de sambal, peper en zout en meng door elkaar. Je kunt de sambal ook los erbij doen, want je avocadoprakje krijgt er wel een beetje een vreemde kleur van haha. Eventueel kun je de sambal ook vervangen door een scheutje sriracha saus.

Pluk de blaadjes sla van de bol, laat de bladeren zoveel mogelijk heel. Was ze indien nodig.

Verhit een koekenpan met een scheutje olie.

Bak de kip op hoog vuur kort aan en doe dan de paprika en ui erbij. Bak dit totdat de kip gaar is.

Leg een blaadje sla op je bord en doe daar een goede lepel avocado in. Spreid uit en doe er vervolgens wat van de kip met ui en paprika overheen. Bestrooi met wat kaas en vouw het blaadje sla dicht als een wrap. Klaar is kees, je slawraps met kip.

Smakelijk!

Gezonde kapsalon met pulled chicken & zoete aardappel

Ik zweer je, als je deze gezonde kapsalon eet denk je totaal niet dat je ook maar enigszins gezond bezig bent. Toch is er eigenlijk maar 1 ding wat een beetje richting ongezond neigt, en dat is de barbecuesaus. Daarom koos ik ervoor om deze zelf te maken, zodat ik iets beter zelf kon bepalen wat er in de saus zit en hij dus weer net ietsje beter was dan ‘gewone’ bbq-saus. Ik maakte hem dan weer wel met tomatenketchup, dat kwam puur omdat de frito die ik nog had staan niet meer goed bleek te zijn. Beter kun je dus frito nemen in plaats van ketchup, maar beiden kan. Okee, kaas is ook niet perse gezond, maar als je niet al teveel kaas neemt en magere kaas, dan kan dat prima.

Stiekem heb ik nog nooit de ongezonde variant van een kapsalon op, ik vind het namelijk echt heel erg gek om kaas op mijn frietjes te hebben. Maar toen ik dit recept op de ‘Lekker Happen’ blog van Daisy zag staan, wist ik gelijk dat ik dit gerecht wilde kiezen voor de foodblogswap van deze maand. Daisy heeft enorm veel en veelzijdige recepten op haar blog staan, voornamelijk avondmaaltijden die elke dag kunnen. Genoeg inspiratie dus. Daarnaast vind je tal van restaurant- en productreviews op haar blog, dus als je nog een lekker plekje zoekt om te eten kun je daar een mooie restaurantje uitzoeken.

Het leuke aan het originele kapsalon-recept van de Belgisch Limburgse Daisy vind ik dat ook haar variant al niet meer op de ‘originele kapsalon’ lijkt. Toch wilde ik nog net een stapje verder gaan om hem echt gezond te maken, en dus verving ik o.a. het gehakt door pulled chicken. De shoarmasaus die er eigenlijk op hoort verving Daisy ook al door de combinatie van avocado en zure room. Ik verving de zure room weer door griekse yoghurt, omdat dit ook net weer een tikje gezonder is. Ook maakte ik dus zelf de bbq-saus, waar Daisy voor taco-saus ging. De mais en kidneybonen liet ik weg, omdat ik dat net teveel vond worden voor ons tweetjes.

Wil je nou echt absoluut 100% mager gaan, dan kun je de bbq-saus weglaten en de kip alleen op smaak brengen met bijvoorbeeld wat paprikapoeder. Maar geloof me, met bbq-saus is wel echt heel veel lekkerder. Eventueel kun je natuurlijk gewoon maar de helft van de saus gebruiken.

Bereidingstijd: ~ 40 min (+10min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 2-3 grote zoete aardappels (of kant en klare zoete aardappelfrietjes uit het vriesvak)
  • 350 gram kippendij filets
  • 1 bouillonblokje (smaak naar keuze)
  • 1 (zoete) rode paprika
  • ~40 gram geraspte kaas (20+ of 30+)
  • 1 avocado
  • 2 el griekse yoghurt
  • 2 tl paprikapoeder
  • 1 tl curry madras kruiden of kerriekruiden
  • olijfolie
  • peper en zout
  • 50-75 gram ijsbergsla
  • halve komkommer
  • handjevol kleine tomaatjes
  • 4 el barbecuesaus; kant en klaar mag, homemade is beter:
    • 1 el donkerbruine basterdsuiker
    • 2 el azijn
    • 1 el mosterd
    • 1 el gerookt paprikapoeder
    • 1 ui
    • 2 el Worcestershire saus
    • 6 el tomatenketchup of tomatenfrito
    • 100 ml water
    • 2 el citroensap

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Schil de zoete aardappels en snij in repen van ongeveer 1 bij 1 cm, net als frietjes.

Doe in een kom en strooi er ongeveer 2 el olie en de paprikapoeder en curry madras kruiden overheen. Meng door elkaar.

Leg een vel bakpapier op een bakplaat of ovenschaal en spreid de zoete aardappelfrietjes hierop uit. Zorg ervoor dat de frietjes zo min mogelijk elkaar raken.

Bak ongeveer 25min in de oven, keer halverwege om.

Vul een pan voor iets meer dan de helft met warm water en doe het bouillonblokje erbij. Breng aan de kook.

Doe de kip in het bouillonwater en kook op laat vuur ongeveer in 10-15min gaar.

Maak je zelf barbecuesaus, dan begin je daar nu mee. Snipper de ui en doe met alle ingrediënten behalve de tomatenketchup of -frito en Worcestershire saus in een pan. Doe er ook wat peper en zout bij. Breng aan de kook en laat 10min koken onder af en toe roeren. Voeg de tomatenketchup of -frito en worcestershire saus toe en roer door elkaar. Zodra dit weer kookt zet je het vuur uit en doe je de saus in een ander kommetje.

Snij de paprika in kleine blokjes of reepjes.

Verhit een lepel olie in een pan (je kunt de pan van de saus herbruiken = minder afwas) en bak hierin de paprika ongeveer 2-3min op middelmatig vuur.

Haal de kip uit de bouillon en trek met 2 vorken uit elkaar zodat je ‘pulled chicken’ krijgt.

Doe de kip bij de paprika en doe er ongeveer 4 el barbecuesaus bij. Meer of minder mag natuurlijk als je dat lekkerder vindt.

Snij de komkommer in kleine reepjes en de tomaatjes in partjes.

Doe de zoete aardappelfrietjes onderop in een ovenschaal. Verdeel de kip eroverheen.

Doe de sla, tomaatjes en komkommer erbovenop en top af met de geraspte kaas.

Zet dit geheel ongeveer 10min in de oven, totdat de kaas lekker gesmolten is.

Haal intussen het vlees uit de avocado en prak dit samen met de griekse yoghurt en wat peper en zout. Eventueel kun je nog 1 tl chilipoeder en 1 el limoensap erbij doen, als je dat in huis hebt, maar dit is geen must.

Serveer de kapsalon met de avocadosaus.

Smakelijk!

Chinese dumplings met kip en paddenstoelen

In 2009 vloog ik voor het eerst de wijde wereld uit. Helemaal in mijn eentje vertrok ik voor een half jaar naar Australië om daar een minor te doen. Ik woonde in Melbourne op een steenworp afstand van ‘Chinatown’ en ging dus regelmatig daar een hapje eten. In die periode leerde ik voor het eerst Chinese dumplings (jiaozi) kennen. Er bestaan ontzettend veel varianten, in de vulling, manier van vouwen en manier van bereiden. De bekendste zijn denk ik wel de ‘pork dumplings’, met varkensgehakt en chinese kool. Maar je kunt ze ook bijvoorbeeld met garnalen, kip of vegetarisch krijgen. Je kunt ze stomen, koken of bakken. En zo los serveren of bijvoorbeeld in een bouillonsoepje. Kortom, je kunt er alle kanten mee op.

Het aanbod dumplings in Nederland vind ik na al die jaren nog steeds een beetje schraal. Ik had gehoopt dat deze lekkernij inmiddels een opkomst gemaakt zou hebben en je ze net zo makkelijk kunt eten als een wokmaaltijd of broodje doner. Helaas zijn ze echt nog steeds maar alleen verkrijgbaar in de betere aziatische restaurants, of bij de toko in de diepvries.

Ik besloot dus zelf eens een poging te wagen, en niet zonder success al zeg ik het zelf. Ik waande me weer heel even terug in Melbourne. Oke, ze zijn zeker nog niet zoals ik ze daar at, want let’s face it, die mensen doen niets anders dan dumplings vouwen elke dag en zijn dus erg skilled. Maar ik ben absoluut niet ontevreden. En het vouwen van de dumplings is warempel zelfs een hele goede bezigheidstherapie. De eerste paar zijn even wat lastig, maar zodra je snapt wat je moet doen is het best wel fijn om zo dumpling na dumpling zo perfect en snel mogelijk te vouwen.

Bereidingstijd: ~60 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): ****

Ingrediënten voor ongeveer 22 stuks:

  • 350 gram kipgehakt
  • 10 gram gedroogde cantharellen (of andere gedroogde paddenstoelen)
  • 150 gram gemengde paddenstoelen
  • 1 teen knoflook
  • 3 bosuien
  • 1 cm verse gember
  • 1 tl sesamolie
  • 1 el rijstazijn
  • 2 el sojasaus (+ extra om te serveren)
  • 1 el sesamzaadjes
  • 3 el plantaardige olie (e.g. arachide olie)
  • peper
  • wontonvellen (verkrijgbaar bij de toko)
  • optioneel: sweet chili saus om te serveren

Stappenplan:

Laat de cantharellen 10 minuten weken in ongeveer 100ml heet water.

Maak de paddenstoelen schoon en hak ongeveer 1/3e van de paddenstoelen ragfijn, doe in een kom.

Rasp de gember en doe bij de paddenstoelen. Doe ook het kipgehakt erbij.

Pers de knoflook uit en doe deze bij de kip, en hak 2 van de bosuien fijn en doe ook dit erbij.

Haal de cantharellen uit het water, gooi het water niet weg.

Hak de cantharellen fijn en doe ook bij de kip.

Vervolgens doe je de sojasaus, rijstazijn en sesamolie bij de kip en meng je alles goed door elkaar.

Nu ga de de dumplings vouwen. Hier zijn meerdere technieken voor. De techniek die ik heb aangehouden wordt heel goed uitgelegd in dit filmpje. Je kunt het water van de cantharellen gebruiken om de rand van de wontonvellen nat te maken. Gebruik ongeveer een flinke theelepel vulling per wontonvel.

Zodra je alle dumplings gevouwen heb ga je ze daadwerkelijk bereiden.

Ook hier zijn meerdere manieren voor. Je kunt ze stomen in een stoommandje bijvoorbeeld.

Ik koos ervoor om ze in de pan te bakken, en ook dit kan op meerdere manieren. Ik koos zelf voor 2 bereidingen die elk hun eigen charme heeft.

De bereiding die op de foto te zien is is als volgt; verhit de plantaardige olie in een koekenpan. Zodra de olie heet is doe je de dumplings erin, binnen een minuut zal de onderkant van de dumpling krokantgebakken zijn. Doe nu het cantharellenwater erin en doe de deksel op de pan. Laat ze zo een minuut of 3 doorkoken en haal dan het deksel weer van de pan. Laat ze nu nog wat verder doorgaren totdat het vocht verdampt is. De dumplings zijn nu licht krokant aan een kant, en gestoomd aan de andere kant.

Als tweede bereiding koos ik ervoor het water niet te gebruiken, maar de dumplings aan alle kanten te bakken in olie. Zo worden ze echt heel erg krokant aan alle kanten. Het duurt ongeveer 1-2minuten per kant om te bakken. Ik had toen zo’n honger dat ik helemaal vergeten ben van deze bereiding ook nog foto’s te maken.

Welke bereiding je kiest, dat is helemaal aan jou. Zoals ik zei heb ik er 2 gekozen en ik vond ze allebei lekker. De dumplings bleven wel net ietsje steviger bij de laatste bereiding.

Verhit intussen ook een andere koekenpan met een druppeltje olie en bak hierin de rest van de paddenstoelen goudbruin.

Snij ook de rest van de bosui fijn en rooster de sesamzaadjes.

Bestrooi de dumplings met de verse bosui en sesamzaadjes en serveer de paddenstoelen erbij.

Smakelijk!

Pasta Caprese 2.0

We kennen allemaal de Caprese salade, die vooral bestaat uit frisse tomaat, basilicum en heerlijke mozzarella. Waarschijnlijk kennen jullie ook de pasta caprese, waarbij je deze ingrediënten over de pasta doet met wat (pesto)olie of balsamico. Dat heb ik hier ook gedaan, maar dan net even wat spannender. Door de tomaten te roosteren en een crunch toe te voegen van zongedroogde tomaten, knoflook en brood krijgt deze caprese pasta een heel andere smaakbeleving. Ik serveerde hem op een grote schaal, als een soort lauwwarme pastasalade, daarom deed ik er ook nog wat rucola en rode ui bij. Pim en ik zijn fan, perfect voor ons tweetjes, maar ook heerlijk bij een etentje met familie of vrienden. Simpel, maar doeltreffend. Hoe serveer jij je caprese pasta het liefst?

Bereidingstijd: ~25 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 150-200 gram tagliatelle of spaghetti
  • 2 teentjes knoflook
  • 6-8 zongedroogde tomaten
  • 2 sneetjes brood naar keuze
  • 2 el pesto
  • 1 bol burrata of mozzarella
  • verse basilicum
  • 1 bakje romaatjes
  • optioneel: rucola
  • optioneel: 1 rode ui
  • olijfolie
  • peper en zout

Andere benodigdheden:

  • keukenmachine (zonder kan ook eventueel)

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C

Kook de tagliatelle of spaghetti volgens de verpakking.

Doe de romaatjes in een ovenschaaltje en sprenkel er wat olie over. Doe er ook wat zout en peper overheen en zet in de oven voor ongeveer 15-20min, totdat de tomaatjes mooi geroosterd zijn.

Indien je een keukenmachine hebt, doe daar dan de knoflook, zongedroogde tomaten en het brood in en maal het fijn. Heb je geen keukenmachine, hak dan deze ingrediënten zo fijn mogelijk met de hand.

Verwarm een koekenpan met een goede scheut olie en bak hierin de broodmix in ongeveer 3 minuten krokant.

Doe in een kom (zodat het niet verder bakt in een nog hete pan) en breng op smaak met peper en zout.

Meng de pesto met 2-3 el olie, zodat je een dressing krijgt.

Indien je er een rode ui bij wilt serveren, pel deze dan nu en snij hem in dunne ringetjes.

Pluk enkele blaadjes basilicum.

Zodra je de tagliatella of spaghetti afgegoten hebt doe je ongeveer de helft van het broodkruim, verse basilicum en pestodressing erbij en roer je door elkaar.

Draai nu mooie torentjes van de pasta en serveer ze op een bord of schaal. Haal de burrata of mozzarella uit de verpakking en leg erbij.

Bestrooi de kaas en pasta met extra basilicum, pestodressing en top als laatste af met extra broodkruim. Doe er ook wat extra peper en zout op naar smaak (vooral op de kaas).

Serveer met de geroosterde tomaatjes en eventueel extra rucola en rode ui.

Smakelijk!

Aziatische viskebabs op de bbq met wortelsalade

Ik wil eens iets anders op de barbecue, dacht ik vlak voordat dit recept geboren werd. Altijd maar die worstjes en hamburgers. Don’t get me wrong, die vind ik ook echt heerlijk. Maar zo heel af en toe heb ik gewoon behoefte aan iets anders. En ook aan iets gezonders van de barbecue, want mijn associatie met barbecue is vooral ongezond. Maar het is heel makkelijk om ook gezonde gerechten te serveren. Ik heb thuis een ‘barbecue-bijbel’ waar ik doorheen bladerde en toen ontdekte ik een gerecht voor runderkebabs dat ik in het verleden wel eens gemaakt heb. Natuurlijk kan ik niet 1 op 1 een gerecht overnemen dus ik nam ‘kebab’ als uitgangspunt en verzon deze viskebabs. Je kunt dit natuurlijk maken met de vissoorten en smaakingrediënten die je zelf lekker vindt. Maar deze aziatische stijl viskebabs is mij in elk geval zeer goed bevallen! Zeker met de frisse wortelsalade erbij. Ook serveerde ik er nog wat brood bij, want het blijft ten slotte wel een barbecue.

Bereidingstijd: ~30 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

Viskebabs (voor ongeveer 6-8 stuks):

  • 250 gram gamba’s (rauw, niet voorgegaard)
  • 150 gram kabeljauw
  • 1 rode peper
  • 2-3 el gehakte koriander
  • 1 teen knoflook
  • 2 cm verse gember
  • peper & zout
  • 6-8 stengels citroengras (sereh)
  • 2 el olie
  • halve limoen
  • Optioneel: Sweet chili saus voor serveren

Aziatische wortelsalade:

  • 8-10 bospeentjes
  • 1 rode peper
  • 2 el sesamzaadjes
  • 2 bosui
  • 2 el olie
  • 1 el soja
  • peper & zout
  • halve limoen
  • optioneel: taugé

Extra benodigdheden:

  • keukenmachine met hakmolens

Stappenplan:

Haal het groen van de rode peper, snij hem in de lengte doormidden en haal de zaadjes eruit. Hak grof en doe in de bak van de keukenmachine.

Schil de gember, hak grof en doe dit ook in de keukenmachine.

Schil ook de knoflook en pluk de koriander en doe dit ook erbij in de keukenmachine.

Maal dit redelijk fijn in de keukenmachine.

Indien je gamba’s in de schil hebt, pel de gamba’s en haal het poepkanaal eruit. Omdat je de gamba toch in de keukenmachine maalt, hoeft dit niet heel netjes te gebeuren.

Snij de kabeljauw in stukjes.

Doe de gamba’s en kabeljauw in de keukenmachine erbij en maal totdat alles fijngehakt is en een licht plakkerig mengsel ontstaat. Zorg ervoor dat alle ingrediënten goed door elkaar gemengd zijn.

Kneus de citroengrasstengels door er met de achterkant van een mes licht op te slaan. Dit is nodig zodat de smaken goed vrijkomen.

Wrijf je handen lichtjes in met olie en zet ook een bordje klaar met een dun laagje olie op.

Neem een handje van de vismix (golfbal grootte) en kneed dit om het topje van de citroengrasstengel zodat er kebabs ontstaan.

Leg de stengel op het beoliede bord totdat je daadwerkelijk gaat bakken.

Herhaal dit totdat alle mix of de stengels op zijn.

Maak intussen de wortelsalade. Schil de buitenste laag van de wortel en gooi de schillen weg (of bewaar ze om bijvoorbeeld groentebouillon van te trekken).

Schil vervolgens de rest van de wortel ook met de dunschiller in fijne reepjes en doe in een kom of schaal.

Ontdoe de rode peper van het groen en de zaadjes en snij in dunne schijfjes, reepjes of blokjes (wat je leuk vindt!).

Doe in een kommetje samen met de olie, soja, peper, zout en sap van de limoen (exacte hoeveelheden naar smaak, proef tussendoor) en meng door elkaar.

Giet dit over de wortel heen.

Rooster de sesamzaadjes in een pan goudbruin en strooi ook deze over de wortels.

Snij de bosui in fijne ringetjes en strooi ook deze over de wortels. Optioneel kun je er ook nog taugé bij doen (of andere dingen die je lekker vindt, natuurlijk)

Ik grilde de viskebabs op de barbecue, maar het kan ook in de grilpan op het vuur natuurlijk.

Gril ze op hoog vuur in ongeveer 3-4 minuten gaar en zorg dat ze een mooi grilrandje krijgen aan de buitenkant.

Serveer eventueel met sweet chili saus of een andere saus naar keuze en de wortelsalade.

Heb je echt grote eters, dan kun je er eventueel wat brood or wraps bij serveren.

Smakelijk!

Kip met chorizo, groentes en avoyoghurt

Okee, dit gerecht van kip met chorizo en groentes moet best lang in de oven. Maar verder is het amper werk en helemaal niet moeilijk. En doordat ik geen gewone aardappels maar zoete aardappels gebruikt heb, eet je eigenlijk alleen maar groenten en vlees. Ideaal dus voor degenen die iets willen minderen met de koolhydraten. Het kippetje is lekker mals, zoals het hoort. De groentes zijn smaakvol door de chorizobouillon en de avoyoghurt erbij maakt het lekker fris.

Eigenlijk zijn Pim en ik helemaal niet zo van kip met bot. Ik at het sowieso al amper van thuis uit zover ik me kan herinneren, en ook nadat ik het huis uit was heb ik er nooit echt moeite voor gedaan om het lekker te gaan vinden. Ofja, ik vind het niet vies, zeker niet. Maar het is denk ik meer het idee dat dat botje ooit ergens rondgehuppeld heeft wat me een beetje tegenstaat. Toch vind ik spareribs dan weer wel verrukkelijk, dus ik concludeer bij deze maar gewoon even dat ik een beetje vreemd ben. Sowieso moet ik dat idee met die botjes maar eens uit mijn hoofd gaan zetten, want ik heb gewoon genoten van dit gerecht.

Bereidingstijd: ~15 min (+60min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 2 kippenbouten
  • 75-100 gram chorizo
  • 1 teen knoflook
  • 1 bouillonblokje
  • 2 el rodewijn azijn
  • 1 el rozemarijn
  • 1 el paprikapoeder
  • 1 el venkelpoeder
  • 3 zoete aardappels
  • 1 rode paprika
  • 1 rode ui
  • 1 rode peper
  • 2 el barbecuesaus
  • 1 avocado
  • 3-4 el yoghurt
  • 1 el limoensap
  • Peper en zout
  • Verse peterselie

Extra benodigdheden:

  • ovenschaal of braadslede
  • aluminiumfolie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Indien je kippenbouten met vel hebt, scheur dan voorzichtig het vel van de bouten af en snij eventuele oneffenheden weg.

Het vel kun je krokant bakken, zoals ik ook heb gedaan (zie foto). Dit doe je door het vel met wat zout erop en een heel dun laagje olie tussen 2 bladen bakpapier in te leggen en dan op een bakplaat te leggen. Leg ook een zwaar iets bovenop om druk te zetten, zoals een vlakke ovenschaal. Dit doe je ongeveer 15-20min in de oven of totdat het goudbruin en knapperig is.

Snij de chorizo in kleine blokjes (ongeveer 0,5cm).

Snij ook de zoete aardappel, paprika, ui en rode peper in blokjes en doe dit in een braadslede of ovenschaal.

Wrijf de kippenbouten licht in met de paprikapoeder en venkelpoeder en leg ze bovenop de groentes.

Doe de chorizo in een kom met het bouillonblokje en pers het teentje knoflook erover uit. Doe ook de rodewijn azijn en rozemarijn erbij en breng op smaak met peper.

Kook ongeveer 100ml water en doe dit bij de chorizo. Laat kort staan zodat de bouillon kan intrekken. Roer even door elkaar.

Giet de chorizobouillon over de kip en de groentes.

Dek de ovenschaal of braadslede af met aluminiumfolie en doe dit ongeveer 30min in de oven.

Maak intussen ook de avoyoghurt. Haal het vlees uit de avocado en prak dit met een vork. Doe de yoghurt en limoensap erbij en breng op smaak met peper en zout. Gebruik de avoyoghurt als dipsaus bij de kip en groentes.

Na 30min haal je de aluminiumfolie van de schaal af. Kijk nu even naar het vochtgehalte in de schaal, heb je erg veel vocht dan kun je wellicht iets weggieten. Heb je amper vocht, dan kun je wellicht 2 of 3 el water extra toevoegen. Bestrijk je de kippenbouten met de barbecuesaus. Zet dit nog eens 30min terug in de oven of tot de kip gaar is (kerntemperatuur van ~82°C bij het bot).

Bestrooi met verse peterselie en serveer met de avoyoghurt en eventueel krokant kippenvel.

Smakelijk!

Courgetti met gepofte tomaatjes & chili-garnalen

Vandaag een gezond receptje voor jullie. Iedereen heeft inmiddels vast wel eens van courgetti gehoord; spaghetti gemaakt van courgette, waardoor je koolhydraatarm eet. Het is inmiddels al vrij lang een populaire manier om gezond te eten. Ik heb mijn spiraalsnijder al een hele tijd in de kast liggen maar ik kwam er maar niet aan toe om een gerecht ermee te maken. Dat werd dus hoog tijd, want het is eigenlijk echt supersimpel, supersnel en gezond! En daarbij ook nog eens lekker natuurlijk. Je kunt met zo’n spiraalsnijder natuurlijk alle kanten op, maar omdat het mijn eerste keer was hield ik het even vrij eenvoudig en koos ik voor courgetti, omdat ik daar al vaak over gelezen had. Heb je nou geen spiraalsnijder? Met een mandoline zou het ook moeten lukken, en anders wordt het een heel fijn klusje met alles heel fijn snijden met de hand. Maar niets is onmogelijk natuurlijk. Omdat dit gerecht zo klaar is, is het perfect voor een doordeweekse avond of elke andere avond dat je net even wat minder tijd hebt.

Bereidingstijd: ~25 min        Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 2 courgettes
  • 1 potje groene pesto
  • ± 20 garnalen (vers of diepvries)
  • 1 doosje romaatjes
  • 1 teen knoflook
  • 1 tl chilipoeder
  • handjevol pijnboompitten
  • peper en zout
  • olie
  • Optioneel: verse kruiden zoals bieslook of basilicum

Andere benodigdheden:

  • spiraalsnijder of mandoline
  • ovenschaal

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 180°C.

Snij de courgette met de spiraalsnijder in reepjes. Heb je geen spiraalsnijder dan kun je ook de mandoline gebruiken. Dit gaat wel iets minder goed maar volstaat prima. Haal dan de courgette in de lange weg door de mandoline. Bestrooi met een beetje zout en laat even staan tot verder gebruik.

Indien je bevroren garnalen gebruikt, doe ze dan onder stromend lauw water zodat ze snel ontdooien. Dep ze droog en bestrooi met de chilipoeder en wat peper. Doe ook een scheutje olijfolie en de knoflook (uitgeperst) erbij en meng door elkaar.

Doe de tomaatjes in de ovenschaal en besprenkel met olie, peper en zout. Doe ze ongeveer 15-20min in de oven.

Verhit een koekenpan en bak de pijnboompitjes hierin goudbruin. Zet apart tot serveren.

Verhit een scheutje olie in diezelfde pan en verhit tegelijk ook een extra pan met wat olie.

Bak de garnalen in de ene pan (1-2min per kant maximaal) en de courgetteslierten heel kort in de andere pan (1min ongeveer). Zet het vuur uit. Je kunt de courgetti trouwens ook heel goed rauw eten, dan blijft de courgette knapperiger. Ik koos er zelf voor om hem kort te bakken zodat hij toch lauwwarm was.

Voeg de pesto bij de courgette en roer nog kort door elkaar. Doe er ook peper en zout bij. Giet eventueel vocht zoveel mogelijk weg.

Verdeel de courgetti over de borden, strooi er de garnalen overheen en leg wat van de gepofte tomaat ernaast. Strooi de pijnboompitjes eroverheen en optioneel nog verse kruiden.

Smakelijk!

“Dr. Lemettes Buttermilk Fried Chicken”: crispy kip

“Hoe luidt de titel van dit recept?” hoor ik jou denken. Deze titel heb ik niet zelf verzonnen, hij komt rechtstreeks uit het kookboek ‘Soulfood’ van ‘De Vrouw met de Baard’. Toen ik voor het eerst over dit boek hoorde begon er gelijk in mijn hoofd iets te aarzelen. Is dit DE Vrouw met de Baard waarvan ik vorig jaar tijdens Solar Weekend Festival die onwijs lekkere crispy kip met zoete aardappelfrietjes van gegeten heb? Of zou er nog een ander bedrijf zijn dat zich zo noemt? Ik moest en zou dus dit boek hebben en was enorm blij toen hij dan ook op de deurmat viel. Na wat bladeren wist ik het zeker, dit is DE Vrouw met de Baard waarvan ik vorig jaar tijdens Solar Weekend Festival die onwijs lekkere crispy kip met zoete aardappelfrietjes van gegeten heb! En nog beter, hun recept voor die lekkere crispy kip staat in het boek! En echt nog veel meer lekkers.

De Vrouw met de Baard is een kookduo annex cateringbedrijf uit Amsterdam, met Indische en Molukse roots. Niet gek dus dat dit boek met al die lekkere soulfood recepten is uitgebracht. Soulfood is eigenlijk voedsel, gemaakt met weinig ingredienten, maar met ontzettend veel aandacht en liefde. En die liefde, dat proef je. Soulfood brengt mensen samen, geeft troost maar absoluut ook gezelligheid. De Afrikaans-Amerikaanse keuken is misschien wel de meest bekende soulfood keuken, maar er zijn er meer. Het kookboek staat vol met Soulfood uit alle hoeken van onze aardbol. Van Aziatische miso-kip tot Caribische risottoballen, en van bataatbiefstuk tot sticky spareribs.

Voor mensen die eens uit hun comfortzone willen stappen, maar het zichzelf toch niet al te moeilijk willen maken, is dit echt het perfecte kookboek. Alles staat netjes uitgeschreven en de hoeveelheid ingrediënten die nodig zijn vallen over het algemeen wel mee. Hier en daar wat exotische ingrediënten waar je voor naar de toko zult moeten, maar geloof me, dat is het waard. Ook dit boek hebben? Onder aan de pagina staat een link waar je hem kunt kopen.

Ik serveerde deze licht spicy, crispy kip met zoete aardappelfrietjes uit de oven en een frisse salade, want zo at ik hem destijds op Solar Weekend Festival ook. De kip is ook lekker zo als snack natuurlijk, of serveer hem eens in een wrap of met rijst.

Bereidingstijd: ~15 min (+minstens 60min marinadetijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 5 (biologische) kippendijfilets zonder bot
  • 300 ml (biologische) karnemelk
  • 2 el chilipoeder
  • 2 tl knoflookpoeder
  • 300 gram bloem
  • zout, om te bestrooien
  • limoenpartjes, voor het opdienen
  • Optioneel: verse koriander, voor het opdienen

Extra benodigdheden:

  • frituurpan of pan met frituurolie

Stappenplan:

Snij elke kippendij in 3 gelijke stukken.

Doe de karnemelk met 1 eetlepel chilipoeder en 1 theelepel knoflookpoeder in een schaal en meng door elkaar.

Doe de kip bij de karnemelk en meng door elkaar zodat alle kip bedekt is en zover mogelijk onder staat.

Dek af met folie en laat minstens 1u, maar liefst ‘overnight’ marineren.

Doe de bloem in een kom, voeg 1 eetlepel chilipoeder en 1 theelepel knoflookpoeder toe en meng door elkaar.

Haal de kip uit de koelkast en leg de kipstukken op een ander bord. Bewaar de marinade.

Verhit intussen de frituurpan of olie tot 180°C.

Haal de kipstukken 1 voor 1 door de bloem, vervolgens terug in de karnemelk en weer door de bloem.

Zorg dat alle kip uiteindelijk goed bedekt is met bloem aan alle kanten.

Laat de kipstukken voorzichtig in het hete vet zakken, doe ze niet rechtstreeks in het mandje want dan kunnen ze aan het mandje vast gaan kleven.

Bak ze in ongeveer 6 minuten gaar, check 1 stukje om zeker te weten dat ze gaar zijn.

Ze horen net niet meer roze van binnen te zijn.

Laat de crispy kip uitlekken op wat keukenpapier en serveer met een limoenpartje en eventueel wat koriander. Bestrooi met zout.

Ik serveerde de crispy kip met de ‘White Stripe Yogho Miso Sauce’ & ‘Red Stripe Sauce’ van de Vrouw met de Baard. Je kunt de kip natuurlijk met elke saus serveren die je lekker vindt, maar ben je nou benieuwd naar deze saus en meer van hun soulfood, dan kun je hun kookboek via onderstaande link kopen.

Parelcouscousrisotto met chorizo en tuinbonen

Iedereen heeft wel eens van risotto gehoord en wellicht hebben velen het nooit aangedurfd om zelf risotto te maken. Het is nou eenmaal best wel moeilijk om een echt perfecte risotto te bereiden en het wordt niet voor niets de ‘death-dish’ genoemd in veel kook-competities. Daarom nu een receptje waarmee iedereen risotto kan maken! Ofja, het is natuurlijk geen echte risotto maar de smeuïgheid en textuur is wel vergelijkbaar. Je kunt namelijk ook risotto maken van parelcouscous or parelgort. Dit kan op vele verschillende manieren en ingrediënten, net als met gewone risotto ook kan. Ik koos voor een parelcouscousrisotto met lekkere krokante chorizo en tuinbonen in een tomatenbouillon. Ik vond hem heerlijk! Zeker niet te vergelijken met echte risotto, maar absoluut een goede, makkelijke doordeweekse vervanging. De chorizo erin maakt het extra smaakvol.

Bereidingstijd: ~35 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 1 pak parelcouscous
  • 1 blik tomatenblokjes
  • 800ml kip of runderbouillon (van een blokje)
  • 3 tl rozemarijn of 2 takken verse rozemarijn
  • 1 witte ui
  • 2 tenen knoflook
  • 200 gram tuinbonen (vers of diepvries)
  • 1 chorizoworst
  • olie
  • peper

Stappenplan:

Snipper de ui en knoflook. Verwarm de bouillon tot het kookpunt.

Verhit wat olie in een koekenpan of hapjespan en fruit hierin de ui en knoflook glazig.

Voeg de couscous toe en bak dit 3 minuten mee.

Voeg de tomatenblokjes en de helft van de bouillon toe, als ook de rozemarijn (indien je gedroogde gebruikt). Draai het vuur laag en laat dit 15min sudderen zonder deksel op de pan.

Roer af en toe door.

Snij intussen de chorizo in dunne plakken.

Verhit een koekenpan en bak hierin de plakjes chorizo licht krokant, het is niet nodig om olie toe te voegen aan de pan. Laat uitlekken op keukenpapier en bewaar het vet dat vrijgekomen is. De chorizo zal nog iets krokanter worden zodra je het uit de pan haalt dus bak hem niet te ver door.

Voeg de rest van de bouillon en de tuinbonen toe aan de couscous en roer nogmaals goed door.

Laat nog verder sudderen onder af en toe roeren totdat het grootste deel van het vocht verdampt is en je een smeuiig geheel overhoudt.

Indien je verse rozemarijn gebruikt, roer deze dan net voor het einde toe en laat nog 2 minuten meesudderen.

Voeg op het allerlaatst de chorizoplakken toe.

Verdeel over de borden en sprenkel het apart gehouden chorizovet bovenop.

Smakelijk!

Mama’s duuveltjesvlees

Dit gerecht noem ik ‘Mama’s duuveltjesvlees’ omdat, je raadt het al, ik dit recept van mijn moeder heb geleerd. Dit gerecht aten we niet al van kleins af aan thuis, maar het is er ergens in de loop der jaren ineens bijgekomen. De eerste keer dat ik het at was toen mijn moeder jarig was en de hele familie bleef eten. Het is namelijk heel makkelijk om dit gerecht voor grote groepen te maken, omdat het allemaal in 1 grote pan past. Ik was meteen verkocht, wat is dit toch een ontzettend lekker gerecht!!!!! De malse kipstukjes zijn kleine smaakbommetjes en er zit net genoeg sambal in om een lichte tinteling op je tong te veroorzaken. Door de toevoeging van de pindakaas heeft de saus iets weg van satésaus maar toch weer heel anders. En het mooiste is dat het heel gemakkelijk is om te maken.

Van origine is dit gerecht een Indonesisch gerecht, en heet het ‘duiveltjesvlees’. Ik heb dit omgedoopt tot duuveltjesvlees, want zo noemen wij het hier in Limburg (ook wel ‘duuvelkesvleisj’). Voor deze foto’s serveerde ik het vlees met frietjes, maar je kunt het ook met rijst serveren. Dat deed ik 2 dagen nadat deze foto genomen is, toen we de leftovers gingen opeten. Lekker met een frisse salade erbij. Echt geloof me, dit wil je proeven! En maak een flinke pan vol, zodat je de dag erna nog eens ervan kan snoepen, want dat wil je… trust me!

Bereidingstijd: ~40 min (+minstens 30min marinadetijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 500 gram kipfilet of kipdijfilet
  • 8 el tomatenketchup
  • 8 el ketjap manis
  • 6 el azijn
  • 2-3 el sambal
  • 1 grote ui of 2 kleine
  • 3 tenen knoflook
  • 1 zakje nasikruiden (van Conimex bijvoorbeeld)
  • 200 ml slagroom
  • 2 el pindakaas
  • 200 gram peultjes of sperziebonen
  • 1 bakje taugé
  • olie
  • Voor erbij: frietjes of rijst

Stappenplan:

Snij de kip in blokjes.

Doe de ketjap, ketchup, azijn, sambal, 2 tenen knoflook, de helft van de ui en de nasikruiden in een kom en meng door elkaar.

Doe de kip erbij en dek af met vershoudfolie. Zet dit minstens 30min maar liefst ‘overnight’ in de koeling om te marineren. Hoe langer het marineert, hoe meer smaak er in de kip zal zitten, dus ik zou echt aanraden om het de avond van tevoren al in de marinade te zetten.

Verhit een scheutje olie in een koekenpan of wok op middelmatig vuur en fruit de rest van de ui en knoflook in 5min glazig. Voeg dan de kip met alle marinade toe en breng langzaam aan de kook.

Draai dan het vuur laag en laat dit zo’n 15-20min sudderen met de deksel op de pan.

Snij de kopjes van de sperziebonen (heb je peultjes, dan is dat niet nodig) en kook ze beetgaar in ruim water met een snufje zout. Dit duurt ongeveer 5-10min.

Voeg de slagroom en pindakaas toe aan de kip en roer goed door totdat alle pindakaas is opgenomen door de saus. Laat dit nog 5-10minuten sudderen zonder deksel op de pan zodat de saus ietsje indikt.

Voeg de laatste minuut de boontjes en taugé toe.

Serveer het duuveltjesvlees met krokant gebakken frietjes of rijst en een heerlijke frisse salade.

Smakelijk!

Turkse pide

De facebook-groep ‘Foodbloggers’ is een groep voor en door foodbloggers. Elke maand organiseert de groep een ‘foodblogswap’. Deze maand deed ik voor het eerst mee. De bedoeling is dat elke foodblogger die zich aanmeld een ander foodblog toegewezen krijgt. Je kiest een recept uit van het blog en geeft er je eigen twist aan. Ik had deze maand de eer om een gerecht te kiezen van het blog ‘Ellouisa cooking’, en zo ontstond dit gerecht voor Turkse pide.

Ellouisa’s blog gaat al enkele jaren langer mee dan mijn blog en staat vol met heerlijkheden, waaronder veel gerechten uit de Marokkaanse & Turkse keuken. Dat sprak me meteen aan! Ik ben ontzettend fan van beide keukens maar heb er zelf nog niet heel veel ervaring mee. Toen mijn oog viel op de ‘Peynirli Pide’ (letterlijk: kaasbrood) wist ik gelijk dat dit het recept ging worden ter inspiratie voor deze foodblogswap. Ik heb namelijk ruim een jaar geleden, toen ik in Köln was voor het concert van Adele, voor het eerst een pide op en was toen ook erg verrast. Het is vergelijkbaar met pizza, maar dan net weer even anders. En net als pizza kun je het beleggen met wat je maar wilt. Ellouisa maakte dus echte kaasbroodjes (of ook wel kaasbootjes gezien de vorm), die enkel met kaas belegt zijn zoals de naam al zegt en daarnaast meer ‘fingerfood’ was. Ik maakte de pides iets groter en belegde ze met andere toppings, zodat ik ze makkelijk als avondeten kon serveren. Zeker met een frisse salade on the side is dit een perfecte afwisseling voor de avondmaaltijd. Ik ben fan! Volgende keer zou ik ze iets dunner uitrollen, en natuurlijk weer andere toppings kiezen voor de afwisseling, maar het is zeker voor herhaling vatbaar!

Bereidingstijd: ~30 min (+1,5u rijstijd + 15min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 grote pides:

Deeg:

  • 500 gr bloem
  • 1 zakje instantgist
  • 1 tl suiker
  • 1 tl zout
  • 1 tl bakpoeder
  • 4 el olijfolie
  • 250-330 ml lauwwarme melk

Vulling:

  • 1/2 courgette
  • 3 champignons
  • 1 rode ui
  • 1 blikje tonijn
  • 1 bol mozzarella
  • 1 blok feta of turkse kaas
  • 1 eiwit
  • peper
  • optioneel: verse kruiden

Extra:

  • optioneel: sesamzaadjes
  • 2 eidooiers
  • 2 tl melk

Stappenplan:

Meng bloem met gist, bakpoeder, suiker en zout. Voeg de olie toe en meng erdoor.

Dan beetje bij beetje de lauwwarme melk toevoegen tot je een samenhangend deeg hebt.

Kneed 10-15 minuten tot het zacht en soepel is.

Doe het deeg in een licht ingevette kom en dek af met een schone theedoek. Laat een uur rijzen op de warmste plek in huis (dus niet op de tocht of in de garage).

Prak de witte kaas en scheur de mozzarella in kleine blokjes. Meng dit samen met het eiwit en breng op smaak met peper. Zout is overbodig omdat de kaas al zout is. Optioneel kun je nog (verse) kruiden erdoor doen, zoals peterselie of bieslook.

Verdeel dan het gerezen deeg in 4 bollen. Rol elk bolletje uit tot een ovaal en leg er een kwart van de kaasvulling op. Dit kan met de hand of met de deegroller. Probeer het zo dun mogelijk uit te rollen. Het zal later namelijk nog verder rijzen en dus dikker worden. Die van mij waren stiekem net aan de dikke kant, volgende keer zou ik ze dunner maken.

Vouw de uiteinden naar elkaar toe en knijp goed samen. Maak eventueel het deeg licht vochtig op de puntjes waar je ze samenknijpt, dan hechten ze beter. Herhaal dit ook met de andere 3 bollen deeg.

Laat de pides nog een half uur rijzen.

Verwarm intussen ook de oven voor op 200°C en bereid de rest van de toppings.

Ik koos ervoor om de pide te beleggen met courgette, champignon, rode ui en tonijn, omdat ik dit allemaal nog in huis had en het op moest. Je kunt je pide beleggen met wat je maar wilt, eigenlijk net zoals een pizza.

Bestrijk dan de randen met een mengsel van het eigeel en melk. Strooi de sesamzaadjes op de randen.

Bak de pides 10-15 minuten of totdat ze goudbruin zijn. Strooi nog eventueel extra verse kruiden erover.

Smakelijk!

Tomatenrisotto met kabeljauw

Het voordeel van in Geleen wonen is dat er in het centrum op zaterdag altijd markt is. Rijen vol verse groentes en fruit en een aantal kaas-, vlees- en visboeren. Ik kon het dus niet laten een lekker visje te kopen toen ik er afgelopen weekend was. Maar ik moest natuurlijk nog wel iets lekkers bedenken rondom dat visje. Dat is dus dit gerecht geworden. Heerlijke romige tomatenrisotto met een lekker mals visje, een heerlijke combinatie. Ik denk dat ik daar maar eens een gewoonte van ga maken, om s’zaterdags naar de markt te gaan. Want als daar dit soort gerechten uit voortvloeien, dan ben ik (en Pim) heel gelukkig!

Bereidingstijd: ~35min          Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 150-200 gram risottorijst (200 voor grotere eters)
  • 1 witte ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 100 ml witte wijn (optioneel)
  • 3 tomaten (optioneel)
  • 1 blikje tomatenpuree
  • half pakje tomatenfrito
  • 1 bouillonblokje met groentesmaak
  • 75 gram mascarpone of kookroom
  • handjevol verse basilicum
  • handje parmezaanse kaas
  • 2 stukjes kabeljauw
  • viskruiden naar keuze
  • 1 el bloem
  • peper en zout
  • olie

Stappenplan:

Breng 1 liter water aan de kook met het bouillonblokje

Snipper de ui en de knoflook. Verwarm een scheutje olie in een hapjespan en fruit de ui met de knoflook op laag vuur 5-10min glazig.

Snij intussen ook de tomaten in blokjes en doe ze erbij in de pan. Je kunt deze ook weglaten en alleen met de frito en tomatenpuree werken.

Doe de rijst in de pan en roer dit kort door.

Doe de tomatenpuree erbij in de pan en roer dit 2min goed door.

Doe de tomatenfrito in de pan en ook een scheut bouillon, zodat alle rijst net onder staat. Breng dit aan de kook en roer af en toe.

Zodra de rijst om nieuw vocht schreeuwt, doe je nieuw bouillonwater erbij, net weer totdat de rijst net onder staat. Roer af en toe door. Dit herhaal je totdat de rijst gaar is. De rijst is gaar als de korrel zacht is, maar van binnen nog net een bite heeft, dit duurt ongeveer 20min.

Dep intussen de kabeljauw droog met keukenpapier. Breng op smaak met peper en zout en viskruiden naar keuze en strooi er de bloem overheen.

Verhit wat olie in een koekenpan en bak de kabeljauw op medium vuur gaar. Draai hem na 2-3min om, draai dan ook het vuur laag. De vis is gaar als hij net niet meer doorzichtig is. Bak hem zeker niet te lang, want dan wordt hij droog en valt hij helemaal uit elkaar waarschijnlijk. Hij zal sowieso op je bord nog ietsje nagaren.

Zodra de risottorijst gaar is, doe je de marcarpone of room erbij en breng je het verder op smaak met peper en eventueel zout.

Verdeel de tomatenrisotto over de borden, strooi er verse basilicum & parmezaanse kaas overheen en leg de vis over de risotto. Op de foto’s zie je maar 1 blaadje basilicum, maar naderhand heb ik er nog veel meer bij gedaan en dat bleek zeker onmisbaar, dus ben niet te zuinig met de basilicum!

Smakelijk!

Tex Mex loaded potatoes met guacamole dressing

Als je me volgt op facebook of instagram wist je al dat ik weer uitgedaagd was voor een nieuwe bloginsiders challenge. De challenge werd deze keer gezet door Francesca Kookt en Santa Maria. Ik kreeg een hele doos vol producten van Santa Maria en kreeg de opdrachten hier verrassende TexMex gerechten mee te bedenken. TexMex is de Texaans-Mexicaanse keuken, welke veel overeenkomsten heeft met de Mexicaanse keuken, maar er zitten toch een paar nuance verschillen in. Mijn creatief brein heeft overuren gedraaid de afgelopen dagen, zoveel ideetjes had ik voor deze challenge. Ik wilde namelijk ECHT verrassen en laten zien hoe creatief je kan zijn met kant- en klare producten zoals deze.

Eerder al maakte ik deze crispy uienringen, waarbij ik een mix voor crispy chicken gebruikte als paneermeel voor de uienringen. Bij dit recept bijvoorbeeld is het natuurlijk voor de hand liggend om guacamole dip van de guacamole kruiden te maken en de taco’s te vullen met vlees of vis, maar je kunt het ook op hele andere manieren gebruiken. Zo maakte ik een guacamole dressing in plaats van dip en gebruikte ik de taco’s als crunchy topping in plaats van als hoofd-koolhydraat. Samen met een altijd heerlijke gepofte zoete aardappel en de tex/mex-inspired salsa is dit een match made in heaven! Ik serveerde deze loaded potatoes met deze ranch chickenspiesjes & maispuree.

Over de foto’s ben ik niet 100% tevreden, ik was zo druk met mijn 3-gangen diner dat ik nog helemaal niet over styling had nagedacht en ik wilde mijn gasten nou ook weer geen koude aardappels voorzetten. Maar de smaak is goed, en verrassend, en dat is het allerbelangrijkste! Geeft mij des te meer reden om dit feestje nog eens over te doen zodat ik betere foto’s kan maken!

Bereidingstijd: ~20min (exclusief tot 60min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 4 grote zoete aardappels (of 8 kleine)
  • 2 tomaten
  • 1 rode of witte ui
  • 1 bosje koriander
  • 2 bosui
  • 1 jalapeno of rode peper
  • 2 el strooikaas
  • 1 avocado
  • 1 zakje guacamole mix van Santa Maria
  • half potje sour cream
  • taco’s of tortillachips
  • olie
  • peper en zout

Andere benodigdheden:

  • aluminiumfolie
  • keukenmachine (optioneel)

Stappenplan:

Verwarm de oven op 180°C.

Was de zoete aardappels. Prik er met een vork gaatjes in en wrijf ze in met een dun laagje olie. Verpak ze losjes in aluminiumfolie, allemaal apart verpakt. Zorg wel dat het aluminiumpakketje goed dicht zit, maar doe het dus niet te strak om de aardappel heen.

Doe de pakketjes in de oven om de aardappelen te poffen. Dit duurt ongeveer 40-60 min, afhankelijk van de grootte van de aardappels.

Snij de tomaten in 4 stukken en haal het binnenste, sappige eruit. Snij wat overblijft daarna in kleine blokjes. Snipper de ui en doe dit bij de tomaat.

Snij ook de jalapeno of rode peper fijn en doe dit erbij. Hoeveel je er precies bij doet is naar smaak, houdt je niet van pittig, doe dan een halve peper of laat het helemaal weg.

Doe ook de koriander grofgehakt erbij, als ook de strooikaas. Breng op smaak met peper en zout.

Snij de bosui in dunne ringetjes.

Haal het vlees uit de avocado en doe in een kom of keukenmachine. Prak of maal fijn, doe er de guacamole mix doorheen en ook wat van de zure room (hoeveelheid naar smaak). Leng verder aan met water zodat er meer een dressing ontstaat in plaats van een dip. Qua dikte moet het ongeveer zoals yoghurt zijn of dunner. Breng op smaak met peper en zout. Doe dit in een spuitzak, of als je die niet hebt kun je ook een zipperbag gebruiken waar je alleen het puntje vanaf knipt.

Zodra de zoete aardappels klaar zijn haal je ze uit de aluminiumfolie en snij je ze doormidden zodat ze aan de onderkant wel nog aan elkaar zitten.

Doe er een flinke lepel tomatensalsa overheen. Spuit de guacamoledressing eroverheen. Strooi de bosui erover en verkruimel de taco’s over de aardappels voor een crunch-effect.

Smakelijk!

Ranch chicken spiesjes met chimichurri & maispuree

Als je me volgt op facebook of instagram wist je al dat ik weer uitgedaagd was voor een nieuwe bloginsiders challenge. De challenge werd deze keer gezet door Francesca Kookt en Santa Maria. Ik kreeg een hele doos vol producten van Santa Maria en kreeg de opdrachten hier verrassende TexMex gerechten mee te bedenken. TexMex is de Texaans-Mexicaanse keuken, welke veel overeenkomsten heeft met de Mexicaanse keuken, maar er zitten toch een paar nuance verschillen in. Mijn creatief brein heeft overuren gedraaid de afgelopen dagen, zoveel ideetjes had ik voor deze challenge. Ik wilde namelijk ECHT verrassen en laten zien hoe creatief je kan zijn met kant- en klare producten zoals deze.

Eerder al maakte ik deze crispy uienringen, waarbij ik een mix voor crispy chicken gebruikte als paneermeel voor de uienringen. Bij dit recept bijvoorbeeld is het natuurlijk voor de hand liggend om ranch kruiden te gebruiken voor een ranchdipsaus en de enchilada kruiden voor het maken van enchiladas, maar je kunt het ook op hele andere manieren gebruiken. Zo maakte ik een kipmarinade van de ranchkruiden en gebruikte ik de enchilada kruiden om mijn maispuree extra flavour te geven. Door de ranchmarinade bleef de kip echt ontzettend mals en fris. De chimichurri saus alleenstaand is vrij funky van smaak, maar samen met de frisse kip geeft het een perfecte combi en valt ineens alles op z’n plek! Ik serveerde deze kipspiesjes met deze loaded potatoes met guacamole dressing.

Over de foto’s ben ik niet 100% tevreden, ik was zo druk met mijn 3-gangen diner dat ik nog helemaal niet over styling had nagedacht en ik wilde mijn gasten nou ook weer geen koude kip voorzetten. Maar de smaak is goed, en verrassend, en dat is het allerbelangrijkste! Geeft mij des te meer reden om dit feestje nog eens over te doen zodat ik betere foto’s kan maken!

Bereidingstijd: ~45min (exclusief marinadetijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 4 personen:

Ranch kip:

  • ±600 gram kippendijen
  • 1 zakje ranch mix van Santa Maria
  • 500 ml (griekse) yoghurt of creme fraiche

Chimichurri:

  • 1 bosje koriander
  • 1 bosje peterselie
  • 3 teentjes knoflook
  • 2 bosuien
  • 1 handje strooikaas naar keuze
  • 3 el rodewijn azijn
  • 6 el olijfolie
  • peper en zout

Maispuree:

  • 2-3 maiskolven
  • 100 ml room
  • 25 gram roomboter
  • 1 bouillonblokje
  • specerijen naar keuze

Andere benodigdheden:

  • keukenmachine of blender
  • grilpan
  • sateprikkers

Stappenplan:

Snij de kip in stukjes. Meng in een kom de yoghurt of creme fraiche met de ranch kruiden en doe de kip erbij. Laat dit minstens 1u marineren maar liefst een hele nacht.

Voor de maispuree, breng een pan met water aan de kook en doe het bouillon blokje erbij. Kook de maiskolven gaar in ongeveer 12min. Bewaar wat van het bouillonwater.

Snij de maiskorrels van de kolven af en doe ze in de keukenmachine (of een pan met blender). Doe er de room, specerijen naar keuze (ik gebruikte een half zakje enchilada kruiden van Santa Maria) en een scheut van de bouillon bij (koffiemelkscheutje) en blend zeker 2 min tot een puree. Hoe langer je het in de blender doet, hoe fijner de puree zal worden.

Doe de puree terug in een pan en doe de roomboter erbij. Voeg eventueel nog wat extra room of bouillon erbij als de puree nog te dik is. Wil je echt ‘smooth’ puree, dan kun je hem nog door een zeef halen om alle oneffenheden eruit te halen. Ik heb dat zelf niet gedaan zodat de puree toch ook nog wat structuur heeft. Laat op zacht vuurtje staan totdat je gaat serveren. Blijf wel af en toe roeren zodat hij niet aankoekt aan de bodem.

Meng voor de chimichurri saus alle ingredienten in een keukenmachine en blender tot een pesto-achtige saus.

Rijg de kip aan de prikkers, laat hierbij de ranchmarinade gewoon zoveel mogelijk aan de kip zitten.

Verhit een grilpan en bak de kip in ongeveer 3-4min per kant gaar. Na enkele minuten zul je zien dat de ranch-marinade lichtjes gaat karameliseren en een bruin, krokant laagje begint te vormen.

Serveer de kip met de chimichurri saus en maispuree ernaast.

Smakelijk!

 

Simpele quiche met zalm & groene groentes

Yes, het is weer lente! En bij lenteweer krijg ik altijd zin in eten met veel groene groentjes, gerookte zalm & eieren. Om een of andere reden associeer ik dat echt met de lente. Wellicht komt dat ook omdat pasen in de lente valt, en ik dit ook wel echte ‘paasingrediënten’ vind. Dus, perfect voor pasen volgend weekend. Als lunch, brunch of avondeten.

Natuurlijk kun je ook variëren met andere ingrediënten. Vervang bijvoorbeeld de zalm door kip of chorizo. Of vervang de groentes door prei, venkel, paprika of spinazie bijvoorbeeld. Je kunt ook eventueel de kaas weglaten om de taart gezonder te maken, of als je dat lekker vindt een hele andere kaas gebruiken. Alles kan, alles mag, als het maar lekker is!

Bereidingstijd: ~15min (+30min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor een taart voor 2-3 personen:

  • 4 eieren
  • 100 gram creme fraiche
  • handvol geraspte kaas of parmezaanse kaas
  • kleine broccoli
  • 100 gram erwten
  • 1 rode ui
  • 150-200 gram gerookte zalm (in stukjes gesneden)
  • peper
  • 1 tl dille
  • 1 el sambal
  • 5 plakjes hartig taartdeeg
  • olie of boter om in te vetten

Extra benodigdheden:

  • bakvorm

Stappenplan:

Laat de 5 plakken taartdeeg ontdooien. Verwarm de oven voor op 200°C.

Breng een pan met water en een snuf zout aan de kook.

Snij de broccoli in roosjes en blancheer deze ongeveer 3-4min in de pan met kokend water. Schep de broccoli uit het water en doe direct in een kom met koud water. (Dit heet blancheren; kort koken en dan in koud water afkoelen. Hierdoor blijft de kleur behouden en stopt het garingsproces)

In hetzelfde kookwater blancheer je ook de erwten kort (ongeveer 2min) en doe je ook deze in koud water.

Vet de bakvorm goed in en beleg met de deegvellen zodat er een taartbodem ontstaat. Dit is even een gepuzzel, omdat je met losse vellen deeg werkt. Zorg dat de randjes net ietsje overlappen en druk dit goed aan.

Verdeel de broccoli & erwten over de taartbodem, als ook de zalm.

Schil de rode ui en snij deze in ringen. Doe ook deze bij de taart.

Klop de eieren met de creme fraiche los. Doe sambal, dille, peper en strooikaas naar smaak erbij en verspreid dit ook over de taartbodem.

Bak de quiche in ongeveer 30 min gaar of totdat het ei gestold en goudgeel is.

Smakelijk!

Pulled pork nacho’s met guacamole & tomatensalsa

Nacho’s & pulled pork, need I say more? Nacho’s worden traditioneel natuurlijk met gekruid gehakt gemaakt, of zelfs zonder vlees, en dat is ook heel lekker. Maar ik koos er vandaag toch voor om deze lekkernij eens te combineren met het goddelijkste vlees sinds het populair worden van de foodtrucks: pulled pork. Pulled pork is natuurlijk het allerlekkerst als je het zelf maakt, maar helaas hebben we daar niet altijd tijd voor, zeker niet op een dag als vandaag (woensdag). Ik koos zelf dus stiekem voor kant en klare pulled pork uit de supermarkt. Deze hoeft nog maar 25min in de oven en klaar is kees. Vrijwel net zo mals, maar absoluut niet net zo lekker van smaak. Maar met genoeg saus en ander lekkers valt dat nog te overzien. Heb je dus tijd, maak dat de pulled pork zeker zelf!

Nacho’s zijn natuurlijk niet het allergezondste avondeten, maar je kunt er net zo veel groentes indoen als je zelf lekker vindt. En natuurlijk ook net zoveel tortillachips als je zelf wilt. Neem dus een klein zakje als je iets wilt minderen met de koolhydraten, want ook zonder tortillachips is de rest van de schotel echt heerlijk. Zeker geserveerd met verse, zelfgemaakte guacamole & tomatensalsa, het water begint me weer in de mond te lopen nu ik erover schrijf. Deze schotel kan natuurlijk ook geserveerd worden als voorgerecht in een kleinere portie of als snack bij de filmavond of game-night.

Bereidingstijd: ~40min (+15min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten:

  • 1 zak tortillachips naturel
  • pulled pork (home made of kant en klaar)
  • barbecuesaus naar keuze (ik koos voor Remia Black Jack smokey bbq)
  • 1 of 2 rode paprika’s
  • 1 blikje mais
  • 1 witte ui
  • 2 tomaten
  • 1 rode ui
  • 1 avocado
  • 1 tl sambal
  • 1 el limoensap
  • klein bakje creme fraiche
  • peper en zout
  • strooikaas
  • bosui
  • verse bieslook
  • 1 el olie

Stappenplan:

Bereid de pulled pork zoals in het recept of op de verpakking. Trek de pulled pork met een vork uit elkaar en roer er 4 el barbecuesaus doorheen (iets meer of minder kan ook, dat is natuurlijk afhankelijk van hoeveel pulled pork je hebt).

Verwarm de oven voor op 175°C.

Snij de ui en paprika in blokjes. Verhit een scheutje olie in een koekenpan en bak de ui en paprika aan. Doe ook de mais erbij. Voeg 3 el barbecuesaus toe en roer door elkaar.

Doe de tortillachips onderin een ovenschaal. Verdeel de pulled pork en de groentemix eroverheen en bestrooi met strooikaas.

Doe dit ongeveer 10-15min in de oven of totdat de kaas mooi goudbruin & gesmolten is.

Snij de tomaten in 4 stukken en snij het middelste, sappigste gedeelte weg. Snij wat overblijft in kleine blokjes.

Snij de rode ui in fijne blokjes en doe de helft hiervan bij de tomatenblokjes. Snipper verse bieslook en doe dit ook bij de tomatenblokjes. Breng op smaak met peper & zout en je hebt je snelle tomatensalsa gemaakt.

Halveer de avocado en haal de pit eruit. Haal ook de schil eraf en pureer het vruchtvlees met een vork tot een prakje. Tip: mocht jou avocado nou nog net niet rijp genoeg zijn, kun je de avocado losjes in aluminiumfolie inpakken en 10min op 100°C in de oven doen.

Doe de rest van de rode ui bij de avocado, als ook de limoensap & sambal en breng op smaak met peper en zout. Optioneel kun je ook een geperst teentje knoflook bij de avocadomix doen.

De creme fraiche houdt je lekker simpel zoals ie is en kun je gewoon rechtstreeks in een mooi kommetje doen.

Serveer de nacho’s met de tomatensalsa, guacamole & creme fraiche.

Smakelijk!

Zoete aardappel met paprika, chorizo & creme fraiche

Een variant van dit gerecht kwam ik onlangs tegen via Delicious Magazine en ik ging gelijk watertanden. Reden genoeg dus om zelf ook dit gerecht op tafel te toveren. Maar ik zou geen foodie zijn als ik het niet allemaal net eventjes iets anders zou willen doen. Dus bij deze presenteer ik jullie mijn versie. Ik ben ontzettend fan van gepofte zoete aardappel. Zoete aardappel in het algemeen is echt fantastisch, en bijkomend voordeel is ook nog eens dat het een groente is, terwijl ik het meestal als ‘aardappelgerecht’ gebruik (zoete aardappelfrietjes, gepofte zoete aardappel etc). Dus in plaats van aardappel, groente & vlees eet je dan groente, groente & vlees. Perfect toch?

Bereidingstijd: ~15 min  (+60min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 personen:

  • 4 kleinere zoete aardappels of 2 grote
  • 1 paprika, zaadlijsten verwijderd
  • 125 gram chorizo
  • 1 kleine rode ui
  • 2 bosui
  • 3 tenen knoflook
  • 100 gram creme fraiche
  • 1 el citroensap
  • verse kruiden (bv. peterselie, bieslook)
  • (gerookte) paprikapoeder
  • 2 el olie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Was de zoete aardappels goed. Prik er met een vork gaatjes in en wrijf ze lichtjes in met olie. Pak ze apart in in aluminiumfolie maar zorg dat de folie niet heel strak eromheen zit. De aardappels moeten kunnen ademen. Pak ook de knoflookteentjes in in aluminiumfolie.

Doe de aardappels en de knoflookteentjes in de oven om te poffen. Afhankelijk van de grootte van je aardappels duurt dit 45-60min.

Snij intussen de paprika & chorizo in reepjes. Hak ook de ui & bosui fijn.

Doe de citroensap en verse kruiden (fijngehakt) bij de creme fraiche en meng door elkaar.

Zodra de knoflook gepoft is (na 30min in de oven), haal je deze uit de oven en laat je hem 3min afkoelen. Druk dan de pulp uit de vliesjes en doe dit ook bij de creme fraiche. Top de creme fraiche af met wat paprikapoeder.

Bak de chorizo & paprika in een pan totdat de chorizo lichtkrokant is.

Of de aardappels gaar zijn kun je checken door met een vork erin te prikken. De vork moet er zo doorheen glijden. Zodra ze dit stadium hebben bereikt haal je ze uit de oven en pak je ze uit de folie.

Snij ze net niet helemaal doormidden en bestrooi met de paprika, chorizo, rode ui & bosui. Serveer met de creme fraiche erbij.

Smakelijk!

Varkenshaas met champignonsaus

Toen ik nog bij mijn ouders woonde was zondagmiddag altijd uitgebreid warm lunchen. Vaak kregen we dan een varkenshaasje met champignonsaus geserveerd. Het is voor mij dus echt een zondags gerecht. Pim en ik zijn dol op champignons, toch maak ik niet zo heel vaak champignonsaus. Stom eigenlijk, want het is best simpel, zo klaar en echt zooooooo lekker! Zeker met een perfect gegaard varkenshaasje is het echt smullen geblazen. En omdat het zo klaar is, is het niet eens perse een zondags gerecht, maar kan het elke dag feest zijn. Snel maken dus, deze varkenshaas met champignonsaus!

Met wat eet jij je varkenshaasje het liefst?

Bereidingstijd: ~30 min    Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2-3 personen:

  • varkenshaasje van 300-400 gram
  • 1 sjalot
  • 1 teen knoflook
  • 1 bakje champignons
  • 2 el Worcestershire saus
  • 150ml bouillon
  • 150ml kookroom
  • peper & zout
  • 1 el bloem
  • 50 gram boter
  • scheutje olie
  • verse peterselie (optioneel)

Verdere benodigdheden:

  • vleesthermometer (optioneel, maar wel erg handig!)
  • ovenschaal

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 170°C.

Schil de sjalot & knoflook en snipper fijn. Maak de champignons schoon en snij in schijfjes.

Verhit wat olie in een pan. Dep intussen de varkenshaas droog met wat keukenpapier en strooi er peper & zout op. Zodra de olie heet is bak je de varkenshaas kort aan aan elke kant zodat hij dichtgeschroeid is en een lichtbruin korstje heeft.

Doe de varkenshaas in een ovenschaal en in de oven.

Doe de boter in de pan waar de varkenshaas in gebakken is. Zodra de boter gesmolten is doe je de sjalot & knoflook erbij en fruit je deze een aantal minuten. Doe dit op middellaag vuur zodat het niet te bruin wordt.

Doe de champignons erbij en bak deze 3min mee.

Doe 1 el bloem in de pan erbij en bak dit 2min mee. Voeg de worchestershire saus erbij als ook de kookroom en bouillon. Roer dit goed door elkaar en breng langzaam aan de kook. Zorg dat je vuur lager staat zodra het kookt, anders kan het te ver inkoken. Laat de saus inkoken tot de gewenste dikte, dit duurt enkele minuutjes. Breng op smaak met zwarte peper. Optioneel kun je er verse kruiden zoals peterselie doorheen doen, doe dit wel pas echt vlak voor het serveren.

De varkenshaas moet een kerntemperatuur van 62°C hebben, dan is hij perfect gaar. Hij is dan nog heel lichtjes rose van binnen. Dit duurt ongeveer 15min in de oven, maar is natuurlijk per oven verschillend. Daarom raadt ik een vleesthermometer aan, deze zijn niet heel duur. Digitale meters zijn het nauwkeurigst en zijn al verkrijgbaar vanaf een paar euro.

Zodra de varkenshaas gaar is haal je hem uit de oven en laat je hem een paar minuten rusten. Snij in de gewenste stukken en overgiet met de champignonsaus.

Lekker met boontjes en een aardappelgerecht.

Smakelijk!

Kiprollade met bloemkoolpuree & jus

Wie af en toe eens zonder al te veel koolhydraten wil koken, zou dit gerecht eens moeten proberen. In plaats van aardappelpuree maakte ik bloemkoolpuree, die door de structuur van de bloemkool veel luchtiger en lichter is dan aardappelpuree. De kip heb ik opgepimpt door er een rollade van te maken en te vullen met een pesto van walnoten, spinazie & parmezaanse kaas. Weer eens wat anders dan een saai stukje kip in een wokgerecht. Door toevoeging van de champignons en jus wordt het een lekker ‘aards’ gerecht, wat perfect is voor deze regenachtige dagen.

Bereidingstijd: ~30 min  (+18min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2 personen:

  • 1 kleine bloemkool
  • 1 bakje champignons
  • klein bakje creme fraiche of kookroom
  • 2 kipfilets
  • 25 gram walnoten
  • 25 gram parmezaanse kaas
  • 50 gram spinazie (diepvries of vers, kan allebei)
  • 1 sjalot
  • 1 teen knoflook
  • snuf nootmuskaat
  • klontje boter
  • 1 el bloem
  • 1 blokje kippenbouillon
  • peper & zout
  • olie

Extra benodigdheden:

  • keukenmachine
  • huishoudfolie
  • deegroller of vleeshamer
  • bindtouw of prikkers
  • kernthermometer (optioneel)

Stappenplan:

Snipper de sjallot & knoflook grof. Fruit dit kort aan in een scheutje olie. Bak ook de spinazie mee zodat hij slinkt (of ontdooid, in geval van diepvriesspinazie).

Doe de spinazie in de keukenmachine met de parmezaanse kaas, de walnoten en peper & zout en maal fijn tot een pesto-achtige structuur.

Doe de kipfilet tussen 2 vellen huishoudfolie en sla dit zo fijn mogelijk met de vleeshamer of deegroller, tot ongeveer 4mm dikte.

Strijk wat van de pesto op de kipfilet, maar niet te dicht bij de randjes. Rol de kipfilet op en bind vast met bindtouw of gebruik prikkers om de kip op z’n plaats te houden. Bindtouw werkt beter dan prikkers, dus dat heeft zeker de voorkeur. Indien je bindtouw gebruikt, rol dan de kip nog even strak op in huishoudfolie en leg terug in de koelkast om op te stijven (of kort in de vriezer).

Breng water aan de kook in een grote pan en doe er wat zout bij. Snij de bloemkool in grove roosjes, de stronk kun je ook gewoon gebruiken. Kook de bloemkool in het water totdat hij gaar is. Giet dan het water af en laat 3min in de pan staan met de deksel erop.

Maak de champignons schoon en snij in schijfjes. Verwarm ook de oven voor op 180°C.

Verhit een koekenpan met een scheut olie. Breng de kiprollades op smaak met peper en zout. Als de pan goed heet is bak je de kipfilet ongeveer 30-60 seconden per kant aan totdat hij helemaal rondom een lekker goudbruin kleurtje gekregen heeft. Leg de kip dan in een ovenschaaltje en doe dit nog ongeveer 18min in de oven. Let op: de exacte tijd is afhankelijk van je oven en van de dikte van je kip. Het kan dus zijn dat jou kip langer of korter nodig heeft. Om zeker te weten dat de kip gaar is kun je een kernthermometer gebruiken. De kip moet ongeveer 70-72°C zijn binnenin, dan is hij mooi gaar. Heb je geen kernthermometer, dan zul je hem toch moeten doorsnijden om zeker te weten dat ie gaar is.

Doe het klontje boter in de koekenpan waar de kip in gebakken is. Haal met een pollepel de aangekoekte kiprestjes weg, dit geeft extra smaak aan je jus. Zodra de boter gesmolten is doe je er 1 el bloem bij. Roer door elkaar. Voeg dan het blokje kippenbouillon toe en ongeveer 200ml water. Roer nogmaals goed door elkaar en laat iets inkoken. Mocht je saus te dun zijn, laat hem dan langer inkoken. Mocht hij te dik worden, kun je altijd wat extra water toevoegen. Breng op smaak met peper.

Doe de bloemkool in de keukenmachine met de creme fraiche of room en breng op smaak met peper & zout en een snuf nootmuskaat. Ik gebruikte zelf creme fraiche omdat ik die nog in huis had maar het kan ook prima met kookroom of zelfs roomkaas of mascarpone bijvoorbeeld. Maal de bloemkool fijn totdat er een puree ontstaat. Mogelijk moet je dit in 2x doen, als je net als ik maar een klein keukenmachientje hebt. Doe de puree weer terug in de pan voor later gebruik en houdt het op laag vuurtje warm. Proef even of de smaak goed is.

Verhit een koekenpan met een heel klein scheutje olie. Zodra de pan loeiendheet is doe je de champignons erbij en sauteer je deze ongeveer 3min. Sauteren is het op hete temperatuur bakken zonder al te veel olie. De champignons zullen dan een lekker gouden randje krijgen. Schep ze af en toe om. Breng op smaak met peper & zout.

Als de kip gaar is haal je hem uit de oven en laat je hem kort rusten, ongeveer 5min. Eventueel kun je hem in zilverfolie inpakken om warm te houden. Je kunt deze tijd ook gebruiken om het bindtouw weg te snijden, indien je dit gebruikt hebt.

Serveer dit gerecht door een goede lepel bloemkoolpuree in het midden van het bord te leggen. Strooi hier de champignons rondom. Snij de kiprollade in schuine stukken en leg dit op de puree. Serveer de jus los in een kannetje als je die hebt.

Smakelijk!

Courgette salade met burrata

Na al die vette hap tijdens de carnaval is het weer tijd om even wat gezonders op tafel te zetten. Ik neig dan altijd snel naar een salade, maar een simpele salade is ook niet perse spannend, zeker nu de zon nog verstoppertje speelt. Ik koos er daarom voor om de standaard salade even aan de kant te zetten en deze courgette-salade op tafel te toveren. Met burrata, want dat is echt verrukkelijk! Burrata is een verse kaas gemaakt van mozzarella & room. Het lijkt heel erg op mozzarella, maar is van binnen nog romiger, en daarom nog net iets lekkerder. Je kunt hem tegenwoordig ook gewoon in de supermarkt kopen, maar vers van de kaasboer is hij toch het allerlekkerst.

In plaats van sla koos ik voor courgette, die ik in dunne slierten sneed en lichtjes grilde. Je kunt courgette ook prima rauw eten, dus het grillen is een kwestie van smaak. Ik vind zelf grillen lekkerder, maar dat is ieder voor zich. Als je de courgette grilt, dan kost dit gerecht al amper tijd om te maken. Als je de courgette rauw laat, ben je nog sneller klaar. En supersimpel, kind kan de was doen. Uiteraard kun je zelf variëren met wat je allemaal nog meer in de salade doet, je kunt bijvoorbeeld ook de pijnboompitten vervangen door andere pitten of noten. En mocht je nou geen burrata kunnen vinden in jou lokale supermarkt, dan kun je ook gewone mozzarella gebruiken. Kies dan wel voor de echte buffelmozzarella van de versafdeling want die is toch echt net wat lekkerder dan de niet-verse kaasjes. Dit gerechtje was voor ons voldoende voor 4 personen, mocht je nou grote eters hebben, serveer dan een soepje vooraf; deze pompoensoep bijvoorbeeld, om nog wat extra vitamientjes binnen te krijgen.

Bereidingstijd: ~20 min  (+10min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 personen:

  • 2 courgettes
  • 1 (of 2) bol burrata
  • 1 rode ui
  • 3 el pijnboompitten
  • 1 ciabatta afbakbrood
  • 1 bakje romaatjes
  • basilicumolie
  • peper & zout
  • (olijf)olie (ik gebruikte zelf Bertolli spray)
  • (rodekool-) kiemgroenten

Andere benodigdheden:

  • grilpan
  • mandoline (optioneel)

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200 °C.

Scheur de ciabatta in stukken en doe op een bakplaat. Besprenkel of bespray met olie en hussel door elkaar zodat er overal wat olie zit. Je kunt ook een olie met een smaakje gebruiken hiervoor, ik gebruikte een neutralere olie.

Bak in de oven af voor 10 min of totdat de stukken goudbruin en krokant zijn. Haal dan uit de oven en laat afkoelen.

Snij de kop en kontje van de courgettes en schaaf ze in flinterdunne repen met de mandaline. Indien je geen mandaline hebt kun je ook een kaasschaaf gebruiken of gewoon voorzichtig met een mes.

Verhit een grilpan & een koekenpan.

Snij ook de rode ui fijn met de mandaline en snij de romaatjes in kwartjes.

Doe de pijnboompitjes in de koekenpan en bak ze in enkele minuten goudbruin. Schud tussendoor met de pan. Laat afkoelen op een keukenpapiertje.

Doe de courgette in de hete grilpan. Het zal een grote berg courgette zijn voor 1 grilpan maar dat is niet erg. Het is niet nodig dat elk reepje apart helemaal gegrild wordt. Laat 1min grillen en gebruik dan een tang om het geheel om te draaien zodat andere stukken de grilpan raken. Gril enkele minuten aan enkele zijdes. Zoals ik al zei, het is niet nodig dat elk reepje helemaal gegrild wordt. Courgette kun je prima rauw eten, op deze manier gril je een gedeelte en laat je een ander gedeelte relatief rauw.

Verspreid de courgette op een groot bord of kom. Strooi de romaatjes en rode ui eroverheen en leg de burrata in het midden. Besprenkel het geheel met basilicumolie en peper & zout.

Strooi ook de pijnboompitten over de salade en verspreid de ciabatta-croutons eroverheen. Doe als laatste wat kiemgroenten over de salade.

Smakelijk!

Mini-pizza’s in 3 smaken

Dit is perfect voor wie net als ik altijd keuzestress heeft! In plaats van 1 grote pizza; 3 kleine pizzaatjes. Dan kun je 3x een andere smaak kiezen! Je kunt eindeloos varieren met je pizza-toppings; ik koos vandaag voor mozzarella-proscuitto, ham-ananas & kip-guacamole. Alledrie heerlijk, maar ik was vooral erg onder de indruk van de kip-guacamole pizza! Heerlijk malse kip met smeuiige guacamole, nom! En natuurlijk de zelfgemaakte bodem; flinterdun en lekker krokant! En dat voor iemand die eigenlijk niet eens zoveel van pizza houdt.. Welke toppings vind jij het lekkerst?

Bereidingstijd: ~35 min  (+1u rijstijd + 20min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 6 pizzabodems & tomatensaus:

  • 250 gram bloem + extra
  • 1 zakje gist
  • 150 gram lauw water (ongeveer lichaamstemperatuur)
  • snuf zout
  • 2 el olie
  • 1 blik tomatenblokjes
  • 1 blikje tomatenpuree
  • 1 teen knoflook
  • 1 tl tijm
  • 1 tl oregano

Ingrediënten mozzarella-proscuitto pizza:

  • half pakje proscuitto ham
  • 1 bol mozzarella
  • roma-tomaatjes
  • rucola

Ingrediënten kip-guacamole pizza:

  • avocado
  • halve rode peper
  • kleine rode ui
  • scheutje limoensap
  • peper en zout
  • 1 kipfilet, in blokjes gesneden
  • kipkruiden naar keuze
  • 1 rode paprika
  • geraspte kaas

Ingrediënten ham-ananas pizza:

  • ananas blokjes
  • half pakje proscuitto
  • geraspte kaas

Extra benodigdheden:

  • keukenmachine met deeghaken (optioneel)
  • deegroller

Stappenplan:

Meng de bloem met een snuf zout in de kom van je keukenmachine. Meng in een glaasje het water met de gist en roer dit kort door elkaar. Maak een kuiltje in de bloem en giet het gistwater hierin. Zet de keukenmachine op lage stand aan en wacht totdat het meeste bloem is opgenomen. Giet dan de olijfolie erbij en zet hem op middelmatige stand en laat nog kort doorkneden totdat er een mooi, niet plakkerig deeg ontstaat. Indien je deeg wel plakkerig is, dan voeg je beetje bij beetje extra bloem toe totdat het goed is. Indien je deeg niet soepel is, dan kun je wat extra water of olie toevoegen zodat hij wat soepeler wordt.

Vouw het deeg netjes tot een bol en leg in een schone kom. Bedek de kom met een vochtige theedoek en zet hem op een warme plek in je huis (bij de verwarming bijvoorbeeld, zolang hij maar niet op de tocht staat). Laat het deeg minstens 1u rijzen.

Intussen kun je al de tomatensaus maken. Bak 1 teentje knoflook en de tomatenpuree in een beetje olie in een pannetje. Doe de tomatenblokjes erbij en ook de tijm en oregano. Breng aan de kook en draai dan het vuur zachtjes. Laat 5min doorkoken onder af en toe roeren. Optioneel kun je de saus nog pureren om hem gladder te maken, maar ik had hem lekker grof gehouden.

Verwarm de oven voor op 200°C.

Verdeel het deeg in 6 stukken. Strooi een beetje bloem op je aanrecht en rol 1 bolletje deeg uit tot ongeveer 3mm dikte. Verdeel 1/6e van de tomatensaus over de pizzabodem. Herhaal dit voor de andere 5 deegbolletjes.

Mozzarella-proscuitto pizza: Verdeel romaatjes over de pizza en doe hem in de oven. De mozzarella, proscuitto & rucola doe je pas op de pizza als hij uit de oven komt.

Kip-guacamole pizza: Bestrooi de kipblokjes met kipkruiden naar keuze en bak ze heel kort aan in een pan met een scheutje olie. Ze hoeven niet door en door gaar te zijn want ze garen nog na in de oven. Verdeel de kip, paprika, overgebleven rode ui & wat strooikaas over de pizza. Doe hem in de oven. Maak intussen ook de guacamole voor de kip-guacamole pizza. Schil hiervoor de avocado en haal de pit eruit. Prak de avocado met een vork. Snipper een halve rode ui en halve rode peper en doe dit met de limoensap en peper en zout bij de avocado. Meng door elkaar en klaar is je guacamole.

Ham-ananas pizza: Verdeel de ananas blokjes en hamplakjes over de pizza en bestrooi met wat kaas.

Bak de pizza’s af in de oven voor 20 minuten of totdat de randjes goudbruin zijn.

Beleg de mozzarella-proscuitto pizza met mozzarella, proscuitto & rucola. Beleg de kip-guacamole pizza met wat guacamole.

Smakelijk!

Spicy gehaktballen, pompoen & couscous met kruidenyoghurt

Wat mij betreft een perfecte maaltijd voor een simpele doordeweekse avond. Een beetje spicy door het gebruik van de harissa; een condiment uit Noord-Afrika dat onder meer gemaakt is van pepers, knoflook en komijn. Het heeft een beetje weg van sambal en kan dus perfect als smaakversterker gebruikt worden in allerlei gerechten zoals soepen, sauzen en dipjes. Ik heb hem in dit gerecht zelfs op 3 plekken gebruikt; de pompoen, gehaktballen en couscous kregen allemaal een vleugje harissa, waardoor het een samenhangend geheel werd. De kruidenyoghurt dient in dit geval als tegenhanger van het pittige. Mocht je nou eters hebben die niet van spicy houden of als bijvoorbeeld de kids mee-eten, gebruik dan iets minder harissa.

Bereidingstijd: ~45 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 500gr rundergehakt
  • 1 ei
  • 1 potje harissa (gewoon verkrijgbaar in de supermarkt, merk Al’Fez)
  • 1 witte ui
  • 2 tenen knoflook
  • 1 rode peper (optioneel)
  • 1 pompoen
  • olie
  • 1 rode ui
  • 300 gram couscous
  • 1 bouillonblokje (smaak naar keuze)
  • 1 klein pak magere yoghurt of griekse yoghurt
  • verse munt
  • verse peterselie
  • peper en zout

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 185°C.

Snij de pompoen door de helft en verwijder de zaden. Snij hem dan in partjes of blokjes en verspreid over een ovenschaal. Snij ook de rode ui in partjes en doe dit erbij. Meng in een kommetje 1 el harissa met 2 el olijfolie en roer kort door elkaar. Giet dit over de pompoen en hussel door elkaar zodat overal wat harissa-olie zit. Strooi wat zout erover en doe in de oven voor ongeveer 30-40 min of totdat de pompoen zacht is. Je kunt ervoor kiezen de pompoen te schillen als je dat fijner vindt, maar pompoenschil is gewoon prima eetbaar en daar zitten de meeste vitamientjes dus ik raad vooral aan om hem te laten zitten.

Meng in een kom het gehakt met de witte ui (gesnipperd), 1 el harissa pasta, 1 rode peper (fijngesneden), een handvol verse peterselie (fijngesneden) en een ei. Kneed dit goed door elkaar zodat alles goed gemengd is. Doe er eventueel ook wat zout door. Rol gehaktballetjes van het gehakt, ongeveer zo groot als een golfballetje. Zo zul je er 3-4 per persoon kunnen rollen. Je kunt ervoor kiezen ze op een spies te rijgen zoals ik deed, maar dit is niet perse nodig.

Hak 1 flinke hand peterselie en 1 flinke hand verse munt fijn en voeg dit bij de yoghurt. Naar smaak kun je natuurlijk meer of minder doen. Pers 2 teentjes knoflook uit en doe ook dit door de yoghurt. Breng op smaak met peper en zout en doe er als laatste een scheutje olijfolie overheen. Je kunt natuurlijk ook andere kruiden gebruiken als je dat lekker vindt.

Zet intussen een (gril)pan op het vuur om heet te worden.

Kook ook de juiste hoeveelheid water voor de couscous (lees even op de verpakking hoeveel dit precies is, bij mij was dit 1 op 1 met de couscous). Doe het bouillonblokje en een eetlepel harissa bij het hete water en roer door elkaar. Voeg de couscous toe en bedek met een bord of deksel. Laat dit 10 minuten wellen.

Bak intussen ook de gehaktballen gaar, eerst op hoog vuur zodat je een mooi bruine korstje krijgt, daarna wat lager zodat de ballen nog verder kunnen garen.

Als de couscous klaar is haal je hem los met een vork, zodat hij mooi ‘fluffy’ wordt.

Serveer de couscous met de gehaktballen & geroosterde pompoen en gebruikt de kruiden-yoghurt als saus om de hitte een beetje te dempen.

Smakelijk!

Homemade gnocchi met spekjes & groentes

De basis voor dit recept kreeg ik onlangs toegestuurd door Floortje Peperkamp. Uiteraard zou ik geen eigenwijze foodblogger zijn als ik het recept niet naar eigen hand zou draaien (sorry Floortje). Gnocchi (spreek uit: ‘njokkie’) is een Italiaanse pastasoort die (meestal) gemaakt wordt van aardappel. Ik ben niet opgegroeid met gnocchi, en wist tot een paar jaar geleden ook niet van het bestaan af. Onlangs kwam ik erachter dat dit komt doordat mijn moeder niet zo’n fan is van de aardappelkussentjes. Ieder zijn ding natuurlijk, maar ik (en Pim ook) was verkocht bij het proeven van dit fluffy goedje.

Ook zou ik geen foodblogger zijn als ik niet eerst zelf zou proberen de gnocchi te maken. Zo moeilijk bleek dit niet te zijn namelijk! Maar mocht je nou niet zo’n experimentele koker zijn, of simpelweg geen zin of tijd hebben, dan kun je natuurlijk stiekem ook kant en klare gnocchi gebruiken. Dit recept serveert de gnocchi met groentes, spekjes en een roomsausje maar je kunt elk type pastasaus, groente en vlees/vis erbij serveren wat jij maar lekker vindt.

Bereidingstijd: ~30 min (+20min kooktijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor 2-3 personen:

  • 500 gram kruimige aardappel
  • 200 gram bloem
  • 1 ei
  • 2 witte uien
  • 1 courgette
  • bakje kastanjechampignons
  • bakje spekreepjes
  • bakje Boursin Cuisine
  • italiaanse kruiden
  • verse basilicum
  • peper en zout

Stappenplan:

Schil de aardappels en kook ze in ongeveer 20min gaar in voldoende water met een snuf zout. Ze zijn gaar als je er makkelijk met een vork doorheen prikt.

Giet de aardappels af en prak ze fijn. Idealiter doe je dit met een pureeknijper, voor de luchtigste gnocchi. Maar als je die niet hebt kun je het ook met een stamper doen. Laat dit ietsje afkoelen.

Klop het ei los in een kommetje en giet dit bij de aardappel. Roer direct door indien je aardappels nog wat warm zijn zodat het ei niet gaat stollen. Meng ook beetje bij beetje 150 gram van het bloem erbij en meng door elkaar. Er zal langzaam een deeg ontstaan.

Strooi wat bloem op je aanrecht en doe hier het aardappelmengsel op. Kneed met je handen kort door zodat er een soepel deeg ontstaat. Mocht het deeg nog te plakkerig zijn, voeg dan wat extra bloem toe. Het deeg moet net niet meer plakkerig zijn. Ik had zelf net iets meer dan 500 gram aardappel dus ik heb nog extra bloem toegevoegd.

Snij het deeg in 4 stukken en rol elk stuk uit tot een ‘worst’ van ongeveer 1cm dikte. Snij de worst in stukjes van 2cm zodat je kleine kussentjes van ongeveer 1 bij 2 cm krijgt. Zodra je de gnocchi gaat koken zullen ze nog wat uitzetten, dus ik zou ze zeker niet groter maken dan de aangegeven maten.

Druk met een vork lichtjes op de gnocchi zodat er een kartelrandje ontstaat aan 1 kant. Leg ze op een bord waar een beetje bloem op zit zodat ze niet gaan plakken. Herhaal dit totdat al het deeg in stukjes is.

Intussen kun je vast de spekjes uitbakken in een koekenpan. Hoe krokant je ze bakt, is maar net wat je lekker vindt. Ik heb ze zelf het liefst lekker krokant. Laat ze uitlekken op een vel keukenpapier. Laat het losgekomen vet zoveel mogelijk in de pan zitten, dit kun je later gebruiken om je groentes in te bakken.

Zet ook alvast een pan op het vuur met water en een snuf zout, waar je later de gnocchi in kan koken.

Snij intussen ook alvast de courgette in blokjes/reepjes en snipper de ui. Maak de kastanjechampignons schoon en snij ze in partjes.

Verhit het overgebleven spekjesvet opnieuw en fruit hierin de ui. Voeg oom de courgette en champignons toe en bak enkele minuten aan onder af en toe roeren.

Voeg de boursin cuisine toe en roer dit door. Voeg ook, naar smaak, italiaanse kruiden & peper en zout toe. Laat dit op laag vuur verder verwarmen.

Kook intussen de gnocchi. Doe de gnocci voorzichtig beetje bij beetje in de pan met water zodat ze niet aan elkaar gaan plakken. De gnocchi zijn goed als ze boven komen drijven, dit duurt ongeveer 2-3 minuten.

Schep de gnocchi op de borden, schep er wat van de saus overheen en strooi er verse basilicum op.

Smakelijk!

Pulled cola chicken op turks brood

Een tijd geleden maakte ik al pulled pork, die overigens ook echt om te smullen is. Maar wist je al dat je ook pulled chicken kan maken? En wist je ook dat pulled chicken zo klaar is, en niet net als pulled pork uren moet garen?

Ik maakte de pulled chicken met cola. Ik heb voor het eerst van cola kip gehoord toen ik inmiddels 8 jaar geleden in Australie was voor een stage. Mijn Chinese huisgenootje vertelde mij erover en ik verklaarde haar voor gek, want wie gebruikt er nou cola bij het koken?

Inmiddels had ik er al vaker van gehoord en al meerdere watertandende foto’s gezien, maar ik had het nog nooit zelf gemaakt. Dus toen ik besloot pulled chicken te maken besloot ik dan ook gelijk maar een keer een cola kip uit te proberen. Je kunt colakip op meerdere manieren maken, je kunt ook bijvoorbeeld drumsticks in een heerlijk sticky cola-sausje steken, maar de bereiding die ik hier heb gebruikt is ook zeker een aanrader! De kip is heerlijk mals en intens van smaak.

Ik serveerde hem op turks brood voor de afwisseling, maar je kunt de kip ook in een wrap serveren, of in een salade of bijvoorbeeld een nachoschotel. Alles kan..

Bereidingstijd: ~30min          Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 personen:

  • 600-800 gram kippendijen
  • blikje tomatenpuree
  • 300 ml cola (+ voor de zekerheid nog iets extra’s)
  • 1 teen knoflook
  • 1 ui
  • 4 el ketjap manis
  • 2 tl speculaaskruiden
  • 3 tl paprikapoeder
  • 1 rode peper
  • klontje boter
  • turks brood (vers of afbak)
  • coleslaw
  • rucola
  • optioneel: tomaat/komkommer/ui

Extra benodigdheden:

  • pan met deksel (soort pan maakt niet zoveel uit)

Stappenplan:

Indien je afbakbrood hebt, bak het af zoals aangegeven op de verpakking.

Snipper de ui, knoflook en rode peper.

Verhit een klontje boter in een pan of ketel en fruit de ui en knoflook licht aan.

Doe de speculaaskruiden en paprikapoeder erbij en fruit ook dit even aan.

Doe de tomatenpuree en rode peper erbij en fruit ook dit even aan.

Haal de kip uit de verpakking en leg dit in de pan en bak heel kort aan.

Doe de cola en ketjap in de pan erbij en breng aan de kook. Zorg wel dat de kip helemaal onder staat en dus niet boven het vocht uit komt. Mocht dit niet het geval zijn, gebruik dan een andere pan of voeg wat extra cola toe. Draai dan het vuur laag en doe de deksel op de pan.

Laat dit ongeveer 15min pruttelen.

Haal de deksel van de pan en haal de kip eruit. Kijk voor de zekerheid of hij gaar is.

Indien gaar, kun je hem nu met 2 vorken uit elkaar ‘pullen’.

Laat intussen de saus doorkoken zodat hij inkookt en dikker wordt.

Indien de saus dik genoeg is, doe je de kip terug in de pan en roer je deze door de saus. Roer 2 minuutjes door zodat de kip ook weer helemaal warm wordt.

Heb je de saus te dik laten worden, doe er dan nog wat extra cola bij.

Serveer dit op het turks brood met een laagje coleslaw, rucola en optioneel nog extra garnituur zoals een rode ui, komkommer of tomaat.

Smakelijk!

IMG_5265 (2)

Beef Wellington

Samen met vriendinnetje en mede-kookliefhebber Manon ging ik de uitdaging aan om Beef Wellington te maken. Ik had hem zelf al een paar keer eerder gemaakt maar dat was al jaren geleden dus het is altijd even spannend om te zien of hij nog steeds goed lukt. Maar gelukt was het zeker! Ik ben zelf normaliter geen fan van rood vlees, ik weet niet precies waarom, maar ik vind het nou eenmaal niet prettig om vlees te eten dat echt nog als een dier uitziet. En voor mij ziet een biefstuk er van binnen nog teveel uit als een dier en daarom eet ik het niet graag. Maar voor deze beef wellington maak ik graag een uitzondering (Ok, ik zorg wel dat ik het kontje eet, want dat is het minste rood). Doordat je natuurlijk al begint met een stuk bief van goede kwaliteit, is het vlees natuurlijk goed van smaak en lekker mals. Maar uiteraard heeft de manier van bereiden daar ook grote invloed op. En juist deze manier van bereiden zorgt voor een heerlijk mals stukje vlees, dat door de extra ingrediënten een heerlijke & intense smaak krijgt. Lekker zo an sich, maar ook heerlijk met een rode wijnsaus bijvoorbeeld. Uiteraard staat ook deze jongen mooi op tafel tijdens een diner. Serveer bijvoorbeeld met pommes duchesse, of aardappelgratin en boontjes of een salade.

Bereidingstijd: ~ 45min (+1u15 koeltijd + 40min oventijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): ****

Ingredienten voor 4 personen:

  • ~600 gram Ossenhaas (of een ander goed stuk bief)
  • 400 gram kastanjepaddenstoelen
  • 1 zakje gedroogde porcini
  • 1 sjalot
  • 2 teentjes knoflook
  • peterselie
  • 2 el mosterd
  • 2 pakjes parma- of serranoham
  • 1 pakje bladerdeeg (liefst koelvers)
  • peper en zout
  • 1 el olie
  • 1 ei

Extra benodigdheden:

  • vleesthermometer
  • staafmixer met hakmolen
  • huishoudfolie

Stappenplan:

Dep het vlees droog en breng op smaak met peper en zout aan alle kanten.

Verhit een pan met de olie en schroei het vlees aan alle kanten kort dicht zodat er een bruin korstje ontstaat. Haal uit de pan en laat afkoelen. (Gooi de pan niet weg, de vleesrestjes uit de pan zijn goud waard en gebruiken we later weer!)

Was de kastanjechampignons en pel de ui en knoflook. Snij alles grof. Wel intussen ook de porcini in een bakje warm water voor enkele minuten, met zoveel water dat de porcini net onder water staat.

Doe de champignons, ui, knoflook, peterselie en porcini in de hakmolen van de staafmixer en maal fijn. Bewaar het water waar de porcini in geweld heeft.

Neem de pan waar het vlees in gebakken is en doe hier het paddenstoelen mengsel in. Verhit dit op middelhoog vuur voor een minuut of 10-15 onder regelmatig roeren, zodat het grootste deel van het vocht verdampt. Breng op smaak met peper en zout en zet daarna apart tot later.

img_5153-4

Spreid 2 vellen met huishoudfolie op de tafel, zorg dat de iets over elkaar heen liggen.

Leg hier de ham dakpansgewijs op, zodat er een groot vierkant ontstaat (zie foto).

Doe hier de mix met de paddenstoelen op en spreid uit. Smeer intussen het vlees in met de mosterd en leg op de paddenstoelenmix. Rol de ham om het vlees heen tot een pakketje. Doe dit met beleid, het moet zo strak mogelijk eromheen zitten. Gebruik de huishoudfolie om hem zo strak mogelijk te maken door de uiteindes ook zo strak mogelijk dicht te draaien. Zorg dat zoveel mogelijk lucht eruit is uiteraard. Leg dit het liefst minstens 1u in de koeling om op te stijven.

img_5163-9

Spreid het bladerdeeg uit over huishoudfolie of bakpapier. Ik gebruikte koelvers bladerdeeg, dat is 1 groot vel deeg en zit al op bakpapier. Indien je bladerdeegvellen uit de diepvries gebruikt laat je ze eerst ontdooien, je zult er ongeveer 6 nodig hebben. Leg ze daarna dakpansgewijs over elkaar heen en druk de randjes goed aan zodat je 1 grote lap krijgt (haal uiteraard eerst de folie ervanaf).

Verwarm intussen de oven voor op 180°C.

Haal de in-ham-gerolde-beef uit de koelkast en haal de folie ervanaf. Leg dit op het bladerdeeg en vouw er een pakketje van. Doe ook dit weer zo strak mogelijk, maar zorg dat je deeg niet breekt. Druk de randjes goed dicht, er mag geen lucht bij komen.

Mijn vel bladerdeeg was iets te groot dus ik heb er een beetje vanaf gesneden. Hier heb ik een soort vlecht van gedraaid en als extra versiering bovenop het bladerdeegpakketje gedaan. Je kunt natuurlijk elke versiering aanbrengen die je leuk vindt.

img_5165-10

Breek het ei in een schaaltje en klop het los met een vork. Bestrijk het bladerdeeg lichtjes met ei. Leg het pakketje nog 15min in de koeling om het deeg te rusten en bestrijk daarna nogmaals met ei.

Steek de vleesthermometer aan de zijkant in het pakketje, zorg dat de punt van de thermometer ongeveer in het midden van het vlees uitkomt.

Doe de beef wellington in de oven voor ongeveer 40 minuten. Het exacte aantal minuten is afhankelijk van je oven en de grootte van je vlees uiteraard. Indien je de thermometer gebruikt; de kerntemperatuur van je vlees moet ongeveer 52°C zijn. Als je geen thermometer hebt kun je ook zonder doen, maar dan is het wat moeilijker om het exacte resultaat te krijgen, dus dan kan het zijn dat je eindigt met een beef die net iets te rauw of te gaar is. Dat kun je helaas niet aan de buitenkant van het pakketje zien. Daarom adviseer ik toch altijd om een thermometer te gebruiken.

Laat de beef wellington een paar minuten rusten voordat je hem aansnijdt. Hoe langer je hem rust, hoe malser hij zal zijn en hoe minder bloedvocht eruit zal lopen. Max 15min rusten is voldoende. Zoals je ziet op mijn foto ben ik net ietsje te snel geweest met aansnijden waardoor er wat bloed uitliep.

img_5197-16

Serveer met rode wijnsaus en bijvoorbeeld boontjes en pommes duchesse, maar ander garnituur kan uiteraard ook.

Smakelijk!

img_5194-15

Vis tacos met rode kool & avocado-creme

Oke, op de foto staan dan wel geen tacos, maar wraps, maar de titel vis tacos vind ik beter klinken dan vis wraps. Hoe dan ook kun je mij zowat wakker maken voor wraps of tacos, en in plaats van het ‘standaard’ gehakt of kippetje wat we er normaal in stoppen ging ik deze keer voor wraps met vis (Oke, ik loog, je kunt mij niet wakker maken voor dit eten… ik herhaal, je kunt mij NIET wakker maken.. Maar verrekde lekker is het wel!). Wie zei dat rode kool alleen in de stamppot kan? Ook rauw is rode kool heerlijk en zorgt het voor een extra crunchy element, de avocado-creme zorgt weer voor de frisheid. Deze verrukkelijke jongens zijn supersimpel om te maken en ook nog eens zo klaar. Perfect dus ook voor een doordeweekse avond na een dag zwoegen op kantoor.

Wil je liever niet frituren en een variant die wat verantwoorder is waardoor je niet morgen met een schuldgevoel weer in de sportschool staat? Je kunt natuurlijk ook een lekker visje grillen in plaats van kibbeling te frituren en je kunt ook de creme fraiche vervangen door een magere kwark of griekse yoghurt. Wil je helemaal all-out gaan, dan zijn er tegenwoordig ook wraps verkrijgbaar die gemaakt zijn van wortel of rode bietjes.

Bereidingstijd: ~ 20min        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 vis tacos:

  • ca. 300 gram kibbeling of een andere vis naar keuze
  • 4 (meergranen) wraps (je kunt ook harde taco-schelpen nemen als je die liever hebt)
  • halve komkommer
  • 1 kleine witte ui
  • 1 avocado
  • 1 klein bakje creme fraiche
  • 1 limoen
  • halve rode kool of een zakje gesneden rode kool
  • 100 gram roma-tomaatjes
  • peper en zout
  • Optioneel: saus naar keuze, bijvoorbeeld knoflooksaus of sweet chili
  • Optioneel: rode peper

Extra benodigdheden:

  • frituurpan of iets om in te frituren in geval dat je voor kibbeling koos
  • grilpan

img_5129-1

Stappenplan:

In geval van kibbeling: verhit de frituurpan tot 180°C of tot de temperatuur die aangegeven staat op je pakje kibbeling. Optioneel kun je de kibbeling ook in de oven afbakken.

Ontvel en ontpit de avocado en prak hem fijn met een vork en meng met de creme fraiche tot een avocado-creme. Mijn avocado helaas nog niet helemaal rijp, waardoor ik hem niet helemaal goed geprakt kreeg. Ik heb daarom stiekem even de hulp ingeschakeld van mijn keukenmachine, met als gevolg dat de creme een beetje vreemd van structuur werd, maar daardoor zeker niet minder lekker!

Breng de avocado-creme op smaak met peper en zout en wat limoensap (hoeveelheid naar smaak). Indien je van iets pittig houdt kun je ook een rode peper fijn snijden en erdoorheen mengen, of als je geen pepertje hebt kun je ook sambal, chilipoeder of chipotle gebruiken.

Snij de komkommer, ui en de tomaat fijn, en indien je een hele rode kool hebt, snij deze dan ook in dunne repen.

Verhit intussen ook de grilpan.

Gril de wraps om de beurt lichtjes aan elke kant zodat er lichte grilstrepen zichtbaar worden. Dit duurt ongeveer 10 seconden per kant als je grilpan goed warm is.

Frituur de kibbeling zoals op de verpakking staat of totdat ze goud van kleur en krokant van textuur zijn. Laat kort uitlekken op keukenpapier. Heb je voor een andere vis gekozen, bereid deze dan bijvoorbeeld in de grilpan of in een gewone koekenpan en snij hem daarna in stukjes.

Beleg de gegrilde wraps met een laagje avocado-creme, strooi daarop de gesneden groentes en als laatste de kibbeling. Optioneel kun je nog extra saus toevoegen zoals knoflooksaus, maar ik vond dit zelf overbodig (Pim daarentegen deed er nog wat extra saus bij dus dit is echt een kwestie van smaak).

Knijp als laatste nog wat van de overgebleven limoen over de vis. Uiteraard ben je vrij om er ook nog wat lekkere verse kruiden overheen te strooien, zoals peterselie, bieslook of koriander.

Smakelijk!

img_5116-1

Curry van bloemkool en zoete aardappel

Een curry is ontzettend veelzijdig en vaak ook nog eens gezond. Vandaag ging ik voor een vegetarische curry van zoete aardappel en bloemkool, want ik ben van mening dat het niet perse nodig is om 7 dagen per week vlees te eten. Wil je toch liever vlees in je curry, dan is dit recept ook lekker door stukjes kip toe te voegen na het fruiten van de ui.

Ik ging voor gemakkelijk vandaag en koos een kant en klare boemboe (rode curry pasta). Je kunt natuurlijk ook zelf je boemboe maken, op deze website bijvoorbeeld vind je een lekker recept. Serveer je de curry alleen met rijst, ga er dan van uit dat dit recept voor 3 personen is. Serveer je er ook een salade, naanbrood of chapati bij en deze raita, dan kun je uitgaan van 4 personen.

Uiteraard kun je ook een nog slankere variant maken door de rijst te vervangen door bloemkoolrijst, dat is ‘rijst’ gemaakt door bloemkool. Je maakt dit door de bloemkool fijn te malen in een keukenmachine of te raspen. Je kunt de bloemkoolrijst vervolgens rauw eten (wel even op smaak brengen) of een paar minuten te wokken met wat olie.

Bereidingstijd: ~35 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 3-4 personen:

  • 2 grote zoete aardappels
  • 1 kleine bloemkool
  • 1 witte ui
  • 1 pakje boemboe rode curry
  • 4 cm gember
  • 1 citroengras
  • 1 blik kokosmelk
  • 1-2 el vissaus
  • 1 el olie
  • Optioneel: bosui
  • Optioneel: verse koriander of peterselie

Stappenplan:

Schil de ui en snipper hem. Schil ook de zoete aardappel en snij hem in blokjes van ongeveer 1-2cm.

Snij ook de bloemkool in kleine roosjes, ongeveer even groot als de zoete aardappel.

Rasp de gember fijn en hak de citroengras grof in stukken. Hak ook een paar keer op de stukken citroengras zodat hij gekneusd wordt, dan komen de smaken beter vrij.

Verhit een scheutje olie in een pan en fruit de ui en de gember. Voeg dan de boemboe toe en fruit deze ongeveer 1min mee. Doe de zoete aardappel en bloemkool erbij en bak deze ook kort mee.

Schenk dan de kokosmelk en de citroengras in de pan en roer goed door zodat de boemboe wordt opgenomen door de kokosmelk.

Doe ook de vissaus bij de curry. Doe het deksel op de pan en laat dit ongeveer 20-30 min op laag vuur pruttelen, of totdat de zoete aardappel zacht en gaar is.

Haal de deksel van de pan en laat nog 2min doorkoken zodat de saus ietsje dikker wordt. Proef de curry ook even, indien je hem liever nog pittiger wil kun je wat extra pepers of sambal toevoegen.

Serveer met gesneden bosui en koriander of peterselie en rijst.

Ook is het lekker om er een salade bij te serveren, of deze raita en naanbrood.

Smakelijk!

img_5073-1

Pompoen ravioli met spekjes en boter-salie saus

Zelf pasta maken is superleuk! En zo veel lekkerder dan de kant en klare pasta die je in de winkel koopt. Oke, ook ik kies heus wel eens voor de makkelijke variant maar zo af en toe in het weekend als ik de tijd heb vind ik het heerlijk om de pasta zelf te maken. Zelf gevulde pasta maken stond al een tijdje op mijn todo-lijstje. Zeker toen ik een tijdje geleden een heuse ravioli mal kado kreeg van mijn tante. Helaas bleek het gebruik van de mal wat moeilijker dan gedacht dus daar moet ik toch eens een tutorial filmpje van bekijken voordat ik het nog een keer probeer. Uiteindelijk heb ik toch nog heerlijke ravioli weten te maken door ze zelf te maken met behulp van een koekjessteker.

Uiteraard kun je ein-de-loos varieren met je raviolivulling en saus. Ik koos voor een pompoenvulling en boter-salie saus met krokante spekjes. Een vergelijkbaar gerecht heb ik een hele tijd geleden voorbij zien komen in een aflevering van Masterchef Australia en sindsdien stond het op mijn lijstje om een keer te proeven. Gezien ik het nog nergens in een restaurant was tegengekomen maakte ik daarom zelf deze ravioli-variant. En met succes! Het gerecht op de foto was het probeersel, maar die was zo goed gelukt dat ik besloot dit gerecht te serveren als tussengerecht voor ons kerstdiner. Dat was smullen! Het is even wat werk, maar dan heb je ook echt een heerlijk en uniek gerechtje! Uiteraard is dit gerechtje niet perse alleen geschikt voor het kerstdiner, maar kan dit elke dag op tafel. Uiteraard kost het wel wat tijd en moeite om de ravioli te maken, maar wat mij betreft dik waard!

Bereidingstijd: ~ 50min (+30min rusttijd + 60min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten voor 4 personen:

  • 1 flespompoen
  • 4 tenen knoflook
  • 4 takjes verse salie
  • 150 gram roomboter
  • halve citroen
  • geraspte parmezaanse kaas
  • 250 gram spekreepjes
  • 400 gram bloem type 00
  • 4 eieren
  • 0,5 tl zout
  • 0,5 el olijfolie
  • 0.5 el water
  • peper en zout

Extra benodigdheden:

  • pastamachine
  • ronde steker (of een glas en scherp mesje)
  • ovenschaal

Stappenplan:

Zeef de bloem in een kom of een schoon aanrecht. Maak in het midden een kuiltje en breek daar de eieren in. Doe ook de snuf zout, 0,5 el olijfolie en 0,5 el water erbij.

Neem een vork en maak daarmee de eieren langzaam los. Neem steeds een beetje van de bloem mee met roeren. Pas op dat je de ‘bloemrand’ niet te vroeg helemaal stuk maakt, want dan loopt je ei overal heen. Pas als het geheel vaster en stroperiger wordt kun je ook je handen gaan gebruiken. Kneed alles tot een glad deeg. Kneed het deeg zo’n 10min totdat het glad en soepel is. Als je er met je duim in drukt moet het deeg langzaam weer terugveren. Is je deeg te nat (dit kan gebeuren als je eieren net wat te groot waren), doe er dan nog wat extra bloem bij. Is je deeg te droog (je eieren waren net te klein), doe er dan nog wat water bij.

Zodra het deeg een mooi, glad en soepel deeg gevormd heeft dan pak je het deeg in met huishoudfolie en leg je dit te rusten in de koelkast voor 30 minuten.

Verwarm intussen de oven voor op 180°C.

Snij de schil van de pompoen, snij ook de boven en onderkant eraf en haal de pitten eruit. Snij de pompoen dan in kleine stukjes en verspreid ze in een ovenschaal. Snij de tenen knoflook in grove stukken en doe dit bij de pompoen. Bedek de schaal met aluminiumfolie en zet dit ongeveer 1u in de oven of totdat de pompoen helemaal zacht is.

Als het pastadeeg goed gerust heeft haal je het uit de koelkast en snij je het in 4 stukken. Doe 3 stukken terug in de folie en leg even apart tot later. Zet de pastamachine klaar op de grootste stand, bij mij was dat stand 7. Haal het deeg door de machine heen en vouw 2x dubbel. Herhaal deze stap 6x.

Zet nu de pastamachine een stand kleiner en haal het deeg weer door de machine. Herhaal deze stap tot de kleinste stand. Je hebt nu als het goed is een flinke lap pastadeeg die heel dun is. Leg het deeg even apart en herhaal dit geheel ook met de andere 3 stukken deeg totdat je 4 lappen pastadeeg hebt.

Haal de pompoen uit de oven en pureer de pompoen en knoflook met een vork of staafmixer tot een papje. Breng flink op smaak met peper en zout.

Spreid 1 plak pastadeeg op het aanrecht en leg regelmatig een hoopje puree erop. Afhankelijk van de steker die je gebruikt moet je de hoeveelheid puree hierop aanpassen. Hoe groter de steker qua doorsnee, hoe meer puree je nodig hebt. De bedoeling is dat er naast de puree net een randje deeg overblijft zodat het deeg aan elkaar plakt. Zorg dus ook dat je voldoende ruimte tussen de puree-hoopjes hebt om de pasta uit te steken. Leg daarna een plak pastadeeg eroverheen en druk goed aan rondom de hoopjes puree. Steek de puree uit zodat je kleine gevulde beetjes pasta hebt. Zorg uiteraard voor dat je overal een klein randje hebt zodat de puree niet eruit komt. Druk de randjes nog eens extra goed aan voor de zekerheid.  Als je geen steker hebt kun je ook een glas gebruiken en het pastadeeg rondom het glas met een mesje uitsnijden. Eventueel kun je het resterende deel pasta opnieuw samenvoegen en door de pastamachine halen voor nog meer ravioli. Herhaal totdat je pasta of puree op is of totdat je genoeg ravioli hebt.

Verhit een koekenpan en bak hierin de spekjes krokant. Schep de spekjes uit de pan en laat ze uitlekken op een stukje keukenpapier. Probeer het vrijgekomen vet zoveel mogelijk in de pan te laten zitten.

Haal de blaadjes salie van de takjes af en snij in grove stukken.

Doe de boter bij het overgebleven vet in de koekenpan en zet het vuur laag. Zodra de boter lichtbruin kleurt doe je de salie erbij en knijp je ook wat sap van de citroen hierbij uit. Roer door elkaar. Hoeveel citroensap je toevoegt is aan jou, dat is een kwestie van smaak. Begin met een beetje want het kan al snel overheersen. Proef tussendoor of je nog meer wilt toevoegen. Breng de saus verder op smaak met wat peper en zout.

Breng intussen ook een grote pan met water aan de kook met een snufje zout erin. Kook hierin de pasta totdat ze gaar zijn, dit duurt ongeveer 4min.

Serveer de ravioli met de boter-salie saus en besprenkel met de spekjes en parmezaanse kaas, hoeveelheid naar smaak.

Smakelijk!

img_5041-3

Camembert uit de oven

Perfect voor kerstavond, een borrel of gewoon als makkelijke maaltijd. Deze camembert uit de oven is eigenlijk een mini kaasfondue. De binnenkant van de kaas smelt in de oven, terwijl de buitenkant redelijk hard blijft. Daardoor kun je lekker dippen met stokbrood of groentes. Wij eten het graag als zaterdagavond-eten, lui op de bank voor de TV, geserveerd met wat stokbrood en andere tapas hapjes zoals gevulde pepers en plakjes worst. Zeker de rozemarijn erin geeft een heerlijk verrassend effect, dat de smaak van de kaas perfect ondersteunt. Afhankelijk van hoe je het serveert (als hoofdmaaltijd of bijgerecht) kun je uitgaan van 1 kaasje voor 2-4 personen. Simpel, maar doeltreffend!

Bereidingstijd: ~ 5min (+20min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten:

  • 1 camembert in houten doosje (let op: kies liever niet voor het goedkoopste merk, deze smelt minder goed)
  • 1 teen knoflook
  • 1 takje verse rozemarijn
  • 1 el honing

img_4977-4

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Haal de camembert uit het doosje en uit de plastic verpakking. Snij met een mes horizontale en verticale inkepingen in de bovenkant, zodat je een ruitjespatroon krijgt.

Pel de knoflook en snij in dunne plakjes. Haal de blaadjes rozemarijn van de tak af en hak deze grof.

Stop de knoflookplakjes en rozemarijn in de inkepingen van de camembert, verdeel het gelijkmatig over de bovenkant.

Stop de camembert terug in het houten doosje, eventueel met een stukje bakpapier ertussen. De deksel hoef je niet te gebruiken.

Druppel er wat honing overheen (hoeveelheid naar smaak, je kunt altijd later nog extra toevoegen) en zet de camambert 15-20min in de oven.

Serveer met geroosterd brood of licht gekookte groentes zoals broccoli of bloemkool en je hebt je eigen mini-kaasfondue.

Smakelijk!

img_4970-1

Hongaarse goulash

Goulash.. typisch zo’n gerecht voor een luie zondag tijdens de koudere dagen. Je hebt er heel weinig werk aan, maar het moet wel lang op het vuur sudderen. Dus even snel alles snijden en in die pan gooien en dan 3u lang onderuit zakken op de bank, in je joggingbroek natuurlijk. Perfect om je favoriete serie te binge-watchen.

Lekker met smeuiige aardappelpuree, krokante frietjes of met rijst. Ik begin weer te watertanden bij het typen van dit bericht. Wat kan ik me altijd verheugen op de herfst en winter, want dan mag ik eindelijk weer zulke gerechten op tafel toveren. Heerlijk!

Nu kan ik natuurlijk wederom even gaan zeuren over de foto, want zoals ik al eerder een keer aangegeven had maak ik het liefste foodfoto’s bij daglicht. En dat is natuurlijk schaars deze tijd van het jaar, waardoor ik me in allerlei bochten moet wringen om nog een enigszins okee foto op tafel te toveren. Nee, ik ben er niet tevreden over, maar voor nu is het even niet anders.. Dat betekent eigenlijk alleen maar dat ik alle gerechtjes ooit nog een keer moet maken voor een betere foto.. he, vervelend!

Bereidingstijd: ~ 25min (+3u stooftijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 3-4 personen:

  • rode, gele en groene paprika
  • 750 gr runderlappen
  • 1 grote of 3 kleine uien
  • 2 tenen knoflook
  • 1 grote wortel of 2 kleine
  • 2 el paprikapoeder
  • 1 tl cayenne peper
  • 1 tl tijm
  • 2 blaadjes laurier
  • potje tomatenpasta
  • 1 el bloem
  • peper
  • 1 runderbouillonblokje
  • 400ml water
  • olie en/of boter

Extra benodigdheden:

  • pan met dikke bodem, liefst gietijzer

Stappenplan:

Dep de runderlappen droog met wat keukenpapier en snij in blokjes ter grootte van dobbelstenen.

Snij ook de ui, paprika, wortel en knoflook in stukjes.

Verhit de (gietijzeren) pan met wat olie en/of boter. Bak de blokjes vlees aan zodat ze rondom lichtbruin zijn. Ze hoeven niet krokant te worden dus bak ze niet te lang. Zodra ze rondom bruin zijn doe je ook de ui, wortel en paprika erbij en bak je dit nog 3min mee. Voeg daarna de knoflook, paprikapoeder en cayennepeper toe en bak dit kort mee. Voeg dan de eetlepel bloem toe en ook de tomatenpasta. Bak dit ook ongeveer 1min mee. Doe 400ml water in de pan en voeg het blokje runderbouillon toe. Doe de tijm en blaadjes laurier in de pan. Breng het aan de kook. Zodra het kookt draai je het vuur laag en laat je dit (met deksel op de pan) minstens 3u stoven (liefst 4 of 5 uur). Roer af en toe door.

Breng vlak voor het serveren op smaak met peper (en eventueel zout, maar dat vond ik niet nodig).

Serveer met rijst, frietjes of aardappelpuree en een frisse komkommersalade. Bestrooi met wat verse peterselie.

Smakelijk!

Libanees platbrood met gehaktballetjes in tomatensaus

Oh, wat hou ik toch van een tafel vol lekkers. Liefst zoveel lekkers dat je niet meer weet waar je moet kijken of proeven. In het Midden Oosten weten ze daar wel raad mee. Daar serveren ze typisch een ‘mezze’; hun versie van tapas. De tafel staat vol met allerlei dips, spreads, salades en brood, maar ook deeghapjes bijvoorbeeld. Vaak wordt het geserveerd als voorgerecht, maar ik vind het zo lekker dat ik het liever mijn hoofdgerecht maak.

Vandaag serveer ik een ‘Mezze XS’; een paar smaakbommetjes die simpel en snel te bereiden zijn en daardoor dus ook prima voor een doordeweekse avond. Wil je nou all out gaan, serveer er dan nog bijvoorbeeld tabouleh, baba ganoush en houmous bij.

Dit gerecht is voor mij een typisch gerecht niet netjes met mes en vork gegeten hoort te worden, maar lekker met je handen. Scheur een stuk brood af en gebruik dit om een gehaktbal uit de saus te scheppen. Doe er een beetje kruiden-yoghurt overheen en smullen maar. Ja, ik adviseer zeker een bordje eronder te houden, want knoeien is gegarandeerd. Maar ach, heb je meteen weer iets te lachen met je vrienden.

Bereidingstijd: ~ 25min        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten gehaktballen in tomatensaus voor 2 personen:

  • 300 gram runder of lamsgehakt
  • 1 teen knoflook
  • 1 kleine witte ui
  • 3 tl harissa
  • 3 tl tomatenpuree
  • snuf paprikapoeder
  • snuf kaneelpoeder
  • snuf komijnpoeder
  • snuf venkelpoeder
  • verse gehakte peterselie en bieslook
  • 50 gr pijnboompitten
  • 1 rode peper
  • 1 blik tomatenblokjes
  • scheutje olie

Ingredienten kruiden-yoghurtsaus:

  • 4 el griekse of turkse yoghurt
  • 2 el water
  • 2 teentjes knoflook
  • snuf paprikapoeder
  • verse gehakte peterselie en bieslook

Extra ingredienten:

  • Libanees platbrood (bij AH broodafdeling bv)
  • sla
  • komkommer
  • feta
  • gegrilde paprika (uit pot)
  • sjalotje

Stappenplan:

Meng het gehakt in een kom met de knoflook & de ui (fijngehakt), 1 tl harissa en 1 tl tomatenpuree. Voeg ook een goede snuf paprikapoeder, kaneelpoeder, komijnpoeder en venkelpoeder toe en de helft van de rode peper (fijngehakt). Als laatste voeg je ook de gehakte verse kruiden toe en 2/3e van de pijnboompitten. Meng dit allemaal goed door elkaar en rol er daarna balletjes van, ongeveer 3cm doorsnee.

Voor de kruiden-yoghurtsaus meng je de yoghurt met wat water om hem iets losser te maken. Pers de knoflook met een pers en doe dit bij de yoghurt. Voeg ook de paprikapoeder en verse kruiden toe en meng goed door elkaar.

Verhit een hapjespan met een scheutje olie en bak de gehaktballetjes op hoog vuur rondom bruin in ongeveer 2min. Voeg 2 tl harissa en 2 tl tomatenpuree toe en ook een goede snuf paprikapoeder, komijnpoeder en venkelpoeder toe. Fruit dit even mee met de gehaktballen, ongeveer 30sec. Voeg nu het blik tomatenblokjes toe en roer goed door elkaar. Breng aan de kook en laat ongeveer 15min sudderen op laag vuur.

Snij intussen de komkommer in stukjes en de gegrilde paprika in reepjes. Hak ook de feta fijn en snij het sjalotje in fijne ringetjes.

Serveer de koude ingredienten op een grote schaal. Serveer de gehaktballen in tomatensaus in een aparte schaal en bestrooi met extra pijnboompitten en peterselie. Serveer het platbrood er los bij.

Smakelijk!

img_4804-8 img_4803-7

Snelle pompoensoep met pit²

Yes, het is herfst, mijn favoriete culinaire seizoen. Een van de redenen hiervoor is dat de pompoen dan in het seizoen zit. Deze ontzettend veelzijdige groente vind ik echt overheerlijk in alle vormen en maten; geroosterd, gepureerd, maar ook zeker in een soepje zoals deze.

Waarom kiezen voor kant en klare soep als je in een handomdraai deze heerlijke zelfgemaakte soep op tafel hebt staan? Deze soep is gezond en je weet precies wat je erin doet. Door gebruik van peper, sambal en de specerijen krijgt de soep pit. Door toevoeging van pompoenpitten heb je soep met pit in het kwadraat.

Serveer de soep bijvoorbeeld met focacciabrood en zak achterover op de bank.. genieten maar.

Bereidingstijd: ~20 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 personen:

  • 1 pompoen naar keuze
  • 1 rode paprika
  • 1 rode peper (optioneel)
  • 1-2 tenen knoflook
  • 1 bouillon blokje naar keuze
  • 0,5 tl kaneelpoeder
  • 0,5 tl (gerookte) paprikapoeder
  • 0,5 tl komijnpoeder
  • ~250 ml melk of kookroom
  • 1 el sambal (optioneel)
  • 1 potje pompoenpitten
  • 2 el olie of kokosolie
  • peper en zout

Extra benodigdheden:

  • staafmixer of keukenmachine

Stappenplan:

Snij de pompoen in blokjes van max 2 bij 2 cm. Dit vergt wat kracht want pompoenen zijn stug, dus gebruik het scherpste mes dat je hebt. De schil kun je laten zitten, die kun je gewoon eten en zitten zelfs de meeste vitamientjes in. Snij wel oneffenheden van de schil, indien die er zijn. Heb je liever zonder schil? Ook dat mag natuurlijk. De pitjes in het midden van de pompoen kun je, net als met een meloen, met een lepel eruit halen. (tip: je kunt deze pitten schoonmaken, drogen, ontvellen en roosteren voor zelfgemaakte pompoenpitten, maar dit recept zou geen snel recept zijn als we dat hier zouden doen)

Bestrooi de pompoenstukjes met het kaneelpoeder, paprikapoeder en komijnpoeder. Snij ook de paprika en rode peper in grove stukken. Hou je van extra pittig, laat dan de zaadjes van de peper zitten. Hou je van normale hoeveelheid pittig, gebruik de peper zonder zaadjes. Als je helemaal niet van pittig houdt kun je de peper ook weglaten.

Verhit 2 el olie of kokosolie in een soeppan. Doe de pompoenstukken, paprika, peper en knoflook in de pan en rooster al roerende voor ongeveer 3 minuten totdat de geuren van de specerijen je hele huis vullen.

Voeg (heet) water toe totdat de pompoenblokjes net niet helemaal onderstaan (ongeveer 1 cm overhouden). Voeg ook het bouillonblokje toe. Laat dit 10min koken of totdat de pompoen helemaal zacht is.

Rooster intussen ook de pompoenpitten in een pannetje op middelmatig vuur totdat ze lichtbruin zijn. Zet apart tot serveren.

Haal de pan van het vuur en pureer met de staafmixer tot een glad geheel. Voeg intussen ook de sambal toe. Als je niet van pittig houdt kun je deze weglaten.

Voeg de room of melk toe om de soep romiger te maken. Wil je de soep iets magerder houden, kies dan voor halfvolle melk. Hou je van lekker romig, kies dan voor kookroom. Afhankelijk van je smaak en de hoeveelheid pompoen die je had, voeg je meer of minder vocht toe om de soep dikker of dunner te maken. Je kunt meer room toevoegen, maar ook meer water.

Breng de soep op smaak met peper en zout en bestrooi met de pompoenpitten.

Smakelijk!

img_4723-3

Coquilles met chorizo, wortel & pastinaak

Dit gerecht (een variant hiervan) maakte ik 2 jaar geleden als voorgerecht voor ons familie kerstdiner, in kleinere portie uiteraard. Het was voor het eerst dat ik met pastinaak kookte, en ook voor het eerst dat ik coquilles at. Na die avond heb ik me altijd afgevraagd waarom… Want wat is pastinaak toch een ontzettend lekkere en veelzijdige groente! En ook de coquilles waren zo anders dan ik me had voorgesteld; heerlijk zacht van smaak en totaal niet vissig zoals een mossel.

Nu de dagen weer korter worden en ik s’avonds onder een dekentje kruip moest ik ineens weer aan dit gerecht denken. Door het gebruik van aardse groentes als pastinaak, wortel en champignons in combinatie met de coquilles uit de zee, is dit gerecht voor mij net als een herfstige strandwandeling. Het is misschien niet een alledaags doordeweeks gerecht, want er gaan verschillende handelingen mee gemoeid. Maar wat mij betreft zeker een aanrader om een keer te bereiden als je wat meer tijd hebt in het weekend. Ook als je je vrienden een keer iets anders voor wilt schotelen dan kip, patat en appelmoes op zaterdagavond, dan is dit zeker een winnaar.

Normaal gesproken geef ik vaak mogelijkheden tot variatie bij een gerecht. Deze keer niet, want dit gerecht vind ik zo lekker, dat ik hem niet anders zou willen eten.

Bereidingstijd: ~35 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2 personen:

  • 1 zak coquilles (diepvries of verse; ook wel Sint Jacobs- of mantelschelpen genoemd)
  • 3-4 pastinaken
  • 8 kleine wortels/winterpenen
  • 1 bakje champignons
  • 100 gram chorizo
  • 100 ml melk
  • 250 ml kookroom
  • 0,5 tl gerookte paprikapoeder
  • peper en zout
  • 3 el honing
  • 1 teen knoflook
  • 1 el tijm
  • 90 gram boter
  • 2 el verse bieslook
  • 1,5 el olie

Extra benodigdheden:

  • frituurpan of een gewone pan met frituurolie

Stappenplan:

Indien je diepvries coquilles gebruikt, haal ze tijdig uit de diepvries en laat ze ontdooien.

Verwarm de oven voor op 200°C en verhit de frituurpan (of pan met frituurolie).

Was de wortels en pastinaak grondig, zodat al het zand dat eventueel aan de buitenkant zit eraf is. Doe de wortels in een ovenschaal en giet er wat olie overheen (ongeveer 1 el). Hak de knoflook en tijm fijn en strooi ook dit over de wortels, evenals 1 el honing en 20 gram boter. Rooster dit in de oven voor ongeveer 20 minuten of totdat de wortels zacht zijn.

Schil de pastinaak en bewaar de schil. Snij de boven en onderkant van de pastinaak en gooi dit weg. Snij het resterende in kleine blokjes en doe in een pan.

Doe de melk, 100 ml room, 2 el honing, 50 gram boter en een snuf zout bij de pastinaak. Breng dit, met de deksel op de pan, aan de kook en kook ongeveer 10min of totdat de pastinaak zacht is. Pureer de pastinaak. Breng op smaak met peper en zout en voeg zoveel extra room toe totdat je een prettige puree-structuur hebt bereikt. Hoeveel room je moet toevoegen hangt af van de exacte hoeveelheid pastinaak die je hebt gebruikt, maar ook van wat je lekker vind. Ik heb in totaal nog 150ml extra room toegevoegd en had daardoor een lekker smeuiige puree.

Hak de chorizo in kleine blokjes of reepjes en verhit een koekenpan. Bak de chorizo hierin krokant en laat uitlekken op wat keukenpapier. Probeer zoveel mogelijk van het vrijgekomen vet te bewaren in de pan voor later gebruik.

Frituur de schil van de pastinaak totdat het lichtbruin is, dit duurt max 1 minuutje. Afhankelijk van de grootte van je pan, kun je het frituren beter in delen doen zodat de pastinaak voldoende ruimte heeft om te frituren. Zodra de pastinaak klaar is, haal je hem eruit en laat je hem uitlekken op keukenpapier of een schone theedoek. Bestrooi met wat zeezout.

Maak de champignons schoon en snij in kwartjes. Verhit een koekenpan met 0,5 el olie en sauteer de champignons hierin. De koekenpan moet echt goed heet zijn, sauteren is namelijk het op hoge temperatuur bakken van, in dit geval, champignons. Hier heb je echt maar een beetje olie voor nodig en dan zul je zien dat de champignons een lekker bruin laagje krijgen. Na ongeveer 3-4 minuten bestrooi je de champignons met wat gerookte paprikapoeder en bak je ze nog 1min door. Zet dan het vuur laag totdat je gaat serveren.

Dep de coquilles droog met wat keukenpapier en breng ze op smaak met peper en zout aan alle kanten.

Verhit de pan met het overgebleven chorizovet en doe er 20 gram boter bij. Zodra de boter lichtbruin begint te worden doe je de coquilles in de pan. Bak ze ongeveer 1 minuut aan elke zijde.

Doe een laagje puree op een bord, leg daar de wortel en coquilles op. Giet wat van het braadvocht van de coquilles over de puree (ongeveer 1 el per bord maximaal). Bestrooi met de champignons en gebakken chorizo. Bedek het geheel met de pastinaakchips en bestrooi als laatste met wat verse bieslook.

Smakelijk!

img_4619-1

Burrito salade bowl met homemade guacamole & tomatensalsa

Vandaag gaan we op Mexicaanse toer.. Ik ben een grote fan van allerlei Mexicaans eten en de burrito wrap staat dan ook regelmatig op het menu bij ons. Vandaag maakte ik een ietsiepietsie gezondere variant van de burrito wrap; de burrito salade bowl. Hij is echt een plaatje om te zien en rijkelijk gevuld met allerlei lekkers. Is het handig eten? Niet perse, maar het is echt ontzettend lekker wat mij betreft! Eten doe je met je handjes door stukjes van de bowl af te breken en te dippen in al dat lekkers. Wil je nog een gezondere variant? Laat dan de sour cream en geraspte kaas weg en je hebt nog steeds een heerlijke maaltijd.

Uiteraard kun je ook hier eindeloos mee variëren. Voor de liefhebber van het echte Mexicaans eten kun je wat zwarte bonen er doorheen doen. De kip kun je ook vervangen door gehakt of pulled pork, maar probeer ook eens een ‘fish bowl’ ervan te maken door een lekker witvisje te gebruiken. Je kunt ook dan dezelfde specerijenmix gebruiken om de vis op smaak te brengen. Ook kun je verse koriander erbij gebruiken, die mag eigenlijk ook niet ontbreken uit de Mexicaanse keuken maar helaas is niet iedereen even fan van dit kruid.

Helaas worden de dagen langzaam korter en is het mij niet gelukt dit gerecht in daglicht te fotograferen omdat ik natuurlijk gewoon ook nog fulltime werk. De foto’s zijn daardoor enigszins flets, maar ik hoop toch dat ze jullie doen watertanden, want dat verdiend dit gerecht echt! De komende maanden worden de dagen niet langer natuurlijk dus ik ga me eens verdiepen in het aanschaffen van een daglicht-lamp. Eten ziet er nou eenmaal echt beter uit in daglicht.

Bereidingstijd: ~45 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 personen:

  • 2-4 tortilla wraps
  • 200-300 gram kippendijfilets
  • 1 rode paprika
  • 1 half zakje sla naar keuze
  • halve komkommer
  • 100 gram kleine tomaatjes
  • 1 rijpe avocado
  • 1 rode ui
  • 1 klein blikje mais
  • 100 gram sour cream
  • 1 limoen
  • 1 rode peper
  • 1 teen knoflook
  • handjevol geraspte kaas
  • klein beetje verse bieslook, peterselie of koriander
  • 1,5 tl gerookte paprikapoeder
  • 1 tl komijnpoeder
  • 1 tl uienpoeder
  • 1 tl knoflookpoeder
  • 0,5 tl chilipoeder
  • 0,5 tl cayennepeper
  • 1 tl oregano
  • 1 tl bruine suiker
  • peper en zout
  • olie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Snij, indien nodig, de kip in repen of stukken. De stukken mogen best wat grover blijven. Mijn kippendijfilets waren al in repen dus ik liet ze zo. Doe de gerookte paprikapoeder, komijnpoeder, uienpoeder, knoflookpoeder, chilipoeder, cayennepeper, bruine suiker, peper, zout en oregano in een kom en mix dit door elkaar. Doe de kip erbij en meng goed door elkaar zodat de kruidenmix goed verdeeld zit. Zet dit even weg tot later gebruik.

Snij de avocado in 4 stukken, haal de pit eruit en het vel eraf. Snij de avocado daarna in kleine stukken en probeer daarna met een vork te prakken zodat de structuur wat meer als een puree wordt. Helemaal puree hoeft natuurlijk niet, je mag best nog zien dat er stukjes avocado in zitten. Hak ook de helft van de rode peper fijn (zonder zaadlijsten uiteraard) en ook de helft van de rode ui. Doe dit bij de avocado in een kom. Pers een helft van de limoen uit en doe het sap ook bij de avocado. Pers ook de knoflook erbij en breng op smaak met peper, zout en eventueel een snufje komijnpoeder. Meng goed door elkaar; je hebt nu guacamole gemaakt!

Snij de tomaatjes in twee en haal of knijp het sappige gedeelte in het midden eruit zodat alleen het vlees over blijft. Snij dit in stukjes en doe in een kom met de resterende rode ui (fijngehakt), verse bieslook (of ander kruid) en breng op smaak met peper en zout. Dit is de tomatensalsa.

Snij de paprika in repen en de komkommer in kleine stukjes. Hak ook de andere helft van de rode peper in kleine reepjes.

Verwarm de tortilla wraps heel kort in de magnetron zodat ze zacht worden (10 seconden) en smeer ze lichtjes in met wat olie en strooi er, als je wilt, wat gerookte paprikapoeder over. Neem een ovenbestendig kommetje, zet dit op de kop en vouw de tortilla eromheen. Zet dit in de oven (op de kop dus) totdat hij lichtbruin is (5-7min.). Als je ze straks omdraait zul je zien dat de tortilla de vorm van een kommetje heeft. Je kunt ook de achterkant van een cupcakevorm gebruiken hiervoor, in dat geval maak je de kommetjes gewoon rechtop (niet ondersteboven) en zet je ze net zo lang in de oven. Zodra ze licht bruin zijn haal je de kommetjes uit de oven en laat je ze afkoelen, ze zullen dan nog wat knapperiger worden. Indien je grote eters aan tafel hebt, kun je een extra tortilla in 8 driehoekjes snijden en deze ook in de oven krokant bakken. Je hebt dan extra tortilla chips om mee te dippen.

Verwarm intussen een koekenpan of hapjespan op hoog vuur met wat olie. Zodra de olie heet is doe je de kip erin en schroei je hem dicht aan alle kanten. Zet dan het vuur iets lager en bak nog 1min aan elke kant. Doe dan de paprikareepjes, rode peper en mais erbij en bak dit nog 3-4min mee, of totdat de kip gaar is.

Verdeel de sla en komkommer over de tortilla kommetjes. Verdeel daarna de kip-paprika-maismix over de kommetjes en bestrooi met wat geraspte kaas. Serveer met de guacamole, tomatensalsa en sour cream. Als je extra tortilla chips hebt gemaakt, serveer je deze er natuurlijk ook bij. Voor de liefhebber kun je er ook verse koriander bij serveren.

Smullen maar!

img_4609-1

Bierkip

Bierkip is precies wat het woord doet vermoeden. Kip bereid met behulp van bier. De hele kip wordt over een blik bier geschoven, en op die manier geroosterd. De dampen van het bier zullen dan de kip extra mals en sappig houden. Qua smaak moet ik eerlijk bekennen dat het niet heel veel toevoegt, in mijn geval proefde je af en toe een licht vleugje citroen van de Radler, maar echt een biersmaak had het niet. Ook op internet lees ik dat dit net zo goed te maken is met een blik sprite of cola bijvoorbeeld, het gaat puur om het verdampte vocht dat zijn werk doet.

Hoe dan ook is zo’n hele kip natuurlijk een prachtig plaatje op tafel. Forget the thanksgiving turkey, deze kip is hipper dan hip. Hij kan bereid worden in de oven, maar ook op de barbecue. Op de barbecue zal hij uiteraard ook een extra rokerige touch krijgen als je op kolen grilt. Zorg er dan wel voor dat je indirect grilt. Dat wil zeggen; kolen aan de ene kant van de barbecue, kip aan de andere kant.

Uiteraard kun je met bijgerechten ook eindeloos varieren. Ik koos vandaag voor geroosterde aardappelpartjes, sjalot en pompoen. Zet deze het laatste half uur bij de kip in de oven.

Bereidingstijd: ~10 min (+1u intrektijd + 1u oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten:

  • 1 hele kip (o.a. verkrijgbaar bij AH XL, of de poelier uiteraard)
  • 1 blik bier naar keuze, ik koos Grolsch Radler
  • 2 el barbecuesaus
  • 2 tl bruine suiker
  • 1 tl gerookte paprikapoeder
  • 1 tl paprikapoeder
  • 1 tl komijnpoeder
  • 1 tl uienpoeder
  • 1 tl knoflookpoeder
  • 1 tl venkelzaad
  • 1 tl tijm
  • 4 el olie

Andere benodigdheden:

  • ovenschaal
  • aluminiumfolie
  • vleesthermometer

Stappenplan:

Haal de kip uit de verpakking en snij eventueel overbodig vet weg. Wrijf de hele kip in met de olie, zorg dat je elk hoekje insmeert.

Mix alle kruiden, specerijen en de bruike suiker door elkaar in een kommetje, dit is de kruidenrub. Smeer de kruidenrub over de kip, ook aan de binnenkant. Zorg dat overal wat van de kruiden zit, ook in alle spleten onder de vleugels. Leg de kip in een ovenschaal en bedek met aluminiumfolie. Laat de kruidenrub minstens 1u intrekken.

Verwarm intussen de oven voor op 200°C.

Open het blik bier en giet hem halfleeg. Half opdrinken mag ook natuurlijk. Eventueel kun je wat extra tijm in het bier doen.

Zet de kip op het blik bier en zet hem rechtop in de ovenschaal.

img_4076-1

Rooster de kip in de oven voor ongeveer 1 uur. Afhankelijk van de grootte van je kip moet hij iets langer of korter. De kerntemperatuur van de borst moet minstens 70°C zijn, die van de vleugels 85°C. Meet de kerntemperatuur na 45min en bepaal dan zelf of hij nog langer nodig heeft in de oven of niet.

De laatste 10 minuten in de oven smeer je de buitenkant van de kip in met de barbecuesaus.

Zodra de baktijd voorbij is, haal je de kip uit de oven en bedek je hem met aluminiumfolie. Rust de kip voor ongeveer 10min voordat je hem aansnijd.

Serveer met geroosterde aardappels en groentes. Ik serveerde hem met geroosterde pompoen, sjalot en aardappeltjes, overgoten met olie en verse knoflook.

Smakelijk!

img_4080-2

Pompoenrisotto met Port Salut

Risotto is zo’n typisch gerecht waar je alle kanten mee op kan, elk seizoen van het jaar. Veel mensen schrikken misschien af bij de gedachte zelf risotto te moeten maken, het wordt toch altijd ‘the death-dish’ genoemd in kookshows. Ik denk echter dat, als je eenmaal een keertje probeert met behulp van onderstaande stappenplan, dat je zult zien dat het reuze meevalt. Het is alleen constant opletten dat je rijst niet aankoekt, en dat terwijl je nog 100 andere dingen moet doen. Heb je dus zeeën van tijd? Zorg dan dat je eerst al het snijwerk doet voordat je de rijst gaat koken, dan hoef je je aandacht niet te verdelen. Ik ben zelf eigenwijs en doe alles tegelijk en tot nu toe gelukkig wel met succes.

Okee, het smaakt dan misschien niet 100% zoals de scheppers hem bedoeld hadden, maar ik kan je verzekeren dat het hoe dan ook lekker is, en die woorden komen uit de mond van iemand die niet graag rijst heeft. Nou moet ik toegeven dat ik van mening ben dat risotto in de verste verte niet lijkt op elke andere soort van rijst. Net als dat gekookte piepers niet te vergelijken zijn met lekker krokante frietjes.

Risotto staat hier regelmatig op het menu. Vandaag serveer ik jullie een vegetarische herfstige risotto, met geroosterde pompoen, kastanjechampignons, pompoenpitten en Port Salut kaas. Ik ben zelf echt een enorme fan van de zachtheid van Port Salut, zeker als hij zo lekker begint te smelten door de hitte van de rijst. Hou je meer van een wat pittigere smaak, dan kun je ook parmezaan of een andere pittige kaas gebruiken.

Please forgive me voor de foto’s… Het wordt helaas alweer steeds vroeger donker dus ik zal steeds meer moeten gaan haasten met koken, wil ik nog foto’s bij daglicht kunnen maken. Hoewel de foto’s door de avondschemer wel een extra herfstig tintje hebben gekregen, dat dan weer wel.

Bereidingstijd: ~45 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten voor ongeveer 4 personen:

  • 350 gram risottorijst
  • 1 liter groente- of paddenstoelenbouillon (van tablet)
  • 1 witte ui
  • 2 tenen knoflook
  • 1 flespompoen
  • 1 bakje kastanjechampignons
  • paar blaadjes salie of andere kruiden die je lekker vindt
  • een goeie scheut witte wijn
  • flinke scheut olie
  • bakje pompoenpitten
  • Port Salut kaas

Andere benodigdheden:

  • ovenschaal of bakplaat
  • koekenpan of hapjespan

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 220°C.

Snij intussen de pompoen in stukjes, uiteraard zonder de pitten in het midden. Wist je dat je deze wel heel goed kan roosteren in de oven? Ik heb het mezelf deze keer makkelijk gemaakt en kocht kant en klare pompoenpitten. De schil kun je om de pompoen laten, die is gewoon eetbaar (en bevat zelfs de meeste vitamientjes), maar als je die niet lekker vind kun je hem eraf halen.

Doe de stukjes pompoen met een teentje knoflook en wat olie in een ovenschaal en hussel dit door elkaar. Zet dit in de oven en rooster voor 25-30min of totdat de pompoen zacht en gaar is.

Rooster de pompoenpitten lichtjes in een droge pan en zet apart voor later.

Snipper het uitje en het tweede teentje knoflook en verhit een hapjespan met een flinke scheut olie. Snij ook de blaadjes salie fijn. Fruit de ui en knoflook aan totdat ze zacht en glazig zijn.

Zet intussen ook de hete bouillon klaar.

Voeg de rijst toe aan de ui en knoflook en schud dit af en toe door (niet roeren!) totdat de rijstkorrels een beetje glazig beginnen te worden. Doe de goeie scheut witte wijn erbij en laat het vocht verdampen. Blijf intussen de rijst in de pan opschudden, zodat het niet aankoekt aan de bodem.

Zodra het vocht van de wijn is verdampt en de rijst schreeuwt om meer vocht doe je er een scheut bouillon bij; ongeveer 1 soeplepel. Wacht met de volgende scheut bouillon totdat de eerste volledig is opgenomen door de rijst. Nogmaals, blijf de rijst in beweging houden door zo nu en dan met de pan te schudden. Probeer echt niet, of zo weinig mogelijk, met een lepel door de rijst te roeren. Zorg er ook voor dat er geen rijstkorrels aan de zijkant van de pan blijven plakken. Zodra ook de tweede scheut bouillon volledig opgenomen is en de rijst weer schreeuwt om meer vocht, giet je er weer een nieuwe lepel bij. Ga zo door totdat de bouillon op is of de rijst gaar is. Dit duurt ongeveer 20min. De rijst is gaar als hij nog een lichte bite heeft en licht plakkerig is, er mag nog iets van vocht overblijven op het laatst. Halverwege kun je de salie toevoegen, zodat deze zijn smaak kan afgeven maar niet helemaal kapot kookt. Breng ook op smaak met versgemalen peper. Je kunt de salie eventueel ook vervangen door tijm of rozemarijn.

Maak intussen ook de kastanjechampignons schoon en snij in stukjes, snij ook de Port Salut in stukjes. Verhit een pan op hoog vuur en doe er een heel klein scheutje olie in. Zodra dit echt heet is (en niet eerder) doe je de champignons in de pan en bak je deze in 5min gaar (sauteren heet dit), ze zullen een licht bruin gekarameliseerd laagje krijgen door de hitte van de pan. Doe ze op het laatst bij de rijst, als ook de geroosterde pompoen uit de oven en roer dit allemaal door elkaar.

Verdeel de rijst over 4 borden en bestrooi met pompoenpitten en stukjes Port Salut.

Smakelijk!

img_4602-1

Varkenssheftalia met koriandertabouli en tahinyoghurt

Varkens-wat? Koriander-hoe? Het is een hele mond vol, de titel van dit gerecht. Ik heb hem dan ook niet zelf verzonnen. Dit is een van de recepten uit het kookboek Greek, het nieuwste kookboek van Masterchef Australia jurylid George Calombaris. Ik ben dol op de Griekse keuken en ook een beetje fan van George dus ik moest dit kookboek hoe dan ook hebben. Het kookboek staat vol met griekse recepten, meestal met een moderne twist. De recepten lopen uiteen van Grieks streetfood, tot ‘mama’s food’ en lekkere desserts. Ook staan er een aantal basisrecepten in, zoals hoe je zelf ricotta  of filodeeg kan maken. De plaatjes in het boek zijn prachtig, allemaal iets meer nonchalante opmaak dan wat we van George gewend zijn als jurylid in zijn masterclasses, maar dat charmeert het boek juist. Het laat zien dat deze gerechten voor iedereen zijn, en niet alleen voor de koks onder ons.

Ik vind het altijd heerlijk om allerlei kookboeken door te bladeren op zoek naar inspiratie. Soms kom je dan zo’n recept tegen dat geen tot weinig aanpassing nodig heeft, zoals deze. Ik zal eerst het recept geven zoals het in het boek staat, en dan vermelden welke kleine aanpassingen ik gedaan heb vanwege gemak of omdat ik dat lekkerder vind. Het stuk over de zelfgemaakte pita’s komt niet uit het boek maar van mezelf. Enthousiast geworden en wil je ook dit boek hebben? Onderaan de pagina staat een link waar je het kan kopen.

Bereidingstijd: ~45 min  (+15min oventijd + 1u rijstijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten varkenssheftalia (4 personen):

  • 1 teen knoflook, ongepeld
  • 400 gram varkensgehakt
  • 2,5 kleine rode ui
  • geraspte schil van 2 sinaasappels
  • 2 tl venkelzaadjes, geroosterd en gekneusd

Ingredienten koriandertabouli:

  • 1 opgehoopte el bulgur
  • flinke handvol korianderblaadjes
  • geraspte schil van 1 citroen
  • 1 1/4 el citroensap
  • 1 1/4 el extra vergine olijfolie
  • 2,5 tl gemalen sumak
  • versgemalen zwarte peper
  • zoutvlokken

Ingredienten tahinyoghurt:

  • 2,5 el griekse yoghurt
  • 2-3 tl tahin
  • 3 tl citroensap
  • 1/4 tl zoutvlokken
  • 2 tl extra vergine olijfolie

Ingredienten pita’s (uiteraard kun je ook kant en klare pita’s kopen):

  • 300 gram bloem (liefst type 00; ook wel pasta- of pizzabloem)
  • 1 zakje droge gist
  • 0,5 el zout
  • 1 el honing
  • 1 el griekse yoghurt
  • 2 el olijfolie + extra om te bestrijken
  • 100ml lauw water

Andere benodigdheden:

  • koekenpan en/of grilpan/plaat
  • keukenmachine met deeghaken
  • deegroller

Stappenplan:

Indien je de pita’s zelf maakt, meng dan de bloem met het zout in een keukenmachine met deeghaken. Meng in een ander kommetje of glas het lauw water met de gist en giet dit bij de bloem. Mix dit kort door elkaar. Voeg dan de honing, griekse yoghurt en olie 1 voor 1 toe en blijf goed mixen. Mix totdat er een glad deeg ontstaat. Het deeg moet niet echt meer plakkerig zijn, voeg in dat geval wat meer bloem toe. Doe het deeg in een kom en leg er een vochtige theedoek overheen. Zet op een redelijk warme plek en laat minstens 1u rijzen totdat het ongeveer 2x zo groot is. Intussen kun je al verder met de sheftalia, omdat deze ook 1u rusttijd nodig hebben.

Maak de sheftalia. Verwarm de oven voor tot 180°C. Wikkel de teen knoflook (met schil) in aluminiumfolie en rooster hem in 10 tot 15 minuten zacht in de oven. Laat afkoelen, pel hem en hak hem fijn. Doe de knoflook met het varkensvlees, de ui, de geraspte sinaasappelschil en het venkelzaad in een grote kom en meng alles ca. 5 minuten met de hand tot een kleverige massa. Verdeel die in 12 porties en vorm er worstjes van. Leg die op een met bakpapier beklede bakplaat (of gewoon op een bord) en zet ze voor gebruik 1 uur in de koelkast.

Na de rijstijd van 1u leg je het pitadeeg op een met bloem bekleed werkblad en breek/snij in 6-8 gelijke stukken. Rol elk stuk uit tot een plak van 0,5cm dikte, dit kan met een deegroller, maar ook met de hand of bijvoorbeeld een wijnfles. Gebruik eventueel wat extra bloem als het deeg nog wat teveel plakt. Bestrijk de uitgerolde pita’s aan beide kanten met wat olie.

Verwarm een koekenpan of grilplaat op matig hoog vuur en bak de pita’s af, ongeveer 2-3min aan elke kant, totdat ze een mooi lichtbruin kleurtje krijgen. Leg apart totdat je gaat serveren.

img_4002-1

Doe voor de koriandertabouli de bulgur in een kleine pan met 250 ml water en een snuf zout en breng aan de kook. Zet het vuur laag en kook de bulgur in ca. 15 minuten gaar. Giet af en zet apart om af te koelen. Meng de bulgur en de koriander in een kom. Klop de geraspte citroenschil en het citroensap, de olijfolie, sumak en 1 theelepel water door elkaar en breng op smaak met zout en peper. Schud de dressing door de bulgur met koriander.

Meng voor de tahinyoghurt alle ingredienten in een kleine kom.

Verwarm een barbecuegrillplaat of koekenpan met dikke bodem en antiaanbaklaag op hoog vuur (gebruik wat olie in een koekenpan). Bak de sheftalia gaar in 3 minuten aan elke kant, neem ze uit de pan en laat ze 2 minuten rusten.

Bestrijk het pitabrood met olijfolie en gril het kort aan beide kanten.

Schep op elk pitabroodje 1 eetlepel tahinyoghurt en leg daarop tabouli en drie sheftalia. Vouw dubbel en serveer.

Wat ik zelf heb veranderd aan dit recept:

Vanwege gemak of omdat ik het lekkerder vind heb ik een paar kleine aanpassingen gedaan aan dit recept; het varkensgehakt is vervangen door half-om-half gehakt en de koriander heb ik vervangen door verse peterselie. In plaats van zoutvlokken heb ik zeezout gebruikt en de 2,5 kleine ui heb ik vervangen door 2 grote uien.

img_4008-2

Ook het kookboek ‘Greek’ van George Calombaris hebben?

Het kost €29,95 en is verkrijgbaar bij bol.com via deze link.

9200000056953636

Zoete aardappelkoekjes & pangafilet met kruidenyoghurtsaus

Zoete aardappel; ik ben fan… in alle vormen en maten. Vandaag koos ik voor de koekjesvariant. Ook wel vergelijkbaar met een aardappelrosti. Heerlijk knapperig van buiten en lekker zacht van binnen. Je kunt de aardappelkoekjes als bijgerecht serveren bij whatever you wish. Ik koos ervoor de maaltijd compleet te maken met een gebakken witvis, gegrilde paprika en een kruidenyoghurt saus. Wat mij betreft een zeer geslaagde combinatie en ook nog eens aan de gezonde kant. Enige voorzichtigheid is wel geboden bij het bakken van de koekjes. Zolang ze nog niet goed doorbakken zijn van buiten zijn ze kwetsbaar en kunnen ze uit elkaar vallen, daarom heb ik het 3 sterren gegeven qua moeilijkheid. Maar ach, ook uit elkaar gevallen zijn de koekjes heerlijk! Zeker met een heerlijk gekruid visje en de frisse yoghurtsaus bij.. nomnom! Doordat het niet al teveel werk is, is het perfect voor een doordeweekse avond.

Bereidingstijd: ~30 min        Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten voor 2 personen:

  • 2 pangasiusfilets (of andere witvis)
  • 2 zoete aardappelen (middelgroot, of 1 grote; max 300 gram)
  • 1 rode paprika
  • 75 gram rucola
  • 1 ei
  • ongeveer 5 el bloem
  • 0,5 tl chilipoeder
  • 0,5 tl paprikapoeder (of gerookt paprikapoeder)
  • 4 el griekse yoghurt
  • verse kruiden naar smaak (ik gebruikte bieslook en peterselie, 1 el van elk)
  • gedroogde kruiden naar smaak (ik gebruikte dragon en dille, 1 el van elk)
  • 1 teen knoflook
  • 2 el viskruiden naar smaak
  • olie
  • peper en zout

Andere benodigdheden:

  • grove rasp
  • keukenpapier
  • grilpan
  • 2 koekenpannen

Stappenplan:

Schil de zoete aardappel en was ze. Rasp de aardappelen boven een kom met de grove rasp. Doe hier het ei en 2 el bloem bij en roer goed door elkaar. Breng op smaak met de chili en paprikapoeder, peper en zout en wat verse bieslook.

Schep de griekse yoghurt in een kommetje en leng dit licht aan met wat water tot de gewenste dikte. Ik gebruikte ongeveer 2-3 el water. Breng op smaak met peper en zout doe de verse en gedroogde kruiden erbij (fijngehakt uiteraard). Knijp de teen knoflook uit met een knoflookpers of hak fijn en meng dit ook door de yoghurt.

Leg de pangasiusfilets op een stuk keukenpapier en dep goed droog. Wrijf licht in met viskruiden naar keuze en breng op smaak met peper en zout. Bestrooi ze dan lichtjes met wat bloem aan beide kanten, hierdoor zullen ze een licht krokant laagje krijgen zodra je ze bakt.

Snij de paprika in reepjes en gril deze ongeveer 5 minuten op hoog vuur totdat er lichte grilstrepen zichtbaar zijn. Draai het vuur uit en laat ze in de warme pan liggen totdat je serveert of leg ze apart.

Verhit de 2 koekenpannen met wat olie, beiden op middelmatig vuur.

In de ene pan ga je de aardappelkoekjes bakken, in de andere de vis.

Schep met een lepel wat van de zoete aardappelmix in je hand en druk dit licht aan tot een platte schijf (formaat koekje). Leg dit in de pan en herhaal totdat de mix op is.

Pas op dat je niet teveel koekjes in 1 pan bakt, je moet voldoende ruimte overhouden om ze te kunnen draaien. Hoeveel erin past is afhankelijk van de koekenpan die je gebruikt, maar ik denk niet meer dan 3 of 4 per pan. Bak ze liever in porties en hou ze warm onder aluminiumfolie als het niet in 1 keer in de pan past. Eventueel kun je ook een extra pan nemen voor extra koekjes.

Bak de koekjes ongeveer ~3-4min op middelmatig vuur, draai ze voorzichtig om met een spatel en bak ze nog eens ~3min. Draai ze niet te vroeg om, dan zullen ze uit elkaar vallen. Ze zijn klaar als ze lichtbruin zijn aan de buitenkant.

Bak intussen ook de vis in de andere pan met olie. Ongeveer 5min aan elke kant op middelmatig vuur of totdat de binnenkant net niet meer doorschijnend is.

Serveer dit gerecht door wat rucola op het bord te leggen. Leg hier de vis op en daarbovenop enkele zoete aardappelkoekjes. Bestrooi met de gegrilde paprika en serveer met de kruidenyoghurt dressing.

Smakelijk!

img_4048-11

Meat & mushroom pie

Onlangs at ik in een Australisch restaurant een overheerlijke ‘real Aussie meatpie’. Heerlijk krokant bladerdeeg gevuld met smeuiig gehakt. Ik kon het dus niet laten om zelf ook eens na te denken over een variant meatpie. Omdat ik het eten van groentjes toch ook wel belangrijk vind (en bovendien lekker) besloot ik er een meat & mushroom pie van te maken; gehakt en champignons in een kruidige tomatensaus, omhuld met knapperig bladerdeeg. Absoluut niet hetzelfde als die wat ik in het restaurant at, maar zeker ook net zo lekker! Als voorgerecht, maar ook als hoofdgerecht. Ga dan uit van ongeveer 2 pies per persoon en serveer met een frisse salade of andere groentes ernaast.

Bereidingstijd: ~40 min (+20min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten voor ongeveer 10 pies:

  • 500 gram half-om-half gehakt
  • 20 plakjes bladerdeeg
  • 1-2 eieren
  • 1 bakje champignons
  • 1 ui
  • 1 teen knoflook
  • 1 pakje tomatensaus (ook wel passata genoemd)
  • peper en zout
  • 2 el worcestershire saus
  • 1 el barbecuesaus
  • 1 el oregano
  • 1 el tijm
  • 1 el olie
  • 1 el maizena
  • 1 blokje runderbouillon

Stappenplan:

Haal het bladerdeeg uit de verpakking en leg de plakken los van elkaar om te ontdooien.

Snij de ui, knoflook en champignons klein. Verhit de olie in een pan en bak het gehakt rul op middelmatig vuur.

Voeg de gesneden groentes toe en bak deze zo’n 5min mee. Indien er veel vocht in de pan zit, giet dit vocht dan zoveel mogelijk af om te voorkomen dat je het eten kookt in plaats van bakt.

Voeg de tomatensaus, barbecuesaus, worcestershire saus en 75ml water toe en meng goed door elkaar. Meng de maizena met 2 el koud water tot een papje en voeg dit ook toe. Voeg ook het blokje bouillon toe. Breng op smaak met peper en zout en voeg ook de oregano en tijm toe en laat dit zo ongeveer 10min doorkoken op middelmatig tot laag vuur. De saus moet wat ingedikt zijn zodat er eigenlijk alleen rondom het vlees wat saus zit en dit niet al teveel ‘loopt’. Zie onderstaande foto.

IMG_3927-20

Verwarm intussen de oven voor op 220°C.

Nu komt het moeilijke gedeelte; het in elkaar zetten van de pies. Je zult merken dat 1 kant van de bladerdeegvellen meer plakt dan de andere kant. De bedoeling is dat de 2 plakkerige kanten aan de binnenkant van de pie komen te zitten. Leg dus 1 vel met de plakkerige kant naar boven op je werkplek. Doe dan een hoopje van het gehaktmengsel in het midden erop. Let erop dat je genoeg ruimte aan de buitenrand overhoudt om de deksel erop te leggen. Ik heb hier zelf een klein kopje voor gebruikt waar ik het gehakt een beetje in aandrukte. Je gehakt zal dan een beetje in de vorm van het kopje blijven zitten waardoor je minder knoeit en meer hoogte krijgt in je pie. Dit gaat echter wel het beste als je gehaktmengsel al wat is afgekoeld.

Zodra het gehaktmengsel goed in het midden ligt, leg je nog een vel bladerdeeg met de plakkerige kant naar beneden erop. Druk de kanten goed aan zodat er straks geen lucht meer ontsnapt. Je kunt ervoor kiezen om de rechte overtollige hoekjes deeg eraf te snijden, zodat je pie rond wordt, hier kun je een gewoon simpel mes voor gebruiken. Druk eventueel licht met de puntjes van een vork rondom de rand, hiermee krijgt hij een licht patroontje en zorg je ervoor dat hij goed afgesloten zit.

Doe het ei in een kommetje en roer kort los met een vork. Smeer wat van het ei over de pie en zet hem op een bakplaat. Je kunt dit met een kwastje doen of gewoon met je vingers, we zijn tenslotte bij ‘knoeien met Inge’.

Herhaal de ‘in-elkaar-zet-stappen’ voor alle pies.

Zet de pies in de oven voor ongeveer 20-25minuten, of tot het bladerdeeg goudbruin is.

Serveer met een frisse salade.

Wil je liever wat minder koolhydraten bij je maaltijd? Je kunt het gehaktmengsel ook in een klein (ovenvast) kommetje doen en dit kommetje afdekken met een plakje bladerdeeg (zie foto hierbeneden). Zo creeer je een soort dekseltje en gebruik je maar 1 vel bladerdeeg in plaats van 2. Bestrijk ook dan het bladerdeeg met het ei.

Smakelijk!

 

 

IMG_3923-19

Zomerse salade met gegrilde perzik, proscuitto en mozzarella

Als het zonnetje buiten schijnt is het heerlijk om de barbecue aan te steken en je vrienden uit te nodigen voor een avond vol genot en gezelligheid. Helaas is de werkelijkheid vaak anders en hebben we door ons werk niet altijd tijd om uitgebreid te barbecue’en. Deze is speciaal voor de werkende mensen die af en toe een kleurrijk en zomers gerecht in mum van tijd op tafel wil toveren. Uiteraard mogen ook niet werkende mensen genieten van deze heerlijke maaltijd. Zelfs Pim was verkocht, terwijl hij zegt niet van perzik te houden. En dat in 10 minuten tijd…

Bereidingstijd: ~10 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 personen:

  • 75 gram gemengde sla met rucola
  • 2 perziken
  • 4 plakken proscuitto
  • 1 bol mozzarella
  • 1 halve rode paprika
  • 1 halve komkommer
  • 1 rode ui
  • peper en zout
  • 4 el olijfolie extra vierge

Andere benodigdheden:

  • grilpan

Stappenplan:

Snij de paprika in stukjes of reepjes en snij de komkommer en de ui in halve maantjes. Snij de perziken door midden en haal de pit eruit. Snij ze vervolgens in wedges (8 wedges per perzik).

Verhit een grilpan en gril de perzik wedges zo’n 3 minuten aan elke kant. Keer ze voorzichtig om door er met een spatel onder te gaan. Doe dit voorzichtig zodat niet alle perzik aan de pan blijft plakken. Hierdoor krijgen de perzikken een iets hartigere smaak maar blijven ze ook nog steeds zoet. Dit past goed in de salade maar je kunt er ook voor kiezen om ze niet te grillen.

Scheur intussen ook de mozzarella en proscuitto in stukken.

Verdeel de sla over de borden en verdeel hier alle ingredienten over. Schenk wat olijfolie over de maaltijd als dressing (ongeveer 2 el per bord) en maak af met peper en zout.

Klaar is je snelle zomerse salade. Serveer met brood en een dipje of smeersel, zoals deze kruidenboter bijvoorbeeld.

Je kunt de mozzarella ook vervangen met geitenkaas als je dat lekker vindt. Ook kun je natuurlijk andere groentes door je salade doen of bijvoorbeeld geroosterde noten of pijnboompitten voor extra crunch. Ook de dressing kun je aanpassen naar wens, neem bijvoorbeeld eens een pestodressing of balsamicodressing. Ik heb hier zelf voor een naturel olijfolie genomen zodat ze smaken van de perzik, mozzarella en proscuitto zo puur mogelijk bleven. Je kunt de proscuitto ook vervangen door bijvoorbeeld gerookte kip.

Smakelijk!

IMG_3971-4

Kipsaté met satésaus

Als je mij 10 jaar geleden zou vragen wat ik het liefst at in een eetcafeetje, zou kipsaté echt op de allerlaatste plek komen. Inmiddels weet ik wel beter en ben ik niet weg te slaan van overheerlijke malse kipsaté, uiteraard met satésaus! Tijdens mijn reis naar Indonesie leerde ik hoe simpel ze hem daar maken; de kipsaté werd enkel gemarineerd met ketjap en de saus werd gemaakt van puur pinda’s met water en ketjap. Deze kipsaté in Indonesie was echt verrukkelijk op deze manier bereid, hoe kan het ook anders want de kip werd zo vers van het land afgeplukt. De Nederlandse supermarktkip heeft wat mij betreft iets meer nodig om echt goed mals en op smaak te zijn. Dus bij deze deel ik mijn versie van de kipsaté met satésaus.

Bereidingstijd: ~30 min (+1,5u marinade tijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor ~10 stokjes:

  • schaaltje kippendij filets (ongeveer 300-400 gram)*
  • 4 el olie
  • 7 el ketjap manis
  • 5 el sweet chili saus
  • 2 el honing
  • 2 tenen knoflook
  • 2 el sambal
  • klein stukje verse gember of een scheutje gembersiroop
  • scheutje limoen/citroensap
  • 400ml melk
  • 4 ruime el pindakaas (met stukjes)
  • gebakken uitjes voor garnering

*Je kunt ook kipfilet gebruiken in plaats van kippendijtjes, echter zijn kippendijen malser en daardoor minder kans op droge kip.

Andere benodigdheden:

  • huishoudfolie
  • grilpan of barbecue
  • satéstokjes

Stappenplan:

Snij de kippendijfilets in kleine stukjes, ongeveer zo groot als een dobbelsteen.

Meng in een kom 4 el olie, 4 el ketjap manis, 3 el sweet chili saus, 2 el honing. Pers ook 1 teen knoflook uit, doe 1 el sambal erbij en de gember in stukjes (of een scheutje siroop, ongeveer 1 el). Doe als laatste een scheutje citroen of limoensap erbij. Ik heb me ooit laten vertellen dat de kip door de zuren ervan extra mals blijft, dus dan doen we dat maar he.

Doe de gesneden kip in de kom met de marinade, meng door elkaar zodat er overal marinade zit. Dek dit af met wat huishoudfolie en zet in de koelkast. De kip moet ten minste 1u marineren om een beetje smaak te krijgen maar ik raad aan dit de avond van tevoren te doen en dan snachts lekker te laten marineren.

Zet 10 satéstokjes in een bakje met water voor ongeveer 10 minuten. Zo voorkom je dat de stokjes gaan aanbranden.

Doe de melk met de pindakaas in een steelpan en zet dit op het vuur. Roer totdat de pindakaas gesmolten is en breng aan de kook. Doe intussen ook de resterende ketjap manis, sweet chili, knoflook en sambal erbij en roer goed door. Naar smaak kun je meer of minder van elk ingredient toevoegen. Ook kun je water gebruiken in plaats van melk, zo is hij iets magerder. Zoals ik al vertelde maken ze in Indonesie de satésaus ook gewoon van pinda’s met water. Ik vind zelf melk net wat lekkerder.

Laat dit een aantal minuten doorkoken (blijf wel af en toe roeren) totdat je de gewenste dikte hebt bereikt. Zet daarna het vuur laag totdat ook de rest klaar is. Ben je te ver gegaan en is je saus te dik? Voeg dan nog wat extra melk toe.

Rijg intussen de blokjes kip op de stokjes. Zorg ervoor dat de blokjes allemaal op ongeveer dezelfde manier op de stokjes zitten, zodat ze allemaal op dezelfde manier garen. Bewaar de overtollige marinade.

Verhit de grilpan (of barbecue).

Leg de kipstokjes in de grilpan en gril ze aan alle kanten gaar. Smeer nog wat van de resterende marinade over de kip heen na de eerste keer draaien.

Wil je de kip gekarameliseerd hebben met goede grilstrepen erop? Laat dan het vuur hoog staan. Let wel op dat je ze niet te lang bakt want dan wordt de kip te droog. Wil je ze iets minder gekarameliseerd, zet dan het vuur lager, ze hebben dan wel iets langer nodig maar de kans op droog worden is kleiner. Ik wissel dit zelf af eigenlijk, net waar ik zin in heb. Voor deze foto heb ik ze op lagere stand gegrild, zo doen ze het ook in Indonesie trouwens.

Zodra de kip gaar is ben je klaar om te serveren. Schenk wat saus over de stokjes en garneer met gebakken uitjes.

Je kunt kipsaté serveren met vanalles; brood, frites, rijst, salade, broccoli… alles kan!

Ook kun je de kip vervangen door bijvoorbeeld varkenslapjes of varkenshaasje, dan heb je varkenssaté.

Smakelijk!

IMG_3904-15

Homemade spareribs

Wie zegt dat spareribs echt mannenvlees is, heeft mij nog niet ontmoet. Als de spareribs zo mals zijn dat het vlees zo van het bot af te halen is, en met een smakelijke glaze… daar kun je mij voor wakker maken! Ok, dat lieg ik, want ik hou nou eenmaal van slapen. Maar spareribs zijn wel echt TE lekker! En ook al zijn de kant en klare spareribs uit de supermarkt best wel prima, het stond al een tijdje op mijn lijstje om ze zelf te maken. Ik heb ze in de oven bereid, bij gebrek aan een zonnetje buiten, maar je kunt ze net zo goed op de barbecue bereiden…

Bereidingstijd: ~40 min (+3u30min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten voor de kruidenrub*:

  • 2 el bruine basterdsuiker
  • 1 el zout
  • 1 el oregano
  • 1 el uienpoeder
  • 1 el knoflookpoeder
  • 1 el gerookte paprika
  • 1 el paprikapoeder
  • 0,5 el gemberpoeder
  • 0,5 el citroengraspoeder
  • 0,5 el chilipoeder
  • 0,5 el cayennepeper
  • 0,5 el venkelzaad
  • 0,5 el komijn
  • 0,5 el zwarte peper

*Een kruidenrub is eigenlijk simpelweg een mix van kruiden/specerijen waar je je vlees mee insmeert, er bestaat dus geen kant en klaar recept voor. Vind je een bepaald kruid of specerij niet lekker of juist heel erg lekker? Het is helemaal prima om de samenstelling van de rub te veranderen naar wens.

Ingredienten voor de glaze:

  • 4 el barbecuesaus
  • 2 el honing
  • 3 el ketjap manis
  • 1 el worcestershire saus
  • 0,5 el azijn
  • halve rode peper, in stukjes gesneden
  • rasp van een halve limoen

Andere ingredienten:

  • worcestershire saus
  • ongemarineerde spareribs (ik gebruikte iberico ribs, maar elk soort is prima)

Andere benodigdheden:

  • zilverfolie
  • ovenschaal

Stappenplan:

Meng de ingredienten voor de kruidenrub in een kom.

Snij eventueel overtollig vet van de spareribs. De ribs mogen zeker nog wat vet ophebben maar de ribs die ik gebruikte hadden net wat veel vet voor mijn smaak dus ik heb er nog wat extra afgesneden. Het vet herken je aan de witte kleur. Hoeveel vet je moet afsnijden, en of je uberhaupt vet moet afsnijden, daar is helaas geen kant en klaar antwoord op dus dat zul je zelf moeten oordelen.

IMG_3841-7

Aan de holle kant van de ribs zit een vliesje over het vlees, haal dit er voorzichtig af. Gebruik eventueel een mesje om je hierbij te helpen. Dit is niet voor de mensen met een zwakke maag, ik vond het vrij onsmakelijk om te doen.

Smeer de rib lichtjes in met worcestershire saus en wrijf de rub erover. Zorg dat er aan alle kanten ongeveer evenveel rub zit. Afhankelijk van de grootte van je rib zul je niet alle rub nodig hebben. Wrijf er ook weer niet al teveel op, dat is ook weer niet lekker.

Leg de rib in de ovenschaal en dek af met zilverfolie. Laat dit 1-2u staan zodat de kruiden hun werk kunnen doen. Het zout in de rub zal ervoor zorgen dat er wat vocht aan het vlees onttrokken wordt waardoor de andere kruiden beter in het vlees trekken. Dit zal na ongeveer 45min op gang komen, je zult zien dat de rub dan wat vochtiger geworden is. De suiker in de rub zal straks gaan karameliseren waardoor de rib een heerlijk krokant laagje krijgt.

IMG_3845-11

Meng de ingredienten voor de glaze en zet dit apart voor later gebruik.

Verhit de oven voor op 120 graden.

Zet de schaal met ribs in de oven (met de zilverfolie erop) en gaar dit zo’n 3u.

Haal na 3u de zilverfolie van de ribs af en bestrijk met de glaze. Zet de oven hoger naar 180 graden.

Na 10 minuten draai je de rib om zodat de bolle kant naar boven ligt. Bestrijk ook deze kant met de glaze en bak zo nog 20 minuten door op 180 graden. Ik heb zelf de ribs elke 5-10minuten nog een keer bestreken met de glaze.

IMG_3847-1

Klaar is kees! Serveer bijvoorbeeld met frietjes (liefst handgemaakt natuurlijk!) en een frisse salade.

Je kunt de ribs natuurlijk ook op de barbecue bereiden. Zorg dan dat je ze de eerste 3u indirect verwarmt. Dat wil zeggen; geen direct vuur onder het vlees. Doe ze dan in een aluminium bakje dat je afdekt net als in dit recept. Alleen het laatste half uur (als je de glaze erop gaat smeren) kun je ze dan direct boven de kolen leggen.

Chinese steamed buns met krokante garnalen en hoisinsaus

Steamed buns, oftewel gestoomde broodjes, komen uit China en zijn zachte fluffy bolletjes deeg met een vulling naar wens. Meestal worden ze geserveerd met sticky varkensvlees of eend, ik koos vandaag voor krokante garnalen. Dit in combinatie met frisse groentes, zoete hoisinsaus en sesamzaadjes resulteert in een heerlijke, makkelijke en snelle Aziatische maaltijd. Omdat de broodjes die ik gebruikte niet al te groot waren, kun je rekening houden met 2-3 broodjes per persoon. Serveer met een frisse salade.

Bereidingstijd: ~20 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 broodjes:

  • 4 steamed buns (verkrijgbaar bij de toko uit de diepvries, ontdooid)
  • 8 of 12 gepaneerde diepvries garnalen
  • 0,5 wortel
  • 0,5 komkommer
  • lenteui
  • rode peper
  • sesamzaadjes
  • hoisinsaus

Andere benodigdheden:

  • stoommandje en wok (de broodjes kunnen eventueel ook in de magnetron bereid worden)
  • frituur of olie&pan om te frituren
  • kleine koekenpan
  • bakpapier

Stappenplan:

Verhit de frituurolie tot 180°C. Heb je geen frituurpan? Neem dan een gewone pan met dikke bodem en vul die met frituurolie. Zet deze op het vuur. Hierbij is het wel handig als je een thermometer hebt om de temperatuur te kunnen reguleren.

Snij intussen de wortel en komkommer in dunne reepjes. Snij de lenteui en rode peper in dunne ringetjes. Verhit een koekenpan en rooster de sesamzaadjes hierin tot ze goudbruin zijn.

Snij een rondje uit het bakpapier ter grootte van je stoommandje. Maak inkepingen in het papier zodat er lucht doorheen kan. Doe het bakpapier in het stoommandje en leg hier de buns op. Afhankelijk van de grootte van je mandje zul je de buns in meerdere keren moeten maken. Neem een wokpan en vul die met een klein laagje water. Zet dit op het vuur en breng het water aan de kook. Zet het stoommandje op het water (bodem van stoommandje mag het water niet raken) en stoom de buns 10-12 minuten (of hoe het vermeld staat op de verpakking van je buns).

Als ze bijna klaar zijn kun je ook de garnalen frituren. Deze hebben ongeveer 3-4min nodig om goudbruin te worden. Laat ze uitlekken op keukenpapier.

Neem de steamed buns uit het stoommandje en maak ze voorzichtig open. Beleg ze met hoisinsaus, de groentes, garnalen en sesamzaadjes.

Serveer met een frisse salade.

Uiteraard kun je varieren hoe je zelf wilt. Je kunt ook garnalen nemen zonder krokant jasje, kip of gemarineerd varkensvlees (pork belly) of eend. Ook met de groentes kun je varieren, strooi er eens wat koriander overheen of paksoi, of serveer ze met sriracha saus in plaats van hoisinsaus. Je kunt alle kanten uit, als het maar lekker is!

Ook de steamed buns kun je helemaal zelf maken, ik wil dit graag nog een keer doen maar voor de snelle doordeweekse maaltijd zijn deze diepvriesbuns ook gewoon prima.

IMG_3836-4

Smakelijk!

Hotdog Deluxe

Hotdogs, oftewel; broodje worst met saus. Wie was er niet dol op als kind? Voel je je, net als ik, schuldig om als volwassen persoon nog hotdogs te eten? Dat is niet langer nodig! Wie wel eens een foodtruck festival heeft bezocht heeft ze vast al vaker gespot; de luxe hotdog. Je komt ze tegen in alle soorten en maten en met elk soort topping. Je kunt het zo gek niet bedenken of het kan op je luxe hotdog. Eén ding hebben ze gemeen; het is allesbehalve een simpel broodje worst met saus. En ook nog eens superlekker!

Bereidingstijd: ~20 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 broodjes:

  • 4 lange afbakbroodjes (of verse van de bakker)
  • 4 chipolataworstjes
  • pakje ontbijtspek
  • bakje champignons
  • 1 teentje knoflook
  • peper en zout
  • gerookt paprikapoeder
  • verse peterselie
  • 3 lenteui
  • 2 el mayonaise
  • 2 el Mexican Style Chipotle saus van Calve

Stappenplan:

Meng de mayonaise en chipotle saus door elkaar.

Indien je afbakbroodjes hebt, bak ze in de oven zoals vermeld op de verpakking.

Haal eventueel vuil van de champignons af met keukenpapier. Was de champignons NIET onder de kraan, dan gaat een hoop van de smaak verloren! Snij de champignons in schijfjes en snij ook de knoflook in kleine stukjes (of gebruik een knoflookpers).

Snij de ontbijtspek in kleine reepjes. Vethit een koekenpan en bak de ontbijtspek daarin krokant. Je hebt geen olie nodig hiervoor. Laat ze uitlekken op keukenpapier.

Verhit een klein scheutje olie in een andere koekenpan en bak daarin de champignons met de knoflook. Gebruik echt maar een klein scheutje olie zodat de champignons een lichte geroosterde smaak krijgen (sauteren heet dat). Breng op smaak met peper, zout en een beetje gerookt paprikapoeder. Zet dan het vuur laag totdat je kunt serveren.

In de koekenpan waar je de spek in gebakken hebt kun je nu wat olie verhitten en de worstjes in bakken.

Snij intussen ook de lenteui in fijne ringetjes en hak de peterselie fijn.

Snij de broodjes open, smeer een ruime hoeveelheid chipotlemayo erop en beleg met wat champignons. Doe een worst in elk broodje en bestrooi met de bacon, lenteui en peterselie.

Smullen maar!

Je kunt natuurlijk afwisselen met allerlei ingredienten. Je zou er ook truffelmayonaise, prosciutto, rucola, parmezaanse kaas en pijnboompitten op kunnen doen bijvoorbeeld. Of probeer eens een mexican style worst met guacamole, sour cream, jalapenos, mais en koriander. Zo kun je elke hotdog omtoveren naar je favoriete keuken. Heb je bijvoorbeeld liever de Marokkaanse keuken, neem dan bijvoorbeeld lamsworstjes in plaats van varkensworstjes.

IMG_3835-3

Aranchini met arrabiata saus

Vriendin en mede-kookliefhebber Manon tipte mij op dit Jamie Oliver recept, dus ik nodigde haar en vriendin Sophie uit om dit gerecht samen te maken. Onder het genot van een glaasje prosecco gingen we aan de slag, en met succes! Het is even wat werk, maar het ziet er prachtig uit en is ook nog eens lekker ook! En omdat de smaken niet tezeer uitgesproken zijn, zal dit gerecht zeker een allemans vriend zijn. Wie houdt er nou niet van romige risotto, en dan ook nog eens in bitterbal vorm?! Dat kan alleen maar een topper zijn..

Bereidingstijd: ~2u  (+30min koeltijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): ****

Ingredienten voor ongeveer 16 stuks:

  • 30 gram boter
  • olijfolie
  • 2 uien
  • 500 gram risotto rijst
  • 0,05 gram saffraan draden
  • 175 ml witte wijn
  • 1,5 liter groentebouillon (van tablet)
  • 170 gram geraspte parmezaanse kaas
  • sap en rasp van een halve citroen
  • 100 gram ongezouten pistachenoten
  • 1 bol mozzarella
  • 100 gram zongedroogde tomaten
  • oregano
  • bloem
  • 3 eieren
  • paneermeel
  • 3 tenen knoflook
  • 1 blik tomatenblokjes (400 gram)
  • 1 handje verse basilicum
  • chilipoeder
  • peper en zout

Extra benodigdheden:

  • frietpan of olie om in te frituren
  • koekenpan
  • rasp
  • steelpannetje

Stappenplan:

Snipper de ui en 1 teen knoflook. Verhit wat olijfolie en boter in een koekenpan en fruit de knoflook en ui hierin. Zet hierbij het vuur redelijk laag, anders wordt de ui bruin. Doe de saffraan erbij. Doe ook de risotto rijst erbij en schud de pan een beetje om zodat elke korrel een dun laagje olie bevat.

Schenk dan de witte wijn erbij, zet het vuur iets hoger en laat de wijn verdampen. Blijf de rijst wel enigszins in beweging houden.

Zodra de rijst schreeuwt om meer vocht doe je de (hete) groentebouillon lepel voor lepel erbij. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld een opscheplepel voor soep. Doe 1 lepel bij de rijst en laat deze helemaal opnemen door de rijst voordat je een nieuwe lepel erbij doet. Ga zo door totdat de rijst gaar is of de bouillon op is. Dit zal ongeveer 15-20 minuten duren. Houdt de rijst wel in beweging door met de pan te schudden. Probeer zo weinig mogelijk in de pan te roeren. Dan roer je de rijstkorrel kapot waardoor hij een andere structuur kan krijgen. De rijst is gaar als hij net niet meer hard is van binnen, maar wel nog een bite heeft. Breng op smaak met peper.

Zet het vuur uit en roer 70 gram van de parmezaanse kaas en het citroensap door de risotto. Laat dit afkoelen.

IMG_3535

Wel de pistachenoten in een kom met heet water zodat de velletjes loskomen. Ontvel de pistache noten en hak ze fijn. Hak ook de mozzarella en zongedroogde tomaten klein en meng dit met de pistachenoten. Doe de rest van de parmezaanse kaas erbij en ook de citroenrasp en oregano. Dit is de vulling van je aranchiniballen.

IMG_3525

IMG_3538

Zet nu 3 kommen klaar; 1 met bloem, 1 met de eieren (losgeroerd) en 1 met paneermeel. Zet ook een schaal of kom klaar om je aranchiniballen in te bewaren.

IMG_3567

Nu komt het ‘knoeigedeelte’; het maken van de ballen.

Neem wat risottorijst in je hand en druk dit plat. Zorg dat er in het midden een soort holletje is. Doe een lepel van de vulling in dit holletje. Neem vervolgens nog wat risotto en bedek de vulling hiermee. Kneed dit tot een mooie ronde bal.

IMG_3568 IMG_3570 IMG_3571

Doe de bal in de bloem, daarna door het ei en daarna in het paneermeel. Zorg dat hij helemaal bedekt is. Leg het in de schaal voor later.

IMG_3574 IMG_3602

Herhaal dit totdat alle risotto op is. Wij kregen er ongeveer 16 ballen uit, maar dit is natuurlijk afhankelijk van hoe groot je ballen zijn. Die van ons waren groter dan een golfbal, maar kleiner dan een tennisbal. Zet ze in de koelkast totdat je ze gaat frituren.

Zet je frietpan alvast aan (175-180°C) of verhit olie in een pan tot die temperatuur.

Maak nu je arrabiatasaus. Fruit de knoflook en chilipoeder kort in wat olie in een steelpannetje, doe het blik tomatenstukjes erbij en laat dit even koken. Breng op smaak met peper en zout. Na een minuut of 10 doe je ook de basilicum (in stukjes gehakt) erbij en laat je het nog even kort staan op laag vuur totdat alles klaar is.

Nu kun je je ballen frituren. Doe ze voorzichtig in de olie. Na een minuut of 3-4 zijn ze klaar, ze zijn dan goudbruin aan de buitenkant. Laat ze kort uitlekken op wat keukenpapier.

Serveer de ballen met de arrabiatasaus en eventueel met een lekkere salade erbij.

Risotto is vrij machtig dus ik denk dat je met 3 ballen per persoon wel een goede maaltijd hebt, zeker als er ook een salade bij geserveerd wordt. Dit is natuurlijk per persoon verschillend en ook afhankelijk van de grootte van de ballen.

Wil je liever een vleesvariant? Je kunt bijvoorbeeld de zongedroogde tomaat vervangen door stukjes chorizo.

IMG_3683

 

Kleurrijke groentetaart

Wat een plaatje, deze taart! Bijna te mooi om aan te snijden. Boordevol kleurrijke groentes is deze taart net een bloem in de bloei. Zeker weten een hit voor elk etentje. De inspiratie voor deze taart kreeg ik al lange tijd geleden via de website van Culy.nl, en staat hij op mijn to-do lijstje ever since. Vandaag was het eindelijk zo ver… uiteraard met een geheel eigen draai.

Bereidingstijd: ~45 min  (+1u koeltijd + 1u oventijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingredienten voor de taartbodem:

  • 285 gram bloem
  • 125 gram roomkaas
  • 135 gram roomboter
  • 1,5 el azijn
  • 5 tl koud water
  • 1 el bakpoeder
  • snufje (zee)zout

Mocht je weinig tijd hebben, of gewoon geen zin, kun je ook kant en klare hartige taartbodem nemen uit het diepvriesvak van de supermarkt.

Ingredienten voor de inhoud:

  • 200 gram ricotta
  • 2 eieren
  • 1 teen knoflook
  • 0,5 el tijm
  • 0,5 el dragon
  • olijfolie of kruidenolie
  • peper en zout
  • 1 groene courgette
  • 1 gele courgette
  • 1 wortel
  • halve rode ui
  • 5 plakjes worst (ik gebruikte salame napoli)

Andere benodigdheden:

  • bakpapier
  • mandoline of iets anders om dunne plakken te snijden
  • springvorm (ongeveer 20 cm)
  • deegroller
  • plastic folie

Stappenplan:

Meng voor het deeg alle ingredienten in een kom en kneed tot een glad deeg. Pak dit in in plastic folie en leg ongeveer 1u in de koelkast om op te stijven en te rusten.

Verwarm de oven voor op 180 graden.

Haal na 1u het deeg uit de koelkast en leg het tussen 2 vellen bakpapier (of op een bebloemd aanrecht als je liever een kliederboel wilt veroorzaken). Rol het deeg tussen het papier uit met de deegroller tot een dikte van 3mm. Maak je de bodem dikker, dan zal hij langer gaartijd nodig hebben.

Haal het bovenste bakpapier eraf en doe dit in de springvorm. Ik heb het bakpapier enkel op de onderkant gedaan en de zijkanten met boter besmeerd, zodat de zijkanten glad blijven. Doe daarna het deeg in de springvorm en druk het zachtjes aan. Waar het deeg dubbel komt te zitten aan de randjes kun je met je vingers wat meer drukken, zodat het deeg daar weer wat dunner wordt. Prik met een vork enkele gaatjes in de bodem en zet dit nog heel even terug in de koelkast.

IMG_2368

Meng intussen in een kom de ricotta met de eieren. Doe er de tijm en dragon bij en breng op smaak met peper en zout. Pers de knoflook en doe dit er ook in. Meng tot een gladde mix.

Snij de courgettes en wortel in dunne repen met de mandoline. (op standje fijn, die van mij vond ik achteraf net wat te dik). Snij ook de ui in dunne ringetjes en halveer deze. Snij ook 4 plakken worst door midden, de 5e plak is voor het middenstuk.

Haal de taartbodem uit de koelkast en doe het ricottamengsel erin, verdeel dit over de bodem.

Leg nu 1 voor 1 de verschillende repen groentes in de taart, beginnend bij de buitenkant. Doe het allemaal om en om, zodat je een mooi kleurenpallet krijgt. Zet de repen goed rechtop en zoveel mogelijk tegen elkaar aan, laat zo weinig mogelijk ruimte over. Zorg ook dat er af en toe een plakje worst en wat ui tussen zit. Als laatste vouw je het laatste plakje worst in een roosje en zet je dit in het midden.

Haal nu de overtollige randjes deeg weg, druk eventueel de randjes ietsje naar binnen zoals ik op de foto hierbeneden heb gedaan.

IMG_2372

Strijk met een kwastje wat olijfolie over de groentes. Ik heb hiervoor een knoflook-rode peper olie gebruikt, maar je kunt alles gebruiken wat je lekker vindt.

Zet de taart in de oven voor ongeveer 1u of tot hij gaar is en het ricotta mengsel gestold is. (let op, er zal altijd wat vocht op de taart liggen dat niet stolt, dit is niet erg maar daardoor kan het lijken alsof je taart nog niet gestold is).

IMG_2383

Serveer hem eventueel met een frisse komkommer-tomaat salade.

Je kunt natuurlijk varieren met de groentes; gebruik ook een keer aubergine of tomaat bijvoorbeeld. Wil je liever een vegetarische variant, laat dan de worst weg.

Smakelijk!

Zalm met pesto uit de oven, met tagliatelle en romaatjes

Het recept voor deze zalm staat al jaren op het menu bij ons thuis. De combinatie van pesto, pijnboompitjes en honing is echt heerlijk bij de zalm. Vandaag serveer ik hem met zelfgemaakte pesto, tagliatelle en geroosterde romaatjes.

Bereidingstijd: ~25 min (+20min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2 personen:

  • 2 stukken zalm
  • 30 gram pijnboompitten
  • 160 gram tagliatelle pasta (zelfgemaakt of kant en klaar)
  • 100 gram spinazie (meer mag ook)
  • 2 el paneermeel
  • 1 el honing
  • 1 witte ui
  • 1 teen knoflook
  • 100 ml kookroom
  • 250 gram romaatjes
  • 3 el zelfgemaakte pesto (of uit een potje)
  • peper en zout
  • olijfolie

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 170°C. Zet een pan op het vuur met water om straks de pasta in te koken. Doe wat zout in het kookwater, het water zou moeten smaken als zeewater.

Indien je de pesto zelf maakt, doe dat dan eerst.

Verhit een koekenpan en rooster de pijnboompitten (zonder olie) totdat ze een bruin kleurtje krijgen. Laat afkoelen op keukenpapier.

Doe de romaatjes in een ovenschaaltje, giet er een scheutje olijfolie overheen en wat peper en zout en zet dit in de oven om te roosteren.

Leg de zalmstukken in een ovenschaal en doe een el pesto op elk stuk. Spreid deze pesto over de bovenkant en strooi daarna 1 el paneermeel op elk stuk zalm. Strooi er wat peper over en zet dit ook in de oven voor 15-20 min. Hoelang de zalm nodig heeft is afhankelijk van de grootte van de zalm. De zalm mag nog best nog lichtjes roze zijn van binnen, zeker als je echte verse zalm hebt.

Snij de ui en knoflook fijn.

Kook de tagliatelle in de pan met water totdat hij gaar is. Hij mag nog al dente zijn (dus een bite hebben).

Verhit ondertussen een koekenpan met een scheutje olie op middelmatig vuur. Doe de ui en knoflook erin en laat dit 5-10min aanfruiten. Doe de spinazie erbij en laat dit slinken. Nu mag de rest van de pesto en de kookroom erbij en roer dit goed door elkaar. Breng op smaak met zout en peper.

Zodra de tagliatelle klaar is giet je het af en doe je het bij de room-spinazie mix. Roer dit goed door elkaar.

Haal de zalm en romaatjes uit de oven. Verdeel de honing over de zalm. Alles is nu klaar om op te dienen.

Doe de tagliatelle op een bord, leg de romaatjes er half overheen. Leg de zalm ernaast en strooi de pijnboompitjes over het bord.

Smakelijk!

Frisse, zomerse quinoa salade

Dit recept is een variant op de quinoa salade van Jamie Oliver. Knapperige quinoa, groentes en frisheid van mango en verse kruiden; dit is een absoluut zomerhit wat mij betreft. Bij ons thuis staat hij regelmatig op het menu. Op de bacon na is het ook nog eens mega gezond.

Bereidingstijd: ~25 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 personen:

  • 100 gram quinoa
  • halve avocado
  • halve mango
  • 1 maiskolf
  • 75 gram kleine tomaatjes
  • 1 kleine rode ui
  • 1 paprika
  • 6 plakken bacon/spek
  • 2 el olijfolie
  • schil en sap van een halve citroen
  • 1 kleine rode peper (voor de pittig-liefhebber)
  • peper en zout
  • 20 gram feta kaas
  • verse kruiden (ik gebruikte munt, peterselie en bieslook)

Andere benodigdheden:

  • grilpan

Stappenplan:

Verhit wat olie in een pan en bak de bacon knapperig. Laat uitlekken op keukenpapier.

Kook de quinoa volgens de verpakking en laat afkoelen.

Meng in een kommetje de olijfolie met de schil en sap van de citroen en peper en zout. Ik heb knoflookolie gebruikt. Mocht je die niet in huis hebben kun je eventueel ook zelf wat knoflook aan dit gerecht toevoegen.

Snij de rode ui, avocado, mango en tomaatjes in stukken of schijfjes en marineer met de olie die je net gemaakt hebt.

Snij de paprika in reepjes en gril deze samen met de maiskolf in een grilpan totdat ze mooie grilstrepen hebben en gaar zijn. Snij met een mes de mais van de kolf af.

Snij de rode peper in fijne ringen (zonder pitjes) en fruit deze kort op medium vuur in dezelfde pan als waar je de bacon in gebakken hebt. Indien je niet van pittig eten houdt, kun je dit helemaal weglaten of bijvoorbeeld maar een halve peper gebruiken en die heel fijn snijden. Dan is de pittige smaak wat meer verdeeld en daardoor milder.

Snij de verse kruiden fijn.

Neem een diep bord en leg onderop wat quinoa. Strooi daarboven de mais, chili en andere groentes. Breek de bacon in kleine stukjes en strooi dit er ook overheen. Strooi dan de verse kruiden erover en verkruimel als laatste wat feta bovenop.

Enjoy!

IMG_2354

Pulled pork op een broodje

Het is natuurlijk al jaren hip, en dat zal het ook nog wel even blijven. Pulled pork, de uit Amerika overgevlogen lekkernij, waarbij taai vlees lange tijd op lage temperatuur gegaard wordt, waardoor het heel mals wordt zodat je het uit elkaar kan trekken met een vork. Ik ben fan, Pim is fan, en het is absoluut niet moeilijk om te maken. Het duurt alleen lang. Maar dat is het absoluut waard!

Bereidingstijd: ~60 min (+6u oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 4 personen:

  • 1 kg procureur (ook wel genoemd varkensnek; te koop bij de slager)
  • 1 ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 el komijn
  • 1,5 el gerookte paprikapoeder
  • 1 el venkelzaad
  • 1 tl citroengraspoeder
  • 1 tl cayennepeper
  • 1 tl chilipoeder
  • 1 el bruine suiker
  • 2 tl zeezout
  • 100 ml barbecuesaus (ik gebruikte Remia BBQ saus – The real Black Jack – Smokey BBQ)
  • 50 ml kippenbouillon
  • 1 el tijm
  • olijfolie
  • harde (ciabatta) broodjes
  • coleslaw

Extra benodigdheden:

  • gietijzeren pan

Stappenplan:

Haal de procureur uit de koelkast en laat hem op temperatuur komen. Verwarm intussen de oven voor op 120°C.

Maak van alle specerijen een kruidenrub, door ze door elkaar te mengen en dan in het vlees te wrijven. Gebruik hiervoor de komijn, paprikapoeder, citroengraspoeder, chilipoeder, cayennepeper, venkelzaad, bruine suiker en zout. Deze kruidenrub mix is naar eigen smaak, doe gerust meer of minder van iets erin als je dat lekkerder vindt.

IMG_2220

Doe een klein scheutje olie in de pan en leg het vlees met de rub in de pan. Snij intussen de ui en knoflook in stukken en meng dit met de barbecuesaus, tijm en bouillon. Giet dit mengsel rondom het vlees. Doe de deksel op de pan en zet dit in de oven. Na een half uurtje draai je het vlees om en giet je wat van de saus over het vlees heen. Arroseren heet dat; je giet het braadvocht over het vlees heen zodat het gelijkmatiger gaart en meer smaak krijgt. Je kunt dit zo vaak doen als je wilt. Ik heb het ongeveer elke 45 minuten gedaan; vlees omdraaien en arroseren.

Na een uurtje heb ik wat overschot aan vocht uit de pan gehaald omdat ik toch vond dat er teveel vocht in de pan zat. Dit vocht heb ik in een losse koekenpan laten sudderen zodat het een dikkere saus werd. Ik raad je dus aan dit ook te doen. Zorg ervoor dat je wel nog iets van vocht achterlaat bij het vlees om te kunnen arroseren.

Na 5-6u in de oven zal het vlees gaar zijn. Het laatste half uurtje heeft mijn vlees zonder deksel in de oven gestaan zodat de buitenkant een beetje knapperig kon worden. Het vlees moet minimaal een kerntemperatuur van 88 graden hebben, maar je merkt het ook als je met 2 vorken het vlees uit elkaar probeert te trekken. Als dit soepel gaat, dan is het vlees gaar. Laat het anders nog even staan.

IMG_2226

Trek het vlees met 2 vorken uit elkaar en meng met het vocht wat in de pan zat.

Snij een broodje open en beleg met coleslaw, vlees en wat extra saus en smullen maar! Meestal serveer ik er maiskolven en een frisse salade bij.

Smakelijk!

Lasagne bolognese

Deze lasagne bolognese is wel wat werk; qua tijd dan, niet qua moeilijkheid, maar hij is zo extreem lekker! Zeker met de zelfgemaakte pasta en al helemaal de zelfgemaakte bechamelsaus, echt om te smullen! Een goed gerecht om te maken als je bezoek krijgt. Je kunt de voorbereiding al de dag ervoor of s’ochtends doen. Zodra je bezoek hebt, is het dan nog een kwestie van in de oven doen en klaar is kees. Sta je ook niet urenlang in de keuken als je bezoek al daadwerkelijk op de bank zit.

Het recept hieronder was initieel voor 2 personen bedoeld, echter hebben wij er uiteindelijk met z’n 2en twee dagen van gegeten. Zeker als je het combineert met een salade en bijvoorbeeld wat stokbrood erbij. Je kunt dan wel misschien wat meer gehakt nemen; zo’n 400-500 gram.

Bereidingstijd: ~1u25 min  (+30min koeltijd + 30min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor de saus:

  • 300 gram half-om-half gehakt
  • 1 ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 wortel
  • 1 stengel bleekselderij (ik had paprika in plaats van bleekselderij omdat ik die nog had liggen)
  • 8 plakjes bacon
  • 1 blik tomatenblokjes
  • 2 el eekhoorntjesbrood
  • 2 el italiaanse kruiden (of 1 el tijm en 1 el oregano)
  • Peper en (zee)zout
  • Olijfolie

Ingredienten voor de bechamelsaus:

  • 50 gram roomboter
  • 60 gram bloem
  • 500 ml melk
  • snufje nootmuskaat
  • 1 blaadje laurier

Ingredienten voor de verse pasta (of neem kant en klare lasagnebladen als je geen pastamachine hebt):

  • 200 gram meel
  • 2 eieren
  • snufje zout
  • scheutje olijfolie

Andere ingredienten:

  • 75 gram strooikaas
  • 1 bol mozzarella
  • verse basilicum

Andere benodigdheden:

  • ovenschaal (ik had een schaal van ongeveer 20 bij 30cm)
  • koekenpan met deksel
  • steelpan
  • pastamachine
  • plastic folie

Stappenplan:

Om de verse pasta te maken leg je het meel en snufje zout op een schoon aanrecht. Maak in het midden een kuiltje en doe daar de eieren in. Roer met een vork de eieren los en meng er beetje bij beetje de bloem doorheen. Doe halverwege het scheutje olijfolie er ook bij en meng nu alles tot een deeg. Dit kan even een paar minuten duren eer dat je een mooi deeg hebt. Doe dit daarna in plastic folie inwikkelen en laat het 30-60min rusten in de koelkast.

Week het eekhoorntjesbrood in 100ml warm water zoals op de verpakking staat. Snij de bacon in kleine blokjes. Snij ook de ui, knoflook, wortel en bleekselderij in kleine blokjes (ongeveer 0,5 cm breed). Verhit wat olie in de koekenpan en bak de bacon hierin bruin. Doe daarna de gesneden groentes erbij en laat dit op middelmatig vuur zo’n 10min staan. Wel af en toe roeren.

Snij ook het eekhoorntjesbrood in stukjes en voeg dit toe. Gooi het water waar je het eekhoorntjesbrood in hebt geweekt niet weg, hier zit heel veel smaak in! Voeg het gehakt toe en maak het een beetje los. Het hoeft niet helemaal gaar te zijn, dat gebeurd zometeen vanzelf bij het sudderen. Doe ook het blikje tomaten en het water erbij en roer dit door. Breng op smaak met peper en zout en doe ook de kruiden erbij. Zet het vuur laag en doe de deksel op de pan en laat dit minimaal 30min sudderen. Dit is nodig om rijke smaken te creeeren. Roer af en toe door.

IMG_2164

Haal het pastadeeg uit de koelkast en verdeel het in 4 stukken. Haal dit door de pastamachine. Eerst 6 keer op de grootse stand (bij mij is dat stand 7) met telkens erna het deeg dubbelvouwen. Daarna kun je steeds kleiner gaan tot aan standje 1. Hang de vellen ergens zodat ze een beetje kunnen drogen (ik hang ze over de deur van het keukenkastje).

Verwarm intussen de oven voor op 180°C.

Haal na een half uur de deksel van de pan en laat de saus op middenhoog vuur nog 15min doorkoken. De saus zal hierbij gaan indikken. Let op dat hij niet te ver indikt, je kunt dan een extra scheutje water toevoegen.

Smelt de boter in het steelpannetje (niet bruin laten worden). Doe de bloem erbij en roer dit met een houten pollepel een paar minuten door op laag vuur. Dit heet roux. Het moet even doorgaren voordat je de rest erbij doet, anders zal de saus zometeen teveel naar bloem smaken. De roux is goed als hij droog en zanderig uitziet. Doe dan scheutje voor scheutje de melk erdoorheen en blijf telkens goed roeren zodat er een gladde saus ontstaat. Doe ook een blaadje laurier, snuf nootmuskaat en peper en zout erbij en roer dit door totdat de saus gaat indikken. Je hebt nu zelf bechamel gemaakt! De bechamel is goed als hij iets dikker is dan yoghurt.

IMG_2165 IMG_2166

Nu kun je de lasagne ‘in elkaar zetten’. Vet de ovenschaal in met een dun laagje olie. Vul hem vervolgens door hem laagje voor laagje op te bouwen, beginnend met een laagje rode saus (1/3e). Daarna volgen de pastavellen (je kunt ze op maat snijden indien nodig) en daar bovenop komt de bechamelsaus (ongeveer 1/3e). Doe daarna weer een laagje rode saus en zo verder. Bouw zo 3 laagjes van elk op elkaar. Je eindigt dan met een laagje bechamelsaus. Snij de mozzarella in stukken en leg dit bovenop. Strooi vervolgens de kaas erover en zet dit in de oven voor 25-30min. De lasagne is goed als de kaas bovenop een beetje bruin geworden is (zie mijn foto). Indien je kant en klare pastavellen gebruikt, controleer dan eerst of deze wel gaar zijn.

Serveer de lasagne met wat verse basilicum en een lekkere frisse salade.

IMG_2178

Smakelijk!

Marokkaanse gehaktballetjes met gegrilde paprika en couscous

Heerlijk kruidige en smeuiige gehaktballetjes, luchtige groene couscous en heerlijke gegrilde paprika’s. Dit recept is simpeler dan het lijkt en kan zo gebruikt worden om je vrienden of familie een culinaire maaltijd voor te zetten.

Bereidingstijd: ~35 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2 personen:

  • 150 gram couscous
  • 300 gram half-om-half, lams- of runder gehakt (net wat je lekker vind)
  • Paprika trio (puntpaprika of gewone) of andere groentes die je lekker vind om te grillen
  • Blikje tomatenblokjes
  • 1 ei
  • 3-4 el paneermeel
  • 1 grote ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 el Ras el Hanout (noord-afrikaanse kruidenmix)
  • 2 tl komijnpoeder
  • 2 tl paprikapoeder
  • 1 tl kaneelpoeder
  • 1 tl cayennepeper
  • 1 el honing
  • Peper en (zee)zout
  • Halve komkommer
  • 2 bosuien
  • 0.5 Bouillon blokje (kip of groente smaak)
  • 2 el olijfolie
  • Rasp en sap van een halve citroen
  • Verse kruiden: ik gebruikte peterselie en bieslook, van beiden ongeveer 1 el gehakte kruiden
  • Optioneel: 1 el gebrokkelde feta

Stappenplan:

Doe in een kom: het gehakt, ei, paneermeel, halve ui en teen knoflook (gesnipperd), 1 el ras el hanout, 1 tl kaneelpoeder, 1 tl komijnpoeder, 1 tl paprikapoeder en 1 tlcayennepeper. Doe er ook wat peper en zout bij en meng dit door elkaar totdat alle specerijen goed door het gehakt gemixt zijn. Indien het gehaktmengsel te nat is kun je extra paneermeel toevoegen. Draai nu gehaktballetjes, ongeveer ter grote van een bitterballetje.

IMG_2046

Bereid intussen ook de couscous volgens de aanwijzingen op de verpakking en laat dit 5-10min wellen. Gebruik het bouillon blokje in het kookwater om de couscous op smaak te brengen.

Verhit een koekenpan en doe de helft van de olijfolie erin. Bak de gehaktballetjes rondom bruin. Zet het vuur lager en doe de rest van de ui en knoflook erbij. Fruit dit even mee en voeg ook de rest van de specerijen erbij. Doe dan de tomatenblokjes bij de gehaktballen en een scheutje water (ongeveer 100 ml). Voeg ook de honing toe en laat dit alles even pruttelen op het vuur om de saus wat in te dikken.

Snij intussen de bosui, komkommer (zonder zaadlijsten) en verse kruiden klein. Meng in een kom de rest van de olijfolie met peper en zout, rasp en sap van de citroen en meng dit door de couscous. Doe ook de bosui, komkommer en verse kruiden door de couscous.

Verhit een grilpan en gril de paprika’s totdat ze mooie grilstepen hebben.

Nu zijn alle onderdelen klaar en kun je het serveren. Strooi als allerlaatst nog wat extra verse kruiden op de gehaktballetjes. Eventueel kun je ook een beetje gebrokkelde stukjes feta over de gehaktballen strooien.

Smakelijk!

Griekse pita’s met tzatziki en gekruide kip

Homemade pita’s zoals je ze niet in de winkel kan kopen; heerlijk zacht en fluffy, gevuld met frisse groentes, homemade tzatziki en gekruide kip. Je waant je zo op een terras in Griekenland met dit recept.

Bereidingstijd: ~40 min  (+1u rijstijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 4 gevulde pita’s:

  • 2 kipfilets
  • 1 komkommer
  • 2 tomaten
  • 1 rode ui
  • 1 klein bakje Griekse yoghurt (170 gram)
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 el rode wijnazijn
  • 1 el gehakte verse peterselie
  • 1 tl oregano
  • 3 el olijfolie
  • peper en (zee)zout
  • 250 gram bloem
  • 150 gram lauw water
  • 2 gram zout
  • 1 zakje gist (7 gram)
  • 1 tl honing
  • Maggy Mals & Kruidig – Mediterrane kruiden

Andere benodigdheden:

  • Keukenmachine of mixer met deeghaken (geen must, wel handig)
  • Kom
  • Vochtige theedoek
  • Koekenpan

Stappenplan:

Meng de bloem met 2 gram zout door elkaar in de kom van de mixer, maak een kuiltje in het midden. Meng in een ander kommetje het water met gist en meng dit kort door elkaar. Giet dit in het kuiltje van de bloem en meng dit kort door elkaar totdat het al begint te binden. Voeg dan de honing en 2 el olijfolie toe en mix dit verder tot een zacht deeg. Dit kan een paar minuten duren. Het deeg hoort niet heel erg plakkerig te zijn, doe er wat meer bloem bij in dat geval. Als je deeg klaar is doe je dit in een kom ingesmeerd met een dun laagje olie en doe er de natte theedoek overheen. Laat dit vervolgens op een warmer plekje ongeveer een uur rijzen tot het ongeveer 2x zo groot is.

IMG_2035 (1)

Meng intussen in een ander kommetje de griekse yoghurt met de tenen knoflook. Neem de helft van de komkommer en haal de zaadlijsten eruit. Snij of rasp de rest heel fijn, strooi er een beetje zout over en zet dit even weg. Na een paar minuutjes kun je zo het overtollige vocht uit de komkommer knijpen. Doe de komkommer daarna bij de yoghurt. Voeg ook de rode wijnazijn, peterselie, oregano, de rest van de olijfolie en peper en zout toe en meng dit. Proef of je de tzatziki lekker vindt, je kunt altijd meer of minder knoflook of kruiden toevoegen.

Als je deeg mooi gerezen is haal je het uit de kom en leg je het op het aanrecht. Let op, bestrooi het aanrecht eerst met wat bloem zodat het deeg niet blijft plakken. Verdeel het deeg in 4 gelijke delen. Rol elk deel uit, dit kan met de hand of met de deegroller. Het hoeft niet flinterdun te zijn, net wat groter dan de pita’s die je in de winkel koopt. Besprenkel ze met wat olijfolie. Verhit de koekenpan en bak de pita’s in de pan totdat ze een bruin kleurtje krijgen aan beide kanten. Dit duurt ongeveer 2-3min per kant. Zet het vuur niet te hoog want dan heb je kans dat de buitenkant van je pita aanbrand terwijl de binnenkant nog niet gaar is.

Bereid intussen de kipfilet met de Maggi papyrus zoals op de verpakking. Je kunt natuurlijk ook zelf aan de slag met kruiden, ik heb het mezelf ditskeer makkelijk gemaakt met Maggi.

Snij intussen ook de komkommer, tomaat en ui in dunne plakjes.

Zodra alles klaar is, snij je ook de kip in stukjes en kun je de pita’s gaan beleggen.

Smeer wat tzatziki op de pita, beleg met de groentes en kip en vouw ze daarna dicht. Strooi er eventueel nog wat extra verse peterselie overheen en smullen maar. Als extraatje kun je er ook wat fetakaas nog bij doen.

Mocht je minder tijd hebben, kun je de zelfgemaakte pita’s natuurlijk altijd vervangen door pita’s uit de supermarkt.

Smakelijk!

Tarte flambée, oftewel Flammkuchen

Pizza, maar dan anders. Ik ben zelf niet zo’n fervent pizza liefhebber, maar deze pizza-twin gaat er bij mij wel in. Heerlijk knapperige dunne bodem en een lichte topping maken dit tot een smulgerecht.

Bereidingstijd: ~30 min  (+1u rijstijd+ 20min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2 flammkuchen:

  • 200 gram bloem
  • 2 gram zout
  • 7 gram droge gist
  • 2 el olijfolie
  • 125 gram creme fraiche
  • 125 gram sour cream
  • 75 gram geraspte oude kaas
  • peper en (zee)zout
  • 1 tl nootmuskaat
  • 1 courgette
  • een paar kastanjechampignons
  • 1 sjalot-ui

Extra benodigdheden:

  • Keukenmachine of mixer met deeghaken (geen must, wel handig)
  • Mandoline (geen must, wel handig)
  • Deegroller
  • 1 vel bakpapier

Stappenplan:

Meng in de keukenmachine (met deeghaken) het meel met het zout door elkaar en maak daarna een kuiltje in het midden.

Meng in een ander kommetje het gist met ongeveer 150 gram water en giet dit in het kuiltje. Laat de keukenmachine even op een rustig standje draaien totdat het meel langzaam wordt opgenomen door het water. Giet daarna de olijfolie erbij en laat doordraaien totdat er een mooi deeg is gevormd. Als het deeg te nat is kun je wat extra bloem toevoegen, lepel voor lepel, totdat het mengsel droog genoeg is. Het deeg is goed als het bijna niet meer aan je vingers blijft plakken. Doe daarna het deeg in een kom en dek deze af met een vochtige theedoek. Laat dit minimaal 1u staan zodat het deeg kan rijzen. Het deeg zal dan minimaal 2x zo groot worden, dus zorg ervoor dat de kom groot genoeg is hiervoor.

Verwarm de oven voor op 180°C.

Bestrooi een schoon aanrecht met bloem en neem de helft van je deeg. Bestrijk je deegroller ook met bloem en rol het deeg uit tot een dunne plak. Doe intussen ook bakpapier op je bakrooster en  leg daar het uitgerolde deeg op. Je kunt dit doen door het deeg om je deegroller heen te rollen, en dan weer uit te rollen op het bakrooster.

Meng in een kommetje de sour cream, creme fraiche, de helft van de oude kaas, peper, zout en nootmuskaat door elkaar. Smeer hiervan een dun laagje over het deeg heen.

Snij met een mandoline de courgette, champignons en sjalot in dunne reepjes. Strooi dit over de flammkuchen heen en bestrooi dan met de rest van de kaas.

IMG_2028

Bak de flammkuchen af voor ongeveer 20 minuten, totdat de randjes goudknapperig zijn.

Je kunt natuurlijk ook varieren met andere toppings. De traditionele flammkuchen wordt gemaakt met ui en spek, maar je kunt alle kanten op met allerlei soorten vis, vlees of groenten.

Kabeljauwfilet, paprika-tomaat-chorizo saus en erwtenpuree

Dit heerlijke, relatief gezonde EN makkelijke gerecht staat in een mum van tijd op tafel. Goed te combineren met ciabattabrood, tagliatelle, aardappeltjes of gewoon zo zonder koolhydraten.

Bereidingstijd: ~30 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2 personen:

  • 2 kabeljauwfilets (vers of diepvries)
  • 4 tomaten
  • 1 paprika
  • 1 ui
  • 2 tenen knoflook
  • 100 gram chorizoworst
  • 2 tl rozemarijn (gedroogd of  vers)
  • 2 tl gerookte paprikapoeder
  • 400 gram erwten (diepvries)
  • 2 el muntblaadjes (ongeveer 4 takjes)
  • 50 ml room
  • 1 bouillon blokje
  • Peper en (zee)zout

Verder nog nodig:

  • Staafmixer
  • Steelpan
  • Koekenpan

Stappenplan:

Begin met het snijden van de ui, knoflook, paprika en chorizo in kleine blokjes. Je kunt ook vast de tomaat in blokjes snijden. Verhit de koekenpan en bak de blokjes chorizo op hoog vuur in een paar minuten knapperig. Omdat de chorizo al genoeg vet bezit hoef je geen extra olie in de pan te doen.

Zet het vuug lager en voeg de ui, knoflook en paprika toe en laat dit een paar minuten bakken onder af en toe roeren.

Doe intussen ook ruim water in de steelpan en breng dit aan de kook met 2/3e van het bouillonblokje. Hier ga je zometeen de erwtjes in koken.

Doe in de koekenpan de tomaten, de rest van het bouillonblokje, de rozemarijn en paprikapoeder bij de rest en roer dit door. Breng het geheel aan de kook en laat onder af en toe roeren ongeveer 5 minuten doorkoken. Indien de saus te dik is kun je een scheutje water toevoegen.

Doe intussen ook de erwten in de steelpan en kook ongeveer 6min totdat de erwten goed gaar zijn.

Bestrooi de kabeljauw met wat peper en zout en leg ze bovenop de saus in de koekenpan. Doe de deksel op de pan en zet het vuur laag. Stoom zo de kabeljauw gaar in 5-10min (10min indien nog bevroren). De kabeljauw is gaar als hij als het ware uit elkaar valt zodra je hem aanraakt.

Als de erwten gaar zijn, giet je het vocht af (je kunt eventueel nog een beetje bewaren om je saus mee te verdunnen later, mocht dit nodig zijn).

Doe de room en munt bij de erwten en meng tot een puree met de staafmixer. Het is aan jou hoe grof je de puree wilt laten. Indien je een hele gladde puree wilt, zul je hem door een zeef moeten halen. Ik heb ervoor gekozen om hem een beetje grover te laten.

Breng de puree op smaak met peper en zout. Indien de puree te dik is, kun je wat extra room of een scheutje kookvocht toevoegen.

Zodra je kabeljauw ook gaar is, kun je de puree met de vis en de saus serveren. Ik vind het lekker om een beetje ciabattabrood erbij te eten, maar het kan natuurlijk ook zonder koolhydraten of met wat tagliatelle of aardappeltjes.

Wat vind jij lekker bij dit gerecht? Of heb je nog leuke variaties hierop? Ik hoor jou reactie graag!

Smakelijk!