Tabouleh

Gezien deze zomer echt niet normaal heet is, gooien wij regelmatig de barbecue aan. En met regelmatig bedoel ik dan minstens 1x per week, soms wel vaker. Om niet elke keer de standaard sla met komkommer en tomaat als bijgerecht te serveren, wilde ik eens variëren. Toen mijn broer een feestje organiseerde aan de Maas, waarbij we zelf ons eten moesten verzorgen, besloot ik dus eens deze tabouleh te maken en mee te nemen naar het feestje. Nou, hij viel verdomde goed in de smaak. En terecht ook, al zeg ik het zelf. Ik heb eigenlijk nooit eerder peterselie als hoofdingrediënt gebruikt. En nu vraag ik me dus af waarom niet. Vooral door het gebruik van de citroen zat er zoveel smaak aan deze salade, dat ik persoonlijk de salade lekkerder vond dan de worst van de barbecue.

Traditioneel wordt tabouleh niet met granaatappel geserveerd. Ik voegde dat zelf toe om hem iets specialer te maken, en wat mij betreft nog net ietsje geschikter als bbq-bijgerecht. Tabouleh is traditioneel gezien echt een peterselie-salade, die meestal als voorgerecht van een Libanese mezze geserveerd wordt. Je ziet veel recepten waarbij couscous gebruikt wordt, maar ook dit is niet volgens traditie. Origineel hoort er bulgur in (of bulghur). Je hebt grove en fijne bulgur, ik gebruikte fijne bulgur. Dit heeft wel veel weg van couscous hoor, dus ik begrijp de verwarring ook wel. Ik denk stiekem ook dat mijn verhouding bulgur tot peterselie ook niet geheel traditioneel was. Ik zei al, het is echt een peterseliesalade, dus van origine hoort er echt maar heel weinig bulgur in. Maar dat maakt me niks uit, het gaat erom wat ik zelf het lekkerst vindt. En dat was zeker exact zoals ie nu is!

Ohja, de salade is het lekkerst als ie op z’n verst is. Maak hem dus niet te lang van tevoren. Je kunt hem wel een dag bewaren hoor, maar je merkt dan wel dat hij ietsje in kwaliteit is afgenomen. Net als elke andere salade eigenlijk, die is altijd het lekkerst als je hem net gemaakt hebt.

Bereidingstijd: ~ 20 min Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten:

  • flinke bos platte peterselie (~150 gram)
  • half bosje munt (6 takjes)
  • 75 gram fijne bulgur
  • 2 citroenen
  • 3 trostomaten
  • 3 bosui
  • halve komkommer
  • halve granaatappel (optioneel)
  • 2 el granaatappelmelasse (evt weg te laten)
  • 3 el olijfolie
  • peper en zout

Stappenplan:

Kook de bulgur zoals aangegeven op de verpakking. Laat afkoelen.

Snij de tomaten doormidden en haal het natte vruchtvlees binnenin weg. Snij de tomaat vervolgens in kleine blokjes.

Snij de komkommer in repen en snij de zaadlijsten weg. Snij ook de komkommer in kleine blokjes.

Was de bosui, en snij ook deze in hele fijne ringetjes.

Rasp de schil van de citroenen en doe dit bij de tomaat, komkommer en bosui. Snij vervolgens de citroenen door en pers ook het sap uit voor erbij.

Voeg de olie en peper en zout toe, als ook de granaatappelmelasse. Heb je geen granaatappelmelasse, dan laat je het weg.

Haal de granaatappelpitjes uit de granaatappel door met een lepel op de harde schil van de granaatappel te slaan. Zo zul je merken dat de pitjes er vanzelf langzaam beetje bij beetje uit vallen.

Voeg de afgekoelde bulgur toe.

Snij als laatste de peterselie grof. Snij ook de munt in reepjes.

Voeg beide kruiden bij de salade en hussel alles goed door elkaar.

Proef nog een keer om te zien of je meer peper en zout moet toevoegen.

Lekker als bijgerecht bij een barbecue. Of zoals de Libanezen doen, als voorgerecht van een mezze.

Smakelijk!

Paneer kebab: Indiase vega spiesjes

YES, wat was ik blij toen ik de foodybox zomer opende en daar paneer in aantrof. Paneer is typische Indiase kaas die je tot voor kort alleen in de toko kon krijgen. En nu heeft apetina dus hun eigen paneer op de markt gebracht die je dus in de gewone supermarkt kan kopen. Ik stond dus te popelen om ermee aan de slag te gaan. Eerder al maakte ik deze paneer butter masala curry, wat echt mijn favoriete curry ever is. Nu wilde ik het over een non-curry boeg gooien, gezien het zonnetje zich flink laat zien deze zomer. Ik weet niet hoe het bij jullie zit, maar bij ons staat de barbecue vrijwel wekelijks aan. Om eens te variëren met de standaard worstjes en burgers besloot ik dus om paneer kebab te maken. Paneer kebab zijn Indiase spiesjes van de barbecue, wat dus een mengsel van paneer en groentjes is. De spiesjes worden gemarineerd met yoghurt en kruiden, waardoor ze licht spicy worden.

Uiteraard schoot ik zelf uit met de chilipoeder toen ik dit gerecht thuis maakte. Onze spiesjes waren dus op het randje van te pittig. Don’t worry, ik heb dit recept aangepast en er zit dus minder chili in. Als je dit gaat maken is het handig om de yoghurtmarinade tussendoor te proeven. Zo pittig als de marinade is, zo worden de spiesjes ook ongeveer. Ben je nou net als ik uitgeschoten met de chili? Dan is deze muntchutney erg lekker erbij. Ook als je niet bent uitgeschoten trouwens. En om de maaltijd compleet te maken, maakte ik voor het eerst zelf chapati’s, Indiaas brood.

Omdat er ook een oranje paprika in de foodybox zat, besloot ik deze ook aan de spies te rijgen. En omdat ik eens iets anders van de barbecue wilde dan de standaard groentjes die we altijd eten, zoals paprika, champignons en courgette, besloot ik om er eens bloemkool aan te spiesen. Bloemkool doet het heel goed met een yoghurtmarinade op de barbecue. Het wordt niet snotgaar en behoudt dus zijn crispy bite. Voor menig Nederlander wellicht een beetje spannend, want die zijn wellicht de overgekookte pap van hun moeder gewend. Maar rauwe bloemkool is echt heerlijk, dus half-rauwe (zo noem ik het maar even voor het gemak, gezien hij dus niet snotgaar is) bloemkool doet het ook goed. Maar je bent natuurlijk vrij om zelf te kiezen welke groentes je lekker vindt aan je spies. Over het algemeen zijn paprika’s en ui sowieso wel te vinden in een paneer kebab, maar met andere ingrediënten kun je variëren.

Bereidingstijd: ~ 20 min (+30m marinadetijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 spiesjes:

  • 1 pakje apetina paneer
  • halve bloemkool
  • 1 rode en 1 oranje paprika
  • 1 grote witte ui
  • 1 bakje griekse yoghurt of kwark
  • 2 cm verse gember
  • 0,5 tl chilipoeder
  • 1 tl korianderzaadpoeder
  • 0,5 tl kurkuma
  • 1 tl garam masala
  • 0,5 tl komijnpoeder
  • 1 tl kasuri methi (gedroogde fenegriekbladen, laat ze weg als je dit niet in huis hebt)
  • 2 el limoensap
  • peper en zout

Stappenplan:

Snij de paneer in grote blokjes (ik sneed er 10 uit het pak).

Snij ook de paprika’s en ui in grove stukken.

Snij de roosjes van de bloemkool af, zorg dat je redelijk grote hele roosjes overhoudt, ongeveer net zo groot als de blokjes paneer.

Meng de yoghurt met de specerijen, gember (geraspt) en het limoensap en breng op smaak met peper en zout.

Doe de groentes en paneer bij de yoghurt en meng door elkaar zodat de groentes helemaal bedekt zijn.

Laat dit een half uurtje intrekken.

Rijg de groentes en paneer aan spiesjes.

Verhit de barbecue of een grilpan en gril de spiesjes hierin in zo’n 10 minuten mooi goudbruin.

Smakelijk!

Indiase muntchutney

Deze muntchutney maakte ik als bijgerecht, of sausje, bij deze paneer kebab spiesjes en deze chapati’s. De functie van zo’n muntchutney is om de spices een beetje te temperen en je tong dus niet giga in de fik komt te staan. Zeker voor ons Hollanders kan dat nogal eens van pas komen, gezien menig kaaskop niet bestand is tegen een vleugje chili. De muntchutney is supersimpel om te maken en ik vind hem persoonlijk erg lekker. Er zijn uiteraard honderden recepten voor muntchutney te vinden. Ik heb deze gemaakt puur op basis van welke ingrediënten ik op dat moment in huis had. Natuurlijk kun je de yoghurt weglaten, en enkel water toevoegen. Of als je niet van koriander houdt, laat je deze weg. Of als je extra van pittig houdt, en dit sausje dus niet wilt gebruiken als blusmiddel, dan voeg je groene pepers toe. De groene pepers zitten in veel authentieke recepten erbij, maar dat vond ik een beetje too much. En zonder is hij net zo lekker. Het heeft ook echt gewerkt trouwens. Ik maakte de paneer spiesjes net ietsje te pittig, maar dit hielp echt de pittigheid draagbaar te maken.

Bereidingstijd: ~ 10 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten:

  • 1 bos verse munt
  • halve bos koriander
  • 2 cm verse gember
  • 2 tenen knoflook
  • 3-4 el griekse yoghurt of kwark
  • 2 el plantaardige olie
  • 2 el water
  • peper en zout

Stappenplan:

Haal de muntblaadjes van de takjes. Doe ze in een keukenmachine. Doe hetzelfde met de koriander. Je kunt de bovenkant van de koriandertakjes gewoon gebruiken, dus je hoeft alleen de onderkant af te snijden.

Pel en snij de knoflook grof, en doe hetzelfde met de gember.

Voeg ook de knoflook en gember toe aan de keukenmachine, als ook de olie en het water.

Mix de ingrediënten in de keukenmachine tot een gladde mix.

Haal het door een zeef zodat de blaadjes munt en koriander achterblijven en je alleen het vocht overhoudt.

Meng de yoghurt erdoor en breng op smaak met peper en zout.

Smakelijk!

Indiase chapati’s

Inmiddels is het alweer 8 jaar geleden dat ik voor het eerst in India was en dus voor het eerst kennismaakte met chapati’s. Ik was destijds in het noorden van India en in mijn herinnering werden chapati’s voornamelijk gegeten door de armere bevolking. De rijkere bevolking kon zich naanbrood veroorloven. Dat nam ik sowieso voor lief, want naanbrood was veel lekkerder en stukken vetter. Inmiddels ben ik dus weer een tweede keer in India geweest en heb ik geleerd dat chapati’s door iedereen gegeten worden, arm of rijk. Ook Indiase mensen willen wel eens afwisseling natuurlijk. Hun afwisseling zit hem in rijst, chapati of naan. Uiteraard zijn ook hun curries heel gevarieerd.

Ik kreeg onlangs de foodybox zomer opgestuurd, met daarin allemaal nieuwe producten om uit te proberen. In deze box zat ook apetina paneer. YES, paneer is echt een van mijn favoriete ‘exotische’ producten. Dat je hiervoor dus nu niet meer perse naar de toko moest vond ik fantastisch. Eerder maakte ik al deze curry met paneer, wat echt mijn favo curry ever is. Deze keer besloot ik kebab-spiesjes te maken van de paneer, gezien deze zomer zo fantastisch warm is dat we minstens wekelijks de barbecue aansteken. Natuurlijk hoort er iets bij de kebab-spiesjes, en om niet weer naanbrood te maken, wilde ik dus deze keer chapati’s proberen. Ook maakte ik deze muntchutney voor erbij.

Mijn Indiase collega’s hadden me al gewaarschuwd dat het lastig is om chapati’s zelf te maken. Nou, die uitdaging wilde ik wel aan gaan. De moeilijkheid zit hem blijkbaar in het laten ‘poffen’ van het deeg. Door de manier waarop je ze gaart, eerst in de pan en daarna direct op open vuur, zorgt ervoor dat de lucht in het deeg zich uitzet waardoor je chapati helemaal opblaast als een ballon. Dat is inderdaad nogal lastig voor elkaar te krijgen zoals de echte Indiase huisvrouwen dat doen, en vergt dus nog wat extra oefening. Mijn chapati’s bliezen zichzelf wel goed op, maar niet voor 100%. Toch maakt dit het zeker niet minder lekker, en het is gewoon leuk om te doen. Zoals ik net al aangaf heb je dus wel eigenlijk een gasfornuis hiervoor nodig, omdat je de chapati’s dus heel kort boven het open vuur houdt.

Bereidingstijd: ~ 30 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor ongeveer 6 chapati’s:

  • 250 gram tarwebloem
  • 150 ml water
  • 1 el plantaardige olie
  • snuf zout

Stappenplan:

Doe de bloem in een kom en meng er de snuf zout doorheen.

Voeg de olie toe als ook een scheut water.

Begin met een hand langzaam door de bloem te gaan om het water in de bloem te verwerken. Geef hiervoor niet teveel kracht, laat de ingrediënten hun werk doen. Voeg beetje bij beetje meer water toe, waarnaar je telkens verder mixt met je hand. Nogmaals, gebruik je vingers puur als mixer en ga niet lopen duwen op je deegje.

Zodra het deeg mooi samenhangend is leg je een vochtige theedoek over je deeg en zet je het 5 minuten apart. Nu gaan de gluten werken. Merk je nou dat je deeg niet mooi samenhangend wordt voeg dan wat extra water toe. Is je deeg te nat? Voeg dan wat extra bloem toe.

Na 5 minuten bestrooi je een schoon aanrecht met wat bloem en nu gaan we het deeg wel goed kneden. In zo’n 4 a 5 minuten zul je merken dat het deeg lekker elastisch wordt. Verdeel dan het deeg in 6 stukken.

Strooi opnieuw wat bloem op je aanrecht en rol elk stuk uit tot een lap van ongeveer 2 a 3mm dikte. Probeer de chapati’s zo rond mogelijk uit te rollen door het deeg telkens een kwartslag te draaien.

Verhit een koekenpan.

Leg een chapati in de koekenpan en bak ze aan elke kant ongeveer 45 seconden totdat er goudbruine vlekjes ontstaan.

Je zult merken dat er bubbels ontstaan in het deeg. Haal de chapati uit de koekenpan en leg hem op de open vlam. De luchtbellen in je chapati zullen daardoor groter worden en als het goed is zou je hele chapati als een ballon moeten opblazen. Draai nog 1x snel om boven het open vuur en klaar is kees.

Herhaal dit met alle 6 de chapati’s.

Smakelijk!

Aziatische kip salade

Deze Aziatische kip salade is geïnspireerd op een gerecht wat ik voorbij zag komen bij Masterchef Australia. Het is echt mijn favoriete kookshow en er is momenteel weer een nieuw seizoen bezig. In een van de afleveringen werd een kip salade gemaakt tijdens een teamchallenge. Die kip salade scoorde enorm goed scoorde enorm goed bij de jury en ook bij mij liep het water uit de mond bij het zien van het bord. Uiteraard had ik me ten tijde van de aflevering niet bedacht dat ik ook zoiets wilde maken en heb ik dus geen notities gemaakt van hoe het gemaakt werd, maar ik kon me enigszins herinneren wat erin zat en vond het misschien juist wel leuker om er zelf een draai aan te geven. De aflevering terugzoeken was me teveel werk, ik ben dan liever creatief. Zo kwam deze kip salade dus tot stand.

Heel eerlijk, ik vond hem zelf fantastisch lekker en heb zelfs de leftovers de volgende dag als lunch gegeten. Pim vond hem iets minder, maar dat kwam voornamelijk omdat zijn visie op ‘salade’ veldsla met komkommer is en dit daar dus echt heel erg van afweek. Kool is niet perse aan hem besteed, dus een salade die grotendeels uit kool bestond was al gedoemd om niet succesvol te zijn bij Pim. Maar dat mocht de pret niet drukken, ieder zijn smaak. Zoals ik al zei, ik vond hem zelf echt fantastisch en het is zoals je ziet ook nog eens een kleurenexplosie op je bord. En superhealthy natuurlijk! Je kunt uiteraard nog iets van noodles ofzoiets toevoegen om toch wat koolhydraten in je gerecht te hebben, ik vond dat zelf niet nodig en had hier genoeg mee.

Ik had dan wel weer verwacht dat je de kokosmelk veel beter zou proeven in de kip. Je proeft het wel hoor, maar het is heel erg subtiel. Dat kan wellicht aan mij liggen, of aan de manier waarop ik dit bereid heb. Maar ook dat zorgde niet voor een minder smaakvol gerecht. Wat mij betreft absoluut een winner en heel erg tof om op tafel te zetten tijdens een healthy etentje met vrienden. Lekker knapperig en gezond, daar hou ik van.

Bereidingstijd: ~ 25 minuten     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 350 gram kippendijfilets
  • 1 blikje kokosmelk
  • 2 cm verse gember
  • 1 stokje citroengras
  • 1/2 rode kool
  • 1/2 witte kool (1 rode of 1 witte mag ook)
  • 1 wortel
  • 2 bosui
  • verse koriander
  • verse munt
  • 2 handjes pinda’s
  • 2 handjes gebakken uitjes
  • 1 rode ui of sjalot
  • 2 el appelazijn
  • optioneel: rode peper

Voor de dressing:

  • 2 el vissaus
  • 2 el rijstazijn
  • sap van 1 limoen
  • 2 el honing (of palmsuiker)
  • 1 teen knoflook
  • 1 cm verse gember

Stappenplan:

Kneus de citroengras door met de achterkant van je mes erop de slaan. Snij in 3 stukken.

Snij de verse gember in schijfjes.

Doe de kokosmelk met de citroengras, gember en de kip in een steelpan en breng tegen de kook aan.

Pocheer de kip in zo’n 10 minuten gaar en draai daarna het vuur uit. Let op: pocheren doe je niet in kokend vocht, maar heet vocht.

Snij intussen de kool fijn. Snij ook de wortel en bosui fijn. Het makkelijkste is om hiervoor een mandoline te gebruiken als je die hebt, maar met de hand kan ook.

Snij de munt in fijne reepjes en pluk de koriander.

Maak intussen de dressing door de knoflook en gember te raspen of fijn te snijden. Meng dit met de vissaus, rijstazijn, honing en limoensap. Eventueel kun je nog wat extra peper toevoegen.

Hak de pinda’s grof.

Pull de kip door met je handen of met vorken uit elkaar te trekken tot grove stukken.

Snij optioneel nog een rode peper in ragfijne ringetjes.

Meng alle groentes door elkaar, en verdeel over borden. Schenk er de saus over.

Verdeel de kip over de borden en bestrooi met gebakken ui en pinda’s.

Smakelijk!

 

 

Knoflookgarnalen uit de oven

Ik deelde onlangs al deze patatas bravas, die ik maakte als onderdeel van een tapasdiner. Als onderdeel van datzelfde diner maakte ik ook deze knoflookgarnalen uit de oven. Wanneer er in een restaurant ergens knoflookgarnalen op het menu staan, zal Pim of ik ze steevast bestellen. Heerlijk met een beetje brood om lekker te dippen. Ik denk dat Pim zelfs zo een hele schaal in z’n uppie op kan. Maar ik geef hem geen ongelijk hoor. Want knoflookgarnalen zijn echt heerlijk. Maar toch had ik ze nog niet eerder zelf gemaakt. Op een warme zaterdagavond kwam daar dus verandering in. Ik had door het warme weer al weken niet echt uitgebreid gekookt en het begon weer even te kriebelen. Maar omdat mijn hersenen even met het hitteplan rekening houden kon ik even niet extreem creatief gaan. Dus dan maar even minder origineel, maar zeker niet minder lekker! Ik koos ervoor om een ietsje pittigere variant van knoflookgarnalen te maken, door toevoeging van wat extra spices. Ik merk dat ik steeds vaker pittiger eet. Maar don’t worry, de heetheid van deze garnalen is echt heel erg goed te doen hoor! Je hebt geen liters wijn of sangria nodig om het af te blussen, hoewel ik geen nee zou zeggen tegen een liter sangria uiteraard. Het toffe van deze knoflookgarnalen? Je hebt er amper werk aan! Marinade maken, paar uurtjes marineren, en afbakken in de oven. Klaar is kees, een kind kan de was doen. Heel erg goed voor te bereiden dus ook, zodat je alleen het afbakken nog ter plekke moet doen. Daarom dus ook een goede toevoeging aan een dinner party, als voorgerecht of als onderdeel van een tapasmenu.

Bereidingstijd: ~ 15 min (+2u marinadetijd + 15min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 250 gram grote, rauwe garnalen (mag uit de diepvries, gepeld)
  • 1 el worcestershiresaus
  • 3 el sweet chili saus
  • 2 tl sriracha (eventueel te vervangen door 2 tl chilipoeder)
  • 4 tenen knoflook
  • 30 gram roomboter
  • 1 tl paprikapoeder
  • 4 el olijfolie
  • 1 el gedroogde oregano
  • verse peterselie

Stappenplan:

Ontdooi de garnalen, indien je diepvriesgarnalen gebruikt.

Hak de knoflook fijn, of pers uit in een knoflookpers.

Doe de knoflook met de sriracha, boter, olie, chilisaus, worcestershiresaus, oregano en paprikapoeder in een steelpannetje. Breng het geheel aan de kook en draai het pitje laag. Laat de marinade enkele minuten doorpruttelen en roer af en toe door. Zet daarna het vuur uit en laat flink afkoelen totdat je er met je vinger in kunt en jezelf niet verbrandt.

Doe de garnalen in een ovenbestendige schaal.

Schenk er de marinade overheen. Bedek de schaal met folie en zet in de koelkast om te marineren, zo’n 2-3u.

Verwarm de oven voor op 200°C.

Haal de ovenschaal met garnalen uit de koeling en gooi de folie weg.

Bak de knoflookgarnalen in de oven voor ongeveer 14 minuten.

Hak intussen de peterselie grof.

Haal de knoflookgarnalen (voorzichtig) uit de oven en bestrooi met de verse peterselie.

Eventueel kun je nog wat citroensap erover druppelen. Lekker met brood erbij om mee te dippen.

Smakelijk!

Patatas Bravas

Iedereen in Nederland heeft deze licht spicy potatoes, oftewel patatas bravas, vast wel eens gegeten in een tapas restaurant. Crispy aardappeltjes, overgoten met een licht spicy tomatensaus en een smeuïge aioli. Als je het mij vraagt is er weinig lekkerder dan dat. Supersimpel om te maken ook nog eens! Wij hielden een min-tapas avondje thuis en dus wilde ik ze eindelijk eens zelf maken. Uiteraard zijn er vele manieren waarop je dit kon doen, maar dit is de manier waarop ik het deed en ik kan je vertellen dat het goed in de smaak viel. Ohja, de hoeveelheid rode saus die je met dit recept maakt is wel teveel voor 2 personen, maar die kun je natuurlijk een volgende dag door de pasta gooien of iets dergelijks. Of als je dus meer dan 2 personen hebt, verdubbel dan alles behalve de rode saus.

Om mezelf eens uit te dagen wilde ik de aioli eens helemaal from scratch maken. Ik zie heel vaak het cheat-recept voor mayonaise voorbijkomen, vooral bij Masterchef Australia. Met die methode ben je jezelf geen afgepeigerde arm aan het roeren, maar ben je binnen 2 minuten klaar en heb je eigenlijk hetzelfde resultaat. Dit doe je door een staafmixer te gebruiken. Nou, ik dus ergens een receptje opgezocht, en jawel, er kwam iets uit dat op mayonaise leek. Maar daar bleef het ook bij wat mij betreft. Ik denk dat ik deze mayo niet lekker vond omdat er olijfolie gebruikt werd in het recept, dus ik proefde meer olijfolie dan daadwerkelijk mayonaise. Ik koos er dus uiteindelijk voor om even de makkelijke weg in te slaan, en de aioli gewoon van kant en klare mayo te maken. Want dat recept had ik wel al en is vet lekker! Maar ik ga het zeker nog een keer proberen om op die manier mayo te maken, alleen dan laat ik de olijfolie achterwege. Anyways, deze patatas bravas zullen zeker weten een hit zijn op elk tapasfeestje!

Bereidingstijd: ~ 25 min (+30min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

Aardappeltjes:

  • 400 gram vastkokende aardappeltjes
  • olie
  • 1,5 tl gerookte paprikapoeder
  • peper en zout

Rode saus:

  • 1 blik tomatenblokjes
  • 1 ui, grofgesnipperd
  • 2 tenen knoflook, grofgehakt
  • 1,5 tl gerookte paprikapoeder
  • 0,5 tl cayennepeper
  • 1 tl oregano
  • olie
  • peper en zout naar smaak

Aioli:

  • 3 el mayonaise
  • 3 tenen knoflook, uitgeperst
  • 1 el citroensap
  • 1 tl honing of agavesiroop
  • peper naar smaak

Stappenplan:

Was de aardappeltjes grondig, schillen is niet nodig. Snij ze in partjes, iets groter dan een dobbelsteen.

Breng een pan met wat water aan de kook en kook de aardappeltjes hierin zo’n 8 minuten.

Verwarm intussen de oven voor op 200°C.

Giet de aardappels af en laat ze even uitstomen in het vergiet.

Verdeel de aardappeltjes over een ovenschaal of plaat en bestrooi met wat olie en peper en zout. Hussel door elkaar zodat de hele aardappel bedekt is met een dun laagje olie.

Bak de aardappels in zo’n 30-35 minuten goudbruin, hussel ze af en toe om.

Voeg de laatste 10 minuten de paprikapoeder toe en bak deze nog 10 minuten mee.

Voor de rode saus mix je alle ingrediënten behalve de olie in een keukenmachine of blender. Mix tot een relatief gladde mix.

Verwarm een koekenpan met een klein scheutje olie en doe de tomatenmix hierin.

Breng aan de kook en laat zo’n 5-10 minuten sudderen totdat de saus ietsje inkookt.

Meng voor de aioli alle ingrediënten.

Zodra de aardappeltjes goudbruin zijn, lepel je wat van de rode saus over de aardappels. Schenk ook wat aioli op de patatas bravas en garneer eventueel met verse peterselie.

Smakelijk!

 

Mais-kaas dampers met chipotle-knoflookdip

Jonges, ik zeg het niet gauw, maar ondanks dat dit misschien niet het meest fotogenieke eten is, is dit wel echt een toppertje! Door de Keuken Kampioen werd ik uitgedaagd om een barbecue-bijgerecht met mais te verzinnen. Er doen een stuk of 10 andere bloggers mee aan de uitdaging en ik kan er een heuse Kamado barbecue mee winnen! Nou, daar wil ik natuurlijk wel mijn best voor doen! Maar een origineel barbecue-gerecht met mais, dat is nog wel pittig. Je kunt natuurlijk gewoon maiskolven grillen en daar iets leuks mee doen. Don’t get me wrong want dat is echt meeeeeegalekker! Maar origineel, mwoah. Toen ging ik nadenken over barbecuen en waande ik mij ineens zo’n 10 jaar terug in de tijd, toen ik voor studie een half jaar in Australie zat. Melbourne om precies te zijn. Wie het over Australie heeft, heeft het over barbecuen. Ofwel, ‘barbie’ zoals ze een barbecue daar noemen.

Wist je dat je daar publieke barbecues hebt? Langs de rivier, in het park, of het bos, je vindt overal wel publieke grillplaten (nee, geen kolenbarbecues helaas) die iedereen te pas en te onpas kan gebruiken. En denk je dat ik ooit ook maar één vieze publieke barbie ben tegengekomen? Nee hoor, iedereen maakt achteraf alles netjes schoon. Als student zijnde, met een heleboel andere (internationale) studenten om me heen, hebben we dus veelvuldig gebruik gemaakt van deze gratis opportunity om buiten te koken. Uiteraard vaak lekker studentikoos, met wit, voorgesneden stokbrood en kant en klare worstjes. Maar heel heel soms pakten we lekker uit. Zo maakten we ook soms ‘dampers’. Damper is echt een typisch Australisch brood dat al jaren op het open vuur, temidden de gloedhete kolen, bereid wordt. Vooral reizigers maakten het veel, omdat het simpel om te maken is en, van oudsher, maar 2 of 3 ingrediënten bevat.

Het maken van dampers is een leuke afwisseling voor het eeuwige stokbroodje kruidenboter, dat wij Nederlanders het liefst eten bij een barbecue. En het toffe is, je kunt dampers ook heel leuk samen met de kids maken. Laat de kids de bossen in gaan, op zoek naar stokken (die je natuurlijk eerst even schoonmaakt). Dan kun je daarna samen met de kids de slierten om de stokken wikkelen en op de barbecue gooien. Heb je zelfs een kampvuur, dan kun je dit brood ook als een marshmallow boven het kampvuur grillen.

Ik heb zelf geen kinderen, dus ik koos ervoor om de stokken uit het bos te vervangen door takjes rozemarijn, om net iets extra smaak te geven aan het brood. Dit is echter zo’n licht vleugje dat het echt niet erg is als je dit niet doet. Ohja, en stiekem heb ik voor de foto de rozemarijn vervangen voor verse hoor, want de rozemarijn wordt wel mee gegrild uiteraard. Dat zag er op de foto net wat minder fijn uit, dus ik heb het stiekem veranderd. Je kunt de damper ook als heel brood of kleine broodjes af te bakken, door ze in een hittebestendige schaal met deksel (bijvoorbeeld gietijzeren pan, of van die kleine ovenschaaltjes met deksel) te doen en dan temidden van de kolen te bakken. Je krijgt dan meer een echt brood, wat je vervolgens lekker in stukken kan breken. Beide manieren hebben hun voordelen, afhankelijk of je juist van de crunchy buitenkant of de zachte binnenkant houdt kun je beter voor de een of de ander kiezen.

Veelal worden dampers ‘au naturel’ gegeten, net als ons wit stokbroodje. Maar je kunt heel makkelijk smaakmakers toevoegen. Zo voegde ik dus parmezaanse kaas en mais toe. Echt een hele prettige toevoeging, al zeg ik het zelf. Zeker samen met de smeuïge, licht pittige knoflookdip erbij. Wij hebben zitten smullen hoor!

Oh, en wil je me nu echt een plezier doen? Stem dan op mij voor deze wedstrijd, want dan win ik misschien die Kamado!

Bereidingstijd: ~ 30 min     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten:

Mais-kaas dampers:

  • 4 cups zelfrijzend bakmeel
  • 30 gram roomboter (op kamertemperatuur)
  • 1 cup melk
  • 1/2 cup water
  • 1 tl zout
  • 2 tl suiker
  • 1 blikje mais (150 gram)
  • 50-100 gram parmezaanse kaas
  • optioneel: stengels rozemarijn

Chipotle-knoflookdip:

  • 2 bollen knoflook
  • 2 el mayonaise
  • 2 el griekse yoghurt
  • 1 tl chipotle kruiden
  • bieslook (naar smaak)
  • peper en zout
  • olie

Stappenplan:

Snij de bovenkant van de bollen knoflook, laat de knoflook verder ongeschild.

Scheur 2 stukken aluminiumfolie af en leg de bollen knoflook hierin.

Schenk er een beetje olie op en bestrooi met wat peper en zout en vouw de aluminium dicht als pakketjes.

Leg de bollen knoflook zo’n 45min op de barbecue (indirecte hitte). Je kunt dit eventueel ook in de oven doen op ongeveer 175°C.

Laat de bollen knoflook iets afkoelen. Pers dan de knoflook uit de schillen. Je kunt dit het makkelijkste gewoon met de hand doen door vanuit de onderkant naar de open bovenkant te drukken.

Doe de knoflook bij de mayonaise en griekse yoghurt en roer door elkaar. Indien nodig, vijzel de chipotle kruiden fijn en meng deze door de dip. Begin met een beetje chipotle kruiden en proef telkens tussendoor. Chipotle is best heftig qua smaak dus het is echt naar smaak hoeveel je nodig hebt. Knip wat verse bieslook boven de dip en roer ook dit erdoor.

Breng op smaak met peper en zout. Top af met nog wat olie, bieslook en chipotle kruiden. Zet apart tot serveren.

Voor de dampers meng je het meel met de suiker en zout in een grote kom.

Snij de boter in blokjes en wrijf deze door het meel met je handen, totdat je lichte kruimels krijgt en de boter dus enigszins verdeeld is.

Maak een kuiltje in het midden van het meel en giet hier het water en de melk in.

Begin dan langzaam, net als bij pasta, het meel en het vocht te mengen, van binnen naar buiten met een vork of mes.

Langzaam zul je merken dat er echt een deegje ontstaat.

Mix dit niet de lang door, zodra het allemaal samenhangend wordt voeg je de mais (afgegoten uiteraard) en de parmezaanse kaas (geraspt uiteraard) toe. Meng dit nog een keer goed allemaal door elkaar. Mocht het deeg te nat zijn, kun je wat extra meel toevoegen. Dit kan gebeuren door het vocht in de mais, maar is echt afhankelijk van de meelsoort ook.

Nu komt het leuke gedeelte.

Wil je ‘dampers on a stick’ maken, neem dan een klein beetje deeg in je hand (iets groter dan een pingpongbal) en rol uit tot een lange sliert van ongeveer 1cm dikte.

Neem een stok, of een takje rozemarijn, en wikkel de sliert hierom heen als een wokkel.

Leg de sticks op de barbecue (direct vuur) en draai geregeld totdat de buitenkant goudbruin is. Gebeurd dat best wel snel, leg dan de sticks nog even op indirect vuur om ook de binnenkant goed te garen. In totaal ongeveer 8-10 minuten per stick om ook de binnenkant te garen.

Ga je liever voor hele broodjes, vet dan je ovenbestendige schaaltjes (van die minischaaltjes met dekseltje) in met wat olie en besprenkel met bloem. Doe een bol van het deeg in elk kommetje. Let hierbij op dat ze nog flink in volume toenemen tijdens het bakken dus doe ze niet meer dan halfvol.

Zet je schaaltjes (met deksel) op de barbecue en bak deze in zo’n 15-18 minuten gaar. De bovenkant zal omhoog komen en wat ‘bleek’ blijven, maar de onderkant zal lekker goudbruin en crispy worden. Je weet zeker of ie gaar is door er even met je knokkels op te kloppen. Klinkt ie hol, dan is het goed.

Serveer de dampers met de chipotle-knoflookdip.

Smakelijk!

Candied chili (gekonfijte chilipepers)

Gekonfijte sinaasappelschil ken je vast wel. Ik denk dat dat de meest bekende is in het rijtje van gekonfijte snoepjes. Maar je kunt deze techniek dus toepassen op veel meer producten. Zo ook op chilipepers. Door deze techniek toe te passen verliest de chili een groot deel van zijn hitte. Als resultaat hou je een krokant, zoet stukje chili met een licht vleugje pittigheid er nog aan, oftewel Candied Chili. Ik hou ervan, ik kan het zelfs zo als snack opeten. Geen enkel probleem mee. Het allerlekkerst is het natuurlijk als je het verwerkt in een dessert, zoals in dit dessert met gegrilde ananas. Hartige smaken combineren met zoet in desserts wordt steeds hipper, dus chili bij je dessert serveren is helemaal hot. Gegarandeerd dat men verbaasd staat van het effect ervan!

Bereidingstijd: ~ 30 min (+1u oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten:

  • 1 chilipeper
  • 100 ml water
  • 100 gram suiker
  • 2 kardemom zaadjes

Stappenplan:

Haal de zaadlijsten uit de peper en snij in dunne reepjes, ongeveer ter grootte van een lucifer. Let goed op dat je alle zaadlijsten verwijderd, deze zijn het pittigst.

Breng een steelpannetje met wat water aan de kook en kook hierin de peper-reepjes ongeveer 5 minuten. Giet af.

Breng opnieuw water aan de kook, ongeveer 100 ml, en doe er 100 gram suiker en de kardemom bij. Zodra de suiker is opgelost voeg je de peper-reepjes toe en doe je de deksel op de pan. Laat dit zo’n 20 minuten sudderen in het kardemom-suikerwater.

Verhit intussen de oven voor op 90ºC.

Zodra de chili 20 minuten gekookt heeft giet je het vocht af. Je kunt dit vocht (siroop) opvangen en later gebruiken in een ander dessert bijvoorbeeld.

Beleg een bakplaat met wat bakpapier en leg hier de reepjes chili op. Optioneel kun je de chili’s bijvoorbeeld om (ingevette) sateprikkers rollen zodat je wokkels krijgt in plaats van rechte reepjes. Ik had hier het geduld niet voor.

Bak de reepjes chili in de oven voor ongeveer 1u om ze te drogen. Je doet dit op lage temperatuur zodat ze alleen drogen en niet bruinen.

Smakelijk!

 

Indische sajoer boontjes

Onlangs kreeg ik mijn ouders en schoonmoeder op bezoek en wilde ik hun trakteren op een lekker maaltje. Het maken van een Indische rijsttafel stond al heel lang op mijn to-cook-lijstje dus dit was de perfecte aangelegenheid om eens flink los te gaan in de keuken. Een van de gerechten die ik maakte waren deze sajoer boontjes. Wat mij betreft is een rijsttafel geen rijsttafel zonder deze heerlijk kruidige boontjes. Uiteraard zijn er veel verschillende recepten te vinden, net zoals bij andere authentieke gerechten. Soms gebruiken ze lastige ingrediënten die je niet zomaar in je supermarkt kan vinden. Dat wilde ik niet want ik had geen tijd meer om naar de toko te gaan. Zo kwam dit recept tot stand, ik verving producten of liet ze weg zodat ik geen ritje naar de toko hoefde te maken. Alles in dit lijstje heb ik kunnen kopen bij mijn lokale Albert Heijn. Alleen de kaffir limoenblaadjes had ik al, dus ik ben niet zeker of de supermarkt deze ook verkoopt. Eventueel kun je deze vervangen door een mix van laurierblaadjes en limoensap. Dat is zeker niet hetzelfde, maar zal wel dezelfde body aan smaak meegeven.

Hoe dan ook, deze boontjes zijn echt heerlijk van smaak. Als je geen hele rijsttafel gaat koken, zijn ze nog steeds lekker bij ‘gewoon’ rijst met kipsateetjes of rendang. Ga je toch een rijsttafel maken? Dan is deze sticky tempeh er ook mega lekker bij.

Bereidingstijd: ~25 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 3-4 personen:

  • 500 gram verse sperziebonen
  • 1 grote ui
  • 3 tenen knoflook
  • 2-3 cm verse gember
  • 1 tl laos poeder
  • 2 maggiblokjes (1 verpakking)
  • 1 el sambal
  • 1 tl trassi (garnalenpasta)
  • 1 el bruine basterdsuiker
  • 2 blaadjes kaffir limoen (djeroek poeroet)
  • 3 el kokoscreme of kokosmelk
  • peper
  • 1 el olie

Stappenplan:

Snij de topjes van de sperzieboontjes. Was ze onder de kraan.

Snipper de ui en de knoflook en rasp de gember.

Verhit een koekenpan met de olie en fruit hierin de ui, knoflook en gember in 5 minuten glazig op middelmatig vuur.

Voeg de laos, trassi en sambal toe en roer kort door.

Voeg de boontjes toe aan de koekenpan, evenals de maggiblokjes en ongeveer 250 ml heet water. Doe ook de suiker erbij.

Roer kort door elkaar zodat de maggiblokjes en suiker opgenomen worden door het vocht. Voeg de kaffir limoenblaadjes toe.

Breng aan de kook en laat dan op middellaag vuur ongeveer 10-12 minuten sudderen.

Zodra de boontjes gaar zijn, voeg je de kokoscreme of melk toe en laat je dit nog 2 minuten mee sudderen. Breng op smaak met peper en voeg eventueel nog wat extra sambal toe voor extra pit. Haal de kaffir limoenblaadjes eruit vlak voor serveren.

Smakelijk!

Sticky sambal goreng tempeh

Tot voor kort had ik nog nooit tempeh op. En afgelopen weken al 2 keer! Eerst maakte ik er fajita-chips van in dit texmex recept, hier kun je ook lezen wat tempeh is. Hier at ik het als onderdeel van een Indische rijsttafel (waarvan binnenkort meer te zien is) die ik voor mijn ouders en schoonmams maakte. Ik vind deze variant denk ik nog lekkerder dan de chips variant, omdat ik echt een sucker ben voor sticky saus gemaakt met ketjap. En het was een succes! Uiteraard had ik een rijsttafel gemaakt waar 12 man van konden eten terwijl we maar met z’n vijven waren, maar deze sambal goreng tempeh was toch zo goed als op! Ik maakte er ook deze rendang bij.

Uiteraard kun je dit ook maken als je geen rijsttafel maakt, maar gewoon als vleesvervanger met lekkere sajoer boontjes en wat rijst bijvoorbeeld. En het is niet moeilijk of veel werk!

Bereidingstijd: ~20 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten:

  • 250 gram tempeh
  • 1 grote ui
  • 2 tenen knoflook
  • 3 el ketjap manis
  • 1 el sambal
  • 1 tl laos poeder
  • 1/2 tl trassi (garnalenpasta)
  • 1 el bruine basterdsuiker
  • olie om te frituren

Stappenplan:

Snij de tempeh in kleine reepjes van ongeveer 5mm dikte.

Neem een koekenpan en bedek deze met een laag olie, ongeveer zo dik als een vingerkootje.

Verhit deze olie tot ongeveer 175°C. Frituur de tempeh in enkele minuten goudbruin. Afhankelijk van de grootte van je pan kun je dit beter in delen doen, zodat de tempeh voldoende ruimte heeft om in de olie te zwemmen.

Laat de gefrituurde tempeh op keukenpapier uitlekken.

Snipper de ui en knoflook.

Haal de meeste olie uit de pan, laat ongeveer 1 el achter.

Fruit hierin de ui en knoflook in enkele minuten glazig.

Voeg de laos en trassi toe, als ook de sambal en de suiker.

Roer kort door elkaar en voeg dan de ketjap toe. Breng dit geheel aan de kook en laat 1 minuutje koken.

Voeg dan de tempeh toe en roer door elkaar zodat de tempeh bedekt is met de saus.

Doe de sambal goreng tempeh in een schaaltje en bestrooi eventueel met verse koriander of bosui.

Smakelijk!

Boterzachte sous-vide asperges met tijm

YES, ik hou van aspergeseizoen! Je kunt nog enkele weken genieten van ‘het witte goud’ en als je ze net zo lekker vindt als ik dan moet je deze bereiding zeker een keer proberen. Deze bereiding heet ook wel ‘sous-vide’, wat in het Frans ‘onder vaccuum’ betekent. Het doel van deze manier van garen is dat je je producten vaccuum verpakt en vervolgens in een waterbad op relatief lage en constante temperatuur gelijkmatig gaart. Zo voorkom je dat je producten te gaar worden en daardoor droog. Het wordt ook veel toegepast op vlees, maar eigenlijk kun je het op elk product toepassen, zelfs in desserts. Nu gebruikt men in de professionele keuken hier ook professionele apparatuur voor; een vacumeermachine en een waterbad. Die apparaten heb ik niet, dus ik zocht een huis-, tuin-, en keukenoplossing. Dit komt natuurlijk niet helemaal in de buurt van ‘the real deal’, maar ik kan je vertellen dat het wel erg lekker is! En deze sous-vide asperges met tijm zijn weer eens wat anders dan simpel gekookte asperges.

Het idee van dit recept komt trouwens niet van mezelf. Het was nooit in me opgekomen om een sous-vide garing thuis te proberen. Onlangs was ik op bezoek bij Orcacool waar een kookdemonstratie gegeven werd door de chef van ‘Biej de tant‘, een restaurant hier in de buurt. De jonge chef, waar ik diep respect voor heb gezien hij nooit een koksopleiding gedaan heeft, demonstreerde vier prachtgerechtjes. Een van de gerechten bevatte ook deze asperges, dus de kudos gaan naar hem. Wauw wat waren die lekker zeg. Ik heb gelukkig het recept weten te ontfrutselen. Ofja, in elk geval de ingrediëntenlijst, want de hoeveelheden of verhoudingen was ik bij thuiskomst alweer glansrijk vergeten (oepsie). De chef gebruikte de combinatie asperges met tijm en rozemarijn. Dat was ook heerlijk natuurlijk maar ik koos deze keer alleen voor tijm. Natuurlijk ben je vrij om ook een mix te maken of de tijm te vervangen door rozemarijn. Koop je je asperges ongeschild, gooi dan je schillen niet weg. Dat is echt zonde! Maak er bijvoorbeeld dit lekkere soepje van.

Bereidingstijd: ~30 min (+1,5u marinade tijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor 2 personen:

  • ~8 witte asperges
  • 125 gram roomboter
  • 1 el balsamicoazijn
  • 1 el suiker
  • 1 el tijm (liefst verse)
  • 1 tl zout

Andere benodigdheden:

  • hersluitbare, hittebestendige plastic zak (ziplock-bag)
  • thermometer

Stappenplan:

Schil de asperges als dat nog niet gebeurd is.

Smelt de boter in een pannetje, laat hem niet bruin worden.

Voeg de suiker, balsamico, zout en tijm toe en roer door elkaar.

Doe de asperges in de hersluitbare zak en giet het botermengsel eroverheen.

Neem een grote soeppan en vul deze voor 3/4e met water.

Leg de zak met asperges voorzichtig in het water met de sluiting naar boven. Hou de sluiting boven water maar doe hem nog niet dicht.

Als je dit langzaam genoeg doet, en zelf een beetje erbij helpt, zul je merken dat de lucht uit de zak verdwijnt en je een bijna-vaccuum zak krijgt. Zodra de lucht eruit is, sluit je de zak goed.

Breng het water naar een temperatuur van 88°C.

Draai het vuur laag en laat de asperges in dit warme badje liggen voor ongeveer 1uur. Controleer af en toe of het water nog op temperatuur is. Bij mij bleef hij op laag vuur op het kleine pitje perfect op temperatuur.

Indien nodig, kun je een mok of iets dergelijks gebruiken om ervoor te zorgen dat de asperges onder water blijven.

Idealiter laat je de asperges nu een dagje (in de koeling) staan, nog steeds in de zak in het botermengsel. Dan trekken de smaken extra goed in de asperges.

Heb je dit gedaan, dan kun je vlak voor het serveren het water nogmaals naar 88ºC verwarmen en de asperges hierin in 10-15minuten opnieuw verwarmen.

Optioneel kun je ze nog kort nagrillen in een grilpan, waardoor ze een extra smaakje krijgen nog. Ik deed dit niet, omdat we honger hadden en de rest van het eten al klaar was haha.

 

Bloedsinaasappel-lemoncurd

We kennen allemaal lemon curd natuurlijk! Het zoetzure goedje wat je tegenwoordig gewoon in potjes in de winkel kan kopen. Nog lekkerder is om het zelf te maken, want zo heel lastig is het helemaal niet. En wist je dat je ook prima kan variëren met de smaken van curd? Zo maakte ik dus onlangs deze bloedsinaasappel-lemoncurd van een combi tussen.. tumtumtummmm, bloedsinaasappel en citroen. Bij een ‘gewone’ lemoncurd gebruik je 2 citroenen, ik verving er eentje door een bloedsinaasappel. Dan krijg je weer net een andere smaakdimensie. Nog ietsje minder zuur dan ‘gewone’ lemoncurd.

Curd kun je bijvoorbeeld op heerlijke scones doen, het recept van scones vind je hier. Maar je kunt deze bloedsinaasappel-lemon ook bijvoorbeeld in dit taartje verwerken, of gewoon lekker op je beschuitje smeren. Ik liet zelf de curd wat vloeibaarder, dat vind ik lekkerder bij scones. Wil je het dikker hebben, verwarm het dan nog wat langer door. Hoe dan ook, lekker zoet en fris en perfect voor dit lente-weer.

Bereidingstijd: ~ 30 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten:

  • rasp & sap van 1 flinke citroen
  • rasp & sap van 1 bloedsinaasappel
  • 200 gram fijne kristalsuiker
  • 125 gram ongezouten roomboter
  • 2 eieren (geklutst)

Stappenplan:

Rasp de citroen en bloedsinaasappel. Pers ook het sap uit en vang dit op. Zorg ervoor dat er geen pitjes in het sap zitten.

Doe de rasp met de suiker en boter in een hittebestendige kom. Dit ga je au bain-marie smelten, dus op een pan met een laagje kokend water. Zorg dat de onderkant van je kom het water niet raakt.

Zodra alles gesmolten is, voeg je het sap toe van de citroen en bloedsinaasappel. Vervolgens voeg je de geklutste eieren toe.

Roer door elkaar. Nu is het een kwestie van veel geduld hebben (ahh das moeilijk!).

Laat de kom au bain-marie staan, en roer af en toe nog door, totdat de curd ongeveer de dikte van yoghurt heeft. Dit is een langzaam process en kan zeker wel 20 minuutjes duren.

Giet de curd in een bak en dek af met plastic folie zodat er geen lucht bij de curd komt. Laat dit afkoelen, de curd zal dan nog iets indikken.

Klaar is kees, nu kun je de bloedsinaasappel-lemoncurd in een schone pot doen en zo zeker 2 tot 3 weken bewaren in de koelkast.

Smakelijk!

Gobi manchurian (Indiase bloemkool)

Enkele maanden geleden moest ik (he, wat vervelend) voor werk 3 weken naar India. Bangalore om precies te zijn. Nu was ik in 2011 al eens in India gaan reizen en dat vond ik werkelijk fantastisch, dus ik stond te springen om dat vliegtuig in te stappen. Natuurlijk ook om mijn lieve collega’s in India te zien, maar ook om weer een nieuw stukje cultuur te proeven. Want dat de cultuur anders is in Bangalore ten opzichte van waar ik in 2011 was, dat wist ik wel. Maar het was meer dan de cultuur. De architectuur is anders, de mensen zijn anders, het eten is anders. Natuurlijk ben ik zelf ook veranderd dus dat zal daar ook wel bij helpen. Hoe dan ook, ik vond het fantastisch om tijdens de lunchpauze met mijn Indiase collega’s mee te gaan naar hun lokale eettent waar een gemiddelde Nederlander niet graag dood gevonden zou willen worden. Maar ik vind dat juist heerlijk, lekker doen wat de locals ook doen. Zo gingen we in het weekend dus ook met de locals (mijn collega’s) op stap. We belanden in een kroegje, dat eigenlijk heel erg westers aanvoelde qua interieur en sfeer. Je kon dus toch heel even het getoeter van de auto’s en de mierenzwerm aan mensen vergeten als je daar binnen zat. Toch was dat de plek waar ik deze gobi manchurian voor het eerst at en wow, wat was dat lekker zeg! Heerlijk knapperige groentes met een smaakvol en pittig sausje.

Gobi manchurian kan eigenlijk op meerdere manieren geserveerd worden. Als snack, zo aten wij het dus, net zoals je in Nederland bitterballen bij je biertje drinkt. Maar je kunt het ook bij je avondmaaltijd serveren, als bijgerecht maar ook als hoofdgerecht met wat rijst of brood erbij. Ook kun je de bloemkool vervangen door bijvoorbeeld kip of mini-maiskolfjes, alles kan. Gobi is Indiaas voor bloemkool, manchurian is de naam van de saus. Dus die kun je natuurlijk prima op een ander product doen.

Ok, gobi manchurian is niet authentiek Indiaas eten. Het is eigenlijk een fusion dish van de Chinese en Indiase keuken. En dat vind ik juist NOG leuker. Waar ik altijd dacht dat vooral westerse landen aan fusion cooking deed, want wij missen toch soms een echt authentieke keuken (Nederland, Belgie, Duitsland etc), blijkt dus ook dat een land wat al zo een immens authentieke keuken heeft, toch ook aal fusion cooking doet. Ik vind het leuk.

Toen ik onlangs door Riksja Travel gevraagd werd om een vlog te maken waarin ik een werelds gerecht kook, hoefde ik niet lang na te denken natuurlijk. Dit gerecht stond al die maanden al op mijn ‘to-cook-lijstje’ (heb jij ook zo’n lijstje?) en dit was dus wat mij betreft de uitgelezen kans om het eens te maken. Het filmpje maken vond ik superleuk om te doen, hoewel het natuurlijk wel altijd raar blijft om jezelf op camera te zien (hallo, onderkin!) en jezelf te horen praten (hallo, zachte g!). Maar ik ben er stiekem toch wel een beetje trots op, mijn eerste vlog. Hopelijk vinden jullie het ook leuk! De vlog vind je hier op youtube.

Ohja, even nog wat praktische informatie. Ik frituurde de bloemkool twee keer. Net als bij frietjes bakken wordt het dan allemaal net iets knapperiger dan wanneer je het 1x langer frituurt. Natuurlijk ben je vrij om hier van af te wijken en wel 1x te frituren. Voor de mensen die niet zo van pittig houden, die kunnen natuurlijk de hoeveelheid chilipoeder en sriracha verminderen.

Bereidingstijd: ~25 min      Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingrediënten voor 3-4 personen:

  • 1 bloemkool
  • 80 gram patentbloem
  • 6 el maizena
  • 2 tl chilipoeder
  • 3 tenen knoflook
  • 2 cm verse gember
  • 1 groene paprika
  • 1 ui
  • 3 el sojasaus
  • 2 el appelazijn
  • 3 el sriracha
  • 3 el ketchup
  • 1 el suiker
  • olie om te frituren (e.g. zonnebloemolie)
  • peper en zout
  • koriander (ter garnering)
  • bosui (ter garnering)

Stappenplan:

Snij de bloemkool in kleine roosjes. Hoe kleiner je ze maakt, hoe knapperiger ze worden (want meer oppervlak om te frituren). Maak ze ook weer niet TE klein want dan krijg je een prutje denk ik.

Kook de bloemkool zo’n 5 minuten in water met een snuf zout. Zodra je makkelijk met een vork door de bloemkool prikt zijn ze gaar. Giet ze dan af en laat ze nog even uitstomen.

Meng intussen de bloem met maizena en de helft van het chilipoeder. Breng op smaak met peper en zout. Doe beetje bij beetje wat water bij de mix zodat je een beslag krijgt. Maak het beslag niet te dun, een beetje zoals een pannenkoekenbeslag.

Verhit de olie om te frituren (ongeveer 175°C). Ik deed zelf een laagje van 3 cm olie in een wok en frituurde de bloemkool in meerdere batches.

Doe de uitgedampte bloemkool in het beslag en meng door elkaar zodat elk stukje bloemkool wat beslag heeft.

Doe de bloemkool voorzichtig in de hete olie. Afhankelijk van de grootte van je pan moet je dit dus in delen doen.

Frituur de bloemkool zo’n 2 minuten totdat ze nog net niet bruin beginnen te worden.

Haal uit de olie en laat uitlekken op keukenpapier. Laat de olie op het vuur staan want we gaan de bloemkool zo nog een keer frituren. Wil je liever maar 1x frituren? Doe ze dan de eerste keer iets langer erin zodat ze mooi goudbruin zijn.

Snipper intussen de knoflook, gember, ui en paprika.

Verhit een scheut olie in een pan en bak hierin de knoflook, gember, ui en paprika.

Voeg de rest van de chilipoeder toe (optioneel) en bak kort mee.

Voeg dan de sojasaus, appelazijn, ketchup en sriracha toe, als ook de suiker.

Roer door elkaar en leng iets aan met water, ongeveer 3 el.

Breng de saus op smaak met peper en zout.

Proef de saus nu, is hij te pittig? Voeg dan nog wat ketchup en soja toe. Vind je hem te slap? Dan kun je nog wat sriracha toevoegen. Dit is echt smaakafhankelijk natuurlijk en mijn hoeveelheden zijn dan ook richtlijnen.

Frituur nu de bloemkool nogmaals tot goudbruin. Voeg daarna bij de saus en roer door elkaar zodat er overal wat saus zit. Je zult wellicht denken dat het te weinig saus is maar het moet niet net als pastasaus zijn. Echt maar een dun laagje overal.

Snij de bosui in dunne schijfjes.

Bestrooi de gobi manchurian met de bosui en koriander.

Smakelijk!

Indiaas naanbrood

Wie mij op social media volgt, heeft vast wel gespot dat ik onlangs voor werk naar India moest. In totaal ben ik 3 weken in India geweest, enkele dagen in Pune en de rest in Bangalore waar een vestiging van ons kantoor zit. Gelukkig gingen er enkele collega’s mee, maar helaas niet voor de volle 3 weken. Daardoor heb ik enkele dagen (inclusief een weekend) alleen doorgebracht. Wat ga je dan doen? Een kookworkshop volgen! Via wat googlen kwam ik uit bij een vrouw die al zo’n 15 jaar kookworkshops geeft en ze gaf heel toevallig dat weekend een workshop Indiase gerechten. De workshops geeft ze gewoon bij haar thuis dus ik zat daar met nog 4 andere Indiase vrouwen in de workshop. Okee, het was een iets andere workshop dan ik me had voorgesteld. Het was namelijk zo dat zij alles voordeed, en dat wij alles mochten proeven. We kregen de recepten en konden vragen stellen en aantekeningen maken. Echter, we konden zelf niet koken. Dat vond ik wel jammer. Maar desalniettemin waren de recepten goed uitgeschreven en legde ze alles heel goed uit. We maakten 3 vegetarische curries en 3 verschillende soorten brood. Dit naanbrood was er 1 van, net als deze paneer butter masala.

De manier waarop zij het brood maakte vond ik heel apart, door een ketel op de kop op het open vuur te zetten. Dit is echter een simulatie van een tandoor, een Indiase oven waarin naanbrood normaliter gebakken wordt. Vind je dit nou toch iets te lastig, dan is er nog een andere manier om het naanbrood te bakken. Zodra het brood uitgerold is, kun je dit afbakken in de oven op 180°C. Bak het eerst 10 minuten, draai de broden om en bak nog eens 10 minuten. Vervolgens kun je nog het brood kort (met een tang) boven het open vuur houden waardoor het nog extra gegrild wordt en je dezelfde donkere plekken creëert als op de foto. Daarna doe je net als hieronder beschreven wat boter erover.

Serveer het naanbrood met een overheerlijke curry, zoals bijvoorbeeld deze paneer butter masaladeze zoete aardappelcurry of dit gegrilde bloemkool recept.

Bereidingstijd: ~45 min (+1,5u rusttijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): ***

Ingrediënten voor ~12 stuks:

  • 3 cups patentbloem
  • 3 tl suiker
  • 1,5 tl zout
  • 2 el (zonnebloem)olie
  • 2 tl bakpoeder
  • 1/3e cup griekse yoghurt
  • 1/3e cup melk
  • 1/3e cup water
  • optioneel: roomboter
  • optioneel: verse koriander
  • optioneel: 4 teentjes knoflook

Andere benodigdheden:

  • gasfornuis
  • grote ketel of ouderwetse pressure cooker

Stappenplan:

Mix de bloem met de suiker en het zout in een grote kom. Maak een kuil in het midden.

Doe de griekse yoghurt en het bakpoeder in het kuiltje en meng deze twee eerst lichtjes samen. Laat 1 minuut rusten.

Mix dan de griekse yoghurt langzaam met de bloem en voeg ook de olie en melk erbij.

Voeg ongeveer 2/3e cup lauw water toe en kneed in 5 minuten tot een glad, licht plakkerig deeg. Indien het deeg te droog is kun je water toevoegen. Is het nog te plakkerig, voeg dan extra bloem toe totdat je het gewenste resultaat hebt bereikt.

Doe het deeg in een schone kom en dek af met een schone theedoek. Zet de kom zo’n 1,5u te rusten op een warme plek (warm betekent de warmste plek in huis, zolang het maar niet koud en tochtig is).

Na 1,5u rusten verdeel je het deeg in gelijke stukken.

Wil je net als ik wat extra smaak geven aan je naanbrood, versnipper dan de koriander en pers de knoflook op een schaaltje voor later.

Zet ook de boter klaar.

Bestrooi je aanrecht met wat bloem en neem een deel naanbrood.

Rol dit uit op je aanrecht, gebruik hiervoor een deegroller of als je die niet hebt een schoongemaakte wijnfles bijvoorbeeld.

Verdeel een beetje van de koriander en knoflook aan de bovenkant van het deeg en ga er nogmaals met de roller overheen zodat het ‘in het deeg’ gedrukt wordt.

Verhit een grote ketel op het gasfornuis.

Neem het uitgerolde deeg in je hand met de knoflook/koriander kant naar beneden.

Strijk de lege kant lichtjes in met water.

Leg het deeg in de ketel met de natgemaakte kant naar beneden. Druk lichtjes aan met een licht vochtige theedoek.

Na enkele seconden draai je de hele ketel op z’n kop, zodat de binnenkant van de ketel boven het vuur staat. Op deze manier simuleer je de originele tandoor waar men in India het naanbrood in maakt. Het naanbrood blijft nu plakken aan de ketel terwijl de bovenkant van het naanbrood bruin en krokant gebakken wordt door het open vuur. Vind je dit nou een enge manier om het brood te bereiden, in de introductie van deze post beschrijf ik nog een andere manier om het brood te bereiden.

Na ongeveer 1 minuut draai je de ketel weer om en kun je het naanbrood eruit halen. Gebruik hier een spatel voor om hem voorzichtig los te wrikken.

Besmeer de bovenkant van het naanbrood lichtjes met wat roomboter en klaar is kees.

Herhaal dit voor de rest van het deeg.

Smakelijk!

3 x homemade BBQ-sausjes: Aioli, tzatziki & whisky-cocktail

Onlangs werd ik 30 (oud he?!) en dat vierde ik met een groot tuinfeest. Ik zou geen foodie zijn als ik niet ook voor voldoende eten zou zorgen op dit feest. Gezien de weergoden mij goed gezind waren werd het een barbecue. Okee, ik heb niet alles zelf gemaakt, want hamburgers helemaal zelf maken voor 50 personen vond ik wel erg ver gaan. Maar alles eromheen heb ik dan wel weer zelf gemaakt. Zo maakte ik onder andere mijn befaamde kruidenboter en satésaus. Daarnaast maakte ik deze 3 sausjes zelf. En als de saus eerder op is dan het vlees, de gasten de saus ‘tippen’ richting andere gasten en er meerdere personen je na afloop van het feest vragen hoe ze zelf ook die lekkere sauzen kunnen maken, kan ik natuurlijk niet anders dan de recepten hier met jullie te delen. De basis van de aioli heb ik stiekem ook weer afgekeken van vriendin Floortje Peperkamp, maar ik zou natuurlijk ook geen foodie zijn als ik er niet mijn eigen spin aan zou geven. Op de foto staan relatief kleine bakjes saus, maar de recepten zijn elk voor ongeveer 500ml saus. Ter vergelijking, voor een barbecue met 50 personen had ik het dubbele gemaakt van elke saus. Ik had dus ruim 3 liter saus voor 50 personen. Van de tzatziki & whisky cocktail was er nog over na de barbecue, de aioli was op. Je kunt de sauzen elk afgedekt enkele dagen in de koelkast bewaren, de aioli en de cocktailsaus gaan langer mee dan de tzatziki. De sauzen zijn het lekkerst wanneer ze een dagje gestaan hebben, dus maak ze idealiter een dag van tevoren.

Bereidingstijd: ~10 min per sausje       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten:

Aioli – knoflookmayonaise:

  • 400 ml mayonaise
  • 6 teentjes knoflook
  • 2 tl mosterd
  • 2-3 el honing
  • 1-2 el citroensap
  • 1 el olijfolie
  • zout

Tzatziki:

  • 500 ml griekse yoghurt
  • 2 komkommers
  • 3-4 teentjes knoflook
  • 1 el citroensap
  • 2 el olijfolie
  • peper en zout
  • verse kruiden (optioneel)

Whisky-cocktailsaus:

  • 200 ml mayonaise
  • 100 ml ketchup
  • 75 ml whisky
  • 2 el citroensap
  • 1 el Worcestershire saus
  • 3 el sweet chili saus
  • rode peper (optioneel)

Stappenplan:

Aioli:

Meng de mayonaise met de mosterd, citroensap, honing en olie. Pers de knoflook uit en doe dit ook erbij. Voeg zout naar smaak toe en roer alles goed door elkaar. De precieze verhoudingen zijn naar smaak, wil je hem ietsje zoeter voeg dan meer honing toe. Hou je van wat meer zuur, voeg dan meer citroensap toe. Hou je van pittig, voeg dan meer knoflook or mosterd toe. De smaak van de knoflook zal sterker worden naarmate de saus langer staat, hou daar dus enigszins rekening mee.

Tzatziki:

Rasp de komkommer en doe in een vergiet of zeef. Strooi er wat zout overheen en zet er wat zwaars bovenop. Laat dit enkele minuten staan zodat het vocht loskomt. Doe de griekse yoghurt in een kom en pers de knoflook erboven uit. Doe ook de citroensap en olie erbij en breng op smaak met peper en zout. Pers zoveel mogelijk vocht uit de komkommer en voeg dan de komkommer bij de yoghurt. Roer goed door elkaar. Optioneel kun je nog verse kruiden door de tzatziki doen, zoals munt, peterselie of bieslook.

Whisky-cocktail:

Snipper de rode peper, indien je de saus wat extra pit wilt geven. Je kunt hem ook weglaten of vervangen door de poedervariant. Voeg alle ingrediënten bij elkaar en roer door elkaar. Whisky-cocktailsaus is heel erg smaakafhankelijk, dus proef de saus en bepaal voor jezelf of je wellicht wat meer toevoegt van het een of het andere ingrediënt.

 

Smakelijk!

Wortel-courgettekoekjes

Tussen de dripcake die ik deze week maakte (zie instagram/facebook) en de bruiloft waar ik gister was in, heb ik toch nog even tijd gevonden om een simpel gerechtje voor jullie te maken. Deze groentekoekjes maakte ik met wortel en courgette, maar je kunt zulke koekjes met allerlei groentes maken. Ik maakte ze eerder bijvoorbeeld ook al eens van zoete aardappel. Het is een lekker bijgerecht en een simpele manier om vooral kids meer groentes te laten eten. Lekker voor de lunch, of als bijgerecht bij het avondeten. Serveer het bijvoorbeeld bij een witvisje of falafel. Maak er een sausje bij, dit kan bijvoorbeeld simpele zure room zijn, maar een sriracha mayonaise, aioli of limoenmayonaise kan ook lekker zijn!

Bereidingstijd: ~25min          Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 1 courgette
  • 1 winterpeen
  • 2 bosui
  • 1 ei
  • 2 el bloem
  • 2 el parmezaanse kaas (of gewone strooikaas)
  • knoflookpoeder
  • paprikapoeder
  • peper en zout
  • olie
  • Optioneel: zure room
  • Optioneel: bieslook

Stappenplan:

Snij de boven en onderkant van de courgette en rasp hem grof. Doe in een kom en strooi er een snuf zout overheen. Zet ~10min aan de kant zodat het vocht eruit kan trekken.

Knijp het losgekomen vocht uit de courgette. Dit kan beetje bij beetje met de hand, of door de courgette in een dunne, schone theedoek uit te knijpen.

Rasp ook de wortel grof en snipper de bosui fijn. Meng bij de courgette

Doe ook het ei, de bloem en kaas bij de groentemix en breng op smaak met de knoflookpoeder, paprikapoeder, peper en zout.

Het mengsel moet net aan elkaar plakken, maar ook weer niet TE nat zijn. Indien het te nat is kun je wat extra bloem toevoegen en indien te droog dan wat extra ei.

Verhit een koekenpan met een scheut olie op middelmatig vuur.

Schep met een lepel kleine hoopjes van de mix in de pan en druk ze plat met de achterkant van de lepel.

Gaar de koekjes op middellaag vuur zo’n 3-4min aan elke kant, of totdat ze goudbruin zijn.

Laat uitlekken op keukenpapier terwijl je eventueel de 2e batch koekjes maakt. Zowel warm als koud lekker.

Serveer met de zure room en bieslook. Maar het is bijvoorbeeld ook lekker met sriracha-mayonaise of kruidenyoghurt.

Smakelijk!

 

Tex Mex loaded potatoes met guacamole dressing

Als je me volgt op facebook of instagram wist je al dat ik weer uitgedaagd was voor een nieuwe bloginsiders challenge. De challenge werd deze keer gezet door Francesca Kookt en Santa Maria. Ik kreeg een hele doos vol producten van Santa Maria en kreeg de opdrachten hier verrassende TexMex gerechten mee te bedenken. TexMex is de Texaans-Mexicaanse keuken, welke veel overeenkomsten heeft met de Mexicaanse keuken, maar er zitten toch een paar nuance verschillen in. Mijn creatief brein heeft overuren gedraaid de afgelopen dagen, zoveel ideetjes had ik voor deze challenge. Ik wilde namelijk ECHT verrassen en laten zien hoe creatief je kan zijn met kant- en klare producten zoals deze.

Eerder al maakte ik deze crispy uienringen, waarbij ik een mix voor crispy chicken gebruikte als paneermeel voor de uienringen. Bij dit recept bijvoorbeeld is het natuurlijk voor de hand liggend om guacamole dip van de guacamole kruiden te maken en de taco’s te vullen met vlees of vis, maar je kunt het ook op hele andere manieren gebruiken. Zo maakte ik een guacamole dressing in plaats van dip en gebruikte ik de taco’s als crunchy topping in plaats van als hoofd-koolhydraat. Samen met een altijd heerlijke gepofte zoete aardappel en de tex/mex-inspired salsa is dit een match made in heaven! Ik serveerde deze loaded potatoes met deze ranch chickenspiesjes & maispuree.

Over de foto’s ben ik niet 100% tevreden, ik was zo druk met mijn 3-gangen diner dat ik nog helemaal niet over styling had nagedacht en ik wilde mijn gasten nou ook weer geen koude aardappels voorzetten. Maar de smaak is goed, en verrassend, en dat is het allerbelangrijkste! Geeft mij des te meer reden om dit feestje nog eens over te doen zodat ik betere foto’s kan maken!

Bereidingstijd: ~20min (exclusief tot 60min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 4 personen:

  • 4 grote zoete aardappels (of 8 kleine)
  • 2 tomaten
  • 1 rode of witte ui
  • 1 bosje koriander
  • 2 bosui
  • 1 jalapeno of rode peper
  • 2 el strooikaas
  • 1 avocado
  • 1 zakje guacamole mix van Santa Maria
  • half potje sour cream
  • taco’s of tortillachips
  • olie
  • peper en zout

Andere benodigdheden:

  • aluminiumfolie
  • keukenmachine (optioneel)

Stappenplan:

Verwarm de oven op 180°C.

Was de zoete aardappels. Prik er met een vork gaatjes in en wrijf ze in met een dun laagje olie. Verpak ze losjes in aluminiumfolie, allemaal apart verpakt. Zorg wel dat het aluminiumpakketje goed dicht zit, maar doe het dus niet te strak om de aardappel heen.

Doe de pakketjes in de oven om de aardappelen te poffen. Dit duurt ongeveer 40-60 min, afhankelijk van de grootte van de aardappels.

Snij de tomaten in 4 stukken en haal het binnenste, sappige eruit. Snij wat overblijft daarna in kleine blokjes. Snipper de ui en doe dit bij de tomaat.

Snij ook de jalapeno of rode peper fijn en doe dit erbij. Hoeveel je er precies bij doet is naar smaak, houdt je niet van pittig, doe dan een halve peper of laat het helemaal weg.

Doe ook de koriander grofgehakt erbij, als ook de strooikaas. Breng op smaak met peper en zout.

Snij de bosui in dunne ringetjes.

Haal het vlees uit de avocado en doe in een kom of keukenmachine. Prak of maal fijn, doe er de guacamole mix doorheen en ook wat van de zure room (hoeveelheid naar smaak). Leng verder aan met water zodat er meer een dressing ontstaat in plaats van een dip. Qua dikte moet het ongeveer zoals yoghurt zijn of dunner. Breng op smaak met peper en zout. Doe dit in een spuitzak, of als je die niet hebt kun je ook een zipperbag gebruiken waar je alleen het puntje vanaf knipt.

Zodra de zoete aardappels klaar zijn haal je ze uit de aluminiumfolie en snij je ze doormidden zodat ze aan de onderkant wel nog aan elkaar zitten.

Doe er een flinke lepel tomatensalsa overheen. Spuit de guacamoledressing eroverheen. Strooi de bosui erover en verkruimel de taco’s over de aardappels voor een crunch-effect.

Smakelijk!

Courgette salade met burrata

Na al die vette hap tijdens de carnaval is het weer tijd om even wat gezonders op tafel te zetten. Ik neig dan altijd snel naar een salade, maar een simpele salade is ook niet perse spannend, zeker nu de zon nog verstoppertje speelt. Ik koos er daarom voor om de standaard salade even aan de kant te zetten en deze courgette-salade op tafel te toveren. Met burrata, want dat is echt verrukkelijk! Burrata is een verse kaas gemaakt van mozzarella & room. Het lijkt heel erg op mozzarella, maar is van binnen nog romiger, en daarom nog net iets lekkerder. Je kunt hem tegenwoordig ook gewoon in de supermarkt kopen, maar vers van de kaasboer is hij toch het allerlekkerst.

In plaats van sla koos ik voor courgette, die ik in dunne slierten sneed en lichtjes grilde. Je kunt courgette ook prima rauw eten, dus het grillen is een kwestie van smaak. Ik vind zelf grillen lekkerder, maar dat is ieder voor zich. Als je de courgette grilt, dan kost dit gerecht al amper tijd om te maken. Als je de courgette rauw laat, ben je nog sneller klaar. En supersimpel, kind kan de was doen. Uiteraard kun je zelf variëren met wat je allemaal nog meer in de salade doet, je kunt bijvoorbeeld ook de pijnboompitten vervangen door andere pitten of noten. En mocht je nou geen burrata kunnen vinden in jou lokale supermarkt, dan kun je ook gewone mozzarella gebruiken. Kies dan wel voor de echte buffelmozzarella van de versafdeling want die is toch echt net wat lekkerder dan de niet-verse kaasjes. Dit gerechtje was voor ons voldoende voor 4 personen, mocht je nou grote eters hebben, serveer dan een soepje vooraf; deze pompoensoep bijvoorbeeld, om nog wat extra vitamientjes binnen te krijgen.

Bereidingstijd: ~20 min  (+10min oventijd)     Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 personen:

  • 2 courgettes
  • 1 (of 2) bol burrata
  • 1 rode ui
  • 3 el pijnboompitten
  • 1 ciabatta afbakbrood
  • 1 bakje romaatjes
  • basilicumolie
  • peper & zout
  • (olijf)olie (ik gebruikte zelf Bertolli spray)
  • (rodekool-) kiemgroenten

Andere benodigdheden:

  • grilpan
  • mandoline (optioneel)

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200 °C.

Scheur de ciabatta in stukken en doe op een bakplaat. Besprenkel of bespray met olie en hussel door elkaar zodat er overal wat olie zit. Je kunt ook een olie met een smaakje gebruiken hiervoor, ik gebruikte een neutralere olie.

Bak in de oven af voor 10 min of totdat de stukken goudbruin en krokant zijn. Haal dan uit de oven en laat afkoelen.

Snij de kop en kontje van de courgettes en schaaf ze in flinterdunne repen met de mandaline. Indien je geen mandaline hebt kun je ook een kaasschaaf gebruiken of gewoon voorzichtig met een mes.

Verhit een grilpan & een koekenpan.

Snij ook de rode ui fijn met de mandaline en snij de romaatjes in kwartjes.

Doe de pijnboompitjes in de koekenpan en bak ze in enkele minuten goudbruin. Schud tussendoor met de pan. Laat afkoelen op een keukenpapiertje.

Doe de courgette in de hete grilpan. Het zal een grote berg courgette zijn voor 1 grilpan maar dat is niet erg. Het is niet nodig dat elk reepje apart helemaal gegrild wordt. Laat 1min grillen en gebruik dan een tang om het geheel om te draaien zodat andere stukken de grilpan raken. Gril enkele minuten aan enkele zijdes. Zoals ik al zei, het is niet nodig dat elk reepje helemaal gegrild wordt. Courgette kun je prima rauw eten, op deze manier gril je een gedeelte en laat je een ander gedeelte relatief rauw.

Verspreid de courgette op een groot bord of kom. Strooi de romaatjes en rode ui eroverheen en leg de burrata in het midden. Besprenkel het geheel met basilicumolie en peper & zout.

Strooi ook de pijnboompitten over de salade en verspreid de ciabatta-croutons eroverheen. Doe als laatste wat kiemgroenten over de salade.

Smakelijk!

DIY: Muhammara

Voor wie, net als ik, de hele hype rondom hummus niet helemaal begrijpt (want stiekem vind ik hummus helemaal niet zo bijzonder lekker), heb ik hier het recept voor de perfecte alternatief. Muhammara is een Arabische dip die qua looks een beetje uitziet als rode pesto. De (hoofd-)ingredienten zijn echter vele malen gezonder dan pesto; paprika en walnoten. Hij wordt vaak geserveerd als onderdeel van een ‘mezze’ en is perfect als dip maar ook zeker op je broodje voor de lunch. Ook kun je hem serveren bij een witvisje. Het originele recept van dit gerechtje komt van Yotam Ottolenghi.

Bereidingstijd: ~30 min       Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 bakjes:

  • 3 rode paprikas
  • 50 gram ongezouten walnoten
  • 50 gram paneermeel of broodkruim
  • 1 el granaatappel melasse (verkrijgbaar bij de toko)
  • 1 teen knoflook
  • 1,5 tl komijn
  • 1 el citroensap
  • 1tl chiliflakes, chilipoeder of een halve verse rode peper
  • Olijfolie
  • Zout

Extra benodigdheden:

  • vijzel of keukenmachine
  • huishoudfolie

Stappenplan:

Rooster de paprika’s totdat ze zwartgeblakerd zijn. Als je een fornuis op gas hebt kun je dit boven het vuur van een pit doen (zie foto). Het duurt ongeveer 10 minuten totdat de buitenkant goed zwartgeblakerd is. Heb je geen gasfornuis? Rooster de paprika’s dan in de oven voor ongeveer 30-35min op 200°C. Zoals je ziet op de foto heb ik 1 gewone paprika vervangen door een puntpaprika, dit was puur omdat ik de puntpaprika nog had liggen en niet wilde weggooien. Het is aan jou of jij 3 gewone of 3 puntpaprika’s neemt, het kan in principe allemaal.

Doe de paprika’s in een kom en dek deze af met huishoudfolie. Laat de paprika’s afkoelen. Hierdoor komt het zwartgeblakerde vel goed los van het vruchtvlees en kun je hem dus zometeen goed pellen.

Zodra de paprika’s zijn afgekoeld kun je ze gaan pellen. Haal het zwartgeblakerde vel van de paprika’s af. Gebruik hierbij eventueel een mesje en keukenpapier als hulp. Een klein beetje vel mag heus wel blijven zitten, als het overgrote deel maar eraf is. Als je de paprika’s goed geroosterd hebt, zou dit makkelijk moeten gaan.

Snij het binnenste van de paprika weg en snij de rest in grove stukken. Doe in de keukenmachine (of vijzel). Maal fijn. Je kunt het ook grof houden, dat is net wat je lekker vindt.

Doe ook de walnoten erbij en maal deze ook mee fijn. Mocht je een vijzel gebruiken, hak dan de walnoten van tevoren al fijn.

Meng nu ook de rest van de ingrediënten (behalve de olie) erdoor totdat je een structuur krijgt die je fijn vindt. Proef de mix, eventueel kun je wat meer granaatappelmelasse, chili of wat meer zout toevoegen.

Voeg als laatste 1 of 2 el olie toe om hem wat smeuiiger te maken.

Serveer bij een broodplankje of met toastjes of bijvoorbeeld voor de lunch op een broodje met wat frisse komkommer, tomaat en eventueel wat kaas erbij.

Smakelijk!

Indiase raita

Raita is een frisse en milde yoghurtsaus uit de Indiase keuken. De frisse saus geldt als tegenhanger van de pittige curries, de ultieme afkoeling voor de hete pepers waardoor je je curry dus ook pittiger kan maken. Elk dorp, nee, elke familie zal zo zijn eigen recept hebben voor de traditionele raita, maar van origine wordt hij gemaakt met komkommer en munt. Natuurlijk kun je daarop variëren, en kun je de munt bijvoorbeeld vervangen door peterselie, dragon of dille. Maar je kunt bijvoorbeeld ook een fijngesneden tomaatje of rode ui toevoegen.

Eet hem bijvoorbeeld bij deze curry met rijst en naanbrood, maar ook als dip bij stokbrood of turks brood of tussen een wrap.

Bereidingstijd: ~ 10min        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingrediënten voor 1 kommetje:

  • klein potje Griekse yoghurt
  • 1/3e komkommer
  • snuf komijn
  • snuf korianderpoeder
  • snuf gemberpoeder
  • snuf chilipoeder
  • 2 el verse peterselie of munt

Stappenplan:

Schep de yoghurt in een kom en leng aan met 1 el water.

Snij de komkommer door midden en haal de zaadlijsten eruit. Eet deze op (want; extra groentjes ;))

Snij de rest van de komkommer in kleine reepjes of stukjes en doe dit bij de yoghurt.

Breng flink op smaak met peper en zout en doe er ook komijn-, gember- en korianderpoeder bij naar smaak.

Hak de verse peterselie of munt fijn en meng ook deze door de yoghurt.

Strooi als laatste chilipoeder over de raita, deze kun je er uiteraard ook doorheen roeren.

Smakelijk!

img_5081-1

Polenta frietjes met rozemarijn en parmezaan

Pure gezichtsbedrog, deze frietjes zijn geen gewone frietjes bij je bij de snackbar afhaalt. Ze zijn gemaakt van polenta, een traditioneel Noord-Italiaans bijgerecht gemaakt van het griesmeel van mais. Van oorsprong was het voedsel voor armelui, maar met dit recept staat het chique op tafel bij elk gerecht.

Is het lekker? Absoluut! Smaakt het net als gewone friet? Nee zeker niet. Het kan dus zijn dat je hersenen even wat training nodig hebben om aan dit fenomeen gewend te raken, want een echte mindfuck is het wel. Je kijkt naar frietjes maar je proeft iets heel anders, dat is erg bijzonder om te verwerken. Toch is het zeker lekker en een leuke afwisseling als bijgerecht. Uiteraard kun je ook spelen met de smaken, gebruik eens tijm in plaats van rozemarijn of serveer ze eens met een truffelmayonaise.

Bereidingstijd: ~ 20min (+30min koeltijd + 30min oventijd)       Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten voor 2-3 personen:

  • 250 gr polenta (oftewel: maisgriesmeel)
  • 1 flinke tak verse rozemarijn (heel fijn gehakt)
  • 1 liter kokend water
  • 50 gram parmezaanse kaas, geraspt
  • snuf knoflookpoeder
  • snuf nootmuskaat
  • snuf zout
  • Olie (sprayolie werkt het handigst)

Extra benodigdheden:

  • bakplaat (of grote ovenschaal)
  • bakpapier

Stappenplan:

Breng een steelpan met 1 liter water aan de kook. Doe de polenta erbij en kook voor 15min onder voortdurend roeren (of hoelang er op de verpakking staat). Je zult merken dat het een dikke pap wordt, dit is de bedoeling. Blijf wel af en toe roeren zodat de pap niet aan de bodem aankoekt.

Haal de pan van het vuur en voeg de rozemarijn en parmezaanse kaas erbij en roer goed door elkaar totdat de kaas gesmolten is. Breng flink op smaak met zout, een snuf knoflookpoeder en nootmuskaat.

Doe het bakpapier op de bakplaat en kiep de polenta hierin. Verdeel gelijkmatig over de bakplaat tot een laag van ongeveer 1 cm dikte. Laat helemaal afkoelen zodat het opstijft (ongeveer 30min).

Verwarm de oven voor op 200°C.

Haal het bakpapier met de polenta van de bakplaat af en let op een snijplank. Leg een nieuw schoon vel bakpapier op de bakplaat.

Snij de polenta in lange frietjes van 1×1 cm dikte. Leg de frietjes verspreid over de bakplaat, zorg dat ze elkaar zo weinig mogelijk raken en overlappen.

Spray een dun laagje olie over de frietjes (of indien je geen sprayolie gebruikt, sprenkel voorzichtig ongeveer 2 el olie zo gelijkmatig mogelijk over de frietjes heen).

Bak de frietjes ongeveer 30 min in de oven, of totdat ze krokant en goudbruin van kleur zijn. Draai ze halverwege een keer om.

Bestrooi nogmaals met zout en serveer ze met (rozemarijn)mayo.

Smakelijk!

img_5021-1

Zomerse salade met gegrilde perzik, proscuitto en mozzarella

Als het zonnetje buiten schijnt is het heerlijk om de barbecue aan te steken en je vrienden uit te nodigen voor een avond vol genot en gezelligheid. Helaas is de werkelijkheid vaak anders en hebben we door ons werk niet altijd tijd om uitgebreid te barbecue’en. Deze is speciaal voor de werkende mensen die af en toe een kleurrijk en zomers gerecht in mum van tijd op tafel wil toveren. Uiteraard mogen ook niet werkende mensen genieten van deze heerlijke maaltijd. Zelfs Pim was verkocht, terwijl hij zegt niet van perzik te houden. En dat in 10 minuten tijd…

Bereidingstijd: ~10 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 personen:

  • 75 gram gemengde sla met rucola
  • 2 perziken
  • 4 plakken proscuitto
  • 1 bol mozzarella
  • 1 halve rode paprika
  • 1 halve komkommer
  • 1 rode ui
  • peper en zout
  • 4 el olijfolie extra vierge

Andere benodigdheden:

  • grilpan

Stappenplan:

Snij de paprika in stukjes of reepjes en snij de komkommer en de ui in halve maantjes. Snij de perziken door midden en haal de pit eruit. Snij ze vervolgens in wedges (8 wedges per perzik).

Verhit een grilpan en gril de perzik wedges zo’n 3 minuten aan elke kant. Keer ze voorzichtig om door er met een spatel onder te gaan. Doe dit voorzichtig zodat niet alle perzik aan de pan blijft plakken. Hierdoor krijgen de perzikken een iets hartigere smaak maar blijven ze ook nog steeds zoet. Dit past goed in de salade maar je kunt er ook voor kiezen om ze niet te grillen.

Scheur intussen ook de mozzarella en proscuitto in stukken.

Verdeel de sla over de borden en verdeel hier alle ingredienten over. Schenk wat olijfolie over de maaltijd als dressing (ongeveer 2 el per bord) en maak af met peper en zout.

Klaar is je snelle zomerse salade. Serveer met brood en een dipje of smeersel, zoals deze kruidenboter bijvoorbeeld.

Je kunt de mozzarella ook vervangen met geitenkaas als je dat lekker vindt. Ook kun je natuurlijk andere groentes door je salade doen of bijvoorbeeld geroosterde noten of pijnboompitten voor extra crunch. Ook de dressing kun je aanpassen naar wens, neem bijvoorbeeld eens een pestodressing of balsamicodressing. Ik heb hier zelf voor een naturel olijfolie genomen zodat ze smaken van de perzik, mozzarella en proscuitto zo puur mogelijk bleven. Je kunt de proscuitto ook vervangen door bijvoorbeeld gerookte kip.

Smakelijk!

IMG_3971-4

DIY: homemade kruidenboter

EINDELIJK, het zonnetje komt tevoorschijn. Tijd om de ligbedjes en waterpistolen onder het stof vandaan te halen en natuurlijk de barbecue aan te maken. En wat is een barbecue zonder brood met kruidenboter? Al jaren word ik gevraagd deze boter te maken met vrijwel elke barbecue in mijn familie of met vrienden. Nu kunnen jullie het ook zelf! Mijn geheim.. het fijngesnipperde sjallotje erin! Ik ben benieuwd of hij bij jullie barbecues ook zo’n hit wordt! Wat mij betreft kan de kant en klare kruidenboter in ieder geval bij lange na niet tippen aan deze zelfgemaakte variant!

Bereidingstijd: ~10 min          Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 2 bakjes zoals op de foto:

  • 1 pakje ongezouten roomboter
  • 1 ui of sjallot
  • 2 tenen knoflook
  • verse kruiden (bv. bieslook, peterselie en basilicum)
  • evt. gedroogde kruiden (bv. kruidenboterkruiden)
  • peper en (zee)zout

Stappenplan:

Snij de roomboter in blokjes en laat de roomboter op kamertemperatuur komen in een bakje. Zodra de boter op kamer temperatuur is, is hij makkelijker te mengen met de andere ingredienten.

Snipper het sjallotje zo fijn mogelijk. Pers de knoflook uit en hak ook de verse kruiden fijn. Je kunt hierin eindeloos varieren met verschillende kruiden, net wat je lekker vindt. Ik heb ditskeer gekozen voor bieslook en basilicum, omdat ik dit in huis had. Maar ik doe er ook graag verse peterselie in als ik die heb. Je zou er natuurlijk ook verse koriander bijvoorbeeld in kunnen doen. De boter mag flink wat verse kruiden hebben; zeker 3-4 eetlepels gehakte kruiden. Maar meer of minder mag natuurlijk als je dat lekker vindt.

Doe de sjallot, knoflook en verse kruiden bij de boter. Doe eventueel ook ongeveer 1-2 el gedroogde kruiden erbij. Ik heb zelf een potje ‘kruidenboterkruiden’ die ik hiervoor gebruik, maar dit is simpelweg een mix van bieslook, peterselie, kervel en selderij, dus dit geeft weer net wat extra smaak. Ook hier kun je weer bij doen wat je lekker vindt; bijvoorbeeld dragon, dille of oregano.

Breng de boter op smaak met flink wat peper en zout, ik hou er wel van om hem lekker zout te hebben dus ik doe wel zeker 1 theelepel zout erin ongeveer. Ik gebruik hiervoor zeezout, omdat ik dat echt veel lekkerder vind dan simpel keukenzout.

Meng dit allemaal goed door elkaar met een vork en klaar is je kruidenboter.

IMG_3516

Voor de liefhebber kun je eventueel ook wat citroensap erdoorheen doen om hem wat frisser te maken.

Je kunt deze een dag of 3 in de koelkast bewaren (wel even uit de koeling halen om weer zacht te worden voor gebruik).

Eventueel kun je de boter ook invriezen, zodat je altijd boter bij de hand hebt als het nodig is. Ingevroren blijft de boter zeker 3 maanden goed. Neem bijvoorbeeld wat huishoudfolie, doe de boter daarop, en rol er een worst van.

IMG_3763-1

Voor wie de boter extra luchtig wil, klop de boter dan eerst kort met een mixer. Ik doe dit zelf niet want ik vind hem zo lekker genoeg.

Serveer de boter met brood bij de barbecue of maaltijdsalade, maar bijvoorbeeld ook op de biefstuk of vis.

Ik heb je redelijk wat extra mogelijkheden gegeven in dit recept. Dat komt omdat je het niet fout kan doen bij kruidenboter. Welke kruiden je er ook in doet, het blijft een kruidenboter en als jij toevallig bijvoorbeeld dragon heel erg lekker vindt, dan is dat prima om dat erin te doen.

DIY: Pesto genovese

Zelf pesto maken? Dat is helemaal niet moeilijk! Je kunt je pesto met verschillende ingredienten maken; vandaag koos ik voor de klassieke basilicum variant; Pesto Genovese.

Bereidingstijd: ~10 min         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten:

  • 30 gram pijnboompitten
  • 45 gram parmezaanse kaas
  • verse basilicum
  • 3-4 el olijfolie
  • peper en (zee)zout
  • 2 tenen knoflook
  • 1 halve citroen

Andere benodigdheden:

  • beker
  • staafmixer
  • koekenpan
  • rasp

Stappenplan:

Rooster de pijnboompitten in een droge koekenpan totdat ze goudbruin zijn. Haal ze dan van het vuur en doe ze in een hoge beker (of een keuken-snijmachine of vijzel, als je die hebt).

Rasp de parmezaanse kaas en doe dit ook erbij. Pluk de basilicum van het plantje, hak of scheur dit grof en doe ook dit erbij. Je hebt zeker 2/3e plantje nodig, meer mag ook als je dat lekker vindt!

Rasp de schil van de citroen en pers het sap uit, doe dit ook in de beker. Schenk de helft van de olijfolie in de beker en schil ook de knoflook en doe dit erbij. Breng op smaak met peper en zout. Je hebt niet heel veel zout nodig omdat de parmezaanse kaas ook al zout bevat. Ik gebruikte zeezout, geen gewoon keukenzout, dat vind ik net wat lekkerder.

Mix het geheel met een staafmixer totdat het de juiste grofheid heeft van pesto. Proef het geheel en kijk of je nog iets meer van iets erin zou willen doen. Doe indien nodig de rest van de olijfolie erbij. Pesto mag best olie-ig zijn, meestal ligt er zelfs een dun laagje bovenop de pesto.

Om de pesto te bewaren is het ook goed om hem te bedekken met een dun laagje olie, zo is hij (mits in de koelkast) langer houdbaar.

Serveer hem bijvoorbeeld door de pasta, met deze zalm of op een toastje.

Je kunt natuurlijk altijd varieren. Doe er bijvoorbeeld eens wat truffel doorheen, of maak een pesto met rucola en walnoten in plaats van basilicum en pijnboompitten.

Ook kun je de pesto verder aanlengen met olie, en je hebt een heerlijke salade dressing.

Heb jij nog een leuke pesto-variatie? Laat het me weten!

Merengue kisses

Knapperige buitenkant met een zachte binnenkant; Merengue kisses. Deze heerlijkheid maak je met maar 2 ingredienten; eiwit en suiker. Lekker zo op zichzelf, maar zeker overheerlijk bij bijvoorbeeld chocolademousse, ijs of op een taartje.

Bereidingstijd: ~25 min (+1,5u oventijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): **

Ingredienten:

  • 2 eiwitten
  • Kristalsuiker

Andere benodigdheden:

  • ovenschaal
  • keukenmachine of mixer & een kom
  • Bakpapier
  • Spuitzak of een afsluitbaar plastic zakje.

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 100°C.

Weeg de eiwitten, doe dit gewicht maal 2 en zoveel gram suiker heb je nodig. Mijn eiwitten wogen samen 80 gram dus ik heb 160 gram suiker gebruikt.

Doe de suiker in een ovenschaaltje en zet het in de oven om warm te worden.

Doe de eiwitten in een schone en vetvrije kom. Dit is heel belangrijk anders zal je eiwit niet fatsoenlijk opstijven. Om zeker te zijn dat de kom vetvrij is kun je wat citroensap erover smeren (en ook op de gardes van je mixer). Veeg de kom daarna droog met keukenpapier.

Mix de eieren op lage stand totdat ze luchtig zijn en verdriedubbeld in volume. Zet dan de mixer wat hoger en mix dit voor een paar minuten totdat het steviger is.

IMG_2309

Haal de suiker uit de oven en doe dit lepel voor lepel bij de eiwit. Blijf tussendoor goed mixen (op lage stand) totdat de suiker is opgenomen voordat je een nieuwe lepel toevoegd. Als het goed is zal het eiwit langzaam veranderen van een luchtige massa tot een smeuiig geheel. Zodra alle suiker erin zit, mix je het nog heel even door op hoge stand totdat het echt helemaal smeuiig is en de suiker helemaal is opgenomen.

IMG_2313

Mocht je graag een kleurtje geven aan je merengue kisses, dan kun je nu de kleurstof toevoegen en nog wat langer doormixen.

Doe de smeuiige merengue in de spuitzak of plastic zipperbag en knip een stukje van onderkant af (diameter ongeveer 1cm).

IMG_2315

Leg het bakpapier op de bakplaat en spuit hier kleine toefjes merengue op. (indien het bakpapier schuift, kun je wat van de merengue gebruiken om het bakpapier aan de bakplaat vast te plakken). Je kunt natuurlijk ook andere gekke vormpjes maken. Let wel op de grootte van de vormen, hoe groter ze worden, hoe langer ze nodig hebben in de oven.

Doe deze merengue kisses ongeveer 1-1,5u in de oven. Hoe langer je ze erin laat, hoe meer ze zullen uitdrogen van binnen. Wil je ze heel smeuiig houden, haal ze dan na 1u eruit. Ik had ze zelf 1,5u erin staan.

Zoals je kunt zien op mijn foto zien mijn merengue kisses er minder glad uit dan hoe het hoort. Ik probeer nog uit te vogelen waardoor dat komt. Echter, dit doet helemaal niet af aan de smaak wat mij betreft.

Je kunt er ook voor kiezen de merengue niet in de oven te doen, maar rechtstreeks op bijvoorbeeld een taartje spuiten. Gebruik dan een brulee-brander om de buitenkant licht te karameliseren.

Bruschetta met tomaat & basilicum

Als voorgerechtje of als hapje tijdens een feestje; dit klassieke gerechtje doet het altijd goed en is lekker fris, zeker voor de zomerdagen.

Bereidingstijd: ~20 min (+10min oventijd)         Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten:

  • Afbakstokbrood (bijv. ciabattabrood)
  • 4 tomaten
  • 1 rode ui
  • Verse basilicum
  • Teentje knoflook
  • Olijfolie
  • Peper en (zee)zout

Extra benodigdheden:

  • Kwastje

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200 °C.

Snij het afbakstokbrood (ongebakken) in schijfjes en leg ze op het ovenrooster. Doe wat olie in een bakje en bestrijk de schijfjes aan beide kanten met wat olie, gebruik hiervoor het kwastje. Bak de schijfjes in ongeveer 10min krokant.

IMG_2014

Zodra de schijfjes brood krokant zijn haal je ze uit de oven en wrijf erover met een teentje knoflook als ze nog warm zijn. Zo neemt het brood de smaak van knoflook over en krijg je dus heerlijk knoflookbrood.

Snij intussen de tomaten in kleine blokjes. Knijp zoveel mogelijk vocht uit de blokjes zodat het brood straks niet zompig wordt door al dat vocht en doe ze in een bakje.  Snij intussen ook de rode ui in fijne blokjes en doe dat er ook bij.

Pluk blaadjes basilicum en hak of scheur deze ook fijn. Hoeveel je nodig hebt is afhankelijk van wat je lekker vind. Ik heb zelf ongeveer 30 blaadjes gebruikt, maar meer of minder kan ook. Doe dit bij de tomaat en ui.

Doe vervolgens een scheutje olijfolie en peper en zout (naar smaak) bij het tomatenmengsel en meng dit door elkaar. Eventueel kun je ook nog een extra teentje knoflook fijnsnijden en erbij doen. Ik heb dit niet gedaan omdat het knoflookbrood voor mij genoeg knoflooksmaak heeft.

Schep een lepeltje tomatenmengsel op elk stukje brood en voila; klaar is de bruschetta.

Smakelijk!

IMG_2023

Gepofte zoete aardappel met creme fraiche sausje

Een van mijn favoriete bijgerechten. Het kost je weinig werk maar duurt wel even om te maken. Maar wat mij betreft elke minuut waard! De heerlijke zoete smaak van de aardappel combineert perfect met de frisse, romige saus.

Bereidingstijd: ~10 min (+50min oventijd)        Moeilijkheid (1 t/m 5): *

Ingredienten voor 4 personen:

  • 4 zoete aardappels
  • olijfolie
  • 200 gr creme fraiche
  • 2 tenen knoflook
  • verse kruiden (ik gebruikte peterselie en bieslook)
  • 1/2 tl gerookte paprikapoeder
  • 1/2 tl citroengraspoeder
  • scheutje limoensap
  • (zee)zout en peper

Stappenplan:

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Was de zoete aardappels (met schil) goed en prik er met een vork wat gaatjes in. Giet wat olijfolie over de aardappels en wrijf ze in zodat overal voldoende olie zit.

Verpak elke aardappel apart in zilverfolie. Zorg dat er wel wat ruimte overblijft in het pakketje dus pak ze niet te strak in.

Zet de pakketjes in de oven. Afhankelijk van de aardappel moeten ze 30-60 minuten in de oven staan. Mijn aardappels hadden 50 minuten nodig. Het is goed om na 30min even een pakketje te openen om te kijken of je aardappel gaar is. Als je er met een vork of mes in prikt, zou dit heel soepel moeten gaan. Gaat dit nog wat stroef, doe dan de pakketjes nog even terug in de oven en controleer na 10min weer.

Meng intussen de overige ingredienten in een kommetje. Je kunt hierbij gebruiken wat je zelf lekker vind. Ik koos voor gerookte paprikapoeder, citroengraspoeder, peterselie en bieslook, maar je kunt ook bijvoorbeeld gewone paprikapoeder of komijn gebruiken. Ook de hoeveelheid knoflook is naar smaak, ik hou wel van knoflook dus de 2 tenen die ik gebruikt heb proefde je vrij goed in het sausje.

Om het sausje iets minder dik te maken heb ik een scheutje water erdoorheen gedaan, maar ook dit is naar wens.

Zodra de aardappels gaar zijn haal je ze uit de folie. Ik heb bovenin een sneetje gemaakt waar ik het sausje in kon doen, maar ook dit kun je opdienen hoe je zelf wilt natuurlijk. Klein beetje peper en zout over de aardappels heen en smullen maar! Je kunt de schil ook gewoon opeten, daar zitten zelfs de meeste vitamines in.

PS: Je kunt de pakketjes natuurlijk ook op de barbecue leggen in plaats van in de oven.

Smakelijk!

gepoftezoeteaardappel